Verslag van de vergadering van 30 juni 2026 (2025/2026 nr. 37)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 14.38 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Van Apeldoorn i (SP):
Voorzitter. We debatteren vandaag over een voorstel waarvan we nu al weten dat het kabinet het op belangrijke onderdelen wil wijzigen. Er komt waarschijnlijk een novelle, maar we weten niet precies wanneer en we kennen de inhoud nog niet. Wel heeft ook deze Kamer een brief met opties ontvangen. Het is al met al een behoorlijk rare figuur voor mijn fractie. Dit debat komt eigenlijk te vroeg. Het is ook van de kant van de regering een nogal rommelig proces geweest. Dan druk ik mij mild uit. Ik neem aan dat de staatssecretaris dat ook erkent. Eindelijk was er een wetsvoorstel dat een einde zou maken aan de slepende box 3-kwestie. Het was met een ruime meerderheid door de Tweede Kamer gekomen en lag hier klaar, maar nog voordat wij daadwerkelijk dit wetsvoorstel in behandeling hadden kunnen nemen, riep de minister van Financiën — niet de staatssecretaris, die erover gaat — dat het kabinet terug naar de tekentafel ging. Dit, zo werd gezegd, vanwege de maatschappelijke onrust. En ja, onze inboxen lopen nog steeds vol met berichten van beleggers die ons oproepen deze wet te verwerpen. Maar welk deel van de maatschappij vertegenwoordigen zij? Welke belangen? Vallen die deelbelangen samen met het algemene publieke belang? Die vragen worden vaak niet gesteld, ook niet door dit kabinet.
Dat brengt ons bij de kern van inkomens- en vermogensbelasting. Natuurlijk moet belastingwetgeving uitvoerbaar zijn en voldoende opbrengen. Maar de eerste vraag moet zijn of de belasting rechtvaardig is en bijdraagt aan een eerlijkere, socialere en sterkere samenleving. Uiteindelijk gaat het bij elke wijziging van het fiscale stelsel om de vraag wie ervan profiteert. Cui bono? Voor de SP is het uitgangspunt helder. Ieder betaalt zijn eerlijke deel. De sterkste schouders dragen de zwaarste lasten en belastingwetgeving dient het algemene belang en niet een bevoorrechte positie voor bepaalde groepen. Vanuit dat perspectief weegt mijn fractie dit wetsvoorstel. Wij zijn er blij mee dat er uiteindelijk een wetsvoorstel ligt om het werkelijke rendement in box 3 te belasten, nadat het forfaitaire stelsel door de Hoge Raad was afgewezen. Ook weegt zwaar dat hiermee een einde kan komen aan de dure tegenbewijsregeling, die de schatkist 2,4 miljard per jaar kost. Daarom meteen mijn eerste vraag aan de staatssecretaris: wat als deze Kamer het wetsvoorstel verwerpt? Heeft hij erover nagedacht hoe het gat in de begroting dan wordt gedicht? Een gat — het werd net ook gememoreerd — dat oploopt tot 22 miljard als na verwerping van dit wetsvoorstel per 2028 een vermogenswinstbelasting wordt ingevoerd, zoals een deel van deze Kamer wenst. Wat ons betreft zou dat niet alleen leiden tot een stelsel dat minder rechtvaardig is, maar het zou de schatkist dus ook nog eens 22 miljard euro kosten. Is de staatssecretaris het met mij eens dat we ons dat niet kunnen veroorloven?
Mijn fractie vindt het dus een goede zaak dat de regering eindelijk met een hervorming van box 3 is gekomen, maar tegelijkertijd vindt de SP dit wetsvoorstel een gemiste kans om eindelijk te komen tot een rechtvaardiger belasting op vermogen, zeker in vergelijking met de lasten op arbeid. Ons land kent, ook internationaal vergeleken, een extreme vermogensongelijkheid. We leven in een land waarin de rijkste 10% van de huishoudens 56% van het vermogen bezit en de rijkste 0,1% rond de 10%. Veel van het vermogen aan de top zit bovendien in box 2 en niet in box 3. Als je vermogensongelijkheid echt wilt aanpakken, zul je dus ook naar box 2 moeten kijken. Erkent de staatssecretaris dit en overweegt hij op dit punt actie?
