Naar hoofdinhoud Naar hoofdnavigatiemenu

Muizen baren geen olifanten



19 mei 2000

Zalm en Vermeend presenteerden vorig jaar het belastingplan als het 'Fiscaal stelsel van de 21ste eeuw'. Inmiddels is er een oefening in bescheidenheid gedaan en wordt gesproken over 'Belastingherziening 2001'. Het belastingplan is nu ook door de Eerste Kamer aanvaard. Met de stemmen van GroenLinks, SP en SGP tegen. Is de rest van deze eeuw nu fiscaal shockproof? Of zal het aanvankelijk zo verreikende belastingplan, zoals dat in zijn huidige vorm is aanvaard, snel zijn uiterste houdbaarheidsdatum bereiken? De volgende ontwikkelingen wijzen in die richting.

De belastingherziening was nog niet door de Tweede Kamer heen of de toenmalige staatssecretaris Vermeend zat al weer achter zijn laptop om met zijn muis aan het volgende plan te werken. Maar muizen baren geen olifanten: de werktitel luidt 'Jaws II'. De kersverse staatssecretaris Wouter Bos mag daar nu de tanden op stuk bijten. Relevante maatschappelijke en politieke ontwikkelingen, zoals de vergrijzing, harmonisering van belastingen in de Europese Unie en de groeiende internet-economie zijn aanleiding voor de regering om een discussienota in het vooruitzicht te stellen over de gevolgen hiervan voor het belastingplan. Deze ontwikkelingen zijn weliswaar actueel, maar toch niet nieuw? Blijkbaar is hier in het huidige plan onvoldoende mee rekening gehouden. Zo geeft het geen rekenschap van het feit dat juist onder ouderen grote inkomensverschillen bestaan en er veel voor te zeggen valt om bij AOW'ers die daarnaast over een riant pensioen beschikken ook AOW-premie te heffen.

Het belastingplan impliceert een verschuiving van directe (inkomsten-) naar indirecte (BTW) belastingen. De BTW is echter aanmerkelijk fraudegevoeliger, zodat deze verschuiving het risico met zich mee draagt dat opbrengsten niet onderling uitwisselbaar zijn. Bovendien voltrekken steeds meer transacties zich via internet. Het heffen van BTW hierop is, zeker waar het om virtuele goederen gaat zoals software of betaalde adviezen, een heidense klus die internationaal aangepakt moet worden.

Veel discussie is gewijd aan de forfaitaire vermogensrendementsheffing, die de huidige vermogensbelasting en inkomstenbelasting op rente en dividend vervangt. Vanaf 2001 wordt het rendement op vermogen geschat op 4%, waarover vervolgens 30% belasting wordt geheven. In een aantal andere Europese landen (Denemarken, Finland, Noorwegen, Zweden, Ierland, Groot-Brittannië, Frankrijk, Luxemburg, Portugal en Spanje; maar ook de VS) is deze belasting een onbekend fenomeen. Wel bestaat in deze landen een belasting op de werkelijke vermogenswinsten, wat ook de voorkeur van GroenLinks heeft. In het streven naar harmonisatie van belastingwetgeving lijkt het een welhaast onmogelijke zaak om alle andere EU-landen ervan te overtuigen dat het rechtvaardig is om belasting te heffen over een denkbeeldig rendement dat de behoudende belegger niet haalt en een brutale belegger verre overtreft. Deze heffing, die vanaf 2001 alleen in Nederland bestaat, is een struikelblok in de o zo nodige 'socialisering' van de onderlinge belastingconcurrentie binnen de Europese Unie.

Met de monarchie behoorde de hypotheekrenteaftrek tot een politiek heilig huisje waar je maar beter niet over kon beginnen. Dat kost alleen maar stemmen. Zo luidde het credo van de angsthazen in de politiek. Maar het kan snel gaan. De discussie over de positie van de Koningin lijkt niet te stuiten en ook van de hypotheekrenteaftrek is de politieke onschuld er af gestroopt.

Echter nog niet in het belastingplan. De PvdA, toch sterk in dit kabinet vertegenwoordigd, leek wel soms te willen, maar niet te durven. Dat mocht niet van Kok. Maar blijkbaar heeft de premier, net als in de monarchiediscussie, nog eens in het mandje met de afgeschudde ideologische veren gekeken en zich bedacht dat voor linkse kiezers een kale, naakte kip toch wel heel onaantrekkelijk is. Dus heeft het kabinet een nota toegezegd over de fiscale behandeling van de eigen woning. Zet staatssecretaris Bos zich in om eerder ingenomen standpunten -toen nog als PvdA-kamerlid- te effectueren, zoals beperking van de hypotheekrenteaftrek tot 70% of het beschouwen van de eigen woning als vermogen? De aangekondigde nota is een eerste resultaat van een breed gevoerde discussie over dit belastingvoordeel, waar mensen met een hoog inkomen een groot voordeel van hebben. Het is met name dat laatste wat GroenLinks anders wil. En ook de hypotheekrenteaftrek zoals Nederland die kent is een vreemde eend in de Europese bijt.

Een verdienste van het belastingplan is dat het -wellicht ongewild- de discussie over een rechtvaardige belastingheffing een nieuwe impuls heeft gegeven. Er is veel voor te zeggen om die discussie morgen te beginnen.

Deze column is op persoonlijke titel geschreven