Naar hoofdinhoud Naar hoofdnavigatiemenu
T00668

Toezegging bij grondexploitatie 1



De minister van VROM gaat na of het mogelijk is een onderzoek uit te laten voeren waarin in de Motie-Van der Lans om is verzocht. De minister komt daar in september op terug.


Kerngegevens

Nummer T00668
Oorspronkelijke nummer tz_VRO_2007_2
Status voldaan
Datum toezegging 22 mei 2007
Deadline 1 september 2007
Verantwoordelijke(n) Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
Commissie commissie voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu / Wonen, Wijken en Integratie (VROM/WWI)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie brief/nota
Kamerstukken Wijziging Wet ruimtelijke ordening inzake grondexploitatie (30.218)


Uit de stukken

Handelingen Eerste Kamer 2006 – 2007, nr. 30,

blz. 927-940, 948-956 en 966-975.

Blz. 955

De heer Van der Lans (Groen Links):

(…) Ik heb een eenvoudige vraag. Kunnen wij zo veel mogelijk helderheid en transparantie bieden door de grondmarkt in kaart te brengen, omdat dat een publiek belang vertegenwoordigt? (…)

Minister Cramer: Ik kan u alleen toezeggen dat wij (…) opnieuw kijken waar wij de transparantie kunnen vergroten.

Blz. 972

Motie Van der Lans (Groen Links): (…) verzoekt de regering om systematisch onderzoek mogelijk te maken dat zo nauwkeurig en concreet mogelijk inzicht biedt in de activiteiten en verworven rechten van partijen op de grondmarkt en de grondposities die deze inmiddels in Nederland hebben opgenomen.[1]

Blz. 974

Minister Cramer: Zowel mevrouw Meindertsma als de heer Van der Lans vroegen om meer transparantie ten aanzien van grondposities. (…) Ik stel voor om mij te beraden over een wijze waarop die grondposities inzichtelijk te maken zijn. Ik wil dat doen in samenwerking met het Kadaster en het RPB. Op grond van een analyse wil ik nagaan welke mogelijkheden echt leiden tot meer transparantie zonder dat de administratieve lastendruk toeneemt. (…). Ik heb geen bezwaar tegen hetgeen in de motie naar voren wordt gebracht als ik ervan uit mag gaan dat het gaat om beschikbare informatie. Uitvoering van de motie mag echter niet leiden tot enorme administratieve lastenverzwaring.

Blz 973

De heer Wagemakers (CDA): Ik hoor graag wat de bedoeling is van het onderzoek dat de minister in een bepaalde vorm wil toestaan. Wil zij informatie die volgens de huidige wetgeving niet openbaar is, openbaar doen zijn of op dat punt afwijken van de keuze die in het huidige wetstelsel is gemaakt?

(…)

Minister Cramer: In september praat deze Kamer opnieuw over het grondbeleid. Ik stel voor dat ik op dat moment tracht een antwoord te geven op basis van het onderzoek dat ik nu door het ministerie in gang laat zetten. Dan kan ik de Kamer meer helderheid geven over wat er meer kan dan er nu is. Het kan zijn dat het blijft bij wat het nu is. Voorlopig stel ik dus voor om het te onderzoeken en er in september op terug te komen.

Blz 974

De heer Wagemakers (CDA): In dit debat wordt volgens mij gesproken over twee soorten onderzoek. In de motie gaat het om ’’systematisch onderzoek’’. Het onderzoek waarover de minister sprak, waarvan het resultaat eventueel in september zou komen, ging volgens mij om een onderzoek naar de vraag of het überhaupt zin heeft en mogelijk is om een onderzoek zoals in de motie is omschreven, te laten uitvoeren.

Minister Cramer: Dat is juist.

[1] Deze motie is aangehouden na de toezegging van minister Cramer Handelingen I, nr.31, blz. 980.



Historie

  • 2 oktober 2007
    Voortgang:
    documenten:
    • -   
      30218 J
  • 12 juni 2007
    nieuwe commissie: commissie voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu / Wonen, Wijken en Integratie (VROM/WWI)
  • 12 juni 2007
    commissie vervallen: commissie voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
  • 22 mei 2007
    toezegging gedaan