Verslag van de plenaire vergadering van dinsdag 9 april 2019



Parlementair jaar 2018/2019, 25e vergadering

Aanvang: 13.30 uur
Sluiting: 13.55 uur
Status: gecorrigeerd

Bekijk de video van dit verslagpunt

Opening

Voorzitter: Flierman

Tegenwoordig zijn 58 leden, te weten:

Aardema, Andriessen, Van Apeldoorn, Baay-Timmerman, Backer, Van Bijsterveld, Bikker, Binnema, Bredenoord, Brinkman, Bruijn, Dercksen, Peter van Dijk, Diederik van Dijk, Don, Duthler, Engels, Ester, Faber-van de Klashorst, Fiers, Flierman, Ganzevoort, Gout-van Sinderen, Van Hattem, Ten Hoeve, Huijbregts-Schiedon, Jorritsma-Lebbink, Van Kappen, Niek Jan van Kesteren, Ton van Kesteren, Knapen, Knip, Koffeman, Köhler, Kok, Lintmeijer, Lokin-Sassen, Martens, Nagel, Nooren, Pijlman, Reuten, Van Rij, Rinnooy Kan, Rombouts, Schaap, Schalk, Schnabel, Sent, Sini, Van der Sluijs, Van Strien, Teunissen, Verheijen, Vink, De Vries-Leggedoor, Wever en Van Zandbrink,

en de heer Dekker, minister voor Rechtsbescherming,

alsmede de heer Van der Staaij, lid Tweede Kamer.


Bekijk de video van dit verslagpunt

Mededelingen

De voorzitter:

Ik deel aan de Kamer mee dat de volgende leden zich hebben afgemeld:

Broekers-Knol, wegens deelname aan de Conferentie van Voorzitters van de parlementen van de Europese Unie;

Postema, wegens deelname aan de Nordic Council te Kopenhagen;

Atsma en Gerkens, wegens deelname aan de IPU-conferentie te Doha;

Strik, Oomen-Ruijten, Van de Ven, Stienen en De Bruijn-Wezeman, wegens deelname aan de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa;

Kuiper, wegens bezigheden elders;

Overbeek, Ruers, Klip-Martin, Vlietstra en Schouwenaar, wegens ziekte.

Deze mededeling wordt voor kennisgeving aangenomen.


Bekijk de video van dit verslagpunt

Herdenking van de heer F.H.J.J. Andriessen

Aan de orde is de herdenking van de heer mr. F.H.J.J. Andriessen (CDA).


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De voorzitter:

Dan is aan de orde de herdenking van de heer F.H.J.J. Andriessen.

Ik verzoek de leden te gaan staan.

Op 22 maart jongstleden overleed op 89-jarige leeftijd Frans Andriessen, oud-senator voor het CDA. Hij was 112 dagen lid van de Eerste Kamer, van 16 september 1980 tot 6 januari 1981.

Franciscus Henricus Johannes Joseph Andriessen werd geboren op 2 april 1929 in Utrecht. Tijdens zijn kinderjaren was zijn vader, Jan Andriessen, lid van de Eerste Kamer namens de Roomsch-Katholieke Staatspartij. Frans volgde de lagere school van de Fraters van Tilburg, in Utrecht. Aansluitend ging hij naar het rooms-katholieke internaat Stapelen in Boxtel, waar hij zijn diploma gymnasium alfa haalde. Van 1948 tot 1951 studeerde Frans Andriessen Nederlands recht aan de Rijksuniversiteit Utrecht.

De heer Andriessen begon al tijdens zijn studie aan zijn maatschappelijke loopbaan bij bouwbedrijf Bredero in Utrecht. Vervolgens werd hij in 1954 directeur van het Katholiek Instituut voor Volkshuisvesting, dat later opging in het Nederlands Christelijk Instituut voor Volkshuisvesting. Hij zou daar tot 1972 blijven.

