Weerstand tegen 'slimme energiemeter'



25 maart 2009

De Eerste Kamer stemt niet zonder slag of stoot in met invoering van de digitale energiemeter ('slimme meter') ter vervanging van de analoge meters die nog in de meeste huishoudens en bedrijven het verbruik van elektriciteit en gas meten. Dit bleek dinsdag 24 maart 2009 bij de behandeling in de plenaire vergadering van twee wetsvoorstellen. Het eerste regelt de uitvoering van een richtlijn van de EU over energie-efficiency (31.320). Het andere wetsvoorstel beoogt de werking van de elektriciteits- en gasmarkt te verbeteren door invoering van het leveranciersmodel (31.374). In beide gevallen speelt de nieuwe energiemeter een rol. Op verzoek van o.a. de fracties van PvdA en SP vindt volgende week dinsdag 31 maart 2009 stemming over de wetsvoorstellen plaats*.

Minister Van der Hoeven van Economische Zaken kreeg van alle kanten veel kritische vragen, in het bijzonder over de 'slimme meters' die zij na een proefperiode van twee jaar in een tijdsbestek van in totaal zes jaar overal wil laten installeren. In navolging van veel protesten van burgers zetten enkele senatoren vraagtekens bij de mogelijke inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. De digitale meters kunnen de netbeheerder per kwartier inzicht geven in het elektriciteitsverbruik en de digitale gasmeter kan elk uur het actuele verbruik weergegeven.

De Europese richtlijnPDF-document schrijft voor dat in elk huishouden en bedrijf een individuele meter moet komen om het actuele verbruik weer te geven. Op die manier hopen Europese Commissie en Europees Parlement dat er zuiniger met energie wordt omgegaan. Volgens minister Van der Hoeven moet de nieuwe meter in elk geval worden toegepast bij nieuwbouw en grondige renovatie en als een analoge meter vervangen moet worden omdat hij kapot is. Ook bij reguliere vervanging (als de oude meter is afgeschreven) moet een nieuwe, digitale meter worden geplaatst.

Senator Van Driel van de PvdA maakte zich tot tolk van verontruste burgers die de inbreuk op de privacy zo ernstig vinden, dat zij een 'slimme meter' weigeren te laten installeren. "Wat gebeurt er dan?", vroeg Van Driel. De minister zei dat er dan strafrechtelijke gevolgen zijn als de netbeheerder aangifte zou doen van een economisch delict.

De minister zegde PvdA-senator Van Driel toe dat zij met de netbeheerders gaat praten om hen te bewegen soepel om te gaan met weigerachtige consumenten. Zij gaf de voorkeur aan wat er in Zweden gebeurt, waar iemand die een digitale meter weigert eerst wordt overgeslagen en na een afkoelingsperiode nog eens wordt benaderd. Afsluiting van elektriciteit en gas mag in elk geval niet als iemand een digitale meter weigert, zei de minister. De fracties van PvdA, D66, Onafhankelijke Senaatsfractie, GroenLinks en SGP en ChristenUnie drongen aan op de mogelijkheid dat de consument vrij mag kiezen of hij wel of niet een digitale meter laat installeren. Op verzoek van de fracties van SGP en ChristenUnie gaat de minister na of er een alternatief is voor principiële weigeraars.

De minister zei dat zij in de proefperiode van twee jaar allerlei zaken in kaart wil brengen, bijvoorbeeld ook mogelijke gezondheidsklachten als gevolg van straling. Op grond van de evaluatie van de proefperiode zal zij beslissen hoe de digitale meter verplicht over heel Nederland kan worden 'uitgerold'.

SP-senator Reuten zette grote vraagtekens bij de energiebesparing die de minister denkt te kunnen bereiken met de nieuwe meters. Volgens zijn berekeningen zou de operatie op een verlies van 700 miljoen euro uitlopen. Ook senator Kneppers-Heijnert van de VVD-fractie had grote twijfels over de mogelijke besparing. Ook vroeg zij wat er gebeurt als het project mislukt. Zij meldde dat de minister het met haar beantwoording niet gemakkelijker voor de VVD-fractie had gemaakt om voor te stemmen.

Senator Doek van de CDA-fractie was positief over het wetsvoorstel. Hij wees ook op de positie van marktleider van Nederlandse bedrijven bij de productie van digitale energiemeters. Ontstemd was de CDA-senator over een amendement dat de Tweede Kamer heeft aangenomen (TK 31.374 nr. 33PDF-document) over de uiterste termijn waarin een factuur naar de afnemer mag worden gestuurd: twee jaar. Doek zei tot drie keer toe, dat deze bepaling onverlet laat wat het Burgerlijk Wetboek bepaalt: dat een vordering vijf jaar blijft bestaan. PvdA-senator Van Driel gaf de minister het voordeel van de twijfel. Hij voorspelde een stijging van de energieprijzen. Zijn fractie was blij dat de digitale meter het mogelijk maakt om mensen die hun rekening niet voldoen gedeeltelijk af te sluiten. Dat is minder asociaal dan helemaal afsluiten. De minister deed aan de PvdA-fractie ook de toezegging dat zij stappen zal ondernemen om de wetgeving van haar ministerie kwalitatief te verbeteren. Onder andere met de invoering van een capaciteitstarief gevolgd door allerlei compenserende maatregelen voor speciale afnemers had het ministerie in de ogen van CDA en PvdA 'knoeiwerk' afgeleverd.

Senator Laurier van GroenLinks had ook geen goed woord over voor de wetsvoorstellen. "Wiens problemen lost de slimmer meter op?", zo vroeg hij de minister. Senator Schouw zei namens D66 en de Onafhankelijke Senaatsfractie het jammer te vinden dat niet veel sterker op energiebesparing is ingezet. Ook vond Schouw het verkeerd dat de minister de digitale meter stapsgewijs invoert en niet een moment inbouwt om invoering stop te kunnen zetten als de resultaten tegenvallen. Een verzoek van de fracties van SP, GroenLinks, SGP en ChristenUnie aan de minister om nog eens per brief uiteen te zetten wat zij precies van plan is, weigerde mevrouw Van der Hoeven. Ik heb niets toe te voegen aan wat ik hier in de Kamer heb gezegd, zei zij.

*De stemmingen zijn op dinsdag 31 maart 2009 op verzoek van de fractie van de PvdA van de plenaire agenda afgevoerd en op 7 april 2009 vindt een heropening van de beraadslaging plaats.

Sociale media menu


Deel dit item: