T01510

Toezegging Gelijktijdige evaluatie Voorwaardelijke veroordeling en voorwaardelijke invrijheidstelling en Rechterlijk gebieds- of contactverbod (32.551/32.319)



De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, de heer Mr. F. Teeven zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Broekers-Knol (VVD), toe dat hij de evaluaties van bovengenoemde wetten gelijktijdig zal uitvoeren. Indien er na de aan de Tweede Kamer toegezegde termijn van drie jaar nog geen volledige evaluatie kan zijn, zal de regering de Kamer hierover berichten.


Kerngegevens

Nummer T01510
Status voldaan
Datum toezegging 8 november 2011
Deadline 1 januari 2019
Voormalige Verantwoordelijke(n) Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
Huidige Verantwoordelijke(n) Minister voor Rechtsbescherming
Kamerleden mr. A. Broekers-Knol (VVD)
Commissie commissie voor Justitie en Veiligheid (J&V)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie evaluatie
Onderwerpen evaluatie
Rechterlijk gebieds- of contactverbod
voorwaardelijke invrijheidstelling
voorwaardelijke veroordelingen
Kamerstukken Rechterlijk gebieds- of contactverbod (32.551)
Voorwaardelijke veroordeling en voorwaardelijke invrijheidstelling (32.319)


Uit de stukken

Handelingen I 2010-2011, nr. 6- blz. 33

Mevrouw Broekers-Knol (VVD):

(...)

"Het tweede punt is maar heel klein. Zullen de evaluaties van wetsvoorstel 32551 en die van wetsvoorstel 32319 tegelijkertijd plaatsvinden? Van het ene weten wij het, maar van het andere weten wij het nog niet zeker."

Handelingen I 2010-2011, nr. 6- blz. 36

Staatssecretaris Teeven:

"Mevrouw Broekers heeft gevraagd of de evaluaties van de twee wetten gelijktijdig kunnen worden uitgevoerd. Ik zal de evaluaties samenvoegen en de termijn aanhouden die is toegezegd aan de Tweede Kamer, zijnde binnen vijf jaar."

Handelingen I 2010-2011, nr. 6- blz. 36

Mevrouw Broekers-Knol (VVD):

"Ik heb in de stukken gezien dat de minister van Veiligheid en Justitie in de Tweede Kamer heeft toegezegd dat wet 32551 na drie jaar zou worden geëvalueerd. Ik hoor de staatssecretaris nu vijf jaar zeggen."

Handelingen I 2010-2011, nr. 6- blz. 36

Staatssecretaris Teeven:

"Als in de stukken staat dat wij aan de Tweede Kamer hebben toegezegd dat het drie jaar is, houden wij ons uiteraard aan de termijn van drie jaar. Ik ga ervan uit dat mevrouw Broekers het goed heeft gelezen. Wij berichten de Kamers uiteraard als er na drie jaar nog geen volledige evaluatie kan zijn. Die situatie kan ik mij voorstellen. Ik heb alle vragen beantwoord."


Brondocumenten


Historie