T02655

Toezegging Maximale inzet om INF-verdrag te behouden (35.000)



De Minister van Buitenlandse Zaken en de Minister van Defensie zeggen de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Kox (SP), toe zich maximaal in te zullen zetten om het Intermediate-Range Nuclear Forces Treaty (INF-verdrag) te behouden.


Kerngegevens

Nummer T02655
Status voldaan
Datum toezegging 30 oktober 2018
Deadline 1 juli 2019
Verantwoordelijke(n) Minister van Buitenlandse Zaken
Minister van Defensie
Kamerleden M.J.M. Kox (SP)
Commissie commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie overig
Onderwerpen INF-verdrag
langeafstandsraketten
Kamerstukken Miljoenennota 2019 (35.000)


Uit de stukken

Handelingen I 2018-2019, nr. 5, item 7 - blz. 22

De heer Kox (SP): Misschien de meest urgente vraag op internationaal gebied betreft de toekomst van het verdrag inzake middellangeafstandsraketten. Als er één ding is dat in de afgelopen decennia Nederland en Europa bezig heeft gehouden, is het wel de plaatsing van die raketten. Het is een groot succes van de periode van na de val van de Muur dat we die raketten kwijt zijn geraakt. Dat is een enorme reductie geweest. Nu dreigt door eenzijdige opzegging van het verdrag door de Verenigde Staten opnieuw de kans te ontstaan dat we die dingen hier terug gaan krijgen. Ik kan me voorstellen dat we die zorgen delen. Mag ik de minister-president vragen wat de regering vanuit onze positie — we zijn geen kernwapenmacht, maar we spelen in het regime ook onze rol — onderneemt samen met partners om dit verdrag wellicht te verbeteren, maar in ieder geval te handhaven? Want als we het verdrag kwijtraken, raken we heel veel kwijt denk ik.

Minister Rutte: Ja. Daar zijn we nauw bij betrokken. We achten het — laat ik dat allereerst zeggen — waarschijnlijk, zeer waarschijnlijk zelfs, dat Rusland, de Russische Federatie, het verdrag schendt. We begrijpen ook dat Amerika, de Verenigde Staten, er niet oneindig geduld mee kan hebben dat Rusland hier geen openheid over verschaft. Het is ook niet voor niks dat Nederland en alle NAVO-bondgenoten Rusland herhaaldelijk hebben opgeroepen om actief die gesprekken met de Verenigde Staten aan te gaan om deze zorgen weg te nemen, zodat de VS ook satisfied is dat het goed gaat. Tegelijkertijd vinden we dat we alles in het werk moeten stellen om het verdrag alsnog geloofwaardig te redden. Het heeft inderdaad — daar heeft de heer Kox gelijk in — enorm bijgedragen aan de stabiliteit en veiligheid in Europa, door een hele klasse grondgelanceerde raketten en kruisvluchtwapens af te schaffen. We zien nu ook weer af en toe die beelden even terugkomen, natuurlijk bij het overlijden van Wim Kok, van de kabinetten voor Lubbers III, Lubbers I en II, en alles wat er speelde rondom dit hele debat over de kruisvluchtwapens. Wij zullen nauw blijven overleggen en samenwerken met de VS en de NAVO over vervolgstappen, dus Nederland is daar zeer nauw bij betrokken. Het laatste nieuws is natuurlijk dat Amerika niet nu onmiddellijk overgaat tot actie, maar iets meer tijd neemt. Maar daarmee is het nog niet zeker dat dit goed gaat. Dus begrip voor Amerika, maar tegelijkertijd ook de maximale inzet om het verdrag op een geloofwaardige manier te redden.

(...)

Handelingen I 2018-2019, nr. 5, item 7 - blz. 34

De heer Kox (SP): Mevrouw de voorzitter. Blij ben ik tot slot wel met de opmerkingen die de minister-president heeft gemaakt, ook naar aanleidingen van opmerkingen van onze kant, over de grote zorgen over het mogelijk teloorgaan van het verdrag over middellangeafstandskernrakketten en een terugkeer daarvan in Europa. Het is werkelijk ontzettend belangrijk dat kleine maar belangrijke landen als Nederland — de minister-president heeft dat in zijn betoog aangegeven — nu hun stem laten horen. We hebben niet zoveel ruimte. Wij zijn niet degene die het verdrag hebben gemaakt. Dat zijn Rusland en de Verenigde Staten. Maar ik vind wel dat wij er, ook gezien ons verleden hier in Nederland rondom de plaatsing van langeafstandsrakketten, alle belang bij hebben om al het mogelijke te doen om de teloorgang van dit verdrag te voorkomen. Ik vind die toezegging erg belangrijk. Ik heb overwogen om daar een motie over in te dienen, maar ik vond dat de minister-president meer dan duidelijk was. Ik hoop wel dat hij de Kamer op de hoogte wil houden van de ontwikkelingen op dat front, want nog één keer: ik maak me niet over veel dingen ongerust, maar als dit verdrag naar de gallemieze zou gaan — om het maar oneerbiedig te zeggen — dan zou dat buitengewoon slecht zijn voor alles wat bereikt is na het einde van de Koude Oorlog. Ik ben blij dat de minister-president daarover duidelijke woorden heeft gesproken. Het is toch mooi om aan het einde van zo'n debat die belangrijke conclusie te mogen trekken.


Brondocumenten


Historie