T02344

Toezegging Ex-anteherverdeling (34.255)



De staatssecretaris van SZW zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Van Rooijen, toe om in het door Netspar uit te voeren technisch onderzoek, ook de omvang van de ex-anteherverdeling mee te nemen.


Kerngegevens

Nummer T02344
Status voldaan
Datum toezegging 24 mei 2016
Deadline 1 januari 2017
Verantwoordelijke(n) Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Kamerleden Drs. M.J. van Rooijen (50PLUS)
Commissie commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie brief/nota
Onderwerpen herverdeling
pensioenuitkeringen
projectierente
risicovrije rente
Kamerstukken Initiatiefvoorstel-Lodders Wet verbeterde premieregeling (34.255)


Uit de stukken

Handelingen I 2015-2016, nr. 31, item 4, blz. 13   

De heer Van Rooijen (50PLUS):

Wij verzoeken de staatssecretaris om Netspar te vragen een vergelijking te maken inclusief de volatiliteit van de risicovrije rente, en vervolgens de vergelijkingstabellen die in het SER-rapport zijn gemaakt, te bekijken op basis van de risicovrije rente, inclusief volatiliteit. Hoe komt die variant dan uit in vergelijking met de overige varianten? Overigens zou die vergelijking ook moeten plaatsvinden op basis van Maatmanberekeningen. Ons tweede verzoek is om de projectierente op basis van de reële rente te onderzoeken en deze eveneens te betrekken bij de vergelijking met de andere varianten.

Wij hebben tot slot nog een vraag van geheel andere aard. Kan Netspar de omvang van de zogenoemde ex-anteherverdeling — mevrouw Oomen sprak daar ook al even over— aangeven? De herverdeling is immers het axioma in dit wetsvoorstel, het scharnier waar alles om draait. Aan de hand van de stukken kunnen wij daar ons overigens geen oordeel over vormen.

Handelingen I 2015-2016, nr. 31, item 4, blz. 30

Staatssecretaris Klijnsma:

De heer Van Rooijen en anderen hebben gevraagd om in aanvulling op het liggende rapport over projectierentes, Netspar onderzoek te laten doen naar de omvang van de ex-anteherverdeling. De heer Van Rooijen heeft terecht gezegd dat er bepaalde varianten van projectierentes zijn die resulteren in een ongewenste ex-anteherverdeling. Dat wordt ook keurig toegelicht in het Netspar-rapport. Belangrijk is om hierbij op te merken dat de variant die het wetsvoorstel mogelijk maakt en die is gebaseerd op de risicovrije projectierente, deze ongewenste ex-anteherverdeling te allen tijde uitsluit. Netspar is momenteel bezig met een uitgebreider en meer technisch onderzoek. Ik ben bereid om Netspar te vragen om de vraag van de heer Van Rooijen over de omvang van ex-anteherverdeling mee te nemen.

De heer Van Rooijen (50PLUS):

Het gaat mij om een nadere variant van de termijn van risicovrije rente en om daarbij ook het aspect van de volatiliteit in te brengen, omdat die rente niet stabiel is. Die rente is de afgelopen tijd almaar verder naar beneden gegaan en, zoals de heer Van de Ven zei, zelfs richting nul. Daarnaast noem ik de reële rente als een variant. In het SER-rapport is in alle vergelijkingen de reële rente ook een belangrijke, met name in variant vier. Als er dan toch breed onderzoek plaatsvindt, vragen we om dat compleet te maken met het aspect van de volatiliteit van de risicovrije rente en het aspect van de reële rente.

Staatssecretaris Klijnsma:

Daar ben ik niet onmiddellijk voor te porren. Mijn toezegging behelst het meenemen van de ex-anteherverdeling in het onderzoek. Ik voel er echter niet voor om de twee andere aspecten die de heer Van Rooijen noemt, in dat onderzoek mee te nemen. In de context van datgene wat de SER jongstleden vrijdag heeft gepresenteerd, kijken we sowieso naar de toekomstdiscussie, waar deze zaken ook bij horen. Ik wil daar echter niet op inzoomen in het Netspar-onderzoek.

De heer Van Rooijen (50PLUS):

Ons punt is dat die risicovrije rente niet vast is. Die beweegt heel erg. Dat is ook het grote probleem met het ftk, namelijk dat die rente stabiel zou worden maar dat is gebleken dat die hyperinstabiel is en dat we door die dalende rente zelfs in kortingen verzeild raken. Als je de risicovrije rente bekijkt, moet je daar volgens ons ook als variant bij betrekken het feit dat die rente niet stabiel is en dat die heen en weer kan gaan en nu vooral daalt. Die volatiliteit heeft een enorme impact op het instrument van de risicovrije rente. Dat is niet een vast gegeven, dat is een heel bewegelijk en gevaarlijk beestje. Daar doelen wij op.

Staatssecretaris Klijnsma:

Maar dat is nou juist bij uitstek het punt van aandacht, in de zin dat die volatiliteit onderdeel uitmaakt van de risicovrije rente. Het is een beetje een kip-eidiscussie. Ik voel er niet voor om het Netspar-onderzoek hiervoor te benutten. Ik heb een toezegging gedaan op het ene punt maar op het andere punt doe ik dat niet.

Handelingen I 2015-16, nr. 34, item 7, blz. 9

De heer Van Rooijen (50PLUS):

Ik hoor mevrouw Lodders zeggen dat de herverdeling ex ante zwaar weegt. Dat heeft zij ook in het vorige debat gezegd. Ik begrijp nu ook dat zij die vrij groot vindt. De KPS, de Kring van Pensioenspecialisten, zegt dat die tot een geringe herverdeling zal leiden. Mevrouw Klijnsma heeft de vorige keer op ons verzoek — wij zijn haar daar zeer erkentelijk voor — toegezegd dat de omvang van de herverdeling ex ante door Netspar zou worden onderzocht. In de Tweede Kamer is het argument gebruikt dat dit zwaar weegt, maar in deze Kamer wordt gezegd dat het nog nader onderzoek vergt en dat de omvang niet bekend is; vandaar ook het onderzoek. Wij moeten ons dus heel goed realiseren dat deze Kamer voor de afweging staat of en in welke mate dat argument wel zo zwaar weegt als het in de Tweede Kamer heeft gedaan.

Mevrouw Lodders:

De staatssecretaris heeft inderdaad toegezegd dat er nader onderzoek komt naar de ex-anteherverdeling, maar op dit moment hebben wij er in het voorliggende wetsvoorstel voor gekozen om één projectierente te hanteren voor de individuele variant en eenzelfde voor de collectieve variant.


Brondocumenten


Historie