Dinsdag 3 maart 2026, commissie Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (I&W/VRO)




Agenda

1.Vaststellen agenda


2.Commissieagenda onderdeel I&W

3.31936, BV en BW

Brief van de minister van I&W ter aanbieding van voorhang ontwerpbesluit tot wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) Schiphol; Luchtvaartbeleid

Beslispunt

Hoe wenst de commissie het ontwerpbesluit te behandelen?

Toelichting

Bij brief van 19 januari 2026 heeft de minister van I&W het ontwerpbesluit tot wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) Schiphol bij de Kamers voorgehangen. De voorhangtermijn bedraagt op grond van de Wet luchtvaart en de Algemene wet bestuursrecht zes weken. Het betreft een 'lichte' voorhang: de Kamer kan de gebruikelijke parlementaire controlemiddelen inzetten, maar niet afdwingen dat de materie bij wet wordt geregeld (wat bij een 'zware' voorhang het geval zou zijn).

Al in 2021 heeft de regering gepoogd tot een algehele wijziging van het LVB te komen in verband met de invoering van het Nieuwe Normen- en Handhavingstelsel (NNHS). Het daartoe naar de Kamer gestuurde ontwerpbesluit is echter niet uit de voorhang gekomen. De regering schrijft hierover in het thans voorgehangen ontwerpbesluit:

"Mede door de ontstane politieke situatie en problematiek rondom stikstof en de verlening van natuurvergunningen, is vaststelling van het LVB NNHS echter niet voltooid. Het anticiperend handhaven duurt mede daardoor voort tot op heden."

In mei 2025 heeft de regering wel een gedeeltelijke wijziging van het LVB doorgevoerd. Deze wijziging betrof de invoering van een maximum aantal vliegtuigbewegingen voor het etmaal en wijziging van het maximum aantal vliegtuigbewegingen voor de nacht. Over deze wijziging - en inmiddels vooral over de natuurvergunning voor Schiphol - loopt nog steeds schriftelijk overleg tussen de commissie en de regering. Zie het volgende agendapunt.

Thans ligt een algehele wijziging van het LVB voor. Volgens de toelichting beoogt deze wijziging:

  • 1. 
    Een juridische basis te bieden voor de operatie op Schiphol en daarmee het anticiperend handhaven te beëindigen;
  • 2. 
    Opvolging te geven aan de bevelen uit het vonnis in de RBV-zaak (RBV = de stichting Recht op Bescherming tegen Vliegtuighinder);
  • 3. 
    De uitkomst van de balanced approach-procedure, namelijk een deel van het maatregelenpakket om het geluidsdoel te halen, vast te leggen.
  • 4. 
    De ontstane problemen met het NNHS op te lossen, door een combinatie van de verschillende stelsels.

Bij brief van 28 januari jl. heeft de commissie de voorhangtermijn van het ontwerpbesluit gestuit. De minister is verzocht geen onomkeerbare stappen te zetten totdat het overleg met deze Kamer is afgerond. Vandaag kan inbreng voor schriftelijk overleg worden geleverd. Oorspronkelijk zou vandaag inbreng voor schriftelijk overleg worden geleverd. Het lid Thijssen (GroenLinks-PvdA) heeft echter verzocht het leveren van inbreng aan te houden totdat de Kamer beschikt over het advies van de Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie mer) betreffende het ontwerpbesluit. Uit sondering per e-mail bleek dat er voldoende steun is voor het uitstellen van de inbreng. Het lid Meijer (VVD) heeft gevraagd vandaag wel de wijze van behandeling in de commissie te bespreken. Uit navraag van de staf is gebleken dat het advies van de Commissie mer, gezien de omvang van het dossier, zeker niet voor eind maart verwacht wordt, en mogelijk meer tijd vergt dan de gebruikelijke 6-9 weken.


Bespreking wijze van behandeling



4.31936, BY

Verslag van een nader schriftelijk overleg met de staatssecretaris van LVVN over wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) Schiphol; Luchtvaartbeleid

Beslispunt

Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van de staatssecretaris van LVVN in nader schriftelijk overleg te treden?

Toelichting

De commissie heeft driemaal schriftelijk overleg gevoerd over het eerder dit jaar bij de Kamer voorgehangen ontwerpbesluit tot wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) Schiphol in verband met de invoering van een maximum aantal vliegtuigbewegingen voor het etmaal en wijziging van het maximum aantal vliegtuigbewegingen voor de nacht. Een gedeeltelijke wijziging van het LVB is op 6 mei 2025 vastgesteld en op 7 mei 2025 gepubliceerd in het Staatsblad.

Over het definitieve besluit is inmiddels driemaal schriftelijk overleg gevoerd. De staatssecretaris van LVVN heeft bij brief van 18 februari 2026 de commissiebrief van 20 januari 2026 beantwoord. Een volgende schriftelijke ronde zou - in totaal - de zevende zijn.

Inmiddels heeft de commissie ook het op 19 januari 2026 bij de Kamers voorgehangen ontwerpbesluit tot algehele wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit Schiphol in behandeling. Zie het vorige agendapunt.


