Toezegging Evaluatie efficiencyvoordelen (28.035) (T00068)
Minister Zalm zegt toe te evalueren of alle ex-ante-efficiencyvoordelen ook ex post zullen worden gerealiseerd. Een periodieke evaluatie is sowieso een gestandaardiseerd onderdeel van het wetgevingsproces.
| Nummer | T00068 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tr_FIN_2004_2 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 2 september 2003 |
| Deadline | 1 juli 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën |
| Kamerleden | Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | evaluatie |
| Onderwerpen | Comptabiliteitswet 2001 evaluaties |
| Kamerstukken | Eerste wijziging van de Comptabiliteitswet 2001 (28.035) |
Handelingen EK 2003-2004, 32-977
[…]
De heer Essers (CDA):
Mevrouw de voorzitter. Ik heb mijn grote bezwaren uitgesproken tegen de lijn van dit wetsvoorstel, maar ik vind dat de minister ook een majeure toezegging heeft gedaan. Mijn fractie kan nu instemmen met dit voorstel, zij het dat zij de nodige kanttekeningen blijft maken bij de effectiviteiten efficiencyvoordelen. Ik blijf dan ook bij mijn oproep aan de bewindsman om een nader onderzoek in te stellen naar de kostenvoordelen en in ieder geval op korte termijn te evalueren wat nu eigenlijk de effecten van dit voorstel op de hiermee mogelijk gepaard gaande bureaucratie zijn. Ik heb niet de illusie dat hiermee de discussie afgelopen is. Dat heeft de minister ook duidelijk aangegeven. Voor dit moment nemen wij echter genoegen met zijn toezegging.
[…]
(blz.977)
Minister Zalm: […]
Uiteraard ben ik ook erkentelijk voor de steun van de CDA-fractie die bij het ontstaan van dit wetsontwerp nog niet tot de coalitie werd gerekend. Toch waardeer ik deze geste zeer, ook van de CDA-fractie. Het doet mij veel genoegen dat u, nu deze angel uit het wetsvoorstel is gehaald, het wetsvoorstel zult steunen, ondanks uw kanttekeningen. Uiteraard zullen wij evalueren of alle ex-antevoordelen ook ex post zullen worden gerealiseerd. Een periodieke evaluatie is sowieso een gestandaardiseerd onderdeel van het wetgevingsproces; die zeg ik dus toe.
[…]
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming) Handelingen EK 2002/2003, nr. 32: blz. 967-978
-
15 juli 2010
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: De beleidsdoorlichting schatkistbankieren is per brief van 19 februari 2010 aan u gezonden (Kamerstuk 32 123 IXB, D).
-
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: De beleidsdoorlichting schatkistbankieren is in november 2009 zoals gebruikelijk naar de Tweede Kamer gestuurd. Abusievelijk is nagelaten, met verwijzing naar de toezegging door de vorige minister in 2003, de
beleidsdoorlichting ook naar de Eerste Kamer te sturen. De beleidsdoorlichting zal zeer binnenkort aan de Eerste Kamer worden toegezonden. -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang: -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009
Voortgang:documenten:-
-
verslag van het schriftelijk overleg van de vaste commissie voor Financiën met de secretaris-generaal van het ministerie van Financiën over voortgangsinformatie met betrekking tot toezeggingen
Voor kennisgeving aangenomen op 15 april 2008.
EK, E
-
-
21 februari 2008
nieuwe deadline: 1 januari 2009
Voortgang:
Opmerking: De toegezegde evaluatie naar de voordelen van het geïntegreerd middelenbeheer of schatkistbankieren zal in 2008 plaatsvinden. Het is gebruikelijk om na circa 5 jaar nieuw beleid te evalueren. Zodra deze evaluatie is afgerond - naar verwachting begin 2009 - zal deze aan de EK worden toegezonden. Overigens worden de Staten-Generaal al jaarlijks in de begroting en het jaarverslag van Nationale Schuld (IXA) over de resultaten van dit beleid geïnformeerd. -
2 september 2003
toezegging gedaan
Toezegging Snelle amvb periode commerciële activiteiten (29.210) (T00076)
Teneinde de periode waarin niet geheel duidelijk is welke activiteiten moeten worden beschouwd als commerciële activiteiten zo kort mogelijk te houden zal de staatssecretaris bevorderen dat de betreffende algemene maatregel van bestuur zo spoedig mogelijk tot stand zal komen.
