Naar hoofdinhoud Naar hoofdnavigatiemenu
T02033

Toezegging Instelling staatscommissie



De Minister van Algemene Zaken zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Hermans (VVD), toe steun te verlenen aan de totstandkoming van een staatscommissie die zal kijken naar een staatsrechtelijke herbezinning. Deze bestaat uit steun en betrokkenheid van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in de fase van overleg tussen fractievoorzitters in Eerste en Tweede Kamer en in de daaropvolgende fase van overleg over de samenstelling en de taakomschrijving van een in te stellen staatscommissie. 


Kerngegevens

Nummer T02033
Status voldaan
Datum toezegging 14 oktober 2014
Deadline 1 juli 2015
Verantwoordelijke(n) Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Kamerleden drs. L.M.L.H.A. Hermans (VVD)
Commissie commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koning (BiZa/AZ)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie overig
Onderwerpen Staatscommissie parlementair stelsel
staatscommissies
Kamerstukken Miljoenennota 2015 (34.000)


Uit de stukken

Handelingen I 2014-2015, 34000, nr. 4, item 6, blz. 16

Minister Rutte:

Ik kom nu op het onderwerp openbaar bestuur. Ik ga meteen over op de vragen die daarover zijn gesteld door de heer Hermans, en op de suggestie die erin lag besloten. Stel dat we willen komen tot een meer fundamentele beschouwing op het functioneren van het tweekamerstelsel en op een aantal andere elementen van het functioneren onze politieke instituties. Dan hebben wij met elkaar te spreken over de eventuele instelling van een commissie, als het daar om zou gaan, en over de opdracht en de samenstelling van zo'n commissie. Ik zal het voorstel van de heer Hermans hierover afwachten en bezien of hij in tweede termijn met nadere voorstellen komt, maar het lijken mij zaken waarover de Kamer zich met de regering heeft te verstaan. Daarbij zal onder andere de vraag zijn wie je daarbij betrekt. Zijn dat alleen deskundigen in de zin van hoogleraren? Of ook deskundigen in de zin van de gebruikers van het stelsel?

[...]

De heer Hermans (VVD):

Voordat de premier antwoordt: liberalen zijn altijd voor vernieuwing, dus dat klopt. Het lijkt mij belangrijk om nog tegen de minister-president te zeggen dat het van belang is dat we over de samenstelling van die commissie en over de taakopdracht overleg voeren met de Tweede en Eerste Kamer, omdat het gaat over het parlementaire stelsel. Als ik zijn woorden goed begrijp, zegt hij: laten we komen tot een staatscommissie, nadat we eerst overleg hebben gevoerd met de Tweede en Eerste Kamer over de exacte taakopdracht en de invulling van de posities.

Minister Rutte:

Dat zou inderdaad mijn suggestie zijn. Dat vraagt buiten deze vergadering overleg tussen bijvoorbeeld de minister van Binnenlandse Zaken en de hoofdrolspelers in de Tweede en Eerste Kamer. Zij moeten een aantal zaken bezien, zoals: wat is de opdracht en samenstelling van zo'n commissie? Ik kom op de vraag van de heer Thissen: nee, het is natuurlijk geenszins mijn zorg dat de heer Hermans dat zou hebben willen suggereren. Wel gaat het om een behoefte die ik herken van de wat minder op confessionele en de wat meer op sociaaldemocratische en liberale leest geschoeide families, om constant te vernieuwen en om te kijken naar het functioneren van de instellingen. Dat lijkt me heel goed.

Handelingen I 2014-2015, 34000, nr. 4, item 6, blz. 42

De heer Hermans (VVD):

Ik dank de minister-president voor zijn toezegging dat hij bereid is om steun te verlenen aan de gedachte van een commissie die zal kijken naar een staatsrechtelijke herbezinning. Ik denk dat het van groot belang is dat dit gaat plaatsvinden, dat de Kamer daar initiatief in neemt, een aantal zaken bij elkaar haalt en ervoor zorgt dat daar ideeën over op tafel komen. Dat zal ertoe leiden dat in overleg met het kabinet wordt gekeken op welke wijze die taakopdracht exact wordt geformuleerd. Dan wordt ook gekeken op welke wijze die commissie het beste kan worden samengesteld. Dat zal in gemeen overleg tussen het kabinet en de Staten-Generaal kunnen plaatsvinden.

Handelingen I 2014-2015, 34000, nr. 4, item 6, blz. 47

De heer Van Boxtel (D66):

[...]

Ik kom te spreken over de staatscommissie van de heer Hermans. Het is goed dat er geen motie over is ingediend, maar dan vraag ik toch nog een keer aan hem, maar ook aan de minister-president, of ik de samenvatting goed heb begrepen dat we het doen in de vorm van een tweetrapsraket. Eerst vindt er een overleg van fractievoorzitters in Eerste en Tweede Kamer plaats met steun en betrokkenheid van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Daarna komt er een formule op papier waarover eventueel een staatscommissie zich kan buigen. Ik hecht er zeer aan dat het dit is.

Handelingen I 2014-2015, 34000, nr. 4, item 6, blz. 50

Minister Rutte:

[...]

Ik kom op een paar vragen van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie. De heer Hermans heeft gevraagd naar de commissie voor staatsrechtelijke herbezinning. Ik ben het met de heer Hermans eens — de heer Van Boxtel vatte dat ook nog eens samen — dat het een tweetrapsraket moet zijn: goed overleg met het kabinet en de betrokken fractievoorzitters, en daarna overleg over de samenstelling en de taakomschrijving. Ik herhaal: laten we de taakomschrijving proberen te beperken tot een aantal hoofdthema's; het moet niet te breed worden. Daarna gaan we aan de slag, niet overhaast. Ik kan mij dus eigenlijk zeer vinden in de woorden van de heer Hermans. De heer Van Boxtel zette er een accent bij dat volgens mij helemaal juist was.


Brondocumenten


Historie