Naar hoofdinhoud Naar hoofdnavigatiemenu
E110005
  ruit icoon
Laatste revisie: 22-10-2019

E110005 - Richtlijn voor het gebruik van passagiersgegevens voor de preventie, detectie, het onderzoek en vervolging van terroristische daden en zware criminaliteit (Europees PNR)



In dit voorstel stelt de Europese Commissie gemeenschappelijke regels voor op grond waarvan de EU-lidstaten nationale systemen voor de verwerking van passagiersgegevens moeten opzetten. Luchtvaartmaatschappijen moeten de EU-lidstaten gegevens verstrekken over de passagiers die de EU in- of uitreizen, waarbij een hoog niveau van bescherming van privacy en persoonsgegevens wordt gewaarborgd. Onder passagiersgegevens wordt de informatie verstaan die passagiers aan luchtvaartmaatschappijen verstrekken wanneer zij een ticket reserveren en boeken en wanneer zij inchecken voor een vlucht.


Stand van zaken

Behandelfase Eerste Kamer: implementatietraject gestart.

Nationaal

Het kamerstukdossier 34.861 geeft een volledig overzicht van de behandeling van de implementatiewetgeving in de Tweede en Eerste Kamer.

Europees

Richtlijn 2016/681/EUPDF-document werd op 27 april 2016 ondertekend door de Raad en het Europees Parlement en werd op 4 mei 2016 gepubliceerd in Pb EU L119/132. De richtlijn diende uiterlijk 25 mei 2018 geïmplementeerd te zijn.


Kerngegevens

volledige titel

Voorstel voor een richtlijn betreffende het gebruik van persoonsgegevens van passagiers voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en zware criminaliteit

document Europese Commissie

COM(2011)32PDF-document, d.d. 2 februari 2011

rechtsgrondslag

VWEU artikel 82 lid 1 en artikel 87 lid 2

commissie Eerste Kamer

beleidsterreinen

verwante dossiers


Implementatie

Richtlijn 2016/681/EUPDF-document werd op 27 april 2016 ondertekend door de Raad en het Europees Parlement en werd op 4 mei 2016 gepubliceerd in Pb EU L119/132. De richtlijn diende uiterlijk 25 mei 2018 geïmplementeerd te zijn. Implementatie zal geschieden door Regels inzake de oprichting van een passagiersinformatie-eenheid en het gebruik van persoonsgegevens van passagiers voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit.

Op 19 juli 2018 is de Nederlandse regering door de Europese Commissie in gebreke gesteld wegens het overschrijden van de implementatietermijn. Op 6 juli 2019 is de implementatie voltooid.

De Wet gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven is op 18 juni 2019 is in werking getreden (Wet van 5 juni 2019, houdende regels ter implementatie van richtlijn (EU) 2016/681 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 over het gebruik van persoonsgegevens van passagiers (PNR-gegevens) voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit (PbEU 2016, L 119). Verder is op 5 juli 2019, het Besluit gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven gepubliceerd (Stb. 2019, 249). Met de inwerkingtreding daarvan per 6 juli jl. is de implementatie voltooid.

Bron: Stand van zaken implementatie richtlijnen derde kwartaal 2019

Kamerstukdossier 34.861 geeft een volledig overzicht van de behandeling van de implementatiewet in zowel de Eerste als de Tweede Kamer.


Behandeling Eerste Kamer

Op 3 april 2018 besprak de commissie I&A/JBZ het verslag van de JBZ-Raad van 8-9 maart 2018, waarin de stand van zaken met betrekking tot de voortgang van de implementatie van de PNR-richtlijn wordt uitgezet.

Op 12 april 2016 bespraken de commissies I&A/JBZ en V&J de brief van de minister van veiligheid en Justitie van 6 april 2016 inzake schriftelijke stemming gegevensbeschermingspakket en de PNR-richtlijn en namen het voor kennisgeving aan.

Op 19 januari 2016 besprak de commissie I&A/JBZ de brief van de regering met de beantwoording op de vragen over de PNR-richtlijn van de commissie op 24 november 2015 en een brief van de regering over de stand van zaken van de PNR-richtlijn. De commissie besloot de brieven voor kennisgeving aan te nemen.

Op 22 december 2015 besprak de commissie I&A/JBZ de twee brieven van de minister van Veiligheid en Justitie over de PNR-richtlijn en het verslag van de JBZ-Raad van 3-4 december 2015, waarin de richtlijn ook behandeld wordt. Op verzoek van de leden van de fractie van de SP wordt het agendapunt aangehouden tot 19 januari 2016.

Op 16 december 2015 hebben de bewindspersonen van V&J een brief verzonden aan de Kamers over de stand van zaken van de verschillende JBZ-dossiers die onder Nederlands Voorzitterschap zullen worden behandeld. De brief bevat een overzicht van de belangrijkste thema's en wetgevingsdossiers en van de ambities van de Nederlandse regering op het gebied van JBZ. De richtlijn over Europees PNR is één van deze JBZ-dossiers.

Op 14 december 2015 stuurde de minister van Veiligheid en Justitie een brief met de voortgang van de Europese besluitvorming rond de PNR-richtlijn.

Op 14 december 2015 ontving de Eerste Kamer een brief van de minister van Veiligheid en Justitie met de beantwoording van de vragen van commissie I&A/JBZ op 24 november 2015. Hierin schetst de minister de stand van zaken van de Europese onderhandelingen over de PNR-richtlijn en beantwoord vragen die de commissie had gesteld.

Op 2 december 2015 stuurde de commissie I&A/JBZ een rappelbrief naar de minister van Veiligheid en Justitie inzake de beantwoording van de brief van 24 november 2015 over de PNR-richtlijn, met het verzoek om uiterlijk maandag 7 december 2015 een reactie op deze brief te sturen.

Op 1 december 2015 besprak de commissie I&A/JBZ de geannoteerde agenda van de JBZ-Raad van 3-4 december 2015, waarin de stand van zaken van de EU PNR-richtlijn wordt behandeld, in aanloop van de JBZ-Raad van 3-4 december 2015. De commissie besluit om een rappelbrief aan de minister van V&J te sturen met het verzoek om uiterlijk 8 december 2015 te beschikken over de beantwoording van de vragen van de commissie van 24 november inzake de PNR-richtlijn

Op 30 november 2015 stuurde de minister van Veiligheid en Justitie een brief met de stand van zaken voortgang EU PNR-richtlijn.

Op 24 november 2015 is de brief tijdens de commissievergadering van I&A/JBZ de conceptbrief inzake de PNR-richtlijn ongewijzigd vastgesteld en verstuurd naar de minister van Veiligheid en Justitie. Daarnaast is de brief van de minister-president van 17 november 2015 inzake aanslagen in Parijs en JBZ-Raad 20 november voor kennisgeving aangenomen.

Op 17 november 2015 stuurde de minister-president een brief naar aanleiding van de aanslagen in Parijs en met informatie over de extra ingelaste JBZ-Raad van 20 november 2015.

Op 17 november 2015 besloot de commissie I&A/JBZ naar aanleiding van de brief van de minister van V&J van 21 augustus 2015 en de technische briefing op 10 november 2015 door het Britse National Border and Targeting Centre (NBTC) over het gebruik van PNR in schriftelijk overleg te treden met de regering.

Op 10 november 2015 verzorgt het National Border and Targeting Centre (NBTC) van het Britse ministerie van Binnenlandse Zaken een technische briefing over het gebruik van PNR voor de leden van de commissie I&A/JBZ.

Op 3 november 2015 besprak de commissie I&A/JBZ het verslag van de JBZ-Raad van 8-9 oktober 2015, waarin deze richtlijn stond geagendeerd, en nam deze voor kennisgeving aan wat betreft deze richtlijn.

