Plenair Kox bij behandeling Opneming in de Grondwet van bepalingen inzake het correctief referendum



Verslag van de vergadering van 3 oktober 2023 (2023/2024 nr. 02)

Status: gerectificeerd

Aanvang: 9.06 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Kox i (SP):

Dank je wel, voorzitter. Dat is een mooie boel: als de sprekerslijst wordt omgezet, betekent dat dat ik mijn lijst met daarop al mijn mooie woorden over mensen die voor mij zouden spreken, ook helemaal moet omgooien. Maar wij leven in een flexibele Eerste Kamer. Ik ben blij om dat te horen. Mag ik daarom om te beginnen nu al, vooraf, al onze collega's die hier vandaag voor het eerst gaan spreken — mevrouw Lagas, mevrouw Roovers, mevrouw Van Bijsterveld, de heer Hartog en de heer Van den Oetelaar — van harte feliciteren met de maidenspeeches die zij nog gaan uitspreken? Het is fijn dat zij allemaal vanaf vandaag vol van de partij zullen zijn in onze plenaire debatten.

Mag ik ook onze collega's Marijnissen en Temmink van harte welkom heten? Zij treden hier vandaag op als verdedigers van dit wetsvoorstel vanuit de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel dat wij hier vandaag bespreken, heeft de steun gekregen van de Tweede Kamer en dient dus volgens goed gebruik hier verdedigd te worden. Lilian Marijnissen en Nicole Temmink hebben de uitnodiging aangenomen van de Tweede Kamer om dit voorstel hier namens de Tweede Kamer te verdedigen.

Voorzitter. Het voorstel dat we bespreken behelst een staatsrechtelijke vernieuwing waar sinds jaar en dag een grote meerderheid van onze bevolking voor is, maar waarvan het parlement — na meer dan honderd jaar parlementair en buitenparlementair ijveren — nog steeds niet voor elkaar heeft gekregen dat het er echt van komt: het grondwettelijk mogelijk maken van een bindend correctief referendum. Het is dus een zaak van de lange adem, kan je zeggen, en daardoor blijft Nederland als een van de weinige landen in Europa verstoken van wat door velen over de grens en ook hier wordt gezien als een substantiële ondersteuning van onze representatieve democratie.

U hoort het: hier staat een woordvoerder van een partij die in haar 50-jarige bestaan steeds een warm voorstander van de democratisering van ons land en onze politiek is geweest. Ik hoop dat we na vandaag een grote stap voorwaarts zetten op dit lange, lange referendumpad. Maar in deze Kamer verkopen wij geen huiden voordat de beren geschoten zijn, zeg ik met excuus aan de collega's van de Partij voor de Dieren; het is maar spreekwoordelijk.

In deze Kamer hebben we de afgelopen week nog een wetsvoorstel zien sneuvelen dat in de Tweede Kamer de wind vol in de zeilen had. Het kan verkeren en u bent gewaarschuwd, zeg ik maar tegen de verdedigers van het voorstel. Dat verplicht ons ook als verklaarde voorstanders van dit wetsvoorstel om ons best te doen om onze positie te verklaren en om waar nodig toelichting en uitleg te geven aan andere Kamerleden met een wellicht andere mening — ik kijk niet geheel toevallig naar collega Schalk — en natuurlijk om toelichting te vragen aan de vertegenwoordigers van de Tweede Kamer hier.

We weten allemaal dat de brede steun aan het einde van dit debat van groot, groot belang is met het oog op de aanstaande tweede lezing, die hopelijk zo snel mogelijk na de komende Tweede Kamerverkiezingen op 22 november zal aanvangen. Een initiatiefwetsvoorstel hoeft nooit te wachten op de regering, niet de nieuwe en niet de nu nog zittende, maar het is wel fijn dat de minister vandaag bij ons is om waar nodig ons te adviseren. Het kan soms snel gaan, meneer de minister. Zijn voorganger als minister van Binnenlandse Zaken adviseerde de Tweede Kamer nog neutraal over dit wetsvoorstel. Ik vraag de opvolger van de voorgangster, de nieuwe minister van Binnenlandse Zaken, of nu het voorstel aangenomen is door de Tweede Kamer de aanduiding "neutraal advies" wellicht voorzien zou kunnen worden van "positief", dus "positief neutraal advies". Dat zou ook helpen, meneer de minister. Ik hoor het graag van hem.

