Naar hoofdinhoud Naar hoofdnavigatiemenu
T01278

Toezegging Onderzoek epd-traject door onafhankelijke commissie (31.466)



De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag het lid Slagter-Roukema, toe dat er onderzoek gedaan zal worden naar het epd-traject door een onafhankelijke commissie. Het onderzoeksverzoek zal aan de Kamer gepresenteerd worden.


Kerngegevens

Nummer T01278
Status voldaan
Datum toezegging 10 mei 2011
Deadline 1 januari 2012
Verantwoordelijke(n) Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Kamerleden drs. T.M. Slagter-Roukema (SP)
Commissie commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)
Soort activiteit Mondeling overleg
Categorie overig
Onderwerpen elektronische patiëntendossiers
epd-traject
onafhankelijke commissie
onderzoek
Kamerstukken Elektronisch patiëntendossier (31.466)


Uit de stukken

EK 31.466 AB, verslag mondeling overleg, blz. 6-7

De voorzitter: "Het woord "analyse" triggert mij ook. Hoort bij de analyse ook een analyse van hoe het heeft kunnen lopen zoals het gelopen is?"

Minister Schippers:

"Ik ben zelf in verschillende rollen betrokken geweest bij het hele epd. Ik ben zelf natuurlijk ook nieuwsgierig naar de momenten waarop zaken een bepaalde draai hebben genomen. Wat waren de cruciale momenten daarin? Ik zal een onafhankelijke commissie instellen die voor mij bekijkt hoe het hele traject van begin tot eind is gelopen. Wie heeft welke rol gespeeld? Wat was de rol van het veld? Wat was de rol van de Eerste en Tweede Kamer? Ik kom daar binnenkort mee. Ik zal die commissie een onderzoeksverzoek meegeven dat ik natuurlijk ook naar de Kamers stuur."

EK 31.466 AB, verslag mondeling overleg, blz. 8

Minister Schippers: " Ik zal de Eerste Kamer ook doen toekomen wat ik de commissie ga vragen. Dat lijkt mij handig, want dan kunnen we voordat er van start wordt gegaan, nog even in de Tweede Kamer en de Eerste Kamer nagaan of alle vragen erin staan om te voorkomen dat de verwachtingen van wat we aan de commissie vragen achteraf verschillend blijken te zijn. Ik wil in de goede volgorde handelen en die is volgens mij dat wij vragen of stellingen voor de opdracht formuleren en die naar de Tweede Kamer en de Eerste Kamer sturen, zodat het goed van start kan gaan. Ik wil namelijk niet dat er discussie over de opdracht ontstaat. Ik zou het zonde vinden als iemand daarmee aan het werk ging. We moeten er dus gewoon pragmatisch naar kijken. De Eerste en Tweede Kamer moeten de mogelijkheid hebben om bepaalde elementen van tevoren aan de opdracht toe te voegen. Zolang het een samenhangend geheel is, ga ik er open naar kijken hoe we het goed kunnen doen, zodat we een goede opdracht gaan geven."


Brondocumenten


Historie