Op 22 september 2015 besprak de commissie I&A/JBZ de brief van de minister van V&J van 21 augustus 2015 inzake de stand van zaken in de voortgang van de onderhandelingen over de richtlijn voor een Europees PNR en de brief van 21 augustus 2015 van de minister van V&J met een aanbod voor een technische briefing door het National Border and Targeting Centre (NBTC) van het Britse ministerie van Binnenlandse Zaken. De commissie geeft aan graag gebruik te willen maken van dit aanbod. Zij besluit voorts om eventueel schriftelijk overleg aan te houden in afwachting van deze technische briefing.

Op 8 september 2015 besloot de commissie I&A/JBZ het agendapunt betreffende de bespreking van de twee brieven aan te houden tot 22 september 2015.

De minister van Veiligheid en Justitie heeft op 21 augustus 2015 een brief gestuurd om te informeren over het aanbod van het Britse National Border and Targeting Centre (NBTC) van de Britse Ministerie van Binnenlandse Zaken om een presentatie te verzorgen voor Tweede Kamerleden en Senatoren over het gebruik van PNR. Ook heeft de minister in een brief de kamer geïnformeerd over nieuwe stappen omtrent het besluitvormingsproces rond de EU PNR-richtlijn. De minister geeft hierin aan dat Nederland bij inhoudelijke gesprekken het met de kamer afgesproken standpunt aanhoudt en benadrukt steeds de noodzaak van sterke waarborgen van het recht op gegevensbescherming. De commissie voor Immigratie en Asiel/JBZ-Raad bespreekt op 8 september 2015 de twee brieven.

De commissie voor Immigratie en Asiel/JBZ-Raad besprak op 16 juni 2015 de brief van de minister van Veiligheid en Justitie van 4 juni 2015 over de geannoteerde agenda van de JBZ-Raad en de laatste stand van zaken van het besluitvormingsproces rond de EU PNR-richtlijn. De commissie heeft besloten deze brief voor kennisgeving aan te nemen.

De minister van Veiligheid en Justitie reageerde op 12 februari 2015 op de vragen van de commissie I&A/JBZ over het PNR dossier naar aanleiding van de aanslagen in Parijs en het verslag van de JBZ-Raad van 4-5 december 2014. In de brief geeft de minister onder meer aan dat het Nederlandse standpunt ten aanzien van het PNR dossier ongewijzigd is. De commissie besprak de reactie op 24 februari 2015 en nam deze voor kennisgeving aan.

De commissie I&A/JBZ besprak op 13 januari 2015 het verslag van de JBZ-Raad van 4-5 december 2014. Naar aanleiding van dit verslag en de recente ontwikkelingen na de aanslagen in Parijs besloot de commissie schriftelijk vragen te stellen aan de regering over het PNR-dossier. De commissie wenst graag te vernemen of de recente aanslagen in Parijs in de afgelopen week invloed hebben op het Nederlandse standpunt ten aanzien van de ontwikkeling van de richtlijn voor een Europees PNR-systeem en ten aanzien van de stand van zaken in de verhouding met het Europees Parlement in dit dossier. De brief aan de minister van Veiligheid en Justitie werd op 14 januari 2015 verstuurd.

De commissie I&A/JBZ besprak op 4 november 2014 het verslag van de JBZ-Raad van 9-10 oktober 2014. Met betrekking tot het EU PNR-dossier besluit de commissie de behandeling te vervolgen zodra de onderhandelingen op Europees niveau opnieuw zijn opgestart, zoals in het verslag staat aangekondigd.

Op 5 februari 2013 hebben de minister en staatssecretaris van Veiligheid en Justitie gereageerd op de brief van commissie I&A/JBZ van 18 december 2012 over de samenhang van regels voor het gebruik van persoonsgegevens. De commissie heeft de brief op 12 februari 2013 voor kennisgeving aangenomen.

Op 18 december 2012 is de brief vastgesteld en verstuurd. De commissie vraagt de minister van Veiligheid en Justitie naar de samenhang van regels voor het gebruik van persoonsgegevens. Op de verwerking en doorgifte van passagiersgegevens is inmiddels diverse wet- en regelgeving van toepassing, terwijl meer regelgeving in voorbereiding is. De leden van de commissie hebben behoefte aan inzicht in de samenhang tussen deze regels, zowel de geldende als de toekomstige. De verhouding tussen deze regels - de overeenkomsten en verschillen en de hiërarchie - is hen nu niet voldoende duidelijk

De fractie van de VVD levert inbreng voor een brief aan de regering over het richtlijnvoorstel PNR. Op 18 december 2012 wordt een conceptbrief besproken.

Op 4 december 2012 sprak de commissie de (besloten) technische briefing van de Europese Commissie over het belang van het gebruik van PNR-gegevens bij de strijd tegen terrorisme en criminaliteit na.

Op 27 november 2012 vindt er een (besloten) technische briefing van de Europese Commissie plaats over het belang van het gebruik van PNR-gegevens bij de strijd tegen terrorisme en criminaliteit.

Op 23 oktober 2012 is gesproken over de mogelijke data voor een (besloten) technische briefing van de Europese Commissie over het belang van het gebruik van PNR-gegevens bij de strijd tegen terrorisme en criminaliteit.

Op 9 oktober 2012 besloot de commissie de reactie van de Europese Commissie voor kennisgeving aan te nemen en in te gaan op het aanbod van de Europese Commissie om het belang van het gebruik van PNR-gegevens bij de strijd tegen terrorisme en criminaliteit in een besloten bijeenkomst mondeling toe te lichten.

Op 25 september 2012 besloot de commissie de bespreking van de reactie van de Europese Commissie aan te houden tot 2 oktober 2012.

De Europese Commissie heeft op 20 juli 2012 gereageerd op de brief van 11 november 2011 met nadere vragen over het richtlijnvoorstel. Deze reactie zal na het zomerreces besproken worden.

Op 3 juli 2012 is de reactie van de minister voor I&A voor kennisgeving aangenomen.

De minister voor I&A heeft, mede namens de minister van V&J, op 25 juni 2012 gereageerd op de brief van de commissie van 16 mei 2012. De minister geeft aan dat de Nederlandse regering van mening is dat de ontwerp-richtlijn Europees PNR de ruimte biedt om op nationaal niveau passagiersgegevens te gebruiken voor de bestrijding van illegale migratie en ter verbetering van grenscontroles, mits nationale wetgeving daarvoor een basis geeft.

Op 21 mei 2012 is een brief aan de Europese Commissie verstuurd namens de commissies voor I&A/JBZ en V&J over de voorstellen inzake de bescherming van persoonsgegevens (dossiers E120003 en E120004). In deze brief wordt de Europese Commissie tevens gerappelleerd over de brief van de commissie I&A/JBZ d.d. 11 november 2011 over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR.

De commissie voor I&A/JBZ heeft op 15 mei 2012 ingestemd met de conceptbrief aan de JBZ-bewindslieden waarin om opheldering wordt gevraagd over de ruimte die het richtlijnvoorstel biedt om PNR-gegevens (conform nationale wetgeving) te gebruiken voor de bestrijding van illegale immigratie en grenscontroles. De brief is op 16 mei 2012 verstuurd.

Op 8 mei 2012 besloot de commissie om volgende week (15 mei 2012) een conceptbrief aan de JBZ-bewindslieden te bespreken op basis van inbreng van de leden van de fracties van de PvdA en VVD.

De commissie voor I&A/JBZ besloot op 24 april 2012 om op 8 mei 2012 inbreng te leveren voor een brief aan de JBZ-bewindslieden om opheldering te vragen over de ruimte die het richtlijnvoorstel biedt om PNR-gegevens conform nationale wetgeving te gebruiken voor de bestrijding van illegale immigratie en grenscontroles.