Het feit dat we nu nog geen zicht hebben op de samenstelling van de nieuwe Tweede Kamer straks, maakt dit wetsvoorstel extra relevant en spannend. In tweede lezing volstaan we immers niet met een gewone meerderheid, maar vergt een Grondwet een gekwalificeerde tweederdemeerderheid. Iedereen moet hoe dan ook dus vol aan de bak om dit wetsvoorstel tot een goed einde te brengen.

Vooraleer vooruit te kijken, is het wellicht nuttig om kort terug te blikken vanwege het door mij al gememoreerde probleem met het effectief maken van de besluitvorming inzake het bindend correctief referendum sinds daarover voor het allereerst in ons parlement serieuze voorstellen werden gedaan, van allerlei politieke signatuur en in allerlei varianten. Het allereerste in de rij van gesneuvelde voorstellen was afkomstig van de sociaaldemocraat Troelstra, die zijn voorstel in 1903 indiende, maar het dertien jaar later moest intrekken. De allerlaatste die sneefde met een voorstel om een bindend correctief aangenomen te krijgen, was mijn dierbare partijgenoot Renske Leijten, die weliswaar een ruime, maar niet de vereiste gekwalificeerde meerderheid achter haar voorstel kreeg en zich daardoor moest voegen in de lange rij van gesneefde referendumbepleiters. Tussendoor probeerde een lange rij parlementariërs het met verschillende varianten, maar verder dan wetsvoorstellen kwam het niet. Of het nu liberalen waren voor de oorlog of liberalen na de oorlog die de kar trokken of daarna democraten of GroenLinksers: geen enkel voorstel wist de eindstreep te halen. Het verst kwam een voorstel in 1999, toen alles klaarstond voor de finishvlag, maar het lid Wiegel met zijn tegenstem het voorstel alsnog pootje lapte, alle andere VVD-senatoren die voorstemden ten spijt.

Het kan verkeren, maar hoop doet ook leven. Er blijft reden die hoop als inspiratiebron te gebruiken, want buiten het parlement bestaat immers voortdurend een ruime steun voor het mogelijk maken van een bindend correctief referendum. En dan is er de staatscommissie parlementair stelsel, tot stand gekomen na een verzoek in deze Kamer in 2014 van VVD, rechts, tot SP, links, aan de toenmalige en nog steeds zittende premier Mark Rutte. Die staatscommissie kwam er, werd voorgezeten door Johan Remkes en legde als een van de meest prominente voorstellen op tafel het grondwettelijk mogelijk maken van een bindend correctief referendum. Een geweldige steun in de rug van iedereen die dit voorstel al langer ziet zitten. En dus staat wederom het voorstel op de politieke agenda van deze Kamer. Volgens sommigen is het nu voorliggende voorstel een soort reprise van eerdere voorstellen, die de eindstreep niet haalden. Volgens mijn fractie is dat niet het geval. Het nu voorliggende voorstel doet volgens mij echt wat het beste is: een principiële beslissing nemen over het grondwettelijk mogelijk maken van een correctief referendum, waarna bij nadere regelgeving bij separate wet de regels verder worden ingevuld. Volgens mijn fractie is dat eenvoudig en helder.

Laten we het wetsvoorstel zoals het nu voorligt erbij nemen en de voornaamste bepalingen nader bekijken. Ingevoegd is artikel 89a, dat volgens ons prima omschrijft wat het doel is van deze wet. Het referendum wordt in de Grondwet mogelijk gemaakt en gekoppeld aan bij wet te stellen nadere eisen. Artikel 89b bevat een lijst van wetten die zijn uitgezonderd van besluitvorming via een referendum. In artikel 89d is vastgelegd dat bij wet wordt vastgesteld welke vereisten er zullen zijn om de uitkomst van het referendum te laten leiden tot het vervallen van een aan het referendum onderworpen wetvoorstel.

Het voorstel dat vandaag voorligt en nu verdedigd wordt door Lilian Marijnissen en Nicole Temmink, is inmiddels anders dan het voorstel dat in eerste instantie bij de Tweede Kamer werd ingediend door onze collega Renske Leijten. Het oorspronkelijke voorstel is door de Tweede Kamer immers ingrijpend geamendeerd. In de nu voorliggende versie staat de Grondwet niet toe dat er een referendum gehouden wordt over onderdelen van wetgeving. Evenmin kan er een referendum gehouden worden over internationale verdragen. De door de Tweede Kamer geaccordeerde tekst geeft in de Grondwet in artikel 128a en artikel 133a ook de mogelijkheid tot facultatieve bindende referenda op provinciaal, lokaal en waterschapsniveau, in plaats van een verplicht gesteld referendum. Dat betekent dat het wetsvoorstel dat vandaag wordt verdedigd door leden van de Tweede Kamer, ook daadwerkelijk een voorstel van de Tweede Kamer is. Een ruime meerderheid heeft zich voor dat aangepaste wetvoorstel uitgesproken. Mijn fractie in de Tweede Kamer heeft dat gedaan en onze fractie hier hoopt hetzelfde te doen in deze Kamer. Het is immers een proces van geven en nemen geweest, naar onze mening in het belang van de zaak. Zien de verdedigers van het wetsvoorstel dat ook zo, vraag ik hun.

