Vragen beantwoord over structuurfondsen in het MFK



De commissie voor Europese Zaken (EUZA) heeft antwoorden gekregen van de Europese Commissie en van minister Berendsen van Buitenlandse Zaken op vragen over een aantal voorstellen over verschillende Europese structuurfondsen in het toekomstige Meerjarig Financieel Kader (MFK). De commissies besloten op 14 april de antwoorden voor kennisgeving aan te nemen.

Nationale en regionale partnerschapsplannen

Op 16 juli 2025 presenteerde de Europese Commissie twee voorstellen om het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO), de Europese Territoriale Samenwerking (Interreg) en het Cohesiefonds onder de pijler Nationale en Regionale Partnerschapsplannen (NRPP) te laten vallen in het volgend Meerjarig Financieel Kader. Het fonds bundelt bestaande EU-middelen voor cohesie, landbouw en maritieme sectoren om de uitvoering te vereenvoudigen en de effectiviteit te vergroten. Door één nationaal programma per lidstaat te gebruiken, in plaats van honderden losse projecten, wil de Europese Commissie de administratieve lasten verminderen, regionale verschillen verkleinen en de besteding van EU-geld beter afstemmen op gezamenlijke doelstellingen.

De fracties van de BBB, PVV en Volt hebben vragen gesteld aan de Europese Commissie en de minister van Buitenlandse Zaken over deze nationale en regionale partnerschapsplannen.

Antwoorden Europese Commissie

De fractie van Volt vroeg de Europese Commissie onder andere welke garanties er bestaan dat specifieke regionale problemen nog voldoende aandacht krijgen, en hoe de Europese Commissie de lokale rol wil versterken. De Europese Commissie antwoordt dat de regio's volledig betrokken zullen worden bij het ontwerp en de uitvoering van de plannen. Ook geeft de Commissie aan dat regionale instanties de mogelijkheid hebben om rechtstreeks met de Commissie van gedachten te wisselen. Daarnaast heeft de Commissie aanvullende regionale controles voorgesteld om te waarborgen dat regionale belanghebbenden voldoende betrokken zullen worden.

De fractie van de BBB vroeg aan de Europese Commissie welke concrete garanties de Europese Commissie kan bieden dat de nationale en regionale partnerschapsplannen daadwerkelijk leiden tot een vermindering van de administratieve lasten voor boeren en vissers. De Europese Commissie antwoordt dat de vereenvoudiging ervoor zorgt dat er één rulebook komt voor alle nationale en regionale partnerschapsplannen. Volgens de Europese Commissie zal dit naar verwachting de administratieve lasten en nalevingskosten voor boeren verminderen. Ook blijven bepaalde regels uit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) behouden en blijft de rol van betaalorganen bij het beheer van GLB-maatregelen behouden.

Antwoorden minister van Buitenlandse Zaken

De fractie van de PVV vroeg aan de minister van Buitenlandse Zaken op welke wijze de samenspraak met medeoverheden vorm krijgt en op welke wijze de volksvertegenwoordiging van deze medeoverheden ook actief bij deze afspraken betrokken wordt. Minister Berendsen antwoordt dat medeoverheden actief betrokken worden bij de voorbereiding van inhoudelijke werkgroepen in Brussel. Ook denken zij mee met de vormgeving van de Nederlandse positie en de nationale invulling van de Nationale en Regionale Partnerschapsplannen.

Ook de fractie van Volt vroeg de minister naar de situatie voor organisaties in de grensregio's die buiten Nederland zijn gevestigd maar wel belang hebben bij de grensprogramma's. De minister geeft aan dat grensoverschrijdende programma's onderdeel worden van het Interreg Plan, waarbij elk programma een eigen hoofdstuk krijgt. Deze hoofdstukken worden vormgegeven met de betrokken grensregio's aan beide zijden van de grens.

Meer informatie