Op 24 april 2012 heeft de minister van Veiligheid en Justitie een raadsdocument aan de Kamers aangeboden met de versie van het voorstel voor de richtlijn gebruik van passagiersgegevens zoals het op de JBZ-Raad van 26 april a.s. voorligt.

De brief van de minister voor I&A d.d. 9 maart 2012 is op 27 maart 2012 voor kennisgeving aangenomen.

Op 9 maart 2012 heeft de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel (I&A) een brief gestuurd aan beide Kamers over het gebruik van passagiersgegevens in het grensbeheer. De regering kondigt in deze brief wetgeving aan, omdat het stelselmatige gebruik van passagiersgegevens door de Koninklijke Marechaussee voor andere grenstoezichtstaken dan het tegengaan van illegale immigratie of het uitwisselen van gegevens tussen de betrokken diensten met het oog op gecoördineerd optreden op basis van huidige wetgeving slechts beperkt mogelijk is.

De commissie I&A/JBZ heeft op 6 maart 2012 gesproken over de richtlijn voor een Europees PNR.

Op 22 november 2011 hebben de commissies voor I&A/JBZ en V&J de reactie van de minister van Veiligheid en Justitie van 16 november 2011 over de cumulatie van antiterrorismemaatregelen voor kennisgeving aangenomen.

Op 16 november 2011 heeft de Eerste Kamer een reactie van de minister van Veiligheid en Justitie ontvangen op de brief van 27 september 2011 over de cumultatie van antiterrorismemaatregelen. De minister geeft aan zich in de brief vooral te concentreren op de vraag van de commissies over de samenhang en de verschillen tussen de verschillende maatregelen (richtlijn voor een Europees PNR, de PNR-overeenkomst tussen de EU en Australië (E110026) en de mededeling over het traceren van terrorismefinanciering (E110041)).

Op 11 november 2011 is de brief namens de commissie I&A/JBZ verstuurd aan de vicevoorzitter van de EC. In de brief stelt de commissie een aantal nadere vragen over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR. Zo vraagt de commissie of de EC de noodzakelijkheid van de grootschalige opslag en het gebruik van PNR-gegevens kan aantonen. De commissie gaat eveneens in op het antwoord van de EC in haar brief d.d. 11 oktober 2011 dat de bewaartermijn van PNR-gegevens van vijf jaar volgens de Commissie het juiste evenwicht biedt tussen rechtshandhavingsvereisten en gegevensbescherming. De Eerste Kamercommissie zou op dit punt graag een uitgebreidere toelichting en motivering krijgen.

Tijdens de vergadering van de commissie I&A/JBZ op 8 november 2011 besloot de commissie om een commissiebrief te sturen aan de Europese Commissie (EC) naar aanleiding van de reactie van de EC d.d. 11 oktober 2011 op de brief van de Eerste Kamer d.d. 15 maart 2011, waarin de Kamer vragen stelt over onder andere de bewaartermijn van PNR-gegevens.

De commissie voor Immigratie en Asiel/JBZ-Raad (I&A/JBZ) zal op 8 november 2011 spreken over een conceptbrief aan de Europese Commissie waarin een aantal fracties nadere vragen stellen aan de Europese Commissie.

Tijdens de vergadering van 1 november 2011 is de brief van de Europese Commissie van 11 oktober besproken. De leden van de fractie van de VVD hebben aangegeven dat zij van oordeel zijn dat niet alle commissievragen in de brief van de Europese Commissie van 11 oktober 2011 afdoende zijn beantwoord en dat zij nadere vragen wensen te stellen aan de Europese Commissie.

De Eerste Kamer heeft op 11 oktober 2011 een reactie ontvangen van de Europese Commissie op de brief van 15 maart 2011. De EC geeft onder meer aan dat 'maaltijdkeuze' (in een vliegtuig) en 'medische condities' gegevens zijn die bedoeld worden met gevoelige gegevens. Deze gegevens mogen niet gebruikt worden. Wat betreft de bewaartermijn geeft de EC aan dat de bewaartermijn van vijf jaar het juiste evenwicht biedt tussen rechthandhavingsvereisten en gegevensbescherming.

De commissie heeft op 27 september 2011 een brief verstuurd aan de minister van Veiligheid en Justitie waarin de commissie vraagt om de visie van de regering op het 'stapelen' van Europese antiterrorismemaatregelen waarbij persoonsgegevens van burgers worden gebruikt. De commissie vraagt of daarbij aandacht kan worden besteed aan:

  • de noodzaak van steeds weer nieuwe maatregelen,
  • de proportionaliteit van deze maatregelen,
  • de effectiviteit van zowel nieuwe als bestaande maatregelen,
  • de bescherming van persoonsgegevens,
  • de rechtsbescherming van de burger en
  • de samenhang tussen de verschillende maatregelen.

De brief van de minister van Veiligheid en Justitie van 30 mei 2011 is op 13 september 2011 voor kennisgeving aangenomen. De commissie besloot op 13 september tevens een brief te schrijven aan de minister van V&J over de visie van de regering op het 'stapelen' van Europese antiterrorismemaatregelen waarbij persoonsgegevens van burgers worden gebruikt. In de brief zal onder meer worden gevraagd naar de verhouding tussen de voorgestelde PNR-richtlijn en de PNR-overeenkomsten met derde landen (zie onder meer E110026), bijvoorbeeld voor wat betreft de bescherming van de privacy.

Op 5 september 2011 hebben een aantal Eerste Kamerleden een werkbezoek aan Schiphol gebracht dat in het teken zal stond van het gebruik van passagiersgegevens. Op het programma stonden onder meer een presentatie van de AIVD en een presentatie van e-Borders , een onderdeel van het UK Border Agency, over hun ervaringen met passagiersgegevens.

De commissie voor Immigratie en Asiel/JBZ-Raad besloot op 5 juli 2011 om de bespreking van de brief van de minister van V&J van 30 mei 2011 aan te houden tot 13 september 2011 , omdat het door de commissie opgevraagde vertrouwelijke advies van de Juridische Dienst van de Raad nog niet was ontvangen.

De commissie voor I&A/JBZ besloot op 28 juni 2011 om de bespreking van de brief van de minister van V&J aan te houden tot 5 juli 2011. Tevens is op 29 juni 2011 een brief verzonden aan de minister met het verzoek het vertrouwelijke advies van de Juridische Dienst van de Raad ter vertrouwelijk inzage aan de Eerste Kamer toe te zenden.

De commissie voor Immigratie en Asiel/JBZ-Raad heeft op 21 juni 2011 besloten de bespreking van de brief van de minister van V&J van 30 mei 2011 aan te houden tot bekend is hoe de Tweede Kamer de behandeling van dit dossier voortzet.

In de reactie van 30 mei 2011 gaat de minister van Veiligheid & Justitie in op de vragen van de commissie over onder andere profiling en het advies van de Europese Toezichthouder Gegevensbescherming (EDPS). De minister laat tevens weten dat er medio juni 2011 een advies van het Grondrechtenagentschap wordt verwacht over het richtlijnvoorstel.

Op 27 april 2011 is een brief verstuurd aan de minister van V&J namens de commissie JBZ met vragen en opmerkingen naar aanleiding van de brief van de minister van 5 april 2011. De commissie stelt onder meer vragen over het aanleggen van profielen, gevoelige gegevens en het rapport van de European Data Protection Supervisor (EDPS) over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR.

De commissie heeft de reactie van de minister op 19 april 2011 besproken en besloten nogmaals schriftelijk in overleg te treden met de minister.

