Verslag van de vergadering van 29 juni 2026 (2025/2026 nr. 36)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 23.16 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Van Apeldoorn i (SP):
Voorzitter, dank. Dank aan beide bewindslieden voor de beantwoording. We zullen het vanavond, denk ik, niet helemaal eens worden.
Wat mij als nieuwkomer in dit debat vanavond opviel, is dat we over de militaire capaciteiten van Rusland en de militaire krachtsverhoudingen soms verschillende of enigszins tegenstrijdige dingen horen. Ik haalde in mijn eerste termijn de secretaris-generaal van de NAVO aan, die in een speech heeft gezegd: we moeten de militaire capaciteit van Rusland óók niet overschatten. Hij verwees daarbij toch spottend naar die ene hinkende eenzame onderzeeër waar Rusland nog over beschikt. Dat horen we dan vooral in de context van de oorlog in Oekraïne. "Misschien kunnen we Rusland daar toch nog wel verslaan." Maar als het gaat om de rechtvaardiging van opnieuw een verdubbeling van ons defensiebudget, is het verhaal opeens dat Rusland eigenlijk een hele sterke tegenstander is. Kennelijk hangt die inschatting af van wat het beste uitkomt. Ik heb de minister gevraagd of zij het eens is met de secretaris-generaal van de NAVO dat we de militaire capaciteit van Rusland toch ook niet moeten overschatten. En zo ja, wat betekent dat dan?
In het verlengde hiervan de Trumpnorm van 3,5% à 5%. De minister blijft maar zeggen: "Het is onderbouwd. "Er is een onderbouwing." "De NAVO heeft een onderbouwing." Ik zal het vanavond, aan het einde van de vergadering, ook niet meer horen, maar ik hoor haar die onderbouwing niet geven. Er wordt verwezen naar een onderbouwing die er is, maar ik vraag de minister: hoe onderbouwt u het, gezien ook de militaire krachtsverhoudingen tussen Rusland en het Europese deel van de NAVO?
Mijn fractie had in dat kader een belangrijke vraag over het gevaar van een actie-reactiepatroon. De minister heeft die vraag ook niet beantwoord, schriftelijk niet en ook niet in dit plenaire debat. Ook veiligheidsexperts die bijvoorbeeld die 3,5% wel steunen, wijzen vaak op dat patroon. Je kunt een debat hebben over waar die grens ligt, maar op een gegeven moment kan je toch ook te ver gaan. Je overbewapent dan en je tegenstander reageert daarop door zijn bewapening ook weer op te voeren. Je komt dan dus in een wapenwedloop terecht. Mijn vraag was simpelweg of de minister dat risico überhaupt ziet en hoe ze dat weegt. Ze kan daar bepaalde conclusies aan verbinden, die anders zijn dan die van mijn fractie, maar ziet ze dat risico of is dat risico er volgens haar helemaal niet?
Helemaal tot slot, voorzitter, nog iets over de Rekenkamer. Er is vanavond al veel over gezegd en ook de minister heeft er in haar beantwoording het een en ander over gezegd. Maar mijn fractie hecht er toch aan om nog een keer te onderstrepen dat nood inderdaad, zoals de Rekenkamer ook stelt, geen wet breekt en dat ook in crisistijd, hoe we dat dan ook precies wegen en hoe groot die crisis dan ook is, de Comptabiliteitswet en de Aanbestedingswet gewoon blijven gelden. Ook de Rekenkamer heeft geconstateerd dat de voorganger van de minister op dit punt in ieder geval één keer het budgetrecht van de Eerste Kamer duidelijk heeft geschonden. Ik wil toch nog even concreet vragen aan de minister of zij hier kan beloven dat dat onder haar ministerschap niet zal gebeuren.
Dank u, voorzitter.
De voorzitter:
Ik dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Van Gasteren.