Verslag van de vergadering van 7 juli 2026 (2025/2026 nr. 39)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 14.28 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Van den Oetelaar i (FVD):
Dank u, voorzitter. Ook dank aan de minister voor zijn beantwoording. Wat mij opviel aan de antwoorden van de minister, is dat wij deze wet invoeren na een berisping vanuit de EU. Werkgevers en werknemers vragen hier niet om. Dat blijkt al uit het aantal mails dat wij hierover hebben gekregen. Dat aantal was namelijk nihil. We kregen enkel mails van wat tegenstanders. Er staan geen mensen buiten en er zitten ook geen boze flexwerkers op de publieke tribune, terwijl ze toch een vrij flexibel contract hebben. Werknemers zijn hier dus helemaal niet mee bezig en werkgevers moeten dit maar weer ondergaan.
In de eerste termijn heb ik al gewezen op de grote praktische problemen die deze wet veroorzaakt voor ondernemers: onvoorspelbare roosters, hogere kosten, administratieve rompslomp en minder wendbaarheid, juist op het moment dat we die hard nodig hebben. De minister verwijst naar een monitoring. Prima, maar dan moet het wel een serieuze monitoring zijn. Daarom heb ik de volgende vragen.
Worden in de arbeidsmarktmonitor en de latere evaluaties ook expliciet de operationele problemen voor werkgevers meegenomen? Denk dan aan extra administratieve lasten, stijgende personeelskosten, moeilijkheden bij roostering, omzetverlies door inflexibiliteit en het risico op minder aanname van personeel in projectmatige sectoren en seizoens- en kraptesectoren. Worden er harde economische indicatoren gebruikt, zoals ontwikkeling van omzet, winstgevendheid, faillissementscijfers of personeelsbezetting per sector, of blijft het bij abstracte arbeidsmarktcijfers? Is de minister bereid de toezegging te doen dat de monitor en de evaluaties uitdrukkelijk aandacht besteden aan de wendbaarheid en bedrijfseconomische gevolgen voor het mkb en de zzp-opdrachtgevers, en dat de Eerste Kamer hierover jaarlijks een aparte paragraaf ontvangt?
Voorzitter. Als deze wet echt evenwichtig moet zijn, dan kan de monitoring niet alleen kijken naar de zekerheid van flexwerkers, maar moet ook keihard in beeld worden gebracht wat dit doet met de ondernemers die banen moeten creëren, anders wordt het weer een eenzijdig experiment met de Nederlandse economie. Forum voor Democratie ziet een nulurencontract juist als een oplossing en niet als een probleem. Dit geldt voor werknemer en werkgever. Wij zullen daarom ook tegen deze wet stemmen.
Dank u wel.
Mevrouw Bakker-Klein i (CDA):
Even voor de totale behandeling. U zegt: werkgevers en werknemers vragen hier niet om. In de stukken en in de recente oproep die we hebben gekregen, hebben wij gezien dat zowel de vakbonden als VNO-NCW hierom gevraagd hebben.
De heer Van den Oetelaar (FVD):
Ja.
Mevrouw Bakker-Klein (CDA):
Kan het dan zijn dat u dat gemist hebt?
De heer Van den Oetelaar (FVD):
Nee, dat heb ik zeker niet gemist. Alleen sta ik hier niet voor de vakbonden en de organisaties. Ik sta hier voor ondernemers, Nederlanders en FVD-stemmers.
Mevrouw Bakker-Klein (CDA):
Maar die ondernemers in Nederland worden vertegenwoordigd door onder andere VNO-NCW en de werknemers worden toch door de vakbonden vertegenwoordigd?
De heer Van den Oetelaar (FVD):
Het is zeker waar dat een gedeelte daarvan door hen vertegenwoordigd wordt, maar dat zijn niet de FVD-ondernemers en de FVD-werknemers.
De voorzitter:
Tot slot, mevrouw Bakker.
Mevrouw Bakker-Klein (CDA):
Dan hoor ik nu een nuancering. U zegt: de FVD-achterban voelt zich niet vertegenwoordigd, maar de vakbonden, VNO-NCW en de werknemers die daardoor zijn vertegenwoordigd, hebben hier wel om gevraagd. Het gaat dus alleen om de mensen die in uw achterban zitten en hier niet om hebben gevraagd.
De heer Van den Oetelaar (FVD):
Ik geloof best wel dat die organisaties hierom vragen, maar het komt vanuit de EU, dus de minister of zijn voorganger is vervolgens in gesprek gegaan met de organisaties en zo is dit tot stand gekomen. Dit komt niet van onderop. Dat is mijn analyse.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik tot slot het woord aan mevrouw Karaaslan van D66.