Daarbij komt dat ons belastingstelsel aan de top helemaal niet progressief is, maar juist degressief. De hoogste 0,01% inkomens hebben een flink lagere belastingdruk dan de middeninkomens. De allerrijksten van ons land betalen effectief minder belasting dan een leraar, verpleegkundige of politieagent. Het recente CPB-rapport bevestigt dat vermogens- en inkomensverschillen toenemen in ons land en dat het belastingstelsel die verschillen niet afremt, maar soms juist vergroot. De verklaring daarvoor is ook het feit dat wij inkomen uit vermogen minder en minder effectief belasten dan arbeid. Het is een omgekeerde robinhoodpolitiek, die de SP aan de kaak zal blijven stellen. Waarom heeft dit kabinet er dan niet voor gekozen om de hervorming van box 3 aan te grijpen voor een progressieve vermogensaanwasbelasting? Waarom kiest het kabinet voor één vlak tarief van 36%, waardoor de kleine belegger met een bescheiden rendement volgens hetzelfde tarief wordt belast als de grote belegger met hele hoge rendementen? Ik heb deze vraag twee keer schriftelijk gesteld, maar ik heb geen echt antwoord gekregen. Is progressiviteit volgens de regering onuitvoerbaar, juridisch kwetsbaar of economisch inefficiënt? Of vindt het kabinet het gewoon politiek onwenselijk om vermogen in box 3 te belasten volgens hetzelfde draagkrachtbeginsel als inkomen uit arbeid? Waarom zouden we in box 3 niet in ieder geval meer richting een progressieve tariefstructuur gaan, met een lager tarief voor beperkte rendementen op spaartegoeden en beleggingen en een toptarief voor zeer hoge rendementen? Is de staatssecretaris het met mijn fractie eens dat het zowel de schatkist meer zou kunnen opleveren als de belastingheffing in box 3 eerlijker en rechtvaardiger zou maken? Graag een reactie.
Voorzitter. Dit wetsvoorstel zet helaas geen stap in het aanpakken van de vermogensongelijkheid en de scheve verdeling van de lasten tussen arbeid en kapitaal, maar wat het wel goed doet, is belasting heffen op basis van het juiste principe. Als je vermogen groeit, dan betaal je daarover belasting. Je betaalt belasting over vermogensaanwas. Sommigen, onder wie de beleggers die ons nu dagelijks mailen, noemen dat onlogisch. Zij spreken over "papieren winsten" en "papieren rendementen". In de mediaberichtgeving rondom box 3 wordt die terminologie ook vaak gehanteerd, alsof rijkdom alleen bestaat uit harde cash. Als je vermogen groeit, dan word je natuurlijk wel degelijk vermogender, rijker, en niet alleen op papier. Met groeiende vermogens aan de top groeit ook de concentratie van rijkdom en macht. Er bestaan nu twee werkelijkheden. Als beleggers spreken over hun succes of als banken inzicht geven in de groei van aandelenportefeuilles, dan heet dat gewoon rendement. Een aandelenpakket van €100.000 is dan ineens €110.000 waard. Kassa. Maar geen kassa voor de fiscus, als het aan de tegenstanders van dit wetsvoorstel ligt, want dan heet het ineens geen "rendement", maar "papieren rendement". Is de staatssecretaris het met mij eens dat dit eigenlijk een kromme redenering is?
Dat de vermogensaanwasbelasting ook economisch superieur is aan een vermogenswinstbelasting bleek niet alleen uit de deskundigenbijeenkomst, waarbij vooral de argumenten van prof. Jacobs eigenlijk niet zijn weerlegd, maar ook uit de beantwoording van onze vragen door de staatssecretaris zelf. Hij benoemt immers zelf dat de vermogenswinstbelasting uitstel beloont. Wie niet verkoopt, betaalt voorlopig geen belasting. Voor wie is dat aantrekkelijk? Voor de grotere vermogens. De belegger krijgt weer extra rendement over geld dat anders al was afgedragen aan de fiscus. Bovendien is het verre van zeker dat het uitstel later volledig wordt ingehaald. Uitstel leidt in de praktijk ook vaak tot afstel. Waarom wil de regering dan toch kiezen voor de variant waarvan zij zelf de zwakke plekken benoemt?
Er is nog iets vreemds aan de hand met dit wetsvoorstel. Niet alleen hangt de schaduw van een nog niet bestaande novelle eroverheen, maar de regering zegt ook zelf dat deze oplossing voor het al jaren slepende box 3-drama slechts tijdelijk is. Nu kiest men voor een belasting op vermogensgroei, maar vervolgens wil men dat principe alweer loslaten om alsnog een vermogenswinstbelasting in te voeren. Veel partijen aan de rechterzijde in deze Kamer, die het graag opnemen voor vermogenden, willen daar niet eens op wachten. Zij zien liever dat de regering meteen overstapt op een economisch en maatschappelijk inferieure, maar voor vermogende beleggers aantrekkelijke belasting. Waarom wil de staatssecretaris dat, zij het pas op termijn? Waarom vindt hij een vermogenswinstbelasting wenselijk, terwijl hij zelf de nadelen ervan erkent? Is dit inhoudelijk gemotiveerd of vooral ingegeven door druk vanuit financiële lobby's en rechtse partijen binnen en buiten de coalitie? Ik kan de inhoudelijke motivering in de beantwoording van de staatssecretaris namelijk niet terugvinden.