Intussen nam de politieke carrière van de heer Andriessen een vlucht. Bijna negen jaar, van 1958 tot 1967, was hij lid van Provinciale Staten van Utrecht. Op 23 februari 1967 werd hij beëdigd als Tweede Kamerlid voor de KVP en nam hij het stokje over van zijn vader Jan, die een dag eerder afscheid van de Tweede Kamer had genomen. Frans Andriessen hield zich met name bezig met volkshuisvesting, binnenlands bestuur en financiën van lagere overheden. In augustus 1971 werd hij waarnemend, en op 1 januari 1972 vaste fractievoorzitter van de KVP. Dat bleef hij tot hij in december 1977 minister van Financiën werd.

Het zou een veelbewogen ministerschap worden, dat de heer Andriessen zelf, na iets meer dan twee jaar, voortijdig beëindigde. Hij kon zich niet verenigen met de keus van andere leden van het kabinet-Van Agt om aanzienlijk minder te bezuinigen dan in de oorspronkelijke plannen van Bestek '81 voorgesteld was. Andriessen schreef in zijn ontslagbrief aan Van Agt: "De werkgelegenheid en het gehele gebouw van de sociale zekerheid staan daarbij naar mijn oordeel op het spel." De grote werkloosheidscrisis van enkele jaren daarna bewees zijn gelijk. Terugkijkend op zijn aftreden zei hij daarover later: "Een uitermate onverkwikkelijke affaire, die me veel hartzeer heeft gekost."

Toen de heer Andriessen in 1980 lid werd van de Eerste Kamer, was hij net enkele maanden daarvoor afgetreden. Zijn lidmaatschap van de senaat zou echter van korte duur blijken, aangezien hij al snel gevraagd werd om voor Nederland lid van de Commissie van de Europese Gemeenschappen te worden. Zijn lidmaatschap was echter lang genoeg om nog een maidenspeech te kunnen houden in deze Kamer.

Op 2 december 1980 sprak hij tijdens een debat over grondwettelijke bepalingen met betrekking tot de buitenlandse betrekkingen. Andriessen zei: "Het toenemend belang van deze (Europese) integratie (...) is zeker niet de enige reden voor het grote belang van de constitutionele regels die thans in deze Kamer aan de orde zijn, maar wel een heel wezenlijke. Het is in deze gedachte, dat waar volkenrecht en nationaal recht elkaar raken en de verhoudingen precies moeten worden geregeld, voorbeelden aan het Europese recht worden ontleend." Het leest nu als een voorbode van zijn aanstaande functie in Brussel.

Op 6 januari 1981 diende de heer Andriessen zijn ontslag als lid van de Eerste Kamer in. Exact twaalf jaar lang, tot 6 januari 1993, zou hij voor Nederland lid van de Europese Commissie blijven, waarvan acht jaar als vicevoorzitter. Samen met Commissievoorzitter Jacques Delors werkte hij onder meer toe naar het Verdrag van Maastricht, dat in 1992 werd gesloten.

Naast zijn maatschappelijke en politieke carrière was de heer Andriessen onder andere waarnemend voorzitter van de Adviesraad Internationale Vraagstukken, voorzitter van de adviescommissie over de onderkant van de arbeidsmarkt en voorzitter van l'Institut de l'Euro in Lyon. Ook was hij commissaris bij verschillende bedrijven, waaronder Sara Lee/Douwe Egberts, DELA, Robeco en DHV. Van 1990 tot 2009 was hij hoogleraar Europese integratie aan de Universiteit Utrecht.

In 1969 werd de heer Andriessen benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau, in 1980 tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en op 19 januari 1993 ontving hij het Grootkruis in de Orde van Oranje-Nassau.

Frans Andriessen was een zakelijk, deskundig en principieel politicus. Dat laatste is niet altijd even gemakkelijk voor hem geweest. Dat hij als minister onder immens grote druk niet van zijn standpunt afweek en uiteindelijk ervoor koos af te treden, is tekenend voor zijn optreden in de politiek.

Moge ons respect voor zijn persoon en zijn verdiensten voor de samenleving en de Nederlandse parlementaire democratie tot steun zijn voor zijn familie en naasten.

Ik verzoek eenieder om een moment stilte in acht te nemen.

(De aanwezigen nemen enkele ogenblikken stilte in acht.)

De voorzitter:

Dank u wel. ik schors de vergadering voor enkele ogenblikken.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.


