Stemming Modernisering vennootschapsbelasting overheidsondernemingen



Verslag van de vergadering van 26 mei 2015 (2014/2015 nr. 32)

Aanvang: 13.42 uur
Status: gecorrigeerd


Stemming Modernisering vennootschapsbelasting overheidsondernemingen

Aan de orde is de stemming in verband met het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 en enige andere wetten in verband met de modernisering van de vennootschapsbelastingplicht voor overheidsondernemingen (Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen) (34003).


De voorzitter:

Ik heet de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die namens de regering bij de stemmingen aanwezig is, van harte welkom in de Eerste Kamer.

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen vooraf.


De heer Reuten (SP):

Voorzitter. Met dit wetsvoorstel neemt de complexiteit van de wetgeving opnieuw verder toe. De regering noemt het een "nog net acceptabele" toename van de complexiteit. Daarbij worden zowel de belastingsubjecten als de Belastingdienst geconfronteerd met relatief hoge uitvoeringskosten, die de regering volgens mijn fractie ook nog eens veel te optimistisch inschat.

Los daarvan brengt de vormgeving van het wetsvoorstel een aanzienlijke budgettaire herverdeling van lagere overheden ten gunste van de centrale overheid met zich mee. Wederom schoont dit kabinet het budget van de centrale overheid ten laste van voornamelijk de gemeentes. Terwijl voor de regering dit wetsvoorstel "nog net acceptabel" is, acht de SP-fractie het, in combinatie met de genoemde budgettaire herverdeling, niet acceptabel.


De heer Bröcker (VVD):

Voorzitter. Namens de fracties van de PvdA, het CDA en de VVD een korte stemverklaring van mijn kant. De drie fracties onderschrijven de doelstellingen van dit wetsvoorstel: het creëren van een gelijk speelveld in de Vpb voor private ondernemingen en daarmee concurrerende overheidsondernemingen, waarbij zo min mogelijk onderscheid wordt gemaakt naar de juridische wijze, waarop overheidsondernemingen zijn georganiseerd en waarbij de samenwerking tussen overheidslichamen zo min mogelijk fiscaal wordt belemmerd. Wij danken de staatssecretaris voor de zorgvuldige beantwoording van onze vragen in de commissiebehandeling. Overleg met de koepelorganisaties, te weten de VNG, het IPO en de Unie van Waterschappen, zal en moet bijdragen aan een zorgvuldige en efficiënte implementatie van de wet. We gaan er dan ook van uit dat de staatssecretaris de Kamer op de hoogte zal houden van dit overleg. Wij zullen voor de wet stemmen.

De voorzitter:

Zijn er nog anderen die een stemverklaring wensen af te leggen? Dat is niet het geval. Ik stel voor, te stemmen bij zitten en opstaan.

Daartoe wordt besloten.

In stemming komt het wetsvoorstel.

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PVV, de VVD, de PvdA, het CDA, de ChristenUnie, de SGP, GroenLinks, D66 en 50PLUS voor dit wetsvoorstel hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD en De Lange ertegen, zodat het is aangenomen.