E260022
  ruit icoon
Laatste revisie: 20-10-2026

E260022 - Voorstel voor een Verordening betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken (Eurojust), en tot intrekking van Verordening (EU) 2018/1727



Op 24 juni 2026 presenteerde de Europese Commissie een voorstel tot wijziging van de Europolverordening. Het voorstel maakt deel uit van een breder pakket maatregelen dat gericht is op de bestrijding van nieuwe vormen van criminaliteit.


Stand van zaken

Behandelfase Eerste Kamer: behandeling in commissie Eerste Kamer.

nationaal

Op 13 oktober 2026 besloot de commissie het voorstel in behandeling te nemen. De commissie besloot om op 3 november 2026 gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor schriftelijk overleg met de regering en/of de Europese Commissie.

Europees

Tijdens de JBZ-Raad van 1 en 2 oktober stond de herziening van de Eurojust-verordening op het programma.


Kerngegevens

volledige titel

Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken (Eurojust), en tot intrekking van Verordening (EU) 2018/1727

commissie Eerste Kamer


Behandeling Eerste Kamer

Op 13 oktober 2026 besloot de commissie het voorstel in behandeling te nemen. De commissie besloot om op 3 november 2026 gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor schriftelijk overleg met de regering en/of de Europese Commissie.

Op 7 juli 2026 besloot de commissie J&V het voorstel niet in behandeling te nemen en voor kennisgeving aan te nemen. Ook besloot de commissie op verzoek van het lid Van Hattem (PVV), het voorstel bij de volgende commissievergadering van de commissie I&A/JBZ te bespreken.


Standpunt Nederlandse regering

Het kabinet staat positief tegenover de doelstellingen van het voorstel. Het steunt de uitbreiding van het mandaat van Eurojust voor opkomende criminaliteitsvormen, zoals cybercriminaliteit, schendingen van EU-sancties en gendergerelateerd geweld. Ook is het kabinet positief over het voorstel om de status en bevoegdheden van nationale vertegenwoordigers binnen het College eenvormiger te maken. Het kabinet staat ervoor open de voor- en nadelen van de instelling van een Management Board te bespreken, waarbij de operationele onafhankelijkheid van Eurojust volgens het kabinet gewaarborgd moet blijven. Ook is het kabinet van mening dat Eurojust een ondersteunende rol ten opzichte van de nationale autoriteiten houdt.

Het kabinet is voorstander van intensievere samenwerking van Eurojust met EU-actoren zoals Europol en het EOM, maar kritisch over een grotere rol in de samenwerking met derde landen. De eigen verantwoordelijkheid van lidstaten en bestaande bilaterale rechtshulprelaties moeten volgens het kabinet behouden blijven.

Tot slot zal het kabinet tijdens de onderhandelingen aandacht vragen voor de samenhang tussen het voorstel tot wijziging van de Eurojustverordening en dat van de Europolverordening, met name voor de onderlinge verhouding tussen de voorgestelde uitbreidingen en de gevolgen voor de samenwerking binnen de EU-veiligheidsstructuur.


Samenvatting voorstel Europese Commissie

Dit voorstel voor een verordening inzake het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken (hierna: Eurojust) maakt onderdeel uit van het bredere Law Enforcement and Criminal Justice pakket van de Europese Commissie. Het voorstel heeft tot doel het mandaat van Eurojust te moderniseren en te verduidelijken, de mogelijkheden van het agentschap te vergroten en om het agentschap effectiever en toekomstbestendig te maken, rekening houdend met de snel veranderende ontwikkelingen op het terrein van de (georganiseerde) criminaliteit.

De beoogde versterking ligt met name op de volgende gebieden:

  • - 
    het uitbreiden van het mandaat van Eurojust om de betrokkenheid bij opkomende vormen van criminaliteit ─ zoals cybercriminaliteit, schendingen van EU-sancties en gendergerelateerd geweld ─ te versterken;
  • - 
    het versterken van de governance van Eurojust door de invoering van een Management Board en daarmee de structuur van het agentschap gelijk te trekken met de andere Europese agentschappen;
  • - 
    de harmonisatie van de status en bevoegdheden van de nationale leden en de vertegenwoordigers in het College van Eurojust om een meer gelijke implementatie van de verordening en een gelijk speelveld te bereiken;
  • - 
    het mogelijk maken dat Eurojust op eigen initiatief verbanden tussen zaken kan leggen en vroegtijdig daarin kan coördineren. Nationale leden mogen ─ onder voorwaarden en zonder specifiek verzoek ─ nationale autoriteiten vragen een bepaald onderzoek in te stellen, een gemeenschappelijk onderzoeksteam op te richten of voorrang te geven aan bepaalde rechtshulpverzoeken;
  • - 
    het verbeteren en versterken van de samenwerking van Eurojust met onder meer Europol en het Europees Openbaar Ministerie (EOM) , en - het uitbreiden van de samenwerking van Eurojust met derde landen.

Behandeling Raad

Tijdens de JBZ-Raad van 1 en 2 oktober stond de herziening van de Eurojust-verordening op het programma.


Behandeling Europees Parlement

De commissie Burgerlijke vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) van het Europees Parlement behandelt het voorstel. De commissie BUDG (Begroting) is aangesteld als adviescommissie.

In de databank OEIL van het Europees Parlement wordt de laatste stand van zaken in de behandeling van het voorstel weergegeven.


Alle bronnen