Plenair Bruijn bij verkiezing Voorzitter



Verslag van de vergadering van 2 juli 2019 (2018/2019 nr. 37)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 15.03 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Bruijn (VVD):

Dank u wel, voorzitter. Ik dank de collega's voor de interessante en vaak terechte vragen.

Ik begin met mevrouw Rookmaker. Onafhankelijkheid en te veel van één partij. Ik zou bijna zeggen: van sommige partijen kun je nooit te veel hebben. Maar aangezien ik hier als onafhankelijk kandidaat sta, zal ik dat niet zeggen. U zult het ongetwijfeld ook vinden, maar we staan hier niet om baantjes te verdelen. Dat zou bijna op een kartel gaan lijken. We staan hier om een Voorzitter te kiezen en daar hoort niet bij dat we gaan kijken welke partij welke functies al heeft en welke partij nu recht op een functie heeft. Ik vind niet dat we onszelf langs die meetlat moeten leggen. Ik ben er dus ook niet mee bezig. Ik sta hier ook niet namens een partij. Daar begint mijn onafhankelijkheid als uw, hopelijk, aankomend Voorzitter.

De heer Knapen had het over nevenfuncties en tijd. Ook een aantal andere collega's hebben daar vragen over gesteld. Dat is natuurlijk een heel belangrijke vraag. Inderdaad is het zo dat een deel van de kandidaten, waaronder ik, nog een andere hoofdfunctie hebben. Ik heb in de afgelopen 6,5 jaar gevoeld dat het heel belangrijk en goed is om, naast de functie hier, elders in de samenleving met één been in de realiteit te staan. Ik denk dat dit voor de Voorzitter ook geldt. Ook onze vorige Voorzitter had diverse functies. Dat neemt niet weg dat je natuurlijk altijd prioriteit moet geven aan het werk hier, zowel in tijd als in aandacht. In het profiel staat dat we spreken over vijf, zes dagdelen per week. Daar kan ik ruimschoots aan voldoen. Als er meer nodig is, kan ik er ook aan voldoen, want ik heb hierover gesproken met mijn werkgever. Hij heeft zelfs in onze cao van de UMC's een speciale voorziening die erin voorziet dat er net zo veel tijd vrijgemaakt kan worden als nodig. Daarbij helpt het ook dat het voorzitterschap van deze Kamer een betaalde functie is. Je hoeft er in die zin dus ook niet op achteruit te gaan. Mijn kinderen zullen nog steeds kunnen eten, ook als ik heel veel tijd besteed aan het Eerste Kamervoorzitterschap, wat ik natuurlijk hoop te gaan doen.

De heer Rosenmöller vroeg iets over lid worden van een partij. Ik heb u al iets verteld over mijn jeugd. Ik heb al iets gezegd over de maatschappelijke betrokkenheid van mijn vader als ondernemer, van mijn ouders in de wereld. Zij hebben de oorlog meegemaakt. Ik ben vroeg, naast mijn studie en werk, geïnteresseerd geraakt in de maatschappij. Ik ben vroeg in mijn studententijd lid geworden van een partij. Bij ons thuis ging het vaak over vrijheid, het ging vaak over democratie. Als je dan niet al te diep nadenkt, kom je natuurlijk vanzelf bij een bepaalde partij uit waarbij dat ook in de naam staat. Ik heb me daar altijd heel erg thuis gevoeld, maar ook met volledig respect voor alle andere partijen die natuurlijk ook heel vaak normen en waarden met elkaar delen. Ook nu zeg ik erbij: ik sta hier niet als kandidaat namens een partij. Ik noem die partij dus ook niet, maar u kunt wel raden welke het is.

De vraag over de positie van de Eerste Kamer is een heel belangrijke vraag van de heer Rosenmöller. Natuurlijk staat de Eerste Kamer vaak onder druk. Ik heb dat ook vaak gezien: onder tijdsdruk of onder inhoudelijke druk van een kabinet. Belangrijk is dat deze Kamer een onafhankelijke Kamer is, gefundeerd in het staatsrecht. Wij moeten ons richten op onze hoofdtaak en dat is het beoordelen van wetsvoorstellen op kwaliteit, op rechtmatigheid, op uitvoerbaarheid en op inpasbaarheid in Europese regelgeving. Alle andere dingen die ons overkomen, zijn daar secundair aan. Dat geldt in het bijzonder voor de Voorzitter. Aan de andere kant is er natuurlijk altijd begrip voor het belang van een bewindspersoon die zijn wetsvoorstel graag snel of juist heel langzaam behandeld wil hebben. Daar zullen we met de nodige hoffelijkheid mee omgaan, maar vooropstaat de kwaliteit van het werk. Die kost soms tijd. Ik meen dat we in mijn voorgangster een heel goed voorbeeld gezien hebben.