In de beantwoording van mijn nadere vragen verwijst de staatssecretaris naar de deskundigenbijeenkomst in deze Kamer, waar meerdere belangenorganisaties hebben gepleit voor een volledig op vermogenswinst gebaseerd stelsel. Maar sinds wanneer is dat een argument? Natuurlijk pleiten belangenorganisaties voor een stelsel dat gunstig is voor hun achterban. Nogal wiedes. De vraag is niet of zulke belangen bestaan; de vraag is of de regering die belangen zwaarder laat wegen dan het algemene belang van een eerlijk, stabiel en goed uitvoerbaar belastingstelsel. Of laat de staatssecretaris liever zijn oren hangen naar bepaalde lobby's? Is dat wat hij bedoelt met maatschappelijk draagvlak? Graag een reactie.
Hoe dan ook betreurt mijn fractie het zeer dat deze regering niet meer lef toont en gewoon vasthoudt aan het om goede redenen gekozen principe van vermogensaanwasbelasting. Een vermogenswinstbelasting is economisch minder efficiënt, slechter voor de schatkist en dreigt de al extreme vermogensongelijkheid in ons land nog verder te vergroten. Dat uitstelgedrag zien we nu al via box 2, waar grote vermogens in bv's ondergebracht worden. Waarom wil dit kabinet dat maatschappelijk en economisch ongewenste uitstelgedrag nu ook structureel mogelijk maken in box 3?
Overigens, over box 2 twee gesproken, kan de staatssecretaris hier toezeggen er alles aan te zullen doen om het onzalige en ontwrichtende plan van Eurocommissaris Hoekstra tegen te houden? Is hij het met de SP-fractie eens dat dit echt een bom dreigt te leggen onder box 3? Zo krijgen we straks nog veel meer beleggings-bv's, puur opgericht voor fiscale redenen. Nog meer belastingvoordelen voor beleggers, verordonneerd door Brussel. Graag hoor ik hoe de staatssecretaris dit radicale Brusselse voorstel ziet in relatie tot het voorliggende wetsvoorstel en of hij bereid is tegen die tijd zijn veto hierover uit te spreken.
Voorzitter. Dan de novelle. De staatssecretaris spreekt over "verbeteringen", maar voor wie zijn het verbeteringen? Deze vraag wordt niet echt beantwoord in de brief van de staatssecretaris. Mijn fractie heeft nog geen helder antwoord gekregen op de vraag naar aanleiding waarvan er precies terug naar de tekentafel moet worden gegaan. In zijn beantwoording verwees de staatssecretaris nota bene onder andere naar een hoofdredactioneel commentaar in de Washington Post, de krant van multimiljardair Jeff Bezos, alsof dat een reden is. Of was het de afkeuring door kortstondig 's werelds eerste biljonair Musk? Of was het de lobby van de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs, VNO-NCW en de Vereniging van Effectenbezitters? Wat gaf nu de doorslag? Graag een helder antwoord van de staatssecretaris.
Mijn fractie vroeg sinds de indiening van het wetsvoorstel tot twee keer toe om een lijst met concrete lobbycontacten met naam, aard van het contact en onderwerp. De staatssecretaris weigert deze vraag te beantwoorden. We hebben helaas nog geen lobbyregister in dit land, maar volgens mij dient de staatssecretaris deze vraag gewoon te beantwoorden op basis van artikel 68 van de Grondwet. Daarom voor een derde keer deze zelfde vraag.
Dan de inhoud. Ik ga niet alle opties langslopen, maar de meest vergaande optie van de brief over de novelle is de zogenaamde achterwaartse verliesverrekening. Die kost de komende twee jaar volgens de regering bij elkaar meer dan 2,2 miljard. Wie gaat dat dan betalen en waarom is het nodig? Als de overheid jaarlijks belasting heft over positieve rendementen, betekent dat toch niet dat alle negatieve rendementen automatisch voor rekening van de schatkist moeten komen? Die risico's horen wat de SP-fractie betreft bij de belegger en niet bij de belastingbetaler.
Voorzitter. Dit betekent niet dat dit voorstel niet beter zou kunnen of dat dit wat ons betreft het beste voorstel ever is. Ik had het al over een progressieve tariefstructuur, dus een lager tarief voor beperkte rendementen boven het heffingsvrije resultaat en een hoger tarief voor hogere rendementen, zodat grote beleggers meer belasting betalen dan kleine beleggers. Dat is volledig in overeenstemming met het draagkrachtbeginsel.
