Eerste Kamer vraagt regering alternatieven te onderzoeken voor Hedwigepolder



15 juni 2010

Een meerderheid van de Eerste Kamer wil dat de natuurherstelmaatregelen in het Westerscheldegebied nog eens zorgvuldig worden afgewogen tegen mogelijke alternatieven. Dit werd dinsdag 15 juni duidelijk tijdens een plenair debat over de Westerscheldeverdragen (30.862, 30.863, 30.864, 30.866en 30.867). Deze verdragen, gesloten tussen Nederland en het Vlaams Gewest, voorzien in de verdieping van de vaarroute voor de scheepvaart en compensatie van de ecologische gevolgen hiervan door aanleg van nieuwe natuurgebieden. Een van de alternatieven die volgens een Kamermeerderheid zorgvuldig moet worden overwogen, is de aanleg van een buitendijks natuurgebied, waarbij de Hedwigepolder zijn huidige functie van landbouwgebied zou kunnen behouden. Dinsdag 22 juni stemt de Eerste Kamer over twee moties die er op zijn gericht deze polder te ontzien.

Crisis en herstelwet

In een motie, ingediend door PvdA-lid Meindertsma en gesteund door de fracties van CDA, ChristenUnie, D66, SGP en Partij van de Dieren (samen met 44 zetels vertegenwoordigd in de Eerste Kamer), vraagt de senaat de regering om eerder ingediende zienswijzen van belanghebbenden alsnog zorgvuldig te overwegen en af te zien van een snelle realisatie van de landschappelijke ingrepen. Minister Verburg van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) die de diverse wetsvoorstellen voor de ontwikkeling van het Schelde-estuarium in de senaat verdedigde, houdt echter vast aan een voortvarende aanpak zoals mogelijk is met een beroep op de Crisis- en Herstelwet. In een andere motie, ingediend door SP-Kamerlid Slager, wordt de regering zonder omwegen gevraagd om af te zien van ontpoldering van de Hedwigepolder, en te kiezen voor één van de buitendijkse alternatieven die door een regionaal waterschap zijn aangedragen. De SP-motie wordt gesteund door de VVD-fractie en de Onafhankelijke Senaatsfractie (OSF), die samen over 26 zetels beschikken.

De dreigende ontpoldering van het landbouwgebied de Hedwigepolder stuit al jaren op groot verzet in de provincie Zeeland, wat ook tot uitdrukking kwam in de aanwezigheid van een grote delegatie van Zeeuwse burgers en andere belanghebbenden tijdens het debat. De woordvoerders Slager van de SP en Schaap van de VVD toonden zich in het debat met minister Verburg het meest uitgesproken in de kritiek op de voorgestelde plannen van het inmiddels demissionaire kabinet in het Westerscheldegebied. Ook de fracties van SGP, D66 en ChristenUnie verwoordden teleurstelling over de keuzes die het kabinet heeft gemaakt bij het scheppen van compenserende natuurwaarden in het Westerschelde-estuarium.

Natura 2000

De afweging tussen de ecologische waarden, het landbouwbelang en de ontwikkelingsbehoefte van de Antwerpse haven was op 1 juli 2008 reeds onderwerp van diepgaand debat in de Eerste Kamer, waar eveneens minister Verburg de voorgestelde ingrepen in het landschap verdedigde. Een meerderheid van de Eerste Kamer stemde toen onder voorwaarden in met de Westerschelde-verdragen. De fracties van VVD, SP, SGP, OSF en Partij voor de Dieren stemden toen tegen de verdragen tussen Nederland en Vlaanderen. Die voorzien enerzijds in verdieping van de Westerschelde tot 16 meter ten behoeve van zeeschepen die de haven van Antwerpen aandoen en verplichten anderzijds tot het scheppen van vervangende natuurgebieden volgens de Europese regels van Natura 2000.

