T02506

Toezegging Ontwikkeling houdbaarheidstekort in relatie tot uitgavenontwikkeling zorg inzichtelijk maken (34.775/34.700)



De Minister van Financiën zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid De Grave (VVD), toe met het Centraal Planbureau (CPB) te spreken over de vraag of het planbureau in staat en bereid is om het houdbaarheidskort zowel inclusief als exclusief de ontwikkeling van de zorguitgaven inzichtelijk te maken. De Minister zal de Kamer informeren over de uitkomsten hiervan. De minister zegt tevens toe over de ontwikkeling van de zorguitgaven advies aan de WRR te vragen en dit eventuele advies bij bovenstaande toezegging te zullen betrekken.


Kerngegevens

Nummer T02506
Status voldaan
Datum toezegging 12 december 2017
Deadline 1 juli 2018
Verantwoordelijke(n) Minister van Financiën
Kamerleden mr. F.H.G. de Grave (VVD)
Commissie commissie voor Financiën (FIN)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie brief/nota
Onderwerpen hoofdlijnenakkoorden
houdbaarheidstekort
zorgsector
zorguitgaven
Kamerstukken Miljoenennota 2018 (34.775)
Kabinetsformatie 2017 (34.700)


Uit de stukken

Handelingen I 2017-2018, nr. 12, item 3 - blz. 4-5

De heer De Grave (VVD):

(...) Zonder de door het CPB verwachte ontwikkeling van de zorguitgaven, is het beeld van de overheidsfinanciën juist uiterst gezond, maar bij de beheersing van de zorguitgaven heeft mijn fractie twijfels over de komende kabinetsperiode. Beheersingsinstrumenten als een hoger eigen risico, hogere eigen bijdragen en ingrepen in het pakket zijn niet voorzien in het regeerakkoord. Op zich begrijpt mijn fractie dit. (...) Het gevolg is wel dat het regeerakkoord inzet opeen omvangrijk groeiafremmingspakket, zoals het dan heet, van een kleine 2 miljard en dan volledig in de curatieve sector op basis van nieuwe afspraken met de sector in nieuwe hoofdlijnenakkoorden. Bijzonder is dat het CPB heeft geweigerd deze 2 miljard volledig te honoreren als een realistische ombuiging; het komt op de helft.(...) Kan de minister aangeven waarom hij, in afwijking van het Centraal Planbureau, dit bedrag wel haalbaar acht en voor zijn budgettaire verantwoordelijkheid wil nemen?

Juist vanwege het grote effect van de aannamen rond de uitgavenontwikkeling “zorg” zou de VVD-fractie graag zien dat het houdbaarheidstekort in beeld wordt gebracht, in-en exclusief de ontwikkeling van de zorguitgaven, dit ter vergroting van het inzicht in onderliggende factoren. Is de minister bereid hierover in overleg te treden met het Centraal Planbureau?

Handelingen I 2017-2018, nr. 12, item 7 - blz 31, 32

Minister Hoekstra:

Voorzitter. De volgende vraag van de heer De Grave ging over wat het houdbaarheidstekort inclusief en exclusief de ontwikkelingen van de zorguitgaven zou zijn en of ik bereid zou zijn om daarover in overleg te treden met het CPB. Zoals ik al zei, dat treft, want de eerste gelegenheid daarvoor is morgen al. Hij vroeg ook of ik samen met het CPB een notitie zou willen maken en die naar de Eerste Kamer zou willen sturen. Nogmaals, het is zeer terecht dat de heer De Grave aandacht vraagt voor het probleem van de beheersbaarheid en de betaalbaarheid. Dat is ook voor dit kabinet, en voor mij in het bijzonder, een buitengewoon belangrijk aandachtspunt, precies vanwege wat ik zo-even beschreef, namelijk het gevaar dat de zorguitgaven, hoe valide ze op zichzelf ook zijn, het vermogen hebben om andere uitgaven te verdringen. Als je naar de afgelopen twintig jaar kijkt, dan zie je die beweging heel duidelijk. Dit heeft niet alleen de bijzondere belangstelling van het kabinet en de ministers van VWS, maar ook absoluut van mijzelf.

Om de heer De Grave verder te beantwoorden, zou ik nog een paar dingen willen opmerken. Ook de financieel woordvoerders in de Tweede Kamer hadden in grote meerderheid interesse in dit onderwerp, als dat de formulering is. Ook zij hebben gewezen op de risico’s die wij lopen door de verder oplopende zorgkosten. Zij hebben mij gevraagd de WRR te verzoeken om met een rapport te komen over dit onderwerp. Daarover ben ik op dit moment met de WRR in gesprek. Ik ga ook met het Planbureau in gesprek. Ik zou de heer De Grave om enige tijd willen vragen, zodat ik die dingen in samenhang kan bekijken en de Kamer daar in ieder geval schriftelijk, en indien gewenst en nodig ook mondeling, over kan informeren. Het probleem is evident. Ik denk dat we daar zeker de hulp van het Planbureau en de WRR bij kunnen gebruiken. Een belangrijk deel van de vraag gaat over het hoe.


Brondocumenten


Historie