Voorzitter. Opmerkelijk is wel dat enkele fracties die in de Tweede Kamer voldoende steun kregen om het oorspronkelijke wetsvoorstel beduidend aan te passen, toch afzagen van steun aan het voorstel. Dat mag, dat is het recht van de Tweede Kamer, maar toch hoop ik dat in deze Kamer van heroverdenking vandaag ruimte geboden zal worden om nog eens na te gaan of, alles overwegende na dit beraad hier, het toch niet wenselijk of ten minste aanvaardbaar zou zijn om het voorstel in eerste lezing wel te steunen in deze Kamer. Ik hoop dat vooral de fracties die geen principiële, onoverbrugbare bezwaren tegen een correctief referendum als zodanig hebben, zo'n heroverweging willen maken. U begrijpt, ik kijk met name naar de fracties van VVD, CDA en ChristenUnie. U begrijpt ook dat ik mij niet zal richten tot de fractie van de SGP. Er zijn tijden dat ik alle moeite doe om collega Schalk te verleiden, maar in dit geval is het beter om dat niet te doen. De SGP is immers al 100 jaar overtuigd tegen het referendum en mijn partij is al 50 jaar zeer voor het referendum. We hebben weleens gezegd dat dat wij van SGP en SP weliswaar één letter maar daarmee wel in levensbeschouwing verschillen. Daarbij zou ik het wat deze wet betreft willen laten, collega Schalk. Bij andere wetten doen wij weer graag zaken met u. Maar de overige partijen wil ik echt van harte vragen om te kijken of het niet de moeite waard is om toch de eerste lezing deze Kamer te laten passeren, zodat we ten aanzien van de tweede lezing verder kunnen praten over de nadere regels waarover we het moeten hebben.

Mag ik in het kader van de nadere regels erop wijzen dat we er een hele kluif aan zullen hebben? Dat is ook gezegd tijdens de behandeling in de Tweede Kamer. Ik hoop dat we ons daarbij zo veel mogelijk zullen laten leiden door de commissie-Remkes, die volgens mijn fractie verstandige dingen heeft gezegd over aan wat voor eisen het zou moeten voldoen om een representatief en haalbaar referendum mogelijk te maken. Ik hoor graag van de verdedigers van het voorstel hoe zij denken daar in de toekomst mee om te gaan, daarbij in ogenschouw nemend dat we vandaag praten over de kern, en de uitvoering later op tafel komt.

Daarbij wijs ik ook op het feit dat er door de Venetiëcommissie van de Raad van Europa verstandige dingen zijn gezegd over waaraan een referendum zou moeten voldoen als je het zou willen houden. U begrijpt dat dat mij dierbaar is. Het is ook geadviseerd door de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa en het Congres van Lokale en Regionale Overheden van de Raad van Europa. Als we over het invullen van de nadere regels gaan praten, denk ik dat we er wijs aan doen om daarbij zowel Remkes als de adviezen van de Venetiëcommissie hoogst serieus te nemen.

Hoe dan ook, het mag duidelijk zijn dat we het hier niet hebben over een overbodig speeltje, maar over een waardevolle en in onze opvatting noodzakelijke democratische verbreding en verdieping van de representatieve democratie, waarvoor alles bijeen nu al weer meer dan 100 jaar gepleit wordt. Zoals gezegd: goed werk vergt z'n tijd. Mijn tijd zit erop. Ik zie uit naar de rest van het debat en hoop dat we aan het einde van dit debat een zo ruim mogelijke meerderheid in eerste lezing voor dit wetsvoorstel zullen kunnen bewerkstelligen.

Dank u wel, mevrouw de voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Kox. Ik kijk even rond. De heer Van Hattem is waarschijnlijk bevangen door eenzelfde file als die waar ik in zat, maar dan een net iets langere. Dan gaan we de volgorde iets wijzigen en vraag ik mevrouw Roovers om naar het spreekgestoelte te gaan voor haar maidenspeech.