Op 5 april 2011 heeft de minister van V&J de brief beantwoord van de commissie JBZ van 25 februari 2011. In de brief gaat de minister onder meer in op de achtergrond van het voorstel, de toegevoegde waarde van het voorstel, het onderscheid dat de Commissie maakt tussen "zware criminaliteit" en "zware transnationale criminaliteit", gevoelige gegevens (zoals religeuze overtuiging) en het gebruik van de gegevens en de bewaartermijn.

De minister van Veiligheid en Justitie heeft op 22 maart 2011 een brief gestuurd aan de Eerste Kamer waarin hij aangeeft dat een aantal van de vragen die de JBZ-commissie in haar brief van 25 februari 2011 heeft gesteld aan bod komen in het bnc-fiche over het richtlijnvoorstel. Het volledige antwoord kan de commissie binnen drie weken na dagtekening van deze brief tegemoet zien.

Op 15 maart 2011 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de conceptbrief aan de vicevoorzitter van de Europese Commissie over het richtlijnvoorstel inzake het gebruik van passagiersgegevens voor wethandhavingsdoeleinden. De brief is diezelfde dag nog verstuurd. De Eerste Kamer stelt onder meer vragen over de proportionaliteit van het voorstel en de bewaartermijn van PNR-gegevens.

Op 1 maart 2011 heeft de JBZ-commissie een brief gestuurd aan de Voorzitter van de Eerste Kamer (EK) met een conceptbrief over een Europees PNR gericht aan de vicevoorzitter van de Europese Commissie. Op 15 maart 2011 zal de EK de conceptbrief plenair behandelen.

Op 22 februari 2011 heeft de fractie van het CDA inbreng geleverd voor een brief aan de regering en een brief aan de Europese Commissie. De overige aanwezige fracties sloten zich bij deze inbreng aan. De fractie van GroenLinks had enkele aanvullende vragen. In overleg met de fractie van het CDA werd dit verwerkt tot een gezamenlijke brief die op 25 februari 2011 verstuurd werd. De brief aan de Europese Commissie moet plenair worden vastgesteld en wordt naar verwachting na de plenaire vergadering van 15 maart 2011 verstuurd.

Op 21 februari 2011 hebben de commissies voor de JBZ-Raad, Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat/Algemene Zaken en Huis der Koningin, Justitie, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Volksgezondheid, Welzijn en Sport/Jeugd en Gezin een expertmeeting gehouden over de rol van de overheid bij digitale dataverwerking ter voorbereiding op het beleidsdebat over de rol van de overheid bij digitale dataverwerking dat op 17 mei 2011 plaats zal vinden (zie 31051).

De commissie voor de JBZ-Raad besloot op 8 februari 2011 om inbreng te leveren over het richtlijnvoorstel op 22 februari 2011.


Behandeling Tweede Kamer

Op 7 december 2015 vond het nota overleg over de Staat van de Europese Unie 2015 plaats. Tijdens dit debat werden er een aantal moties ingediend. Op 15 december 2015 werd over deze moties gestemd, waarbij de motie-Verhoeven/Grashoff werd aangenomen. Hierin wordt de regering verzocht de Kamer te informeren over de positie die Nederland heeft ingenomen in de Raad over Passenger Name Records en de kamer altijd expliciet te informeren over de Nederlandse positie in de Raad voorafgaande aan instemming met een voorstel.

De commissie voor Veiligheid en Justitie heeft schriftelijk overleg gevoerd met de minister en staatssecretaris van Veiligheid en Justitie over onder andere de geannoteerde agenda van de informele JBZ-Raad van 9-10 juli 2015. Er zijn onder meer vragen gesteld over de voortgang van het EU PNR-richtlijnvoorstel. Op 3 juli 2015 is het verslag schriftelijk overleg vastgesteld.

Tijdens het algemeen overleg op 10 juni 2015 over de JBZ-Raad van 15-16 juni 2015 heeft de commissie voor Veiligheid en Justitie de brief van de minister van Veiligheid en Justitie van 4 juni 2015 over de stand van zaken van het besluitvormingsproces rond de EU PNR-richtlijn (Passenger Name Record) besproken. Ook tijdens het plenair debat van 11 juni 2015 kwam de PNR-richtlijn aan bod.

Voorafgaand aan de informele JBZ-Raad van 29-30 januari 2015 voerde de commissie voor Veiligheid en Justitie schriftelijk overleg met de bewindslieden van Veiligheid en Justitie. In het schriftelijk overleg wat op 28 januari 2015 werd vastgeld werden door verschillende fracties vragen gesteld over het verordeningsvoorstel. In het overleg geeft de minister onder meer aan dat het klopt dat er door verschillende partijen is bemerkt dat een nieuw voorstel aan de orde is. Evenwel heeft de Europese Commissie nog niet duidelijk gemaakt wanneer en in welke vorm een nieuw voorstel zal worden gedaan.

Op 9 juli 2012 heeft de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel gereageerd op het besluit van het Europees Parlement om de behandeling van een aantal JBZ-dossiers, waaronder prioritaire dossiers, op te schorten. Ten aanzien van de onderhandelingstrajecten van de opgeschorte dossiers deelt de minister mee dat er de komende tijd vooralsnog geen voortgang in de trilogen is voorzien, mede ook omdat het Europees Parlement half juli met reces gaat. Het Cypriotisch Voorzitterschap zal trachten de impasse in de onderhandelingen op de hierboven genoemde dossiers met het Europees parlement te doorbreken.

De Tweede Kamer heeft op 29 februari 2012 een brief van de minister van V&J ontvangen over de onderhandeling over de EU-PNR richtlijn. Bij de brief hoort de "Notitie Europees PNR-systeem". In de brief brengt de minister een aantal hoofdpunten onder de aandacht, zoals waarom de regering EU-PNR van belang acht en wat de prioriteiten zijn in de Europese onderhandelingen. In de bijgaande notitie worden deze standpunten nader uitgewerkt. De brief en notitie waren geagendeerd voor een algemeen overleg dat op 7 maart 2012 plaatsvond.

Op 25 januari 2012 heeft er een algemeen overleg plaatsgevonden over onder meer de informele JBZ-Raad van 26 en 27 januari 2012. Er is tijdens het overleg veelvuldig gesproken over een Europees PNR.

Op 8 juni 2011 heeft de commissie voor V&J besloten om het advies van de juridische dienst van de Raad, dat de Tweede Kamer besloten is toegekomen, te agenderen voor een algemeen overleg over de JBZ-Raad op 15 september 2011. Er zal besloten worden gesproken over het advies.

Tijdens de procedurevergadering van 25 mei 2011 besloot de commissie voor V&J om het richtlijnvoorstel over een Europees PNR te betrekken bij een algemeen overleg over de JBZ-Raad op 8 juni 2011 .

De commissie voor Veiligheid en Justitie (V&J) besloot tijdens de procedurevergadering op 27 april 2011 dat de minister zal worden verzocht het advies van de juridische dienst van de Raad aan de Tweede Kamer te doen toekomen. Aan dit verzoek werd op 23 mei 2011 per brief voldaan. Het gaat hier om niet openbare documenten en derhalve zijn deze alleen ter vertrouwelijke inzage voor Tweede Kamerleden beschikbaar.

Op 17 februari 2011 hebben de commissies voor Veiligheid en Justitie (V&J), Europese Zaken en Immigratie en Asiel (I&A) overleg gevoerd met de ministers van V&J en I&A. Tijdens het overleg is er gesproken over het ongedaan maken van de anonimisering van persoonsgegevens en over de noodzakelijkheid van de opslag van PNR-gegevens.