| Nummer | T00076 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tr_FIN_2004_27 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 9 december 2003 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) E. van Middelkoop (ChristenUnie) E.H. Schuyer (D66) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | lagere regelgeving |
| Onderwerpen | Algemene Maatregel van Bestuur belastingplannen |
| Kamerstukken | Belastingplan 2004 (29.210) |
Handelingen EK 2003-2004, 11-508
[…]
Vraag 44 (Schuyer, D66), vraag 62 (Biermans, VVD), vraag 139 (Van Middelkoop, ChristenUnie en SGP)
Zowel de leden van de fracties van het CDA als de VVD hebben moeite met de terugwerkende kracht die is aangekondigd met betrekking tot de heffing van vennootschapsbelasting over de commerciële activiteiten van pensioenfondsen. De leden van de fractie van D66 wijzen er in dit verband op dat belastingheffing wordt geheven over activiteiten die op dit moment niet bekend zijn en waar dus niet de mogelijkheid bestaat om die activiteiten dan niet te verrichten. De leden van de fracties van de Christen Unie en de SGP vragen in dit verband om een overgangsregeling.
Staatssecretaris Wijn:
Dit onderdeel is bij amendement van lid Van Vroonhoven in het wetsvoorstel opgenomen. Juist vanwege het element van terugwerkende kracht heb ik tijdens de plenaire behandeling in de Tweede Kamer de indiener van het amendement in overweging gegeven het amendement in te trekken. Nochtans is het amendement aangenomen. Teneinde de periode waarin niet geheel duidelijk is welke activiteiten moeten worden beschouwd als commerciële activiteiten zo kort mogelijk te houden zal ik bevorderen dat de betreffende algemene maatregel van bestuur zo spoedig mogelijk tot stand zal komen. In een overgangsregeling is in het amendement niet voorzien vanwege de budgettaire derving die dit tot gevolg zou hebben.
[…]
Brondocumenten
-
Noot 1: bijvoegsel, schriftelijke antwoorden op vragen Handelingen EK 2003/2004, nr. 11, blz: 503-518
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. De toezegging is achterhaald.
Doel was te voorkomen dat een eventueel in
2009 te treffen AMvB in dat jaar
terugwerkende kracht zou hebben. Het AMvB is niet tot stand gekomen. -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009 -
11 april 2008
Voortgang:
Opmerking: Ten aanzien van deze toezegging inzake de aanwijzing van werkzaamheden die niet rechtstreeks verband houden met het uitvoeren van pensioenregelingen, wordt u in de loop van 2008 op de hoogte gehouden van de vorderingen.documenten:-
-
verslag van het schriftelijk overleg van de vaste commissie voor Financiën met de secretaris-generaal van het ministerie van Financiën over voortgangsinformatie met betrekking tot toezeggingen
Voor kennisgeving aangenomen op 15 april 2008.
EK, E
-
-
9 december 2003
toezegging gedaan
Toezegging Waarborgfondsen (28.035) (T00079)
Minister Zalm zegt toe te zullen nagaan hoe waarborgfondsen werken in de sfeer van de hbo-instellingen en de mogelijkheden te bezien, zoals een interdepartementaal beleidsonderzoek met waarborgfondsen als thema.
| Nummer | T00079 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tr_FIN_2004_3 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 2 september 2003 |
| Deadline | 1 januari 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën |
| Kamerleden | E.H. Schuyer (D66) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | compatibiliteit Comptabiliteitswet Waarborgfonds |
| Kamerstukken | Eerste wijziging van de Comptabiliteitswet 2001 (28.035) |
Handelingen EK 2003-2004, 32-977
[…]
(blz.977)
Minister Zalm: […]
Ik zeg de heer Schuyer toe dat ik zal nagaan hoe de waarborgfondsen werken in de sfeer van de hbo-instellingen. Misschien is een bredere exercitie inderdaad de moeite waard; ik zal de mogelijkheden bezien, zoals een interdepartementaal beleidsonderzoek met waarborgfondsen als thema.