Bekijk de video van dit verslagpunt

Mededelingen

De voorzitter:

Op de tafel van de Griffier ligt een lijst van ingekomen stukken. Op die lijst staan voorstellen voor de behandeling van deze stukken. Als voor het einde van de vergadering daartegen geen bezwaar is gemaakt, neem ik aan dat daarmee wordt ingestemd.


Bekijk de video van dit verslagpunt

Hamerstukken

Aan de orde is de behandeling van:

  • het wetsvoorstel Wijziging van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek BES en de Wet bestrijding maritieme ongevallen in verband met de schrapping van de beperking van aansprakelijkheid voor vorderingen inzake wrakopruiming (35061);
  • het wetsvoorstel Wijziging van de Wet luchtvaart ter implementatie van Verordening (EU) nr. 376/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 3 april 2014 inzake het melden, onderzoeken en opvolgen van voorvallen in de burgerluchtvaart en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 996/2010 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn nr. 2003/42/EG van het Europees Parlement en de Raad en de Verordeningen (EG) nr. 1321/2007 en (EG) nr. 1330/2007 van de Commissie (PbEU 2014, L 122) (34979).

Deze wetsvoorstellen worden zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen.


Bekijk de video van dit verslagpunt

Mededelingen


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De voorzitter:

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat/Algemene Zaken en Huis van de Koning heeft in haar vergadering van 2 april 2019 voorgesteld een derde termijn te houden van de openbare beraadslaging over het wetsvoorstel Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (34453).

Conform artikel 92, eerste lid leg ik dit verzoek aan uw Kamer voor en stel voor daarmee in te stemmen. Kan de Kamer zich met dit voorstel verenigen? Ik stel vast dat dit het geval is. De beraadslagingen over dit wetsvoorstel zullen op 23 april aanstaande plaatsvinden.


Bekijk de video van dit verslagpunt

Stemmingen

Stemming Twee derden meerderheid van stemmen voor goedkeuring van EU-verdragen

Aan de orde is de stemming in verband met het Voorstel van rijkswet van het lid Van der Staaij houdende verklaring dat er grond bestaat een voorstel in overweging te nemen tot verandering in de Grondwet, strekkende tot invoering van het vereiste van een meerderheid van twee derden van het aantal uitgebrachte stemmen in de Staten-Generaal voor de goedkeuring van verdragen betreffende de Europese Unie (30874-(R1818)).

(Zie vergadering van 2 april 2019.)


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De voorzitter:

Dan zijn aan de orde de stemmingen.

Ik heet de initiatiefnemer, de heer Van der Staaij, en de minister voor Rechtsbescherming, die namens de regering aanwezig is bij de stemmingen, van harte welkom in de Eerste Kamer.

We stemmen over het initiatiefvoorstel van rijkswet 30874-(R1818), Voorstel van rijkswet van het lid Van der Staaij houdende verklaring dat er grond bestaat een voorstel in overweging te nemen tot verandering in de Grondwet, strekkende tot invoering van het vereiste van een meerderheid van twee derden van het aantal uitgebrachte stemmen in de Staten-Generaal voor de goedkeuring van verdragen betreffende de Europese Unie.

Het betreft hier de afronding van de eerste lezing van een voorstel tot Grondwetsherziening. Dat betekent dat voor dit voorstel een gewone meerderheid van stemmen vereist is.

Hebben alle leden de presentielijst getekend? Dat is het geval. Wenst een van de leden een stemverklaring af te leggen? Mevrouw Duthler.

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van een stemverklaring vooraf.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

Mevrouw Duthler (VVD):

Dank u wel, meneer de voorzitter. Noch het rapport van de commissie-Remkes, noch de derde termijn vorige week van de behandeling van dit wetsvoorstel hebben de twijfels bij mijn fractie over dit wetsvoorstel weggenomen. Het vergroten van parlementaire betrokkenheid en versterking van de legitimiteit van de goedkeuring van EU-verdragen is een doel dat mijn fractie onderschrijft. Mijn fractie heeft twijfels gehouden over de effectiviteit van het wetsvoorstel zelf. Ook vraagt zij zich af of goedkeuring met een gekwalificeerde meerderheid geen onnodig hoge drempel opwerpt en of er nog überhaupt EU-verdragen goedgekeurd zullen worden. Om deze redenen zal zij tegen het wetsvoorstel stemmen.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Duthler. Zijn er nog andere leden die een stemverklaring wensen af te leggen? Dat is niet het geval. Dan stemmen we bij zitten en opstaan.