Standpunt Nederlandse regering

Nederland is in het BNC-fiche positief over de totstandkoming van een voorstel voor een EU PNR-systeem. Een gezamenlijk EU PNR-systeem strekt ertoe dat middels de verzameling van relevante gegevens inzicht kan worden verkregen in de reisbewegingen van personen die betrokken zijn bij terroristische misdrijven en zware criminaliteit. Verschillende lidstaten (Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Denemarken) hebben reeds wetgeving aangenomen voor het vastleggen en gebruiken van PNR-gegevens. Op basis van de verkregen inzichten kunnen maatregelen worden getroffen waardoor de kans dat er op het grondgebied van de Europese Unie terroristische misdrijven of andere zware misdrijven worden gepleegd kleiner wordt en de veiligheid wordt verhoogd. Bij de vormgeving van het systeem dient wel voldoende aandacht te worden besteed aan de werkbaarheid ervan en de kosten voor de luchtvaartmaatschappijen. De gegevensbescherming dient adequaat en in overeenstemming met nationale en internationale verplichtingen te worden geregeld.

Nederland vraagt bij de totstandkoming van het voorstel in het bijzonder aandacht voor:

  • Samenhang met andere (Europese) regelgeving rondom het verzamelen van passagiersgegevens
  • Gegevensbescherming
  • Bewaartermijnen
  • Kosten voor de luchtvaartmaatschappijen
  • Intra-EU vluchten
  • Evaluatiebepaling


Samenvatting voorstel Europese Commissie

Passagiersgegevens (PNR - Passenger Name Record) zijn de gegevens die passagiers aan luchtvaartmaatschappijen verstrekken wanneer zij een ticket boeken en wanneer zij inchecken voor een vlucht. Het gaat hierbij om informatie zoals reisdata, reisschema, ticketinformatie, contactgegevens, reisagent, betalingswijze, stoelnummer en bagage-informatie. Luchtvaartmaatschappijen verwerken deze gegevens voor commerciële doelen, maar de gegevens zijn ook bruikbaar bij de bestrijding van terrorisme en ernstige misdrijven zoals mensen- en drugshandel. Om te voorkomen dat 27 onderling verschillende PNR-systemen ontstaan met ongelijke bescherming van persoonsgegevens, stelt de Commissie voor de PNR-regels voor alle lidstaten te harmoniseren. Het voorstel heeft betrekking op luchtvaartmaatschappijen die vluchten uitvoeren tussen een derde land en ten minste één EU-lidstaat. Deze worden verplicht de gegevens van passagiers op internationale vluchten beschikbaar te stellen aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaten in het kader van de bestrijding van terrorisme en ernstige misdaad. Het voorstel bevat tevens bepalingen om het fundamentele recht op bescherming van persoonsgegevens te waarborgen.

Lees meer: uitgebreide samenvatting

Een eerder Commissievoorstel tot een kaderbesluit EU PNR uit 2007 kon niet volledig afgehandeld worden vóór de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon (zie E070188). Hierdoor werd een nieuw voorstel noodzakelijk.


Behandeling Raad

JBZ-Raad 8-9 maart 2018

Tijdens de JBZ-Raad van 8-9 maart 2018 werd gesproken over de voortgang van de implementatie van de PNR-richtlijn. Nederland onderstreepte het belang van tijdige implementatie en deelde verder mee dat de organisatorische voorbereidingen voor de implementatie in Nederland op schema liggen en dat de wetgeving inmiddels aan het parlement is aangeboden.

JBZ-Raad 7-8 december 2017

Tijdens de JBZ-Raad van 7-8 december 2017 heeft de Europese Commissie de stand van zaken met betrekking tot de implementatie van de PNR-verordening toegelicht.

Informele JBZ-Raad 26-27 januari 2017

Tijdens de Raad bespraken de ministers de PNR-richtlijn. Op voorstel van België sprak Nederland en marge van de Raad met de Ministers van Binnenlandse Zaken van België, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk over een «taskforce» of werkgroep die zich buigt over een pilot voor de toepassing van PNR in treinen. De lidstaten spraken af dat en marge van de JBZ-Raad d.d. 23 en 24 maart 2017 een korte presentatie wordt gegeven van de eerste plannen van de werkgroep.

JBZ-Raad 18 november 2016

Tijdens de Raad bespraken de ministers de voortgang van de implementatie van de PNR-richtlijn. De Raad heeft nota genomen van de lopende activiteiten van de uitvoering. De ministers onderstreepten de noodzaak van een gecoördineerde en samenhangende uitvoering van de richtlijn en op een regelmatige basis terug te keren naar deze kwestie.

JBZ-Raad 3-4 december 2015 (agendapunt II.8)

Tijdens de Raad bespraken de ministers de stand van zaken van de PNR-richtlijn en keurde een akkoord met het Europees Parlement goed over deze richtlijn. De commissie voor Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) van het Europees Parlement heeft op 10 december 2015 hierop ingestemd.

JBZ-Raad 20 november 2015

Tijdens de Raad bespraken de ministers welk gevolg is gegeven aan de bestaande maatregelen en hoe de EU haar optreden kan versterken naar aanleiding de aanslagen in Parijs. De zitting was onder andere toegespitst op een Europees PNR-systeem. De Raad herhaalde de urgentie en prioriteit om een EU-PNR systeem voor het einde van 2015 af te ronden, die ook binnenlandse vluchten zou moeten omvatten.

JBZ-Raad 8-9 oktober 2015 (agendapunt II.11)

Het Voorzitterschap heeft de Raad geïnformeerd over de werkzaamheden op dit dossier waarover inmiddels 2 trilogen hebben plaatsgevonden. Voor het einde van dit jaar volgen nog 5 trilogen. Uit de besprekingen komt naar voren dat lidstaten en Europees Parlement ver uit elkaar liggen voor wat betreft de bewaartermijn en de reikwijdte. Doel van het Voorzitterschap is om voor het einde van 2015 een akkoord te bereiken. Het Voorzitterschap riep de lidstaten nogmaals op om met hun nationale parlementen te spreken, opdat die overtuigd worden van de meerwaarde van PNR voor de veiligheid van de burgers.

Informele JBZ-Raad 9-10 juli 2015

Tijdens de Raad heeft het Luxemburgse Voorzitterschap aangegeven dat het Europees PNR-Richtlijn een prioriteit is en streeft (samen met de Raad en Commissie) er naar dit voor het einde van 2015 af te ronden.

JBZ-Raad 15-16 juni 2015

De JBZ-raad heeft de voortgang van het besluitvormingsproces rondom de EU PNR-richtlijn besproken. Naar verwachting zal de PNR-richtlijn in het najaar worden afgerond.

JBZ-Raad 12 en 13 maart 2015

De Raad concludeerde dat het informeel overleg met het Europees Parlement ter voorbereiding op de triloog zal worden voortgezet. Het Voorzitterschap benadrukte dat lidstaten bereid moeten zijn om compromissen te sluiten zodat spoedig overeenstemming kan worden bereikt.

Europese Raad 12 februari 2015

De Europese Raad nam een verklaring aan over de aanscherping van een aantal bestaande EU maatregelen om terrorisme te bestrijden. De Raad roept hierin onder meer op tot spoedige afronding van de EU PNR richtlijn.

JBZ-Raad 4-5 december 2014

Tijdens de Raad waren de minister het eens over de noodzaak om de richtlijn zo snel mogelijk aan te nemen. De Raad riep het Europees Parlement op om zo snel mogelijk haar positie vast stellen zodat de onderhandelingen met de Raad kunnen starten.

