Nu ik dit schrijf legt de Majesteit de laatste hand aan haar Kerstboodschap 2000.

Voor het eerst zal zij die voor de camera uitspreken. Het duurt altijd even, maar uiteindelijk blijkt het Hof toch niet bestand tegen de gang der dingen.

Kerstboodschappen van kerkelijke en wereldlijke hoogwaardigheidbekleders munten doorgaans uit door mooie intenties waar niemand iets tegen heeft of wat mee doet.

Ook die traditie moet maar eens doorbroken worden. Onderstaande boodschap zal iets minder dan de helft van de lezers niet bevallen.

In weerwil van Zalmse blijheid heerst er in het land geen feeststemming. We leven in vrede en welvaart en hebben een grotere keuzevrijheid dan ooit.

Je zou verwachten dat de kiezers hun politici erkentelijk zijn voor deze prestatie.

Dat is niet zo. Het ongenoegen over de politiek is duidelijk toegenomen.

De kiezer is een kritische klant geworden. Zelden uit hij zijn tevredenheid, laat staan dat er sprake is van trouw aan merk of dealer. De kiezer zweeft en de politicus zweeft mee. Afhankelijk van de vluchtige kiezersgunst, concentreert hij zich meer op hoe hij overkomt dan op wat hij wil.

Gevolg: moreel leiderschap, ooit gebaseerd op een toekomstvisie of sociale idealen, vervaagt tot behendig beheren. Wie dat goed doet oogst waardering.

Het kan niet op in Nederland. Steeds meer lijkt het of de burger nog maar één ding wil: garanties dat deze overvloed durend is en dat de politiek het schild vormt tegen alles wat deze hoge bestaanszekerheid bedreigt?

We hebben het goed en willen dat vooral zo houden?

Gelukkig is er ook een andere werkelijkheid. Niet iedereen holt zichzelf, zijn omgeving   voorbij naar materiële verrijking. Er is een grote groep burgers die wel degelijk geïnteresseerd is in de kwaliteit van leven en het investeren in persoonlijke groei, inhoudsvolle relaties en een werksituatie waar ontplooiing en maatschappelijke relevantie zwaarder wegen dan buffelen voor het grote geld.

Het door Paars gekoesterde "economiseren van het denken" zorgt er voor dat allerlei domeinen, die tot nu toe niet volledig bepaald werden door het strikt economische, in rap tempo onder het regime van dit nieuwe marktdenken zijn gebracht. De thuiszorg als product, het ziekenhuis als ondernemer, de sociale dienst als tijdschrijvende geldverstrekker, het onderwijs als experimenteerkuil voor kwaliteits- en doelmatigheidsoperaties.

Eén domein is binnen  Paars bijna een stiltegebied geworden: hoe moet je leven en je verhouden in deze ongekende samenleving.

Het Paarse zwijgen over de culturele en maatschappelijke modernisering manifesteert zich steeds meer als het onvermogen van deze regeringscoalitie, waarin partijen elkaar eigenlijk alleen maar op een technocratisch en financieel kader kunnen vinden. Over wat mensen aan

en met elkaar hebben, over welzijn, over samenlevingsvraagstukken, over de kansen van multiculturaliteit, over omgangsvormen in het publieke domein, over de kwaliteit van het bestaan, over investeren in duurzaamheid, over sociale relaties, over de betekenis van zorg, over de waarde van solidariteit en samen delen, over eigentijdse vormen van verantwoording afleggen aan mondige burgers, over nieuwe manieren van medezeggenschap, over het ontwikkelen van betrokkenheid, over het stimuleren van nieuwe solidariteit, over al die meer immateriële vragen heerst bij Paars, op een enkele uitzondering na,  een teleurstellend zwijgen.

Daar zit mijn onbehagen. Ik ben er oprecht van overtuigd dat de dominantie van de economische criteria op zijn minst gerelativeerd moet worden en gepaard moet gaan met het evenredig investeren in een culturele en morele modernisering.

Een belangrijk onderdeel van de noodzakelijke omslag is de stijl van politiek bedrijven.

Ondanks de prachtige voornemens is Paars niet de beloofde trendbreuk geworden in de politieke cultuur van dit land. Het is inderdaad wat de heer Kok ook wilde: een doodgewoon kabinet. Als vanouds worden de zaken bekokstoofd in het torentje. Niks dualisme en zeker geen open debatten. Daar is de wankele noemer van deze coalitie niet tegen bestand. De oppositie wordt bewust aan de zijlijn gehouden.

De materie zou zo ingewikkeld zijn dat een open debat met anderen daarbij niet mogelijk is. Dat is democratie à la Paars. Uit angst voor ongelukken worden Belastingplan en Vreemdelingenwet op voorhand en binnenskamers muurvast getimmerd.

En de premier van alle Nederlanders zag dat het goed was.

Wat in de torentjes van de macht niet gezien en gehoord wil worden, dringt niet door.

Wie dagelijks snuift aan de macht betaalt dit kennelijk met achteruitgang van de zintuigen.

Wie macht heeft, verleert te luisteren. Alles wat anders wil wordt als verstorend en bedreigend ervaren. Dus gaan de luiken dicht en de bruggen omhoog.

Natuurlijk staan er ook positieve punten op het conto van Paars.

De hegemonie van het CDA is definitief verdwenen en de grotere partijen sluiten elkaar niet meer uit van coalities.

De begrotingsdiscipline is sterk verbeterd, het jaarlijkse tekort is weg, de financiële posities zijn gunstig, de werkloosheid is aanzienlijk gedaald, de particuliere welvaart is sterk vergroot en het ondernemen is vergemakkelijkt. Die prestaties mogen er zijn.

Maar.

Tien jaar geleden was de WAO bijna Kok's ondergang, Hij bleef. Het probleem ook.

Tien jaar geleden leefden in dit land 700.000 mensen in armoede. Nu nog.

Tien jaar geleden was de CO2 uitstoot ca. 170 miljoen ton. Ondanks Kyoto nu 179 miljoen.

Tien jaar geleden waren er behoorlijke problemen in het onderwijs. Nu zijn ze ernstiger.

Tien jaar geleden waren er wachtlijsten in de zorg. Nu nog en langere.

Er werd sterk geprivatiseerd, met magere resultaten.

Er waren justitie-schandalen, diplomatieke blunders.

Er was en is Srebrenica.

Private verrijking kreeg voorrang boven collectieve kwaliteit.

Tien jaar geleden was er een sterk maatschappelijk middenveld. Nu een sterke advieswereld.

Minstens drie ministers lopen met een gele kaart op zak.

De regeringsleider zelf vertoont ernstig vormverlies.

De wijze weet wanneer het tijd is om op te houden.

Helaas. De politiek kent weinig wijzen.

Deze column is op persoonlijke titel geschreven