Hoewel de Eerste Kamer zich destijds al verzette tegen het prijsgeven van de Hedwigepolder aan de getijdenbeweging, ging de Kamer uiteindelijk akkoord met de Westerschelde-verdragen na een drievoudige belofte van minister Verburg. Deze hield in dat de adviescommissie Nijpels carte blanche kreeg bij het zoeken naar alternatieven voor ontpoldering, ook buiten het Westerschelde-gebied. Tevens stelde de minister na een telefoongesprek met de Vlaamse minister-president Peeters dat verdragspartner Vlaanderen ‘serieus en welwillend’ naar mogelijke alternatieven kijkt. Verder verklaarde de minister destijds dat zij zich maximaal zou inzetten voor het vinden van alternatieven voor het ontpolderen van de Hedwigepolder. De fractie van D66 leidde hier destijds uit af dat de kans op ontpoldering zeer gering zou zijn.

Beschaamd

PvdA-senator Meindertsma verklaarde in het nieuwe debat over het besluit om toch te ontpolderen, dat ‘het vertrouwen dat wij hadden door de regering is beschaamd’. Namens de fracties van SGP en ChristenUnie zei senator Van den Berg dat ‘de Eerste Kamer om de tuin is geleid en de minister wat heeft uit te leggen’. VVD-woordvoerder Schaap drong er namens de VVD-fractie op aan dat de minister blijft zoeken naar alternatieven, ook nu de Westerscheldeverdragen in werking zijn getreden. SP-senator Slager wees in een motie op twee alternatieven voor ontpoldering: het voor getijdenwerking open stellen van het Haringvliet en het ophogen tot schorren van de bestaande slikken in de Westerschelde zelf. Dit laatste alternatief is aangedragen door de Zeeuwse waterschappen. Ook senator Ten Hoeve van de Onafhankelijke Senaatsfractie is voor nader onderzoek naar alternatieven, al wees hij er wel op dat Nederland door de verdragen over de Westerschelde te ratificeren in principe vastzit aan het besluit de Hedwigepolder onder water te zetten ten behoeve van natuurherstel.

Het Rijksinpassingsplan Hedwigepolder is inmiddels gereed en klaar voor uitvoering. De motie-Meindertsma die wordt ondersteund door een Kamermeerderheid verlangt van de regering dat zij bij de behandeling van zienswijzen op dit inpassingsplan alsnog de mogelijkheid open laat dat van ontpoldering wordt afgezien. De PvdA-woordvoerder vindt deze benadering via de uitvoering van de Wet Ruimtelijke Ordening kansrijker dan de motie Slager c.s. waarin zonder meer wordt gevraagd aan de regering om af te zien van ontpoldering. Minister Verburg wijst beide moties echter af. De minister bestrijdt de suggestie in de motie Meindertsma dat het overstromingsgevaar onvoldoende aandacht heeft gekregen en dat het buitendijks alternatief van het waterschap onvoldoende beargumenteerd afgewezen is. Minister Verburg stelt dat de regering alle alternatieven voor ontpoldering heeft onderzocht. Nu dit niet is gelukt is het volgens haar tijd om knopen door te hakken.

Veiligheid

Alle sprekers in de Eerste Kamer wezen op het gevaar van verdere verdieping van de Westerschelde. Daardoor zou de veiligheid in gevaar kunnen komen. In dit verband werd gewezen op zowel de waterveiligheid als op rampen die kunnen ontstaan door steeds grotere schepen met gevaarlijke lading, die dicht langs bebouwde zones varen.

Met nadruk stelde woordvoerder Schaap dat de VVD-fractie in de Eerste Kamer bezwaar heeft tegen eventuele nog verdere verdieping van de Westerschelde. ‘Het is nu al de vraag of het Westerschelde-stroomgebied voldoende veilig is tegen overstroming.’ De noodzaak van een afsluitbaarheid door een beweegbare kering is zeker niet denkbeelding, oordeelde Schaap. Volgens hem zal de huidige en eventuele toekomstige verdiepingen de veiligheidssituatie verslechteren. De VVD is voorstander van een alternatief voor het aanmeren van zeeschepen met steeds meer diepgang. Dit kan volgens senator Schaap door samenwerking tussen de havens van Antwerpen, Zeebrugge, Vlissingen en Rotterdam.

Sociale media menu


Deel dit item: