31.386

Strafbaarstelling deelname en meewerken aan training voor terrorisme



Dit wetsvoorstel wijzigt de Wetboeken van Strafrecht en Strafvordering waardoor deelname en meewerken aan een terroristisch trainingskamp strafbaar wordt. Dit geldt ook wanneer deze opleidingskampen buiten Nederland plaats vinden en zich richten op het plegen van terroristische misdrijven in Nederland.

Daarnaast bevat het voorstel een aantal wijzigingen van de strafwetgeving en enkele andere wetten. Met dit wetsvoorstel wordt bijvoorbeeld ook de verjaringstermijn voor vrouwenbesnijdenis verlengd tot het moment waarop het slachtoffer achttien jaar is.

Deze samenvatting is gebaseerd op het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zoals ingediend bij de Tweede Kamer.


Stand van zaken

Het voorstel (EK 31.386, A) is op 3 februari 2009 aangenomen door de Tweede Kamer. De fracties van SP, PvdA, VVD, ChristenUnie, SGP en het CDA stemden voor.

De Eerste Kamer heeft het voorstel op 9 juni 2009 zonder stemming aangenomen. De fractie van de SGP is daarbij aantekening verleend.

Ingevolge de toezegging van de minister om bepalingen in het wetsvoorstel die zien op onderdelen die betrekking hebben op implementatiebepalingen en beroepsverboden, niet eerder in werking te laten treden dan nadat de Kamer zich daar op een later moment mee akkoord kan verklaren, heeft de commissie op 9 juni 2009 inbreng geleverd voor een schriftelijke gedachtewisseling op deze onderdelen. Deze vragen zijn opgenomen in het voorlopig verslag (EK 31.422 (R1853) / 31.386, A) betreffende het wetsvoorstel Goedkeuring Verdrag Raad van Europa ter voorkoming van terrorisme (31.422 (R1853)).

De commissie heeft op 15 december 2009 het eindverslag met betrekking tot het wetsvoorstel Goedkeuring Verdrag Raad van Europa ter voorkoming van terrorisme (31.422 (R1853)) uitgebracht. Tijdens de plenaire behandeling van dat wetsvoorstel op 9 februari 2010 was de vraag aan de orde of de Eerste Kamer nog langer bezwaar heeft tegen de inwerkingtreding van enkele bepalingen uit het onderhavige wetsvoorstel, die krachtens een toezegging van de minister van Justitie aan de Kamer nog niet in werking zouden treden. Met betrekking tot dit onderwerp werd op 9 februari 2010 de Motie-De Vries (PvdA) c.s. over uitbreiding van strafbedreiging die een ongewenste extra drempel kan opwerpen voor het uitoefenen van een aantal grondrechten (EK 31.386, G) ingediend. De voortzetting van de behandeling vond plaats op 16 februari 2010.

Het wetsvoorstel (31.422 (R1853)) is na stemming bij zitten en opstaan op 2 maart 2010 met algemene stemmen aangenomen. De motie-De Vries (PvdA) is op dezelfde dag na stemming bij zitten en opstaan verworpen. PvdA, OSF, PvdD, D66, SP en GroenLinks stemden voor.


Kerngegevens

ingediend

12 maart 2008

titel

Wijziging van het Wetboek van Strafrecht, Wetboek van Strafvordering en enkele aanverwante wetten in verband met de strafbaarstelling van het deelnemen en meewerken aan training voor terrorisme, uitbreiding van de mogelijkheden tot ontzetting uit het beroep als bijkomende straf en enkele andere wijzigingen

schriftelijke voorbereiding

inbreng geleverd door

ondertekening

  • minister van Justitie

inwerkingtreding

Op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld


Hoofdlijnen

Het betreft volgende wijzigingen:

  • verlenging verjaring vrouwelijke genitale verminking;
  • strafbaarstelling deelnemen en meewerken aan training voor terrorisme;
  • uitbreiding mogelijkheden ontzetting uit het beroep bij misdrijven tegen de openbare orde;
  • verruiming mogelijkheden ontzetting uit het beroep met betrekking tot bestuurders;
  • verruiming strafvorderlijke bevoegdheid opsporing en vervolging kinderpornografie (verhoging strafmaat artikel 240b, tweede lid, Sr);
  • aanpassing strafbaarstelling oplichting;
  • verruiming strafbaarheid internationale ambtenaren terzake ambtsmisdrijven;
  • invoering mogelijkheid tot het geven van een bevel tot opnemen van vertrouwelijke communicatie aan opsporingsambtenaren van de Koninklijke Marechaussee;
  • doorberekening administratiekosten bij boetes;
  • strafbaarstelling wederrechtelijk betreden luchtvaartterreinen.

Documenten

2