Delegatie naar de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa



De Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa, beter bekend als de PACE (Parliamentary Assembly  Council of Europe) is samengesteld uit 324 democratisch gekozen volksvertegenwoordigers uit de lidstaten van de Raad van Europa. In de Raad van Europa zijn 47 landen verenigd om binnen Europa de mensenrechten te handhaven en de democratie en de rechtsstaat te bevorderen.

De Nederlandse delegatie naar deze assemblee bestaat uit 7 leden en 7 plaatsvervangende leden. Canada, Israël en Mexico hebben de status van waarnemer bij de Parlementaire Assemblee Raad van Europa.

Vergaderingen

De Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa (PACE) vergadert 4 keer per jaar gedurende 1 week in het Palais de l’Europe in Straatsburg. Drie vergaderingen per jaar vóór de zomer in januari, april en juni en één vergadering in september/oktober. De verslagen van deze bijeenkomsten worden gedrukt als kamerstuk in de serie 20.043

Nederlandse delegatie

De Nederlandse delegatie naar PACE bestaat uit:

7 leden (5 uit de Eerste Kamer, 2 uit de Tweede Kamer)

7 plaatsvervangende leden (4 uit de Eerste Kamer, 3 uit de Tweede Kamer)

Leden

Plaatsvervangende Leden

M.P.M. van de Ven (VVD, EK)

R.G. de Bruijn-Wezeman (VVD, EK)

M.J.M. Kox (SP, EK)

L. Ploumen (PvdA)

M.G.H.C. Oomen-Ruijten (CDA, EK)

H.W. Overbeek (SP, EK)

M.H.A. Strik (GL, EK)

G.A. van Strien (PVV, EK)

A. Mulder (VVD, TK)

P.H. Omtzigt (CDA, TK)

C.P.W.J. Stienen (D66, EK)

W.R. van Haga (VVD, TK)

V. Maijer (PVV, TK)

S. Belhaj (D66, TK)

TK= Tweede Kamer

EK= Eerste Kamer

Ontstaansgeschiedenis

De Raad van Europa werd in mei 1949, vier jaar na de Verenigde Naties, in Londen opgericht als reactie op de verwoestingen en gruweldaden van de Tweede Wereldoorlog. De volgende 10 staten stonden aan de wieg van deze nieuwe organisatie:

België

Denemarken

Frankrijk

Ierland

Italië

Luxemburg

Nederland

Noorwegen

Verenigd Koninkrijk

Zweden

Deze landen hadden een vaste politieke wil om eenheid onder de lidstaten tot stand te brengen voor het veilig stellen van gemeenschappelijke idealen en beginselen en het bevorderen van  economische en sociale vooruitgang.

PACE

Het oprichtingsverdrag van de Raad van Europa voorzag in twee statutaire organen: een Comité van Ministers voor de besluitvormende bevoegdheden en de Parlementaire Assemblee (PACE) voor beraadslaging en initiatieven. De PACE is samengesteld uit 318 democratisch gekozen volksvertegenwoordigers uit de lidstaten.

Mensenrechten

In december 1948 stelde de Verenigde Naties de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens vast. In deze Verklaring zijn de mensenrechten universeel en ondeelbaar verklaard. De Raad van Europa gaf  blijk van betrokkenheid bij dit onderwerp door in 1950 het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van Mens (EVRM) goed te keuren. Sindsdien is ratificatie van het Verdrag een materiële voorwaarde voor het lidmaatschap van de Raad van Europa.

Sociaal Handvest

In 1961 volgde de tegenhanger van het Verdrag op het gebied van de economische en de sociale rechten, het Europees Sociaal Handvest.

Nieuwe lidstaten

Zestig jaar na zijn oprichting heeft de Raad van Europa nog niets aan betekenis ingeboet. Het tegendeel lijkt eerder het geval: met de spectaculaire veranderingen in Midden- en Oost-Europa staat de Raad voor de opgave steun te verlenen aan de nieuwe lidstaten, zoals:

  • Armenië
  • Azerbeidjan
  • Bosnië-Herzegovina
  • Montenegro
  • Servië
  • Oekraïne

Deze landen kozen voor de democratie, de handhaving van de mensenrechten en de rechtstaat. Met het doel de ontwikkeling van de democratische stabiliteit in deze en de overige lidstaten te begeleiden en te stimuleren biedt de Raad van Europa ondersteuning aan politieke, wetgevende en constitutionele hervormingen door kennisoverdracht.   

Meer informatie


Kamerleden sorteren op:


Leden


V. Maeijer
PVV, Tweede Kamer

A. Mulder
VVD, Tweede Kamer






Plaatsvervangende leden

S. Belhaj
D66, Tweede Kamer


Ir. W.R. van Haga
VVD, Tweede Kamer

dr. P.H. Omtzigt
CDA, Tweede Kamer