Plenair Van Rooijen bij voortzetting behandeling Algemene Politieke Beschouwingen



Verslag van de vergadering van 6 oktober 2026 (2026/2027 nr. 03)

Status: ongecorrigeerd

Aanvang: 16.20 uur

Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Van Rooijen i (50PLUS):

Voorzitter. Welkom aan de minister-president en zijn ministersploeg. We leven wereldwijd in onrustige tijden. Ik ben zelf een kind uit de laatste oorlog op ons eigen grondgebied. Ik heb het weleens verteld: ik heb nog samen met veel dorpsgenoten uit Drunen in november 1944 in een molen dekking gezocht tegen granaten. Ik heb toen de angst gevoeld die daarbij hoort.

Ik hoop een kind van de vrede te blijven, samen met onze kinderen, kleinkinderen en komende generaties. De Tweede Wereldoorlog heeft Nederland niet gezocht, niet bevorderd en ook niet veroorzaakt, maar wel over zich heen gekregen. Sindsdien is de wereld alleen maar internationaler en meer verweven geworden, aanvankelijk vooral ten goede. We hebben gewerkt aan onderlinge betrokkenheid en zelfs aan economische wederzijdse afhankelijkheid, niet alleen om welvaart te ontwikkelen, maar ook om nieuwe oorlogen te voorkomen, met de Europese Unie als supervoorbeeld.

Belangentegenstellingen worden nu echter veeleer uitgevochten dan uitgepraat, zoals door de Verenigde Staten, Israël en Iran, maar ook hier in Europa, door Oekraïne en Rusland. 50PLUS blijft Oekraïne steunen.

De verzorgingsstaat, ooit als ideaal omarmd, vertoont nu forse slijtplekken, zoals een te grote overheid die zich inmiddels voor alles verantwoordelijk voelt, die de persoonlijke verantwoordelijkheid van burgers niet meer serieus neemt en die door eindeloze stromen verplichtingen, voorschriften en regelgeving de eigen verantwoordelijkheid zelfs ondergraaft. Een overheid die bovendien zelf in de uitvoering grote fouten begaat en die ook de economie niet stimuleert, maar langzaam wurgt in lasten, regels en onvermogen om knelpunten aan te pakken en problemen op te lossen.

Doordacht beleid om de samenleving te stimuleren heeft plaatsgemaakt voor telraambeleid dat voornamelijk gaat over gaten in de begroting en niet over gaten in de samenleving. De rekening wordt bijna vanzelfsprekend telkens over de schutting naar de burgers en het bedrijfsleven gegooid, in de vorm van steeds nieuwe lastenverhogingen. Daarbij wordt ook nog eens gepolariseerd door tamelijk opportunistisch en te gemakkelijk de rijk-armkaart te spelen, om nog maar niet te spreken over de links-rechtskaart. 50PLUS zegt: we buigen niet naar links en we buigen niet naar rechts. In mijn herinnering hoor ik het Van Agt nog zeggen.

Al met al piept en kraakt het en faalt zelfs ons belastingstelsel, soms helaas ook de Belastingdienst zelf. De motie-Van Rooijen over de instelling van een onafhankelijke adviescommissie over belastinghervormingen en toeslagen moet snel worden uitgevoerd. Gaat dat nu gebeuren?

Voorzitter. Het lijkt paradoxaal, maar op zich is een minderheidskabinet in een situatie als de huidige een uitstekende oplossing voor een doorbraak ten goede. De coalitie kan niet doordenderen, maar moet laveren op wisselende steun van buiten. De niet-regeringspartijen zijn soms oppositie, maar zitten soms ook aan tafel. Men heeft elkaar nodig. Tot nu toe werkt dat helaas niet, of amper. Graag horen we van de minister-president zijn grondige analyse. 50PLUS heeft de indruk dat het al begint bij het kabinet zelf. Het straalt geen eenheid uit, wat toch van levensbelang is voor een minderheidskabinet.

Mijn collega-fractievoorzitter in de Tweede Kamer, Jan Struijs, heeft zijn bijdrage aan de Algemene Politieke Beschouwingen helemaal in het teken gesteld van gezamenlijkheid, onderling vertrouwen en verbinding tussen generaties. Interne verdeeldheid vreet aan het gezag van een regeringsploeg. Dat gezag heeft het kabinet juist nodig om helpers van links of van rechts in te huren voor de vele klussen die moeten worden geklaard. Een buitenpartij — ik noem ze expres niet "oppositie" — krijg je pas mee als ze erop kan vertrouwen dat het ergens toe leidt en dat er ten minste een plan is.

CDA-collega Henri Bontenbal uit de Tweede Kamer heeft in zijn HJ Schoo-lezing verwezen naar de ervaringen met minderheidskabinetten in Denemarken. Ik plaats daarbij de kanttekening dat Denemarken een eenkamerparlement heeft. Bij ons is het wel ietsje gecompliceerder, met twee Kamers die bovendien verschillende meerderheden kennen. De Eerste Kamer wordt zo politieker. Werken met wisselende meerderheiden vergt in de politiek niet zozeer liefde, maar gezag, behendigheid en vertrouwen van twee kanten, waarbij elk vermoeden van zwartepieten en spinnen al destructief is.