JBZ-Raad 9-10 oktober 2014

Er was onder een groot aantal lidstaten veel steun om in het PNR-dossier snel met het Europees Parlement tot overeenstemming te komen. Het is volgens veel lidstaten noodzakelijk dat het Europees Parlement voldoende garanties wordt geboden op het gebied van gegevensbescherming en de Raad zal daar dan ook voldoende aandacht aan moeten blijven geven. Opgemerkt werd dat het voorliggende PNR-voorstel opnieuw bekeken moet worden in het licht van de Hofuitspraak over dataretentie. Voorts werd door sommige lidstaten opgemerkt dat ook intra EU-vluchten onder het PNR systeem zullen moeten vallen. Het Voorzitterschap zal contact opnemen met de Voorzitter van het Europees Parlement.

Europese Raad 30 augustus 2014

Tijdens de Raad zijn er conclusies aangenomen waarin de Raad heeft opgeroepen de gesprekken met het Europees Parlement over de PNR-richtlijn nog in 2014 af te ronden.

JBZ-Raad 6-7 december 2012

Tijdens de JBZ-Raad van 6 en 7 december 2012 presenteerde het Iers voorzitterschap zijn prioriteiten. Ierland zal gaan samenwerken met het Europees Parlement (EP) om een oplossing te vinden in het Passenger Name Record (PNR) dossier. Ierland acht dit dossier van groot belang voor het hele terrein van terrorismebestrijding.

JBZ-Raad 26 en 27 april 2012 (agendapunt II.1)

Tijdens deze bijeenkomst heeft de Raad een algemene oriëntatie bereikt over de ontwerprichtlijn EU PNR. Het Deens voorzitterschap kan op basis hiervan gaan onderhandelen met het Europees Parlement en de Commissie. Het voorzitterschap gaf aan de standpunten van de lidstaten en met name de bezwaren rond de bewaartermijn, op te zullen brengen in de discussie met het EP. De triloog zal niet tijdens het Deens voorzitterschap afgerond worden.

Namens Nederland gaf staatssecretaris van Veiligheid en Justitie aan dat Nederland zich op de meeste punten kan vinden in het onderhandelingsresultaat. Hij gaf voorts aan dat het Nederlandse parlement grote bezwaren heeft tegen de ruime toegang tot de gegevens gedurende de eerste twee jaar van de bewaartermijn. Nederland zou graag zien dat de bewaartermijn wordt geknipt in drie in plaats van twee periodes. Nederland wil dat al na een aantal dagen de persoonsgegevens moeten worden afgeschermd. Persoonsgegevens mogen daarna alleen nog maar worden gebruikt voor strafrechtelijke onderzoeken naar ernstige strafbare feiten. Vanwege het bezwaar van het parlement tegen de huidige toegangsvoorwaarden stemde Nederland niet in met de huidige tekst en onthield zich daarom van stemming.

Informele JBZ-raad 26 en 27 januari 2012 (agendapunt 3)

Tijdens deze informele bijeenkomst vond een discussie plaats over de financiering van de implementatie van EU Passenger Name Record (PNR). De Commissie is bereid tot cofinanciering van het opzetten van PNR systemen, niet van de onderhoudskosten. Voor lidstaten is in 2012-2013 € 50 miljoen voor opzet van PNR-systemen gereserveerd. Onder het toekomstig Interne Veiligheidsfonds kan de financiering doorlopen.

Het kabinet acht de PNR-gegevens onder meer van belang voor de bestrijding van illegale immigratie en heeft in de Europese onderhandelingen voorgesteld ook dit doel expliciet op te nemen in de richtlijn voor een EU-PNR systeem. Dit voorstel heeft tot op heden weinig weerklank gevonden bij andere lidstaten. Een goede regeling van de waarborgen voor de gegevensbescherming blijft voor het kabinet een belangrijke randvoorwaarde.

De minister van Veiligheid en Justitie heeft aangegeven dat Nederland belang hecht aan de samenhang tussen de Advanced Passengers Information (API)-richtlijn en de PNR-richtlijn. Het is belangrijk om de API-richtlijn en de PNR-richtlijn niet geheel los van elkaar te zien, ook omdat lidstaten ten behoeve van overheidsgebruik vaak één systeem zullen ontwikkelen waarbij beide sets gegevens worden binnengehaald. Reeds bestaande (API) systemen zullen in verband met de komst van de EU PNR richtlijn moeten worden aangepast. Daarom vindt Nederland dat in het Fonds niet alleen het opzetten van nieuwe PNR-systemen moet worden opgenomen, maar ook het eventuele wijzigingen van bestaande systemen.

Op de website van Statewatch is een raadsdocument gepubliceerd van 29 april 2011 met een aangepaste versie van het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR naar aanleiding van discussies die zijn gevoerd in de Raadswerkgroep.

Op 15 april 2011 heeft de Raad een document over de voortgang van de onderhandelingen over het voorstel voor een Europees PNR limite gepubliceerd. Dit document is gepubliceerd op de website van Statewatch. Uit het document blijkt dat de voorbereidende werkzaamheden voor de ontwerprichtlijn voortgezet zullen worden op expert-niveau op basis van de indicatie door de Raad dat de richtlijn het mogelijk moet maken afzonderlijke lidstaten de mogelijkheid te geven om van specifieke intra-EU-vluchten PNR-gegevens te verzamelen.

JBZ-Raad 11-12 april 2011 (agendapunt 7)

Tijdens de Raad vond een eerste gedachtewisseling plaats over bepaalde onderdelen van het nieuwe voorstel voor een richtlijn voor uitwisseling van gegevens van vliegtuigpassagiers (Passenger Name Records (PNR)) ten aanzien van vluchten naar de EU en vanuit de EU naar derde landen. Het Voorzitterschap legde met betrekking tot de opneming van intra-EU-vluchten de Raad vier opties voor:

  • 1. 
    het niet opnemen van intra-EU-vluchten;
  • 2. 
    het facultatief opnemen van bepaalde intra-EU-vluchten op gerichte routes. Deze oplossing verplicht de lidstaten er niet toe PNR-gegevens voor intra-EU-vluchten te verzamelen, maar biedt die mogelijkheid wel aan lidstaten die dit vanuit operationeel oogpunt nodig achten;
  • 3. 
    het verplicht opnemen van bepaalde intra-EU-vluchten. Voor deze oplossing is de medewerking van alle lidstaten nodig, aangezien zij gezamenlijk de gerichte routes moeten vaststellen waarvoor PNR-gegevens verplicht moeten worden verzameld;
  • 4. 
    het verplicht opnemen van alle intra-EU-vluchten. In het kader van deze oplossing zouden de lidstaten niet zelf kunnen beslissen voor welke vluchten PNR-gegevens moeten worden verzameld. De regeling voor intra-EU-vluchten zou volledig identiek zijn aan die voor vluchten van en naar derde landen: in alle gevallen worden PNR-gegevens verzameld.

Ten aanzien van het voorstel van het Verenigd Koninkrijk intra-EU-vluchten verplicht op te nemen (in elk geval voor door lidstaten gekozen risicovluchten), ondersteunde de Eurocommissaris voor Binnenlandse Zaken weliswaar de nut en noodzaak daarvan, maar bepleitte zij een geleidelijke opbouw.

Namens Nederland gaf de minister voor Immigratie en Asiel aan positief te staan ten aanzien van het voorstel van de Commissie. Gezien de ervaringen met passagiersgegevens in het buitenland en (beperkter) in Nederland, verwachtte hij dat het gebruik van passagiersgegevens een meerwaarde heeft voor de bestrijding van terrorisme en zware criminaliteit. De minister onderstreepte het belang van een goede studie van alle facetten van het voorstel voor een EU-PNR-systeem, waarbij rekening moet worden gehouden met kritiek van onder meer het Europees Parlement en de EDPS (European Data Protection Supervisor ). Andere belangrijke elementen voor Nederland zijn onder andere de gegevensbescherming, de kosten en administratieve lasten voor luchtvaartmaatschappijen en overheden en de samenhang met andere, reeds bestaande dan wel nieuwe initiatieven op het gebied van terrorismebestrijding, rechtshandhaving en grenstoezicht, zoals de API-richtlijn.

