T03271

Toezegging In de periodieke rapportage aan de Kamer aandacht besteden aan de wijze waarop de burgers van Sint Eustatius worden geïnformeerd over de uitvoering van de Wet herstel voorzieningen Sint Eustatius en hoe de gang van zaken wordt ervaren (35.570 IV)



De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Dittrich (D66), toe in de periodieke rapportage aan de Kamer aandacht besteden aan de wijze waarop de burgers van Sint Eustatius worden geïnformeerd over de uitvoering van de Wet herstel voorzieningen Sint Eustatius en hoe de gang van zaken door hen wordt ervaren.


Kerngegevens

Nummer T03271
Status voldaan
Datum toezegging 6 april 2021
Deadline 1 juni 2021
Verantwoordelijke(n) Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Kamerleden Mr. B.O. Dittrich (D66)
Commissie commissie voor Koninkrijksrelaties (KOREL)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie brief/nota
Onderwerpen bestuurlijke ingreep
rapportage
Sint Eustatius
Kamerstukken Begrotingsstaten Koninkrijksrelaties en het BES-fonds 2021 (35.570 IV)


Opmerking

Zie ook
- Dossier 34877
- Dossier 35422

Uit de stukken

Handelingen I 2020-2021, nr.33, item 7, p.38-39

De heer Dittrich (D66):

Ik wil graag even doorgaan op de vraag van de heer Rosenmöller. Ik stel niet de ingreep ter discussie — want dat was logisch; dat moest gebeuren — maar de manier waarop gehandeld is op Sint-Eustatius. Hoe hebben de regeringscommissaris en de anderen die Nederland heeft aangesteld, de bevolking geprobeerd mee te krijgen? Je kan een foto maken van hoe het was en hoe het nu is, en zeggen: kijk, er zijn verbeteringen. Vervolgens gaan mensen weg. Van Rij gaat weg. Wat is er dan ingedaald bij de bevolking op grond waarvan zij zeggen: hé, we zouden het anders moeten aanpakken? Wat is de benaderingswijze geweest van de bevolking?

Knops:

Er is in ieder geval door het bestuur, dus in dit geval de regeringscommissaris en de plaatsvervangend regeringscommissaris, in de afgelopen periode heel veel aan gedaan, door middel van townhallmeetings en via de radio, om te vertellen wat de intenties zijn en wat er gebeurd is. Radio is daar natuurlijk heel belangrijk. Er zijn geen kranten. Het is vooral Facebook en radiostations. De politiek is daar ook zeer actief met allerlei eigen radiostations. Elke avond zijn er wel programma's te beluisteren. Ik krijg soms de transcripten van die programma's. Daar staan heel veel dingen in, ook over vaccinatie bijvoorbeeld, die gewoon niet kloppen. Wat doe je daartegen? Hoe probeer je op het niveau te komen van feiten en fictie? Dat is heel ingewikkeld. Mensen mogen uiteindelijk vrij kiezen, ze mogen een vrije mening hebben over hoe zij vinden dat het gegaan is. En wellicht dat ook emoties een rol spelen, iets waar we het eerder over hadden in de richting van Sint-Maarten ten opzichte van Nederland. Die zijn er al van oudsher.

Ik weet het niet. Ik vind het ingewikkeld om daar hier en nu de analyse op los te laten. Wat ik wel in de richting van de heer Dittrich kan zeggen, is dat we hier heel in het bijzonder eens wat nader op zullen inzoomen. Ik denk dat dat ook goed is voor het debat dat eventueel nog komt bij de rapportage van mei. Ik ben graag bereid om daar met uw Kamer over te debatteren en ondertussen natuurlijk de regeringscommissaris te vragen om ook een nadere duiding daarvan te geven. Het gaat daarbij om de vraag wat dat dan precies is en vooral hoe we kunnen voorkomen dat er een soort beeld ontstaat dat het nu slechter is dan het was. Dat is dus echt niet zo. Je kunt feitelijk gewoon heel goed aantonen wat er de afgelopen jaren gebeurd is.

Maar ik ben ook niet helemaal doof voor de retoriek die ik af en toe hoor. Dat is toch met mensen gesprek gaan. Dat doe ik ook. Ik heb de laatste keer dat ik daar was, gesproken met alle leden van de eilandsraad. Ik heb uiteraard gesproken met de regeringscommissaris. Ik heb ook gesproken met mensen die daar gewoon werken, dus niet alleen met gewone burgers maar ook met mensen die bij bedrijven en organisaties werken. Die spreek ik altijd. Daar hoor je ook wel andere geluiden. Het is dus echt niet zo dat het geluid dat je in de eilandsraad hoort altijd het geluid is wat onder de bevolking leeft.

De heer Dittrich (D66):

Ik zou u graag willen meegeven dat er op het eiland wordt gezegd: waarom is er nooit een soort townhallmeeting georganiseerd? Het gaat dan over een meeting waarbij heel veel bewoners bij elkaar konden komen, waarbij uitleg werd gegeven over de plannen en waarbij werd gevraagd: wat vinden jullie daarvan?

Knops:

Die zijn wel georganiseerd.

De heer Dittrich (D66):

Nou, er wordt op het eiland gezegd dat dat in hele beperkte mate en in kleine kring is gebeurd, maar juist niet voor degenen die normaal gesproken al moeilijk te bereiken zijn. Het zou dus een mogelijkheid zijn om in de toekomst te kijken hoe je je rechtstreeks tot de bevolking kan wenden om te voorkomen dat er allerlei onwaarheden of onfeitelijkheden de ronde doen.

Knops:

Dat is volgens mij een terecht punt. Ik stel voor dat ik daar in die rapportage in mei op terugkom. Ondertussen proberen we dieper te gaan en kijken we waar het 'm in zit. Maar voor zover ik geïnformeerd ben, zijn er wel degelijk townhallmeetings geweest. Dat is het voordeel van een kleine schaal. Ik heb ze zelf ook een aantal keer gedaan. Niet iedereen kon daarbij zijn, maar het wordt dan uitgezonden, dus je kunt best veel mensen heel direct bereiken. Wij zijn volstrekt transparant over wat we doen. We hebben helemaal niets te verbergen. Sterker nog, het zou heel raar zijn als we daar niet transparant over zouden zijn. Alles wat we doen en wat we aan input en output hebben, kan gedeeld worden. Het is overigens ook heel zichtbaar. Ik zal dat element — hoe wordt het daar beleeft, hoe wordt het gepercipieerd? — uitvoerig mee willen nemen in de volgende rapportage. Dat zou ik graag willen toezeggen.

Handelingen I 2020-2021, nr.33, item 7, p.52

Knops:

Ik heb al aangegeven dat ik goed wil kijken naar wat is gezegd over Sint-Eustatius. Ik moet even iets corrigeren. Ik zei dat er townhallmeetings zijn geweest. Ik was ervan overtuigd dat die waren geweest. Ze zijn er ook geweest, maar in tijden van covid was het natuurlijk lastiger. Er zijn wel facebooksessies geweest, maar ik denk dat dat best nog wel wat intensiever zou kunnen, zeker met de ervaring die we nu hebben. Ik had al eerder toegezegd dat ik daarop terug zal komen.


Brondocumenten


Historie