Het depolariseren van de politiek en het weer werken aan constructief beleid en maatschappelijk draagvlak zijn enkele van de hoofdtaken van deze premier en zijn kabinet. Ziet de premier dat ook zo? Als het lukt, dan heeft zijn kabinet straks meer betekend voor ons land dan alleen zijn beleid. Dan is er weer verbondenheid en uitzicht. Als het mislukt, wat ik niet hoop, dan zal het kabinet niet lang leven en wordt de volgende verkiezingsuitslag een complete chaos. Ik neem aan dat de premier zich dat terdege realiseert. Ik hoop overigens ook dat deze Eerste Kamer zich dat realiseert.

Ook van de buitenpartijen kan inschikkelijkheid worden verwacht. Het op hoge toon blameren van het kabinet heeft geen enkel nut: niet voor de inhoud, niet voor het kabinet, maar ook niet voor die buitenpartij zelf. De overstap naar een deal met het kabinet wordt er lastig, zo niet onmogelijk, door. Wie is daarmee geholpen?

Zoals het kabinet eenheid en bescheidenheid zou moeten uitstralen, zo zou de betreffende buitenpartij veelal langs de binnenlijn moeten werken als voorbereiding op een gezamenlijke uitkomst. In het openbaar met elkaar loven en bieden scherpt eerder de verschillen aan dan dat het gezamenlijke uitkomsten genereert. Hoe het ook zij, de 50PLUS-fracties in de Tweede en de Eerste Kamer zijn bereid tot een constructieve opstelling jegens het kabinet. Ik hoop dat wij anderen daarbij ook zullen treffen. Nederland moet vooruit. Er zijn te veel problemen die maar blijven sudderen, van immigratie tot stikstof en boeren, van gasverbruik tot stroomtekort, van belasting op vermogen tot toeslagen en van woningnood tot mobiliteit. De klok slaat wat 50PLUS betreft nu voor het einde van de polarisatie, voor gezamenlijkheid, voor inhoud boven show en voor investeren boven al die passen op de plaats. Dat zal in de komende tijd dan ook de marsroute van 50PLUS zijn.

Voorzitter. Het kabinet is eindelijk eensgezind over box 3, met een novelle. De motie-Van Rooijen uit 2023 is toch uitgevoerd. Nu nog snel eensgezindheid over de dekking van de novelle. De aangehouden motie-Van Rooijen van 30 juni jongstleden, over de verlaging van de dividendbelasting in box 2, wordt gelukkig ook uitgevoerd, hoewel wij de 1,8% verlaging wat aan de zuinige kant vinden. Wij willen een nog grotere verlaging, in lijn met de motie van het VVD-lid in de Tweede Kamer, mevrouw Van Eijk. Die motie is medeondertekend door het CDA en JA21. Die motie komt vanmiddag in stemming. Is het kabinet daartoe bereid?

Voor alle duidelijkheid: 50PLUS is tegen elke beperking van de hypotheekrenteaftrek bij de eigen woning en tegen elke verhoging van het eigenwoningforfait. Dat is nota bene een puur fictief rendement. Wij zijn ook tegen elke verhoging van de erfbelasting. We willen ook geen afschaffing van de zogenaamde papieren schenking, aan kinderen bijvoorbeeld. Dat is geen constructie. Het bestaat al decennia. Je noemt het alleen een constructie om geld binnen te harken. Ten slotte is 50PLUS voorstander van een verhoogde vrijstelling van €1.800 en liever nog €2.000.

Voorzitter. Dan over ramingen. Wat opvalt is de precisie waarmee de verschillen in opbrengst tussen de vermogensaanwasbelasting en de vermogenswinstbelasting door het ministerie van Financiën kunnen worden berekend. Blijkbaar weten we nu al exact wat deze belastingen in 2040 zullen opbrengen. Uiteraard lijkt dit maar zo en zijn deze uitkomsten louter becijferd op basis van bepaalde financiële modellen. De vraag is dan ook: hoe goed zijn die modellen en in welke mate voeren wij hier schijndiscussies over allerlei technische aannames over de toekomstige vermogensgroei van aandelen en vastgoed in box 3? Op z'n minst zou je verwachten, zeg ik tegen de minister van Financiën, dat een aantal scenario's zou worden doorgerekend. Is het kabinet of is de minister hiertoe alsnog bereid? Ik overweeg anders een motie in de tweede termijn.

Voorzitter. Dan de pensioenen. Ik noem het toch maar. Ik heb het nog niet gehoord vandaag. Het gaat over 4 miljoen Nederlanders die AOW of pensioen krijgen, voor wie wij staan. Volgens het kabinet gaan de gepensioneerden er volgend jaar met 0,3% licht in koopkracht op vooruit. Dat is natuurlijk onzin. Dat is gebaseerd op een verwachte eenmalige bonus van het ABP, die bij invaren wordt gegeven. De rest van de gepensioneerden zal er in koopkracht op achteruitgaan. Waarom? Omdat Nederlandse pensioenfondsen nog steeds tientallen miljarden verliezen door de enorme rentedekking. Dat kan zo niet doorgaan. We praten hier over het pensioenvermogen van meer dan 10 miljoen Nederlanders. Ik zal in de tweede termijn een motie indienen om te vragen aan de minister van Sociale Zaken om op Verantwoordingsdag in mei inzicht te geven in de rendementen van de pensioenfondsen.

Mijn fractie wacht de antwoorden van de premier met belangstelling af.

De voorzitter:

Ik dank u wel, meneer Van Rooijen. Ik geef graag het woord aan de heer Van der Goot. Hij spreekt namens OPNL.