Het lidmaatschap van de Eerste Kamer

Iedere Nederlander van 18 jaar of ouder en die niet is uitgesloten van het kiesrecht, kan lid worden van de Staten-Generaal. Hierbij geldt wel dat niemand zowel van de Eerste als de Tweede Kamer lid kan zijn. Verder kunnen Leden van de Staten-Generaal niet ook tegelijk minister, staatssecretaris of lid van de Raad van State zijn.


Vergoeding

Leden van de Eerste Kamer krijgen voor hun werk betaald. Omdat de Eerste Kamer minder vaak vergadert dan de Tweede Kamer (en de leden dus geacht worden minder tijd aan het kamerwerk kwijt te zijn) krijgen zij ook een lagere vergoeding dan Tweede Kamerleden: slechts 25% van de vergoeding die leden van Tweede Kamer ontvangen. Het lidmaatschap van de Eerste Kamer is een part-timefunctie: leden hebben veelal elders nog een baan en komen doorgaans alleen op dinsdag naar de Kamer.

De functie van Voorzitter vergt meer tijd. Diens vergoeding is gebaseerd op een halve werkweek.

Voor sommige werkzaamheden ontvangen leden een aanvullende vergoeding. Dit is het geval bij deelname aan interparlementaire vergaderingen van internationale organisaties, zoals de Navo of de Raad van Europa.

Leden van de Eerst Kamer hebben na vertrek uit de Kamer geen recht op wachtgeld. Ook bouwen zij met hun Kamerwerk geen pensioen op.


Nevenfuncties

Veel Kamerleden hebben naast het Kamerlidmaatschap elders een hoofdfunctie. Ook bekleden zij vaak diverse nevenfuncties. Leden moeten al deze functies openbaar maken door deze op te geven bij de Griffie van de Eerste Kamer. Deze publiceert de nevenfuncties op de website bij de biografie├źn van de leden.


Verkiezingen van de Eerste Kamer

De Eerste Kamer der Staten-Generaal heeft 75 zetels. De leden worden getrapt gekozen door de leden van de Provinciale Staten. Binnen drie maanden nadat de Provinciale Staten zijn gekozen door de stemgerechtigde bevolking van Nederland, vinden de verkiezingen voor de Eerste Kamer in de provincies plaats.