Plenair Kemperman bij behandeling Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met de versterking van de uitvoering van de publieke mediaopdracht op lokaal niveau



Verslag van de vergadering van 26 oktober 2026 (2026/2027 nr. 05)

Status: ongecorrigeerd

Aanvang: 16.55 uur

Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Kemperman i (FVD):

Voorzitter, dank u wel. Wanneer er een wetsvoorstel voorbijkomt waarin de overheid zich sterk maakt voor betrouwbare en onafhankelijke informatie door middel van schaalvergroting, subsidiegrip en toetsing door onafhankelijke instituten van de Staat, dan is het opletten geblazen. We zien dat de overheid in steeds meer domeinen centraliseert door schaalvergroting en dat zij haar invloed uitbreidt. Het wetsvoorstel over lokale media dienen we daarom in een bredere politieke en maatschappelijke context te zien. Binnen deze context en andere ontwikkelingen op mediagebied pellen wij dit wetsvoorstel af. Want wat wij niet willen, is fragmentarisch ingrijpen in een belangrijke maatschappelijke functie. Denk aan de huurwetten en de woningmarkt. Dan krijg je schade.

Voorzitter. De overheid is maar druk met haar positie in het veranderende medialandschap. De publieke omroep wordt hervormd tot vier grote omroephuizen en twee taakomroepen. Deze krijgen een vaste plek in het omroepbestel, onder de bestuurlijke regie van de NPO. Het traditionele ledensysteem van die omroepverenigingen verdwijnt. De omroephuizen zorgen er straks samen voor dat nieuwe, verschillende geluiden uit de samenleving een plek krijgen in hun programma's. Een vraag aan de minister: wanneer ook de lokale omroepen met dit wetsvoorstel, als het aangenomen wordt, strikter in het nieuwe omroepbestel worden vastgezet, wie bepaalt dan welke groepen in de lokale samenleving gehoord gaan worden?

Een andere beoogde wijziging is dat er miljoenen worden bezuinigd op de programmering en de organisatie van de NPO. Kan de minister aangeven welke bezuinigingen worden verwacht? Hoe is dit berekend? Graag een bron. Welk deel van deze bezuinigingen zal dan als aanvullende rijksbudget via de Mediabegroting naar de lokale omroepen gaan? Wat is dan de verdeelsleutel voor de financiering van lokale media bij het ontbreken van objectieve indicatoren, zoals ledenaantallen? Schept de aanvullende financiering door het Rijk nieuwe inhoudelijke verplichtingen ten aanzien van de programmering?

De aanstelling van het bestuur en het toezicht van deze mediahuizen zijn natuurlijk cruciaal voor objectieve en transparante uitzendingen. Ik weet dat dit over het landelijke gebeuren gaat, maar toch. Wie bepaalt wie er in het bestuur en het toezicht van dit soort omroephuizen worden benoemd? Hoe kan de minister garanderen dat er bijvoorbeeld ook mensen die het PVV-, BBB- of het FVD-gedachtegoed aanhangen op dergelijke invloedrijke posities terecht kunnen komen, uiteraard bij gebleken gelijke geschiktheid? Dit is een serieuze vraag, waar ik ook graag een serieus antwoord op zou willen hebben, want dergelijke bestuurders vertegenwoordigen namelijk een paar miljoen Nederlandse kiezers, die ook hun gedachtegoed in de media, landelijk, lokaal en regionaal, willen herkennen. Erkent de minister — dat is mijn volgende vraag — dat er nauwelijks sprake is van een representatieve afspiegeling van onze samenleving wat dat betreft in onze publieke media? Graag een onderbouwd antwoord.

