Plenair Aardema bij behandeling Verwijdering asbest en asbesthoudende producten



Verslag van de vergadering van 28 mei 2019 (2018/2019 nr. 32)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 9.35 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Aardema i (PVV):

Dank u wel, voorzitter. Het is altijd prettig om te mogen vaststellen dat er heel veel mensen in de zaal zitten. We hebben het vandaag over een wijziging van de Wet milieubeheer, wat uiteindelijk leidt tot een verbod op het voorhanden hebben van asbest op 31 december 2024. Dat houdt concreet in dat alle aan de buitenlucht blootgestelde daken in Nederland op die datum asbestvrij moeten zijn. Dus moet voor die datum in het hele land het asbest van die taken verwijderd zijn en ook nog op de juiste wijze.

Voorzitter. Dat is voorwaar geen simpele opgave. Er moet in de komende vijfenhalf jaar nog 80 miljoen m² asbest op woningen, bedrijven, boerderijen en schuurtjes worden vervangen. En wat te denken van kerken en andere monumentale gebouwen waar mogelijk asbestleien op liggen? Dat brengt voor die burgers en bedrijven een enorme kostenpost met zich mee. Onze fractie heeft in aanloop naar deze plenaire behandeling veel berichten ontvangen van betrokkenen die slapeloze nachten hebben van de financiële zorgen die deze maatregel met zich meebrengt. Onder het juk van jaarlijks stijgende kosten zoals een hogere WOZ, energieheffingen, btw-verhogingen en ga zo maar door krijgen velen dit ook nog eens voor de kiezen. Als het om een klein schuurtje gaat, dan is het nog te overzien, maar een heel groot dak op een stal, een boerderij, een kerk of een ander monument kost tienduizenden euro's om te vervangen.

Zo heeft LTO bij de hoorzitting aan de Eerste Kamerleden laten weten dat een derde van de boeren heeft aangegeven niet aan deze wet te kunnen voldoen, omdat het hen eenvoudig aan middelen ontbreekt. Een revolverend fonds brengt hier weinig verandering in, omdat dit ook moet worden terugbetaald. Deze lening komt dan bovenop het toch al hoge kostenniveau dat boeren hebben.

Dit over de kosten wilde ik eerst even kwijt. Dan de overwegingen die onze fractie maakt. Wij zien ook dat het gaat om de volksgezondheid. Iedereen weet dat asbest gevaarlijk is. Ik heb vroeger geleerd dat het, zolang het gewoon ligt en je er niet in gaat boren en zagen, niet zo veel kwaad kan. Deskundigen zeggen nu echter dat er door verwering van asbestdaken ook gevaar is voor verspreiding van die verraderlijke vezels.

En wat te denken bij brand? Ook dan verspreiden de vezels zich in de grote omtrek en zijn moeilijk en slechts tegen zeer hoge kosten op te ruimen. Verzekeringsmaatschappijen sluiten deze kosten zelfs al uit in hun polissen en het is evident dat een asbestdak de waarde van je woning vermindert.

Het wegnemen van potentieel gevaar voor de volksgezondheid is natuurlijk ook voor onze fractie een groot goed en het is dus duidelijk dat het asbest van de daken moet.

De staatssecretaris stelt in haar nota van 16 mei dat er nu doorgepakt moet worden en dat daarom die datum voor haar een vast ijkpunt wordt. 31 december 2024 is asbestvrij. Ze wil daarmee duidelijkheid scheppen voor alle belanghebbenden: eigenaren, verzekeringsmaatschappijen, banken en lagere overheden. Dat klinkt doortastend, maar is het ook uitvoerbaar? Naast de eerder genoemde kosten is het maar de vraag of saneringsbedrijven dit op tijd kunnen bewerkstelligen. Het instellen van een Stimuleringsfonds Volkshuisvesting zal wellicht leiden tot een versnelling van de sanering. Het blijft echter een omzetting van subsidie naar een terug te betalen lening en daarmee blijft het een molensteen om de nek van vele betrokkenen. Het is ook bedoeld voor minder draagkrachtigen, maar daardoor wordt die molensteen juist alleen maar zwaarder.

Gelukkig heb ik ook gelezen dat er in de komende AMvB een differentiatie wordt toegepast. In gewoon Nederlands: je gaat de asbestsanering toepassen als eigenaren hun pand gaan renoveren of verbouwen. Wil de staatssecretaris dit belangrijke punt nog even nader toelichten? Wil zij dan met name toelichten hoe zij deze differentiatie gaat inkaderen en onderbouwen, om willekeur en onduidelijkheid te voorkomen? Kan zij dan meteen ingaan op de door haar aangehaalde efficiëntere werkmethoden die de saneringssnelheid verhogen?

Nu ik toch vragen aan het stellen ben, voorzitter, mag ik wellicht ook de volgende vraag stellen. Er is halverwege de komende saneringsperiode een evaluatiemoment ingesteld. Dat zal vooral een toetsing zijn of het proces nog op tempo ligt. Staatssecretaris, kunt u al aangeven wat de maatregelen zullen worden als blijkt dat het tempo niet gehaald wordt? U stelt in de nota dat het verbod op zich niet wordt geëvalueerd en dat de datum niet naar achteren wordt verschoven. Wat voor beleidsaanpassingen gaat u dan doorvoeren? Bij een individuele asbestsanering is het vaste procedure dat er een risico-inventarisatie wordt gemaakt. Ik kan mij voorstellen dat het bij het ene dak wel noodzakelijk is om meteen te saneren, maar bij het andere nog niet. Dat hangt met name van de mate van verwering af. Is het niet nu al een verstandige keuze om daar alvast beleid op te maken en dat mee te nemen in een AMvB, zodat je een vorm van prioritering krijgt?

Voorzitter. Dan nog een opmerking over de handhaving. Gemeenten en provincies moeten uitvoering geven aan deze wet. De VNG heeft echter al aangegeven dat bij veel gemeenten de capaciteit om te handhaven ontbreekt. Sommige daarvan zien eenvoudigweg het nut en de noodzaak niet, hierbij opgeteld dat veel gemeenten het nu al verschrikkelijk druk hebben met diverse zorgwetten en de komende Omgevingswet. Die zitten niet ook nog op de asbestdakensaneringswet te wachten. Het duurt nog vijfenhalf jaar, maar denkt de staatssecretaris dat er straks voldoende gehandhaafd kan worden? En hoe gebeurt dat dan? Gaat de overheid bestuurlijke boetes of zelfs lasten onder dwangsom opleggen bij mensen en bedrijven die wel willen saneren maar het niet kunnen betalen?

Om kort te gaan, onze fractie ziet wel de noodzaak van asbestsanering. Net als in het verkeer is ieder slachtoffer ons er één te veel. Maar er zitten nog een hoop losse eindjes aan dit wetsvoorstel, die hopelijk in dit debat door de staatssecretaris worden verhelderd. Met name het kostenaspect is voor onze fractie van doorslaggevend belang om de afweging te maken om straks voor of tegen te stemmen.

Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Aardema. Ik geef het woord aan mevrouw Klip.