Debat samengevat: hernieuwbare energie in de vervoerssector



De Eerste Kamer debatteerde dinsdag 24 maart met staatssecretaris Bertram van Infrastructuur en Waterstaat over onderdelen van een Europese richtlijn voor hernieuwbare energie (RED III) die gaan over de vervoerssector. Het gaat over een omzetting van de richtlijn naar Nederlandse wetgeving. De Kamer stemt dinsdag 31 maart over het wetsvoorstel en de ingediende moties.

Met het voorstel worden onder andere de in de richtlijn opgenomen streefcijfers verhoogd voor het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen. Hiermee moet er een versnelde vermindering komen van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. De wijzigingsrichtlijn hernieuwbare energie (RED III) maakt deel uit van een pakket van maatregelen om de Europese Unie uiterlijk in 2050 klimaatneutraal te maken.


Impressie van het debat

BBB-senator Van Langen-Visbeek sprak ook voor de Fractie-Walenkamp. Ze pleitte voor het bewaken van de balans tussen klimaat en brede welvaart. Volgens haar zet Nederland extra stappen die verder gaan dan wat gevraagd wordt in de Europese richtlijn. Van Langen maakte zich zorgen dat het voorstel voor een grotere regeldruk zou zorgen voor ondernemers.

Voor SGP-senator De Vries was het belangrijk dat de sector zelf aangeeft dat ze klaar is voor de inwerkingtreding van de wet. Wel wilde hij weten hoe het precies zit met de per vervoerssector toegewezen energiemix. Hij vroeg in hoeverre die mix is afgestemd met de betreffende sector en of de mix aansluit bij de energie die de betreffende sector eerder al gebruikte.

PVV-senator Van Kesteren zei dat de impact voor Nederland juist groter kan zijn vanwege de omvangrijke transport- en logistieke sector en belangrijk olie- en raffinage-industrie. Hij vroeg of de staatssecretaris kon zeggen welk effect dit wetsvoorstel concreet heeft voor de brandstofprijzen, bovenop de nu al hoge brandstofprijzen. Van Kesteren pleitte voor een minimale uitvoering van de wet, en niet meer doen dan wordt gevraagd.

Senator Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers) vroeg de staatssecretaris hoe dierlijk vetten en dierlijke mest 'hernieuwbaar' kunnen worden genoemd. Dierlijke producten zijn alleen 'hernieuwbaar' als de dieren als bulkproducten worden gezien, niet als individu. Deze producten duurzaam noemen, gaat een stap te ver, aldus Visseren-Hamakers.

FVD-senator Kemperman sprak mede namens de Fractie-Beukering. Net als andere fracties wees hij erop dat mkb-ondernemers gebukt gaan onder regels. Bovendien is er al in het eerste jaar na de inwerkingtreding dreiging met boetes als niet wordt voldaan aan nieuwe regels. Volgens Kemperman zijn de doelen van de richtlijn onzeker en de economische effecten niet doorgerekend.

Staatssecretaris Bertram van Infrastructuur en Waterstaat antwoordde de Kamer dat Nederland en Europa met deze richtlijn schoner en gezonder worden, en onafhankelijker van fossiele energie. Het wetsvoorstel gaat over een tussenfase, want elektrificatie is het meest schoon en meest gezond. Deze tussenstap is nodig en daar komen de biobrandstoffen om de hoek kijken, aldus Bertram.


Moties

Er zijn twee moties ingediend:

  • De motie-Kemperman over uitstel sancties en bescherming van het midden- en kleinbedrijf.
  • De motie-Kemperman over een onafhankelijke kosten-batenanalyse en risicobeoordeling.

De staatssecretaris heeft beide moties ontraden.