Verslag van de vergadering van 17 maart 2026 (2025/2026 nr. 21)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 21.35 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
Mevrouw Vogels i (VVD):
Dank, voorzitter. Allereerst, en ook als laatste, zo begrijp ik, dank aan de minister voor de beantwoording. Namens de VVD-fractie permitteer ik me nog op vier punten een aantal bespiegelingen.
Allereerst de discussie die hier gevoerd is over artikel 3, lid 7. Ook de VVD-fractie ziet geen zelfstandige bevoegdheid voor de daar genoemde instanties om een verzoek om informatie te doen als genoemd in lid 1 van dat artikel. Wat dat betreft is de fractie ook blij met het voorgenomen standpunt van de regering om dit lid niet in werking te laten treden. Mijn vraag aan de minister is of dat een toezegging is. Collega Talsma stelde een vraag in min of meer dezelfde richting.
Het tweede punt is dat dit wetsvoorstel misschien niet op alle punten de schoonheidsprijs verdient, maar wel voorziet in die lacune: transparantie van geldstromen naar maatschappelijke organisaties om ondermijning te voorkomen. De Wtmo kan daarmee een doelgericht middel zijn om ondermijning en verstoring van de openbare orde te voorkomen.
Dan kom ik bij mijn derde punt. Ik ben ook blij dat de minister nog eens duidelijk heeft uitgelegd en toegelicht waarom die bevoegdheid bij de burgemeester past. Dit deed hij vanwege de zorgen die door vele collega's hier in de Kamer zijn genoemd. De lokale kennis zit bij de burgemeester. De burgmeester weet wat ontwrichtend werkt in zijn gemeente. Financiële kennis kan bijdragen aan het handhaven van de openbare orde. Daarmee kan de Wtmo slagkracht geven bij de vervulling van het ambt, door middel van deze discretionaire bevoegdheid. Dat benadruk ik nog maar eens.
Wat betreft de uitvoerbaarheid heb ik de minister horen zeggen dat er samen met de VNG een handelingskader zal worden opgesteld, zodat burgemeesters geholpen kunnen worden bij hoe deze bevoegdheid in te zetten.
Kortom — de minister vergeleek de wet al even met de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding — het is een tool in de gereedschapskist die je niet vaak nodig zult hebben en ook niet hoopt nodig te hebben, maar die wel handig is om te hebben. Dat is zeker het geval vanwege het feit dat buitenlandse beïnvloeding, zeker sinds de aanvang van de behandeling van het wetsvoorstel in de Staten-Generaal, niet minder, maar alleen maar meer is geworden. De minister lichtte dat ook al toe.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Wenst een van de leden in de tweede termijn nog het woord? Dat is niet het geval. Minister, bent u in de gelegenheid om direct te antwoorden? Dat is het geval. Dan geef ik het woord aan de minister.