Voorzitter, ik rond af. De SP-fractie vindt dit wetsvoorstel een verbetering ten opzichte van het huidige stelsel met een tegenbewijsregeling. Het moge duidelijk zijn dat wij blij zijn met de keuze voor het principe van een vermogensaanwasbelasting. Wat ons betreft blijft die keuze gewoon staan. We betreuren het dat dit kabinet opnieuw geen stap zet naar een eerlijker en daadwerkelijk progressief belastingstelsel. Daarvoor moeten we niet alleen kijken naar een progressieve vermogensaanwasbelasting, maar ook naar een echte vermogensbelasting.
De SP pleit al jaren voor een miljonairsbelasting. Met de daarmee opgehaalde miljarden zouden we ook meer kunnen investeren in zorg, onderwijs en andere zaken die ons land een beter land maken. De SP zal blijven strijden voor wat ons land zo hard nodig heeft: een samenleving die werkt voor iedereen, waarin we de rijkdom met z'n allen creëren en eerlijker met elkaar delen. Daar hoort een belastingstelsel bij dat niet de grootste vermogens ontziet, maar juist de sterkste schouders de zwaarste lasten laat dragen. Dat zou pas de fiscale hervorming zijn die ons land echt beter maakt. Ik zie uit naar de beantwoording van de staatssecretaris.
Dank u, voorzitter.
De voorzitter:
Ik zie een interruptie van de heer Kroon.
De heer Kroon i (BBB):
Ik moest even rekenen. Gefeliciteerd, meneer Van Apeldoorn, want we zijn al in het walhalla terechtgekomen. Volgens mijn berekeningen hebben wij op dit moment bijna zoiets als een progressieve vermogensbelasting. Ik verwijs dan naar uw redenatie over de verschillen tussen box 3 en box 2. Bent u het met mij eens dat als we naar een vermogenswinstbelasting gaan, ook in box 3, de kleine belegger en de kleine spaarder, voor wie u zich hardmaakt, daar ook van profiteren? Bent u het ook met mij eens dat, wanneer grote beleggers hun vermogen naar box 2 zouden halen en dat in hun eigen bv zouden drukken, de belastingdruk wegens vpb en dividendbelasting, afhankelijk van de omvang van het vermogen, varieert tussen 43% en 58%, wat ruim meer is dan de 36% in box 3?
De heer Van Apeldoorn (SP):
Ik volg de heer Kroon niet helemaal in zijn redenering. In de eerste plaats weten we allemaal dat in box 2 er uiteindelijk heel weinig belasting betaald wordt, omdat belasting jaar op jaar wordt uitgesteld. Het gaat niet alleen om de tariefstructuur, het gaat ook om de effectieve belastingdruk. Het CPB heeft dat meerdere malen aangetoond. Ze hebben dat op een gegeven moment aangetoond voor een bepaald jaar. Ik geloof dat dat in 2016 was. Toen werd er gezegd: dat komt vanwege het uitstel van het betalen van belasting. Maar die belasting wordt alsnog betaald. Vervolgens heeft het CPB dat nog een keer berekend over een veel langere periode, van 2011 tot 2019. In een onlangs gepubliceerd rapport, volgens mij van vorige maand of twee maanden geleden, "Hoge bomen vangen veel wind", is nog een keer aangetoond dat, als het gaat om de grootste vermogens, de top 0,1% en 0,01%, de effectieve belastingdruk daar veel lager ligt. Dus het gaat niet alleen om de effectieve tarieven, maar het gaat natuurlijk ook om de vraag in hoeverre die tarieven daadwerkelijk betaald worden. En daar zit in box 2 een groot probleem. Als je dat nu ook voor box 3 zou invoeren, namelijk een vermogenswinstbelasting in plaats van een vermogensaanwasbelasting, dan krijg je hetzelfde uitsteleffect, wat ook vaak leidt tot afstel, als we nu al in box 2 hebben. Daarom is mijn fractie daar geen voorstander van. Wij zijn er wel voor dat kleinere beleggers een lager tarief betalen dan grote beleggers. Maar wij zijn er ook vooral voor dat vermogenden in het algemeen hun belasting betalen, net zoals mensen die inkomen uit arbeid ontvangen daar belasting over betalen en die belasting niet kunnen uitstellen.
De heer Kroon (BBB):
Het tariefsverschil is er dus. Ten tweede: ook in de box 2-omgeving zul je gewoon vennootschapsbelasting moeten betalen. En de afrekening komt altijd, want u kent het volgende gezegde. There are two things sure in life: death and taxes.
De heer Van Apeldoorn (SP):
Ik zie dit als een opmerking en niet als een vraag, want ik heb de vraag niet gehoord. Maar ik denk dat het duidelijk is dat er een probleem is met box 2 als het gaat om uitstelgedrag. En met een vermogenswinstbelasting in box 3 krijg je dat ook nog eens een keer voor box 3. Daarom zou mijn fractie dat zeker niet steunen.
Dank u, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Van Rooijen, namens de fractie van 50PLUS.