In stemming komt het wetsvoorstel.

De voorzitter:

Ik constateer dat de leden van de fracties van de SGP, de ChristenUnie, de PvdD, 50PLUS, de SP en de PVV voor dit wetsvoorstel hebben gestemd en de leden van de fracties van de VVD, de PvdA, het CDA, GroenLinks, de OSF en D66 ertegen, zodat het is verworpen.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

Ik dank de heer Van der Staaij en de minister voor Rechtsbescherming voor hun aanwezigheid bij deze stemmingen. Ik sluit de vergadering.


Bekijk de video van dit verslagpunt

Sluiting

Sluiting 13.55 uur.


Bijlages

Lijst van besluiten en ingekomen stukken

Lijst van besluiten:

De Voorzitter heeft na overleg met het College van Senioren besloten om:

a. de plenaire behandeling van de volgende hamerstukken te doen plaatsvinden op 9 april 2019 onder voorbehoud:

Wijziging van de Wet luchtvaart ter implementatie van Verordening (EU) nr. 376/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 3 april 2014 inzake het melden, onderzoeken en opvolgen van voorvallen in de burgerluchtvaart en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 996/2010 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn nr. 2003/42/EG van het Europees Parlement en de Raad en de Verordeningen (EG) nr. 1321/2007 en (EG) nr. 1330/2007 van de Commissie (PbEU 2014, L 122) (34979);

Wijziging van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek BES en de Wet bestrijding maritieme ongevallen in verband met de schrapping van de beperking van aansprakelijkheid voor vorderingen inzake wrakopruiming (35061);

b. de stemming over het volgende wetsvoorstel te doen plaatsvinden op 9 april 2019:

Voorstel van rijkswet van het lid Van der Staaij houdende verklaring dat er grond bestaat een voorstel in overweging te nemen tot verandering in de Grondwet, strekkende tot invoering van het vereiste van een meerderheid van twee derden van het aantal uitgebrachte stemmen in de Staten-Generaal voor de goedkeuring van verdragen betreffende de Europese Unie (30874 (R1818));

c. de plenaire behandeling van het volgende wetsvoorstel te doen plaatsvinden op 16 april 2019 onder voorbehoud:

Wijziging van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 en de Wet op de dividendbelasting 1965 in verband met enkele spoedreparaties inzake de fiscale eenheid (Wet spoedreparatie fiscale eenheid) (34959);

d. het voorbereidend onderzoek van het volgende wetsvoorstel te doen plaatsvinden door de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid op 16 april 2019:

Regels ter implementatie van richtlijn (EU) 2016/681 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 over het gebruik van persoonsgegevens van passagiers (PNR-gegevens) voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit (PbEU 2016, L 119) (Wet gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven) (34861);

e. de plenaire behandeling van het volgende wetsvoorstel te doen plaatsvinden op 23 april 2019 onder voorbehoud:

Wijziging van de Woningwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het Burgerlijk Wetboek in verband met de invoering van een nieuw stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen en de versterking van de positie van de bouwconsument (Wet kwaliteitsborging voor het bouwen) (34453);

f. de plenaire behandeling van het volgende wetsvoorstel te doen plaatsvinden op 21 mei 2019 onder voorbehoud:

Voorstel van wet van de leden Klaver, Asscher, Beckerman, Jetten, Dik-Faber, Yesilgöz-Zegerius en Agnes Mulder houdende een kader voor het ontwikkelen van beleid gericht op onomkeerbaar en stapsgewijs terugdringen van de Nederlandse emissies van broeikasgassen teneinde wereldwijde opwarming van de aarde en de verandering van het klimaat te beperken (Klimaatwet) (34534);

g. de plenaire behandeling van het volgende wetsvoorstel te doen plaatsvinden op 28 mei 2019 onder voorbehoud:

Wijziging van de Wet milieubeheer (verwijdering asbest en asbesthoudende producten) (34675).

