T02852

Toezegging Het verzoek van de Eerste Kamer doorgeven aan het BIT betreffende het opleveren van het advies tweede fase DSO (34.986)



De minister voor Milieu en Wonen zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van de leden Nooren (PvdA), Kluit (GroenLinks) en Janssen (SP), toe het uitdrukkelijke verzoek van de Eerste Kamer of het advies van het Bureau ICT-toetsing (BIT) over de tweede fase (uitbreidingsfase) van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) voor de toezending van het inwerkingtredings-KB opgeleverd kan worden, over te brengen aan het BIT.


Kerngegevens

Nummer T02852
Status openstaand
Datum toezegging 28 januari 2020
Deadline 1 januari 2021
Voormalige Verantwoordelijke(n) Minister voor Milieu en Wonen
Huidige Verantwoordelijke(n) Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Kamerleden Mr. R.A. Janssen (SP)
Drs. S.M. Kluit (GroenLinks)
Drs. J.E.A.M. Nooren (PvdA)
Commissie commissie voor Infrastructuur, Waterstaat en Omgeving (IWO)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie overig
Onderwerpen Bureau ICT-toetsing
Digitaal Stelsel Omgevingswet
Invoeringswet Omgevingswet
Omgevingswet
Kamerstukken Invoeringswet Omgevingswet (34.986)


Uit de stukken

Handelingen I 2019-2020, nr. 17, item 3, blz. 11-32

Mevrouw Nooren (PvdA):

(…)

In zijn algemeenheid is de vraag of het DSO gaat werken zoals beoogd op dit moment nog niet te beantwoorden. In het licht van onze verantwoordelijkheid om de uitvoerbaarheid van de wet te beoordelen, is dat een lastige kwestie. We gaan ervan uit dat we bij het bespreken van het invoerings-KB in deze Kamer expliciet stil zullen staan bij de werking van het DSO, zowel op landelijk als op decentraal niveau. Voor de planning zeg ik het volgende. Voor de PvdA is dat debat pas zinvol als het BIT-advies er ligt, om een beeld te kunnen vormen over de doorontwikkeling van het DSO.

(…)

Mevrouw Kluit (GroenLinks):

(…)

Ik begin met een aantal procedurele observaties en daarna inhoudelijke. Allereerst vragen wij ons af of dit wel het goede moment is om het in de Kamer al te hebben over de invoeringswet. Wat ons betreft ontbreekt er echt hele belangrijke informatie, die onmisbaar is, over wat er gebeurt bij decentrale overheden, de uitvoeringspraktijk of zelfs gewone mensen.

Waar gaat het dan om? Bijvoorbeeld om het DSO en de werking daarvan. We weten niet wat de uitvoeringskosten zijn voor de decentrale overheden. We weten ook niet wat de doorontwikkelkosten zijn en welk tempo daarin gemaakt gaat worden. Een BIT-advies of een gateway review zou wat ons betreft onmisbaar zijn geweest.

(…)

De heer Janssen (SP):

(…)

Voorzitter. Maar daarnaast is het natuurlijk heel onbevredigend en vanuit het oogpunt van zorgvuldigheid eigenlijk gewoon onwenselijk dat het volgende BIT-advies over de opvolging en voortgang van het BIT-rapport uit 2017 pas beschikbaar komt nadat de Eerste Kamer al wordt geacht te hebben ingestemd met de invoeringswet. Dat is een ongewisse sprong in het diepe, gelet op de vele rijks-ICT-projecten die eerder onhaalbaar en onhandelbaar bleken te zijn. Iedereen kent de voorbeelden: Belastingdienst, UWV, Defensie, rechtspraak en — minder dan een jaar geleden nog, heel recent — de NVWA, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, het Inspect-project. Het BIT had al in 2017 gewaarschuwd, maar het project werd toch onverminderd doorgezet. Kern van het verhaal: de oplossing die ontwikkeld is, is zo complex dat de kosten voor beheer en onderhoud de pan uit rijzen. Dat moet eenieder met de Omgevingswet in het hoofd toch ook bekend in de oren klinken. Er zijn te veel overeenkomsten om te negeren, zeg ik ook in de richting van de heer Otten.

Toch wordt er van de Eerste Kamer een oordeel gevraagd over invoering van de Omgevingswet, een aantal maanden voor een cruciaal BIT-rapport verschijnt over de stand van zaken en vooruitzichten van het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Dat zou immers in april komen? Waarom wil de minister niet wachten tot april, om te voorkomen dat zij gelijke stappen zal moeten zetten als de minister van LNV, die vorig jaar de stekker uit het Inspectproject van de NVWA trok, omdat toen duidelijk was geworden dat het budget van 95 miljoen met tientallen miljoenen zou worden overschreden? De minister van LNV heeft daarop een periode van herbezinning ingelast. Dat BIT-rapport, twee jaar na het eerste rapport over de uitvoering, bleek cruciaal. Deze minister heeft nu de mogelijkheid om die periode van herbezinning voor te blijven en zo'n periode vooraf in te lassen, in afwachting van het BIT-rapport in april. Is de minister, lerend van de ervaringen van haar collega van LNV, hiertoe bereid, is mijn vraag aan haar. Een simpel ja of nee zou daarop volstaan.

Handelingen I 2019-2020, nr. 18, item 6, blz. 8-9

Mevrouw Kluit (GroenLinks):

In de introductie heb ik gevraagd om een aantal sets aan informatie voor het koninklijk besluit. U zei een beetje tussen neus en lippen door dat u die allemaal zal geven. Ik wil even checken of dat dan ook echt alle informatie is. Ik heb gevraagd om het BIT-advies en de Gateway Review. Ik heb ook gevraagd om de kosteninschatting voor decentrale overheden en de nulmeting voor de VHT-kolom. Zitten die daar dan allemaal bij?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:

Er is al in 2017 een BIT-advies opgeleverd. Dat lag dus al bij uw Kamer. Er is nu bij het BIT een adviesaanvraag gedaan voor de tweede fase. Het BIT is echter onafhankelijk, dus die laten noch door mij, noch door u bepalen wanneer zij iets opleveren. Ik ben graag bereid om het uitdrukkelijke verzoek van de Kamer of het van tevoren kan worden opgeleverd aan hen over te brengen. Dit BIT-advies is echter voor de tweede fase

(…)

Minister Van Veldhoven-van der Meer:

(…) Het BIT komt ook nog met een advies over de tweede fase, de uitbreidingsmodule, om het zo maar te zeggen. Ik begrijp heel goed dat de Kamer dat graag zou willen zien rond de zomer, wanneer wij spreken over de invoeringsdatum. Omdat het BIT onafhankelijk is, kan ik daar niet op sturen, maar ik ben graag bereid om het aan ze over te brengen.


Brondocumenten


Historie