Mevrouw Bredenoord maakt zich zorgen over mijn toekomst, mocht ik vandaag niet gekozen worden. Ik deel die zorg niet. Ik vind eigenlijk dat we daar vandaag niet mee bezig moeten zijn. Er zitten hier ook leden die zich nog niet kunnen kandideren als ondervoorzitter. Als we die campagne nu al gaan starten, zou dat een voordeel zijn voor degenen die dat wel kunnen. Bovendien ben ik er niet mee bezig. Ik sta hier vandaag als kandidaat-voorzitter en ik heb de ambitie om dat te worden.

Mevrouw Bredenoord vroeg ook naar de tijd. Ik denk dat ik die vraag al beantwoord heb.

Mevrouw Vos zei dat er niet altijd een dokter in de zaal is. Het is zo dat de woordvoerders niet altijd in de zaal zijn. De enige die er altijd zijn, zijn de Griffier — ik denk zo'n beetje de belangrijkste — en de Voorzitter. De Voorzitter is altijd in de zaal. Als u het belangrijk vindt — dat vindt u kennelijk, want anders had u die vraag niet gesteld — dat er altijd een dokter in de zaal is, stem dan op Bruijn, zou ik zeggen. Dat is de enige manier om het te garanderen. Ik ben blij met uw steun en die van uw hele fractie.

(Hilariteit)

De heer Bruijn (VVD):

Mevrouw Faber had het over onafhankelijkheid. Ik denk dat ik die vraag al beantwoord heb. Ik wil er graag nog wat dieper op ingaan, want het is een belangrijke, volkomen terechte, vraag. De Voorzitter van deze Kamer móet onafhankelijk zijn. Ik verwijs graag naar mij cv, waarin u kunt zien dat ik vaak voorzitter ben geweest van allerlei gremia, waar onafhankelijkheid totaal onmisbaar was.

Ik pik er een uit die ik zelf erg leuk vond: formateur in Rotterdam. Dat was nadat ik het mooie werk van de informateur mocht overnemen, een heel belangrijke functie trouwens die GroenLinks indertijd, een jaar geleden, is toegekend. Over baantjes verdelen gesproken ... Dat was heel gemakkelijk, want het informateurschap was goed gedaan. Als je als formateur in Rotterdam, of Leidschendam-Voorburg want daar was ik het ook, niet totaal onafhankelijk bent, dan houd je dat maar heel kort vol, want er zitten heel kritische fracties, waaronder de PVV-fractie. Ik meen daarmee aan te tonen dat ik onafhankelijk Voorzitter kan zijn, los van het feit dat ik het ook heel leuk vind om dat te doen. Het is een kwestie van de knop omzetten.

Mevrouw Bikkers vroeg naar het stelsel en wat hieraan verbeterd kan worden. Eén ding hebben we heel duidelijk zelf al geagendeerd, en dat is integriteit. Dat wil niet zeggen dat het niet in orde was met de integriteit, maar we hebben met de vorige Kamer aanleiding gezien om dat hoog op de agenda te zetten en om het Reglement van Orde erop aan te passen. We gaan nu aan de slag met de uitrol van onze nieuwe integriteitscode. We gaan kijken of we een externe vertrouwenspersoon kunnen aanstellen. We gaan er twee keer met elkaar over praten. Als het goed is, hebben we allemaal op de website meer inzage gegeven in de aard van onze nevenfuncties. Als het niet zo is, roep ik u op om het snel te doen. Kennelijk zien we allemaal dat er iets te verbeteren valt. Ik denk dat dit een belangrijk en actueel antwoord is op uw vraag, naast natuurlijk de ondersteuning voor kleine fracties, wat ook altijd een heel belangrijk aandachtspunt is. Daar gaan we het ook vaak over hebben, zeg ik tegen sommigen, waaronder de heer Gerbrandy.

Dan kom ik nog even op het punt van de heer Schalk over de persoonlijke belediging. Daar heb ik maar één woord voor: onacceptabel. Onacceptabel binnen dit huis, onacceptabel buiten dit huis, onacceptabel overal. Ik kan er verder eigenlijk niets over zeggen. Dat geldt voor alle manieren waarop dat gebeurt.

Dan was er nog een vraag over de internationalisering en over reizen. De heer Knapen, mevrouw Bredenoord en mevrouw Gerkens hebben het over tijd gehad, ook in internationaal verband. Ik ben vanuit mijn werk gewend om internationaal te opereren en internationaal te representeren, om contacten te onderhouden. Ik vind dat gewoon ongelooflijk leuk om te doen. In het profiel staat ook iets over talen. Yo parlo Italiano, yo hablo Español, je parle Français, ich spreche Deutsch, I speak English.

De tijdelijke voorzitter:

Wilt u afronden, voordat u een talencursus presenteert?

(Hilariteit)

De heer Bruijn (VVD):

En speciaal voor de heer Gerbandy: Fryslân Boppe, Hollân yn 'e Groppe.

Dank u wel.

De tijdelijke voorzitter:

Nou, is het leuk in deze Kamer of is het niet leuk in deze Kamer?

Tot slot geef ik het woord aan de heer Ganzevoort.