Naar hoofdinhoud Naar hoofdnavigatiemenu
T01735

Toezegging Ingaan op consequenties enkel toepassen verhuurderheffing op partijen waarvan de kerntaken DAEB-activiteiten zijn (33.402 / 33.403 / 33.405 / 33.407)



De minister voor Wonen en Rijksdienst zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag/opmerking van het lid Essers (CDA), toe in te gaan op de consequenties van het enkel van toepassing verklaren van de verhuurderheffing op partijen waarvan de kerntaken DAEB-activiteiten zijn in het overzicht betreffende de implementatie van de verhuurdersheffing en de woningwaardering dat hij in het vroege voorjaar van 2013 aan de Kamer zal sturen.


Kerngegevens

Nummer T01735
Status voldaan
Datum toezegging 18 december 2012
Deadline 1 juli 2013
Verantwoordelijke(n) Minister voor Wonen en Rijksdienst
Kamerleden Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA)
Commissie commissie voor Financiën (FIN)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie brief/nota
Onderwerpen verhuurderheffing
woningcorporaties
Kamerstukken Wet verhuurderheffing (33.407)
Wet herziening fiscale behandeling eigen woning (33.405)
Overige fiscale maatregelen 2013 (33.403)
Belastingplan 2013 (33.402)


Uit de stukken

Handelingen I 2012-2013, nr. 18 – blz. 126

Minister Blok:

In de tweede motie van de heer Essers (EK 33407, letter G) wordt verzocht om de verhuurdersheffing alleen van toepassing te verklaren op partijen waarvan de kerntaken DAEB-activiteiten zijn. De constatering in deze motie dat de organisaties die wel sociale huurwoningen hebben maar niet in meerderheid DAEB-activiteiten ontplooien, in het verleden geen overheidssubsidie zouden hebben ontvangen en die ook nu niet zouden ontvangen, is niet juist. Ik zou de heer Essers kunnen toezeggen om in het overzicht betreffende de implementatie van de verhuurdersheffing en de woningwaardering, die ik toch al voor het vroege voorjaar, zo zeg ik tegen de heer Van Boxtel, heb toegezegd, in te gaan op de consequentie van zo'n keuze. Ik hoop dat ik daarmee de heer Essers kan verleiden om deze motie in te trekken en dat hij daarna het debat met mij vervolgt.


Brondocumenten


Historie