[…]
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming) Handelingen EK 2002/2003, nr. 32: blz. 967-978
-
17 februari 2010
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang: -
3 maart 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: Er is momenteel een commissie-Don bezig met een onderzoek naar het vermogensbeheer van onderwijsinstellingen (zie Kamerstukken II, 31.700 VIII, nr. 42). In het onderzoek zal naar verwachting ook de positie van de waarborgfondsen worden betrokken. Zodra het onderzoek is afgerond, zal de EK over de uitkomsten ervan worden geïnformeerd. -
21 februari 2008
nieuwe deadline: 1 januari 2009
Voortgang:
Opmerking: De toezegging om na te zullen gaan hoe waarborgfondsen werken in de sfeer van de hbo-instellingen en de mogelijkheden van een eventueel interdepartementaal beleidsonderzoek naar waarborgfondsen te bezien, is wegens prioriteitstelling nog niet gestand gedaan. Inmiddels is besloten tot het toegezegde onderzoek. Zodra het onderzoek is afgerond, zal de EK over de uitkomsten ervan worden geïnformeerd. -
2 september 2003
toezegging gedaan
Toezegging Werken aan winst (30.572) (T00396)
De minister van Financiën zegt toe zodra hij van Europa uitsluitsel heeft gekregen over de vijf aanmeldingen, t.w. het intact houden van de afschrijving tot de restwaarde bij de vrije afschrijving milieu-investeringen, de intensivering van de milieu-investeringsaftrek, het amendement over de tuinbouwkassen, de octrooibox en de rentebox hij de Kamer daarover zo spoedig mogelijk zal informeren. Mocht het oordeel negatief uitvallen dan zal de minister daarbij verdere stappen vermelden.
| Nummer | T00396 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2007_14 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 21 november 2006 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën |
| Kamerleden | prof. dr. F. Leijnse (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | Wet werken aan winst |
| Kamerstukken | Wet werken aan winst (30.572) |
Handelingen Eerste Kamer 2006 – 2007, [9]
Blz. 9-400/401
Minister Zalm: De heer Leijnse vroeg naar de melding van de andere drie zaken. Dat betreft het intact houden van de afschrijving tot de restwaarde bij de vrije afschrijving milieu-investeringen (VAMIL), waarbij niet de WOZsystematiek wordt gevolgd, de intensivering van de milieu-investeringsaftrek en het beruchte amendement van de Tweede Kamer rond de tuinbouwkassen die van de gebouwencategorie worden verplaatst naar een categorie suis generis. Dat gaan wij allemaal aanmelden in Brussel, want wij willen vooraf zekerheid hebben dat dit later niet tot allerlei terugvorderingen leidt. Ik verwacht voor de eerste twee geen groot probleem, omdat zij aansluiten op regelingen die wij eerder in Brussel hebben aangemeld en die ook zijn goedgekeurd.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling Handelingen EK 2006/2007, nr. 9, blz: 394-403
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
3 maart 2009
nieuwe status: deels voldaan
Opmerking: Afgerond met betrekking tot de octrooi-box. De Kamer is hierover per brief geïnformeerd op 8 februari 2007. Kamerstukken II, 2006/07, 30 572, nr. 25.
Afgerond met betrekking tot de tuin-bouwkassen. De Kamer is hierover geïnformeerd bij brief van 15 mei 2008, Kamerstukken II, 2007/08, 30 572, nr 28 en bij brief van 30 oktober 2008, Kamerstukken II, 2008/09, 30 572, nr. 29.
In voorbereiding voor de overige onderdelen.
-
8 februari 2007
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond m.b.t. het deel dat de octrooibox behelst. De andere onderdelen zijn in voorbereiding. Planning nog niet aan te geven.documenten:-
-Kamerstuk 30572, nr. 25 (enkel vwb octrooibox)
-
-
21 november 2006
toezegging gedaan
Toezegging Marktmeesterschap (30.419) (T00400)
De minister van Financiën zegt toe dat hij zal terugkomen op de vraag of meer marktmeesterschap aan de orde moet zijn en hoe dat in regelgeving moet worden ingebed.