Lijst van ingekomen stukken, met de door de Voorzitter ter zake gedane voorstellen:

1. de volgende door de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangenomen wetsvoorstellen:

Wijziging van de Huisvestingswet 2014 ter verduidelijking van woonruimteverdeling van middenhuurwoningen en van de Woningwet ter vereenvoudiging van de goedkeuringsprocedure voor werkzaamheden die niet behoren tot diensten van algemeen economisch belang (Wet maatregelen middenhuur) (35036);

Wijziging van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg in verband met het opnemen van de klinisch technoloog in de lijst van registerberoepen en het toekennen van bepaalde voorbehouden handelingen aan klinisch technologen (35045).

Deze wetsvoorstellen zullen in handen worden gesteld van de desbetreffende commissies;

2. de volgende regeringsmissives:

een, van de minister van Buitenlandse Zaken, ten geleide van de geannoteerde agenda RAZ in artikel 50 samenstelling d.d. 9 april 2019 (griffienr. 164818.02);

een, van alsvoren, inzake rapportage over stand van zaken parlementaire goedkeuring verdragen (griffienr. 164830);

een, van alsvoren, houdende mededeling van de op 27 februari 2019 te Wenen tot stand gekomen Briefwisseling houdende een verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en het Internationaal Agentschap voor Atoomenergie (IAEA) inzake de Internationale conferentie over de Effective Nuclear and Radiation Regulatory systems", te Den Haag, Nederland, 4-7 november 2019 (Trb. 2019, 50) (griffienr. 164815);

een, van alsvoren, inzake Derde Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake economisch partnerschap, politieke coördinatie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar Lidstaten, enerzijds, en de Verenigde Mexicaanse Staten, anderzijds, om rekening te houden met de toetreding van de republiek Kroatië tot de Europese Unie; Brussel, 27 november 2018 (griffienr. 164816);

een, van alsvoren, inzake Protocol tot wijziging van de Overeenkomst inzake zeevervoer tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Regering van de Volksrepubliek China, anderzijds; Brussel, 21 december 2018 (griffienr. 164814);

een, van alsvoren, houdende mededeling van het op 20 december 2018 te Brussel tot stand gekomen Protocol bij de Euro-Mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Staat Israël, anderzijds, in verband met de toetreding van de Republiek Kroatië tot de Europese Unie (Trb. 2019, 48);

een, van alsvoren, ten geleide van de geannoteerde agenda Raad Algemene Zaken van 9 april 2019 (griffienr. 164818);

een, van alsvoren, ten geleide van de geannoteerde agenda Raad Buitenlandse Zaken van 8 april 2019 (griffienr. 164820);

een, van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, inzake inwerkingtreding Kiesakte (griffienr. 164809);

een, van alsvoren, inzake Staat van het Bestuur 2018 (griffienr. 164821);

een, van alsvoren, inzake openbaar jaarverslag AIVD 2018 (griffienr. 164823);

een, van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, ten geleide van de Strategische agenda hoger onderwijs (griffienr. 164808);

een, van alsvoren, ten geleide van de geannoteerde agenda informele OJCS-Raad (Cultuur) 16 april 2019 (griffienr. 164810);

een, van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, inzake Ambities kinderarmoede (griffienr. 161063.04);

een, van de minister voor Medische Zorg en Sport, inzake geannoteerde agenda informele EU-gezondheidsraad van 15 april 2019 in Boekarest, Roemenië (griffienr. 164812);

een, van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,. ten geleide van het CCMO-jaarverslag 2018 (griffienr. 164819).

De Voorzitter stelt voor deze missives voor kennisgeving aan te nemen. De bijlagen zijn neergelegd op de afdeling inhoudelijke ondersteuning ter inzage voor de leden;

3. het volgende geschrift:

een, van R.J.M., inzake podium artikel van R. Mulder (griffienr. 164813).

Dit geschrift wordt van belang geacht voor de leden van de commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

De Voorzitter stelt voor dit geschrift voor kennisgeving aan te nemen.