Voorzitter. De kern van deze voorgestelde wetswijziging van de Mediawet is schaalvergroting, centrale overheidssturing en controle op bedrijfsvoering en financiering via concessiegoedkeuring. Laten we deze maar eens een voor een aflopen. Punt één, schaalvergroting. De gebieden waarvoor lokale publieke omroepen media-aanbod verzorgen, worden groter en door de gecreëerde koppeling met de omroepzendgebieden verdwijnt maar liefst 64% van de nu zelfstandig gevestigde publieke lokale omroepen. Wie bedacht deze koppeling? Wat is het causaal verband met radio- en tv-uitzendingen? In vrijwel alle maatschappelijke domeinen waar schaalvergroting werd nagestreefd en uitgevoerd, waren de gevolgen namelijk negatief. Waar efficiency werd beloofd, was kostenstijging door bureaucratie, controle en toezicht het gevolg. Waar betere dienstverlening werd beloofd, nam deze eerder af en de afstand tot de samenleving verder toe. Waar kleine, slagvaardige organisaties vrij en onafhankelijk konden opereren, werden zij vervangen door logge, bureaucratische organisaties die zich in hun baantjescarrousel verenigden met politiek-bestuurlijke elite en werden zij gedwee een uitvoeringsmacht van progressieve ideologieën. Dit zagen we in het onderwijs, in de zorg, bij woningcorporaties en bij gemeentelijke herindelingen.

We kunnen de bewijsvoering bij deze mislukte schaalvergrotingen allemaal lezen in het boek Microfobie, een absolute aanrader als u wilt weten waarom het goed functionerende streekziekenhuis in uw streek moest verdwijnen en waarom u in vrijwel alle kranten en talkshows hetzelfde nieuws ziet, gepropagandeerd door dezelfde experts, en waarom uw zorgvraag uiteindelijk wordt beantwoord door een kwijlerige chatbot die u aan het eind verwijst naar de website van uw gefuseerde verzekeraar. Vergelijkbare globalisering leidde tot volstrekt identieke winkelstraten in iedere stad in Nederland.

Ik heb een vraag aan de minister over die schaalvergroting: waarom is dat in de lokale media nu zo wenselijk? Welke kwalitatieve voordelen levert dit op? Zijn hier onderzoeken naar gedaan en waarom zou het bij het samenvoegen van lokale media in grotere organisaties nu wel goed gaan, waar vele voorbeelden in andere domeinen, die ik net noemde, het tegendeel doen verwachten?

Voorzitter. Punt twee, centrale overheidssturing. De geschiedenis kent vele lelijke voorbeelden van centralisatie van media en overheidsinvloeden door publieke financiering, niet alleen in dictatoriale regimes. Die bedoel ik niet. Het gebeurde bijvoorbeeld ook in het Italië van Berlusconi, die als staatsman ook de media controleerde. Overheidsmacht, controle op inhoud en afhankelijkheid van belastinggeld zijn niet de beste garanties voor onafhankelijk nieuws en berichtgeving die kritisch is op de overheid. Voormalig NOS-directeur Bauke Geersing, die maar liefst zestien jaar voor de NOS werkte, betichtte de omroep jarenlang en onderbouwd van eenzijdige berichtgeving en gebrek aan objectiviteit.

Nu is het met de pluriformiteit van het Nederlands mediabestel ook al armoedig gesteld. Het overgrote deel van de Nederlandse mainstreammedia is in handen van slechts twee grote Belgische mediabedrijven, die ruim 94% van de Nederlandse dagbladmarkt en een aanzienlijk deel van de radio-, televisie- en online nieuwsmedia bezitten. Dit betreft natuurlijk de commerciële titels en dit wetsvoorstel ziet op lokale publieke omroepen, maar de vraag is of er überhaupt nog behoefte is aan publieke omroepen, op welk niveau dan ook. We zien namelijk dat de hoeveelheid kijkcijferminuten en de kijkcijfers de afgelopen tien jaar bijna gehalveerd zijn en dat de traditionele kijkers- of luisteraarsgroep van publieke omroepen bovendien sterk vergrijsd is.

