Naar hoofdinhoud Naar hoofdnavigatiemenu

Stemming wetsvoorstel



Verslag van de vergadering van 11 februari 2020 (2019/2020 nr. 20)

Aanvang: 19.29 uur

Status: gecorrigeerd


  • Kijk de video van dit deel van de vergadering terug

Stemming Invoeringswet Omgevingswet

Aan de orde is de stemming in verband met het wetsvoorstel Aanvulling en wijziging van de Omgevingswet, intrekking van enkele wetten over de fysieke leefomgeving, wijziging van andere wetten en regeling van overgangsrecht voor de invoering van de Omgevingswet (Invoeringswet Omgevingswet) (34986).

(Zie vergadering van 28 januari 2020.)


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De voorzitter:

Dan stemmen wij nu over het wetsvoorstel 34986, Aanvulling en wijziging van de Omgevingswet, intrekking van enkele wetten over de fysieke leefomgeving, wijziging van andere wetten en regeling van overgangsrecht voor de invoering van de Omgevingswet. Mevrouw Nooren wenst het woord, is mij gebleken. Ik ga zo meteen vragen of een van de leden een stemverklaring wil afleggen. Ik meld eerst dat er een hoofdelijke stemming over dit wetsvoorstel is gevraagd.

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van een stemverklaring vooraf.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

Mevrouw Nooren (PvdA):

Dank u wel, voorzitter. Sorry dat ik u interrumpeerde. De Invoeringswet Omgevingswet en het invoeringsbesluit zijn bouwstenen in het werken aan een nieuw, vereenvoudigd en samenhangend stelsel voor de ruimtelijke ordening. De PvdA kijkt positief terug op het debat van 27 en 28 januari jongstleden. Het debat van vandaag heeft verduidelijkt hoe omgegaan is met het rapport en de aanbevelingen van de Inspectie Leefomgeving en Transport.

De manier waarop het vandaag gegaan is, vinden wij niet Eerste Kamerwaardig. Dat brengen wij tot uitdrukking in ons stemgedrag. De vele toezeggingen die de minister gedaan heeft, waren voor onze fractie belangrijk, onder andere over de omvangrijke begeleiding van de invoering nu en na de inwerkingtreding van de Omgevingswet, de toetsing op de werking en de toegankelijkheid van het DSO, de fysieke plekken in iedere gemeente waar iedereen terecht kan en de bereidheid van de minister om het participatiebeleid in het invoeringsbesluit te veranderen conform de motie die net aanvaard is. Dat maakt dat vier leden van de PvdA alles overwegende voor de wet en het besluit gaan stemmen. Om uitdrukking te geven aan het niet goed kunnen afwegen van deze omvangrijke wet, gezien de manier waarop het vandaag is gelopen, stemmen twee leden tegen de wet en het invoeringsbesluit. De fractie stemt voor de beide moties van de Partij voor de Dieren, omdat de rechtsbescherming van de inwoners erdoor versterkt zal worden.

Ik wil toch nog even tot uitdrukking brengen dat een stem voor de Invoeringswet geen stem is voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2021. Er moet nog heel, heel veel gebeuren komend jaar. Bij het inwerkingtredings-KB zullen wij de balans opnieuw opmaken, opnieuw de afweging maken of het verantwoord is. Wat ons betreft, zou ik graag de Kamer willen oproepen dat we die behandeling alleen gaan doen als alle informatie tijdig en goed is en als we die fatsoenlijk hier aan de orde kunnen stellen.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Nooren. Wenst een van de andere leden nog een stemverklaring af te leggen? Dat is niet het geval. De stemming begint bij nummer 43, het lid Koole.

In stemming komt het wetsvoorstel.

Vóór stemmen de leden: Van der Linden, Meijer, Moonen, Nanninga, Nooren, Van Pareren, Pijlman, Pouw-Verweij, Prins-Modderaar, Recourt, Rietkerk, Rombouts, Van Rooijen, Schalk, Stienen, Van Strien, Verkerk, Van der Voort, Vos, Van Wely, Wever, Adriaansens, Arbouw, Atsma, Baay-Timmerman, Backer, Van Ballekom, Beukering, Bezaan, Bikker, De Blécourt-Wouterse, Bredenoord, Bruijn, De Bruijn-Wezeman, Van der Burg, Cliteur, Crone, Dessing, Van Dijk, Dittrich, Doornhof, Essers, Ester, Faber-van de Klashorst, Frentrop, Geerdink, Van Hattem, Huizinga-Heringa, Jorritsma-Lebbink, Niek Jan van Kesteren, Ton van Kesteren, Klip-Martin en Knapen.

Tegen stemmen de leden: Koole, Kox, Nicolaï, Otten, Rosenmöller, Sent, Teunissen, Veldhoen, Vendrik, De Vries, Van Apeldoorn, De Boer, Ganzevoort, Gerkens, Van Gurp, Janssen, Karimi, Kluit en Koffeman.

De voorzitter:

Ik constateer dat dit wetsvoorstel met 53 stemmen voor en 19 stemmen tegen is aangenomen.