Herdenking van de heer J.J. Schouten



Verslag van de vergadering van 14 september 2021 (2020/2021 nr. 47)

Aanvang: 13.39 uur
Status: gecorrigeerd


  • Kijk de video van dit deel van de vergadering terug

Aan de orde is de herdenking van de heer J.J. Schouten.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De voorzitter:

Aan de orde is de herdenking van de heer drs. J.J. Schouten.

Ik verzoek de leden te gaan staan.

Vandaag gedenken wij Joris Schouten, die op 3 juli jongstleden overleed. Hij was van 16 september 1980 tot 10 juni 1981 en van 13 september 1983 tot 11 juni 1991 lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal voor het CDA.

"Ik ben Joris Schouten. Zo kent iedereen me. In dat boekje van u sta ik dan als drs. J.J. Schouten, maar zo kent niemand me. Daarom zeg ik: ik ben Joris Schouten." Aldus begon toenmalig senator Schouten in 1986 zijn interview met een journalist van De Tijd.

Joris Jan Schouten werd op 23 september 1926 geboren in het West-Friese Oosterblokker als zoon van een veehouder. Van 1938 tot 1946 volgde hij achtereenvolgens de mulo en de hbs in Hoorn. Aansluitend ging hij naar de Hogere Landbouwschool in Dordrecht. In 1949 stapte hij over naar de Katholieke Economische Hogeschool in Tilburg, waar hij theoretische economie ging studeren.

Na zijn studie ging Joris Schouten werken bij de Noordbrabantse Christelijke Boerenbond, kortgezegd de NCB. Hij begon als coöperatievoorlichter en werd na vijf jaar adjunct-secretaris van de NCB. Vervolgens ging hij werken bij de Katholieke Nederlandse Boeren- en Tuindersbond, ook wel KNBTB, als hoofd pers en radio en later als hoofdredacteur van het weekblad Boer en Tuinder. In die hoedanigheid sprak hij jarenlang voor de KRO-radio over land- en tuinbouw in het programma Tussen twaalf en twee.

In 1975 werd hij voorzitter van de KNBTB. Dat zou hij veertien jaar blijven. Ook was hij enkele jaren voorzitter van het Landbouwschap, dat in de tweede helft van de twintigste eeuw een centrale rol in de agrarische overlegeconomie speelde.

In diezelfde periode werd hij lid van de Eerste Kamer voor het CDA. Schouten toonde zich in de Kamer, net als daarbuiten, een groot pleitbezorger van de belangen van de Nederlandse land- en tuinbouwers. Ook was hij groot voorstander van het gemeenschappelijk landbouwbeleid van de Europese Gemeenschappen, waarop ook toen al veel kritiek was. Tijdens een beleidsdebat over het Nederlandse buitenlandbeleid zei hij in 1985: "Het is reuze gemakkelijk om de kreet aan te heffen dat het EG-landbouwbeleid en de landbouw zelf het slachtoffer van hun eigen succes zijn geworden, en vervolgens zijns weegs te gaan. (...) Het lijkt ons echter bewezen dat het EG-landbouwbeleid in wezen een goed beleid is, dat echt gemeenschappelijk, echt communautair is."

Joris Schouten was in zijn nevenfuncties zeer betrokken bij de landbouwsector en het onderwijs. Zo was hij onder andere lid van de raad van toezicht van de Rabobank, bestuurslid van het Comité des Organisations Professionnelles Agricoles en voorzitter van de Radboudstichting, een wetenschappelijk onderwijsfonds.

In 1981 werd Schouten benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau en in 1989 tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Ook werd hij benoemd tot Commandeur in de Orde van Sint-Silvester voor zijn verdiensten voor de Rooms-Katholieke Kerk. Volgens het recente in memoriam in de Volkskrant was zijn eretitel "de vergaderboer".

Joris Schouten was een bevlogen, betrokken en loyaal persoon die zich op verschillende plekken en in verschillende hoedanigheden inzette voor de belangen van de boeren in de samenleving. Moge ons respect voor zijn persoon en zijn verdiensten voor de samenleving en de Nederlandse parlementaire democratie tot steun zijn voor zijn familie en vrienden.

Ik verzoek eenieder om een moment stilte in acht te nemen.

(De aanwezigen nemen enkele ogenblikken stilte in acht.)

De voorzitter:

Dank u wel.