De publieke omroep lijkt een fenomeen uit een vergane tijd en is stervende. Jongeren kijken al lang geen trage lineaire tv meer, laat staan dat ze nog naar radio luisteren. De illusie dat de overheid met dit wetsvoorstel betrouwbare en onafhankelijke informatievoorziening professionaliseert, stabiliseert en op lokaal niveau veiligstelt, is een sneue misvatting die typeert hoe oldschool bewindvoerders de toekomst uit hun zicht zien verdwijnen, kwebbelend en oordelend achter bestuurstafels, proberend om nieuwe ontwikkelingen en inhoud in hun verroeste mal te persen. Het construct dat de wetgever met deze Mediawet voor de lokale omroepen denkt op te zetten, is vergelijkbaar met een reorganisatievoorstel voor de vereniging die de Elfstedentocht organiseert.

In dit kader heb ik breaking news: het wemelt al van de nieuwe media-initiatieven die echt onafhankelijk zijn, die met hun cameraman door het land trekken en daar verslag doen waar media horen te zijn, die zelf interviewen, editen, becommentariëren en uitzenden op internetplatforms als YouTube, zonder raad van toezicht geleid door oud-politici, zonder aan het financiële overheidsinfuus te liggen, zonder een concessiebeleidsplan dat door het door het Commissariaat voor de Media moet worden goedgekeurd. Dit is een echt pluriform medialandschap. De meeste daarvan zijn verenigd in een vereniging voor onafhankelijke journalisten en respecteren daadwerkelijk de Code van Bordeaux.

Ten slotte punt drie, overheidsfinanciering. Dit wetsvoorstel voorziet in het onderbrengen van het budget voor lokale omroepen in de mediabegroting, waar dit nu door gemeenten uit het gemeentefonds wordt bekostigd. Het Rijk voegt aan het overgehevelde bedrag een aanvullende structurele investering toe. Maar: wiens brood men eet, wiens woord men spreekt. Met verdere centralisatie en schaalvergroting, rijksfinanciering van lokale omroepen en toezicht op concessieplannen door rijksinspecteurs neemt de pluriformiteit verder af, de controle door en afhankelijkheid van de overheid verder toe en verdwijnt juist meer en meer van de onafhankelijkheid van de lokale media, die juist als countervailing power van de macht en als kritische beschouwer in onze samenleving zouden moeten kunnen fungeren

Top-down zullen alle overheidsnarratieven hun weg vinden, van ideologieën via internationale instituties via Europa naar nationale rijksprogramma's en uiteindelijk in de lokale berichtgeving. ValleiRadio en Midland FM, twee lokale zenders bij mij in de regio, zullen over klimaatangst, inclusiviteit, oorlogsdreiging, femicide, omvallende natuur, houtstookverboden enzovoort gaan uitzenden, want dat is wat de overheid wil dat er uitgezonden wordt. De afstand tot Den Haag bood nog enigszins hoop op onafhankelijkheid. Omroepen als ZO!34 in de regio Emmen, omroep Tholen in Zeeland en RTV Parkstad in Limburg zullen gelijksoortige programmering krijgen, aangevuld met lokale branden of misdrijven. Geen meerkleurigheid en zelfstandigheid meer, maar eenheidsworst met eenzelfde overheidsboodschap verkondigd door grijze, regionale afdelingen van rijksvoorlichting. Een zieltogende kleine mediasector helpen met extra overheidsgeld is het verkopen van zelfstandigheid in ruil voor het inleveren van autonomie. Naar de mening van Forum voor Democratie getuigt dit van beheersingsdrang van het wenselijk narratief en niet van oprechte zorg om onafhankelijke, pluriforme lokale media. Als de zorg om het voortbestaan van de lokale publieke omroepen oprecht is, zou eenvoudigweg een gerichte extra overheidsfinanciering volstaan, zonder een wetswijziging die machtsoverdracht en invloed als wisselgeld vraagt.

Een laatste vraag aan de minister. Waarom heeft de minister gekozen voor deze wetswijziging met deze strekking in plaats van enkel meer geld voor de lokale publieke omroepen?

Wij zien uit naar de beantwoording van onze vragen.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan mevrouw Karaaslan. Zij spreekt namens D66.