Inhoudsopgave van deze pagina
Wijziging Huisvestingswet (doorwerking ruimtelijke beleid)
Dit wetsvoorstel wijzigt de Huisvestingswet. Gemeenten kunnen alleen nog maar eisen van economische of maatschappelijke binding stellen voor gebieden waarin een restrictief ruimtelijke ordeningsbeleid geldt.
Het wetsvoorstel beoogt zo een verband te leggen tussen woonruimteverdeling en ruimtelijke ordening. Tevens worden onnodige belemmeringen voor vrije vestiging opgeheven waardoor de doorstroming wordt bevorderd.
Deze samenvatting is gebaseerd op het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zoals ingediend bij de Tweede Kamer.
Het voorstel is op 14 april 1998 aangenomen door de Tweede Kamer. De fractie van de SP stemde tegen. Op 10 april 1999 is een novelle met technische wijzigingen ingediend op dit wetsvoorstel (26.471). De Eerste Kamercommissie voor Volkshuisvesting heeft op 30 oktober 2000 de nadere memorie van antwoord ontvangen. De commissie wacht een door de staatssecretaris van Volkshuisvesting per brief van 23 februari 2001
aangekondigde tweede novelle af. Deze tweede novelle moet het wetsvoorstel in lijn brengen met het voorziene ruimtelijke ordeningsbeleid, zoals vastgelegd in de PKB Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening.
De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer heeft dit wetsvoorstel en de novelle ingetrokken bij brief van 22 november 2004
. Het wetsvoorstel staat het reserveren van woningen voor de eigen bevolking(saanwas) niet toe maar het kabinet is nu juist voornemens om gemeenten in het landelijk gebied die mogelijkheid wel te bieden. De tweede novelle is niet ingediend.
ingediend
29 april 1997titel
Wijziging van de Huisvestingswet (doorwerking ruimtelijk beleid)schriftelijke voorbereiding
inbreng geleverd door
- VVD - L.M. de Beer
- CDA - F.J.M. Werner
- D66 - R.Ch. Hessing
- PvdA - E. ter Veld
- SGP, GPV, RPF - G. van den Berg
- Fractie-Bierman - M. Bierman
- PvdA - M.C. Meindertsma
- GroenLinks - T. Pitstra
- GPV, RPF - C. van Bruchem
ondertekening
inwerkingtreding
Op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip
-
22 november 2004
brief van de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubheer houdende intrekking van het wetsvoorstel
25.334 / 26.471 EK, A -
23 februari 2001
brief staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer over de PKB Vijfde Nota
nr. 59a -
30 oktober 2000
nadere memorie van antwoord
nr. 59 -
18 april 2000
nader voorlopig verslag commissie Volkshuisvesting
nr. 217 -
3 december 1998
nota van verbetering
nr. 117 -
9 september 1998
brief minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en Milieubeheer
nr. 324c -
29 juli 1998
memorie van antwoord
nr. 324b -
16 juni 1998
voorlopig verslag commissie Volkshuisvesting
nr. 324a -
14 april 1998
stemmingsoverzicht Tweede Kamer
-
14 april 1998
gewijzigd voorstel van wet
nr. 324 -
14 april 1998
stemming (aangenomen, tegen: SP)
nr. 73: blz. 5422-5423 -
7 april 1998
voortzetting behandeling
nr. 70: blz. 5230-5268 -
2 april 1998
behandeling
nr. 69: blz. 5183-5198



Volg via