Bespreking verslag nader schriftelijk overleg

5.35386, N

Verslag van een schriftelijk overleg met de staatssecretaris van I&W over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling; Initiatiefvoorstel-Klaver en Ouwehand Wet veilige jaarwisseling

Beslispunt

Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 20 februari 2026 met de staatssecretaris van I&W in nader schriftelijk overleg te treden?

Toelichting

Op 1 juli 2025 heeft de Eerste Kamer het initiatiefvoorstel-Klaver en Ouwehand Wet veilige jaarwisseling (35.386) aanvaard. De regering heeft het wetsvoorstel op 16 december 2025 bekrachtigd, waarna de Wet veilige jaarwisseling op 19 januari 2026 in het Staatsblad is gepubliceerd. In het thans geagendeerde verslag van nader schriftelijk overleg van 20 februari 2026 (35386, N) spreekt de staatssecretaris de wens uit om het besluit en de Wet veilige jaarwisseling per 1 augustus 2026 in werking te laten treden.

Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling

Bij brief van 16 januari 2026 (35386, K) heeft de staatssecretaris van I&W bij de Kamer het ontwerpbesluit tot wijziging van het Vuurwerkbesluit en het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen in verband met de Wet veilige jaarwisseling (kortweg: Besluit veilige jaarwisseling) voorgehangen. Ingevolge artikel 21.6, tweede lid, van de Wet milieubeheer bedraagt de voorhangtermijn vier weken. In de Wet veilige jaarwisseling is bepaald dat het bezit en het gebruik van vuurwerk van de categorieën F2 en F3 verboden is voor anderen dan personen met gespecialiseerde kennis. Als gevolg van een amendement-Bikker c.s. is echter in de wet opgenomen dat de burgemeester ontheffing van dit verbod kan verlenen. Het Besluit veilige jaarwisseling, een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB), werkt deze ontheffingsmogelijkheid nader uit.

Bij brief van 28 januari jl. heeft de commissie de voorhangtermijn van het ontwerpbesluit gestuit. De staatssecretaris is verzocht geen onomkeerbare stappen te zetten totdat het overleg met deze Kamer is afgerond. Bij brief van 17 februari 2026 heeft de commissie vragen en opmerkingen aan de staatssecretaris voorgelegd. Op 20 februari 2026 zijn deze beantwoord. In de antwoordbrief verzoekt de staatssecretaris de voorhangprocedure zodanig in te richten dat het het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling op korte termijn de volgende fase van het wetgevingsproces kan doorlopen en tijdig ter advisering aan de Raad van State kan worden aangeboden. Vervolgens dient na verwerking van het advies het besluit formeel te worden vastgesteld door de regering. De staatssecretaris spreekt acht het met het oog op de inwerkingtredingsdatum van 1 augustus 2026 wenselijk om in maart tot afronding van de voorhangprocedure van dit ontwerpbesluit te komen. Dit laat voldoende ruimte voor een tweede schriftelijke ronde.


Bespreking verslag van een schriftelijk overleg



6.30175, AC

Verslag van een nader schriftelijk overleg met de staatssecretaris van I&W over straling en geo-engineering; Luchtkwaliteit

Beslispunt

Welke fracties wensen heden inbreng voor nader schriftelijk overleg te leveren?

Toelichting

Toezegging T03861 (Voor het meireces beantwoorden van vragen over straling en geo-engineering) is reeds op 27 mei 2025 door de commissie als voldaan aangemerkt. Desalniettemin heeft de commissie, op verzoek van het lid Kemperman (FVD), in haar vergadering van 11 november jl. besloten om gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor schriftelijk overleg in het kader van (de thematiek van) de toezegging. De uitgaande brief van 9 december 2025 is op 3 februari 2026 door de staatssecretaris van I&W beantwoord. De antwoordbrief was voor de FVD-fractie aanleiding om een volgende schriftelijke ronde te verzoeken, waarin de commissie heeft bewilligd.


Inbreng voor nader schriftelijk overleg

7.Inventarisatie behoefte aan een kennismakingsgesprek I&W

Beslispunten

  • wenst de commissie een kennismakingsgesprek te houden met de bewindslieden van I&W?
  • zo ja, wenst zij hen dan gezamenlijk of apart te spreken? Voorstel: gezamenlijk.
  • hoeveel tijd wenst de commissie voor het kennismakingsgesprek uit te trekken? Voorstel: een uur.
  • welke onderwerpen wenst de commissie in het kennismakingsgesprek aan de orde te stellen? (deze kunnen ook later aan de staf worden gemaild)

Toelichting

Op 23 februari 2026 is het kabinet-Jetten aangetreden. Het is gebruikelijk dat commissies bij het aantreden van een nieuw kabinet (of een nieuwe Kamer) openbare kennismakingsgesprekken met de bewindslieden organiseren. Voor het ministerie van I&W gaat het om minister Karremans (VVD) en staatssecretaris Bertram (CDA). Mocht de commissie prijs stellen op een kennismakingsgesprek met de bewindslieden van I&W, dan is de eerste vraag of zij hen gezamenlijk of apart wenst te spreken. Het voorstel is dit gezamenlijk te doen.