Wat intra-EU-vluchten betreft, gaf de minister aan dat Nederland op dit moment niet voornemens is om ook passagiersgegevens van intra-EU-verkeer te verzamelen, behoudens in bijzondere omstandigheden. Wel staat Nederland open voor een discussie over de mogelijkheid voor lidstaten om op dit punt verder te gaan dan het voorstel.

Het Voorzitterschap concludeerde dat zich met betrekking tot intra-EU-vluchten een meerderheid aftekende voor optie 2 (het facultatief opnemen van bepaalde intra-EU-vluchten) en kondigde aan in de volgende Raad terug te zullen komen op dit onderwerp.

JBZ-Raad 24 en 25 februari 2011 (agendapunt 6)

Het betreft een presentatie van het nieuwe voorstel voor een richtlijn voor uitwisseling van gegevens van vliegtuigpassagiers (Passenger Name Records (PNR)) in de EU. Dit voorstel is op 2 februari 2011 door de Europese Commissie gepubliceerd. Met dit voorstel voldoet de Commissie aan de oproep in het Stockholm Programma.

Het voorstel besteedt veel aandacht aan de bescherming van persoonlijke data, onder meer door:

  • een beperkte doelbinding,
  • een beperkte bewaartermijn,
  • een verbod op het verzamelen en gebruik van gevoelige gegevens,
  • de beveiliging van de data,
  • passagiers recht op inzage in en herstel van hun persoonlijke gegevens te geven,
  • het anonimiseren van de PNR-gegevens na 30 dagen,
  • een verbod om uitsluitend op basis van een automatische analyse van de PNR-gegevens beslissingen te nemen die juridische gevolgen hebben voor de betrokken passagier.

Het standpunt van het kabinet zal zoals gebruikelijk worden neergelegd in een BNC-fiche dat aan de Tweede Kamer zal worden toegezonden.

Dit punt is vanwege tijdsgebrek niet aan de orde gekomen. Op de JBZ-Raad van 11 en 12 april 2011 zal dit voorstel wel besproken worden.

De Raad heeft op 11 februari 2011 een document gepubliceerd dat een vergelijkingstabel biedt tussen het richtlijnvoorstel Europees PNR en het ontwerpkaderbesluit zoals het voorlag aan het eind van het Tsjechisch presidentschap eind 2009. Het 'Kaderbesluit over het gebruik van persoonsgegevens van passagiers (PNR-gegevens) voor wethandhavingsdoeleinden' (COM(2007)654) is ook bij uw commissie in behandeling geweest (zie dossier E070188).

Op 10 februari 2011 heeft de delegatie van het Verenigd Koninkrijk bij de Raad van de EU amendementen ingediend om het Commissievoorstel voor een richtlijn voor een Europees PNR uit te breiden met het toezicht op vluchten binnen en buiten de EU om zo alle reizen binnen de EU ook te kunnen monitoren (zie commentaar derden).

In de databank EUR-Lex wordt de laatste stand van zaken in de Europese behandeling van het voorstel weergegeven.


Behandeling Europees Parlement

Op 14 april 2016 heeft het Europees Parlement ingestemd met de PNR-richtlijn. De richtlijn moet nog formeel worden goedgekeurd door de Raad. Nadat het is gepubliceerd in de EU publicatieblad hebben de lidstaten twee jaar om het om te zetten in nationale wetgeving.

Op 10 december 2015 heeft de commissie voor Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) ingestemd met het akkoord dat op 2 december 2015 was gesloten met de Raad van de Europese Unie. De plenaire stemming zal naar verwachting begin 2016 plaatsvinden.

Op 1 december 2015 besprak de commissie voor Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) de stand van zaken van het triloog over de richtlijn passagiersgegevens. De rapporteur Timothy Kirkhope is optimistisch dat een deal tegen het einde van het jaar bereikt kan worden, die ook rekening houdt met enkele zorgen van het Europees Parlement. Er wordt nog steeds onderhandeld over de periode waarin de gegevens bewaard zullen worden. Daarnaast benadrukt de rapporteur dat hij niet wil inboeten op een volledige herzieningsmechanisme die ervoor zorgt dat de wetgeving werkt en effectief is.

Op 16 november 2015 besprak de commissie voor Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) de stand van zaken van het triloog over de richtlijn passagiersgegevens.

De commissie voor Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) heeft op 15 juli 2015 ingestemd met het ontwerpverslag van rapporteur Timothy Kirkhope. Daarnaast heeft Kirkhope het mandaat gekregen om te beginnen met de onderhandelingen met de Raad. Hij hoopt de triloog met de Raad en Commissie in september 2015 te kunnen starten.

Het Europees Parlement nam op 11 februari 2015 een resolutie aan waarin zij belooft tegen het einde van dit jaar werk te maken van de voltooiing van een EU-PNR-richtlijn.

Op 10 februari 2015 bereikten de grootste fracties in het Europees Parlement overeenstemming om de onderhandelingen over dit dossier met de Raad te hervatten.

Op 4 februari 2015 vond er wederom een informele gedachtewisseling plaats tussen de leden van het Europees Parlement, de Raad en de Europese Commissie over het PNR dossier.

Op 10 november 2014 vond er een gedachtewisseling plaats tussen leden van de LIBE commissie van het Europees Parlement met vertegenwoordigers van de Europese Commissie en de Raad over het PNR-dossier.

Het Europees Parlement besloot op 10 juni 2013 de voorziene stemming over het voorstel van 12 juni 2013 uit te stellen en het voorstel terug te sturen naar de commissie voor Burgelijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) van het Europees Parlement. De rapporteur wist een meerderheid van het Europees Parlement ervan te overtuigen het voorstel terug te sturen naar de LIBE commissie omdat het voorstel volgens hem onvoldoende waarborgen biedt voor de bescherming van persoonsgegevens van Europese burgers.

Op 24 april 2013 heeft de LIBE commissie een amendement goedgekeurd waarmee zij het voorstel van de Europese Commissie verwerpt. Het amendement werd aangenomen met 35 stemmen voor en 25 stemmen tegen. Het voorstel werd doorverwezen naar de Conferentie van Voorzitters van het Europees Parlement die op 6 juni 2013 besloot dat het Europees Parlement op 12 juni 2013 alsnog plenair zal stemmen over het voorstel.

Stemming door de LIBE commissie over het verslag van de rapporteur stond gepland voor 17 december 2012. Als de commissie met het rapport en de amendementen instemt heeft de rapporteur goedkeuring om de onderhandelingen te openenen over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR.

Op 13 september 2012 heeft de Conferentie van Voorzitters van het EP besloten de onderhandelingen over de vijf dossiers die sinds 14 juni 2012 stil lagen, tot een voor het parlement bevredigende uitkomst zou zijn gevonden in het Schengen governance dossier (zie dossier E110049), te hervatten.

Het EP heeft op 14 juni 2012 besloten vijf JBZ-dossiers niet langer te behandelen tot een voor het Parlement bevredigende uitkomst is gevonden in het Schengen governance dossier (zie dossier E110049). Het gaat onder meer om het het voorstel voor een richtlijn voor het gebruik van passagiersgegevens (Europees PNR), het voorstel voor een richtlijn over aanvallen tegen informatiesystemen (zie dossier E100054) en het voorstel voor een verordening tot wijziging van de Schengengrenscode (zie dossier E110013).