Een volgende vraag is welke onderwerpen de commissie wenst te bespreken in hoeveel tijd. Denkbaar is dat eerst een kennismakingsgesprek van een uur wordt gehouden met beide bewindslieden gezamenlijk en vervolgens - conform het commissiebesluit van 10 februari 2026 - een mondeling overleg van ca. 45 minuten met de staatssecretaris over een reeks toezeggingen betreffende de milieueffectrapportage.

In het College van fractievoorzitters is recent de wens uitgesproken om de kennismakingsgesprekken op korte termijn in te plannen en niet te laten uitmonden in een verkapt beleidsdebat. Een kennismakingsgesprek is primair bedoeld om een toelichting te krijgen op de prioriteiten van de aanwezige bewindspersonen, waarover leden korte vragen kunnen stellen. Er worden geen toezeggingen genoteerd. Bij het aansluitende mondeling overleg ligt dit uiteraard anders: dat is een politiek debat op commissieniveau.

Als de commissie tot een kennismakingsgesprek besluit, wordt dit op een geschikt moment ingepland. Hierbij geldt een maximum van twee gesprekken per vergaderdinsdag, zoveel als mogelijk na 17.00 uur om ruimte te laten aan de reguliere commissievergaderingen.


Bespreking

8.Commissieagenda onderdeel VRO

9.29453, H

Brief van de minister van VRO ter aanbieding van de Staat van de Corporatiesector 2026 en de beleidsreactie; Woningcorporaties

Beslispunt:

Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 29 januari 2026 met de minister in overleg te treden?

Toelichting

Op 29 januari 2026 heeft de minister van VRO bij brief de Staat van de Corporatiesector 2026 (29453, H) aan de Kamer toegestuurd. De brief was opgenomen op de Lijst ingekomen brieven die bij iedere commissieagenda wordt gevoegd. Op 10 februari 2026 heeft de commissie besloten de brief voor bespreking te agenderen in de vergadering van vandaag.


Bespreking

10.Inventarisatie behoefte aan een kennismakingsgesprek VRO

Beslispunten

  • wenst de commissie een kennismakingsgesprek te houden met de minister van VRO?
  • zo ja, hoeveel tijd wenst de commissie voor het kennismakingsgesprek uit te trekken? Voorstel: een uur.
  • welke onderwerpen wenst de commissie in het kennismakingsgesprek aan de orde te stellen? (deze kunnen ook later aan de staf worden gemaild)

Toelichting

Op 23 februari 2026 is het kabinet-Jetten aangetreden. Het is gebruikelijk dat commissies bij het aantreden van een nieuw kabinet (of een nieuwe Kamer) openbare kennismakingsgesprekken met de bewindslieden organiseren. Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening is Elanor Boekholt-O'Sullivan (D66).

In het College van fractievoorzitters is recent de wens uitgesproken om de kennismakingsgesprekken op korte termijn in te plannen en niet te laten uitmonden in een verkapt beleidsdebat. Een kennismakingsgesprek is primair bedoeld om een toelichting te krijgen op de prioriteiten van de aanwezige bewindspersonen, waarover leden korte vragen kunnen stellen. Er worden geen toezeggingen genoteerd.

Als de commissie tot een kennismakingsgesprek besluit, wordt dit op een geschikt moment ingepland. Hierbij geldt een maximum van twee gesprekken per vergaderdinsdag, zoveel als mogelijk na 17.00 uur om ruimte te laten aan de reguliere commissievergaderingen.


Bespreking

12.Rondvraag


13.Openstaande correspondentie

Ter herinnering: overzicht openstaande correspondentie

Overzicht openstaande correspondentie

Verzonden

Onderwerp

Reactietermijn

Toelichting

Verslagen

21 januari 2026

Verslag -

Overzetten bepalingen Vangnetregeling Omgevingswet en enige andere wijzigingen (36.824)

18 februari 2026

 

Brieven

18 november 2025

Voorhang instructieregel permanente bewoning recreatiewoningen

16 december 2025

Aan de minister van VRO

16 december 2025

Wet veilige jaarwisseling

13 januari 2026

Aan de staatssecretaris van I&W

3 februari 2026

Ontwikkelingen op de huurmarkt

3 maart 2026

Aan de minister van VRO

3 februari 2026

Voortgang wetsvoorstel regie volkshuisvesting en lagere regelgeving

3 maart 2026

Aan de minister van VRO

3 februari 2026

Verkenning publieke mobiliteit

3 maart 2026

Aan de staatssecretaris van I&W

3 februari 2026

Stand van de uitvoering I&W

3 maart 2026

Aan de minister van I&W

3 februari 2026

Monitoring luchtkwaliteit 2025

3 maart 2026

Aan de staatssecretaris van I&W

17 februari 2026

Voortgang bouw seniorenwoningen

17 maart 2026

Aan de minister van VRO

Versie: 20 februari 2026