Op 14 februari 2012 heeft de rapporteur zijn ontwerpverslag over het richtlijnvoorstel gepubliceerd. Op 28 maart 2012 en 3 april 2012 zijn er amendementen bij het ontwerpverslag gepubliceerd.

Op 11 juli 2011 heeft de Commissie vervoer en toerisme gesproken over het ontwerpadvies over het voorstel voor een Europees PNR. Het ontwerpadvies stelt voor de Commissie een studie te laten verrichten naar de kosten en eventueel maatregelen voor te stellen. Om de evenredigheid van de richtlijn te waarborgen, stelt de schaduwrapporteur voor het toepassingsgebied te beperken.

In de databank OEIL van het Europees Parlement wordt de laatste stand van zaken in de behandeling van het voorstel weergegeven.


Behandeling EESC

Op 5 mei 2011 heeft het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) een advies vastgesteld over een Europees PNR. Het EESC wijst er onder meer op dat bij de terugkerende afweging tussen veiligheid en vrijheid of meer in het bijzonder tussen het verhogen van de veiligheid en het verminderen van de rechten van burgers wat betreft de bescherming van hun persoonsgegevens, in geen geval mag worden ingegaan tegen de algemene beginselen die voortvloeien uit de grondrechten van personen. Het EESC steunt de opmerking van de Europese toezichthouder voor gegevensbescherming (EDPS), in diens laatste advies over het voorstel, dat PNR-gegevens niet stelselmatig en willekeurig maar van geval tot geval dienen te worden gebruikt.

  • Voorstel voor een richtlijn betreffende het gebruik van persoonsgegevens van passagiers voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en zware criminaliteit" advies
    Economisch en Sociaal Comité - CESE 803/2011
    5 mei 2011
    eescopinions.eesc.europa.eu/...

Standpunten andere lidstaten (IPEX)

De Nationale Assemblee van Frankrijk heeft op 23 december 2011 een resolutie aangenomen over het voorstel voor een Europees PNR. De Assemblee steunt de uitgebreide bewaartermijnen voor gegevens.

De Nationale Raad van Oostenrijk heeft op 6 april 2011 een brief aan de voorzitter van de Raad van de EU gestuurd waarin het verschillende punten aangeeft in het richtlijnvoorstel waar de Nationale Raad het niet mee eens is. Als deze punten niet worden opgehelderd zal de Raad dit voorstel niet steunen.

De senaat van Roemenië heeft op 6 april 2011 een reasoned opinion gestuurd waarin ze aangeeft dat het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR wel voldoet aan de principes van subsidiariteit, maar niet aan de principes van proportionaliteit.

De commissie voor Europese Zaken en Overzicht op de Europese Fondsen van het Bulgaarse parlement heeft op 30 maart 2011 gesteld dat het voorstel voor een Europees PNR niet voldoet aan het proportionaliteitsprincipe. Hier is (nog) geen document van beschikbaar.

Op 18 maart 2011 heeft de Duitse Bundesrat een aantal uiterst krititische opmerkingen gemaakt over de ontworpen richtlijn en de Duitse regering aanbevolen op een ingrijpende verandering ervan aan te dringen.

Op 9 maart 2011 heeft commissie voor de EU van de House of Lords de regering van het Verenigd Koninkrijk geadviseerd om gebruik te maken van de opt-in bij dit voorstel voor een richtlijn voor een Europees PNR.

In de databank IPEX wordt de behandeling van het voorstel in de diverse (kandidaat) lidstaatparlementen weergegeven.


Reacties Derden

De Europese Toezichthouder voor Gegevensbescherming (EDPS) heeft op 25 september 2015 een tweede opinie gepubliceerd over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR. De EDPS is van mening dat er nog steeds te weinig informatie beschikbaar is om de noodzaak van een Europees PNR regeling te rechtvaardigen. Daarbij wijst de EDPS op de uitspraak van het Hof van Justitie van de EU in 2014, waarin het Hof de richtlijn gegevensbewaring afwees vanwege de algemene en willekeurige verzamling van gegevens van de bevolking.

De Commissie Meijers heeft op 9 juni 2015 een brief aan de Tweede Kamer gestuurd met opnieuw het advies de PNR-richtlijn te verwerpen. Indien de PNR-richtlijn toch wordt aangenomen, dan adviseert de Commissie Meijers, vanwege de onduidelijke toegevoegde waarde van de richtlijn, om een 'sunset' of op zijn minst een evaluatieclausule op te nemen. Op basis van een dergelijke clausule zou na twee jaar opnieuw beoordeeld moeten worden of EU PNR inderdaad heeft bijgedragen aan de gestelde doelen en wat de gevolgen van de uitvoering is voor de bescherming van fundamentele rechten.

De commissie Meijers heeft op 22 juni 2011 een brief aan de Eerste Kamer gestuurd met het advies het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR te verwerpen. De Commissie Meijers constateert dat eerdere kritische commentaren van het Europees Parlement, de Europese Toezichthouder voor Gegevensbescherming en andere organisaties inzake het eerder ingediende PNR kaderbesluit van 2007 niet of slechts gedeeltelijk zijn meegenomen. Het huidige voorstel biedt geen duidelijke criteria met betrekking tot de bevoegdheden van nationale autoriteiten om PNR gegevens te gebruiken, noch bevat het voldoende waarborgen ter bescherming van fundamentele rechten van de burgers

Het Europees Grondrechtenagentschap (FRA) heeft op 14 juni 2011 op verzoek van het Europees Parlement een advies gepubliceerd over het voorstel voor een Europees PNR. De FRA heeft de eerder gepubliceerde adviezen over dit onderwerp van de EDPS en de Article 29 Working Party als uitgangspunt genomen. In het advies brengt de FRA zorgen naar voren over fundamentale rechten in relatie tot het voorstel voor een Europees PNR.

Op 5 april 2011 heeft de Article 29 Data Protection Working Party een rapport gepubliceerd over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR. Volgens de werkgroep is de noodzaak van een systeem zoals voorgesteld in de richtlijn nog niet bewezen.

De Europese Toezichthouder voor Gegevensbescherming heeft op 28 maart 2011 een opinie gepubliceerd over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR. De EDPS ziet de verbeteringen in de dit voorstel ten opzichte van een eerder voorstel dat is aangenomen in 2007, maar stelt dat het verzamelen van een grote hoeveelheid persoonsgegevens te rechtvaardigen moet zijn door een duidelijke relatie tussen het gebruik en het doel. Het huidige voorstel voldoet hier niet aan volgens de EDPS. Er zijn grote tekortkomingen in het huidige voorstel. In de opinie doet de EDPS een aantal voorstellen voor verbetering van het voorstel.

Statewatch heeft in februari 2011 een analyse geschreven over de wens van het Verenigd Koninkrijk om het Commissievoorstel voor een richtlijn voor een Europees PNR uit te breiden met het toezicht op vluchten binnen en buiten de EU om zo alle reizen binnen de EU ook te kunnen monitoren.

Op 10 februari 2011 heeft de delegatie van het Verenigd Koninkrijk bij de Raad van de EU al amendementen ingediend om dit te bereiken. Het VK stelt dat het aantal reizen tussen EU lidstaten drie keer zo groot is als het aantal reizen tussen lidstaten en een derde land. Een PNR systeem dat alleen betrekking heeft op reizen van en naar derde landen zou het vermogen van lidstaten om ernstige criminaliteit aan te pakken serieus beperken.


Achtergrondartikelen

Statewatch houdt een digitaal dossier bij over het voorstel voor een Europees PNR.

In maart 2011 heeft Statewatch een 'Statewatch analysis' gepubliceerd over het richtlijnvoorstel voor een Europees PNR.


Alle bronnen

Sociale media menu


Volg via