| Nummer | T00400 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2007_18 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 22 mei 2007 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën |
| Kamerleden | mr. A. Broekers-Knol (VVD) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Kamerstukken | Uitvoering richtlijn nr. 2004/25/EG openbaar overnamebod (30.419) |
Handelingen Eerste Kamer 2006 – 2007, 30 – 924
Blz. 913-914
Mevrouw Broekers-Knol (VVD)
Mevrouw de voorzitter. Dit brengt mij meteen tot mijn laatste punt. De richtlijn, en daarmee het wetsvoorstel, introduceert naast het verplichte openbare bod op de overige effecten van de onderneming in het geval van overwegende zeggenschap, het verplichte bod voor een
onderneming die samenwerkt met een doelvennootschap om een openbaar bod te dwarsbomen. Institutionele beleggers die zich actief opstellen door in ’’onderling overleg te handelen’’ (acting in concert), met als doel een openbaar bod te dwarsbomen, kunnen zich geconfronteerd zien met de verplichting, een openbaar bod uit te brengen. Dat kan een belemmering opleveren voor actief
aandeelhouderschap van institutionele beleggers. Is het mogelijk dat tevoren aan een bevoegde instantie wordt gevraagd of een bepaald gedrag zal leiden tot een vermoeden van ’’acting in concert’’ zodat men, teneinde de verplichting om een openbaar bod uit te brengen te voorkomen, van dat gedrag kan afzien, indien het antwoord positief is? Kan de Ondernemingskamer daarin
voorzien of zou er een systeem als dat van het Engelse Takeover Panel geïntroduceerd moeten worden met de bevoegdheid om de regels aan te passen wanneer dat nodig blijkt te zijn?
Blz. 924
Minister Bos
Mevrouw Broekers-Knol stelde op dit punt nog een andere vraag, namelijk in hoeverre aandeelhouders de mogelijkheid moeten hebben om vooraf duidelijkheid te krijgen over de vraag of sprake is van acting in concert. Juist gezien de soort complicaties die ik zojuist probeerde aan te geven, waarbij het zo afhankelijk is van de concrete omstandigheden, is dit niet het geval. Het betreft echt een juridische toetsing na afloop. Ik zie echter het probleem en ik zie in het algemeen de noodzaak voor partijen enige zekerheid te hebben over hun positie in een dergelijk proces en over de risico’s waaraan zij blootstaan. Ik zeg gaarne toe dat wij bij de volgende fase van dat waarmee wij nu bezig zijn, zullen terugkomen op de vraag of meer marktmeesterschap aan de orde moet zijn en hoe wij dat in regelgeving willen inbedden.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (zonder stemming aangenomen) Handelingen EK 2006/2007, nr. 30, blz: 919-927
-
behandeling Handelingen EK 2006/2007, nr. 30, blz: 912-917
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Brief (FM 2009 1600M) verzonden naar de Kamer op 2 september 2009. -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009
Opmerking: Het voornemen bestaat de sector te consulteren over de vraag naar de noodzaak van het introduceren van (elementen van) een marktmeester. Naar verwachting zal deze consultatie medio 2008 van start gaan. -
22 mei 2007
toezegging gedaan
Toezegging Positie FBI en VBI (30.533/30.689) (T00401)
Voortdurende monitoring van de positie van de Nederlandse Fiscale Beleggingsinstelling (FBI) en de Vrijgestelde Belegginginstelling (VBI) ten aanzien van het buitenland. Indien nodig zal actie worden ondernomen, bijvoorbeeld ten aanzien van het niet van toepassing zijn van verdragsvoordelen op een VBI.
| Nummer | T00401 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2007_19 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 10 juli 2007 |
| Deadline | 1 juli 2011 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | Fiscale beleggingsinstellingen vennootschapsbelasting |
| Kamerstukken | Vastgoedontwikkeling ten behoeve van de eigen portefeuille van beleggingsinstellingen (30.689) Regeling voor vrijgestelde beleggingsinstellingen en aanpassing van eisen voor beleggingsinstellingen met uitdelingsverplichting (30.533) |
Handelingen Eerste Kamer 2007 – 2008, 38 – 1243
Staatssecretaris De Jager:
Al met al denk ik dat het FBI-regime zich goed kan meten met fiscale beleggingsregimes in andere landen. Ik geef toe dat het FBI-regime minder interessant is voor beleggers die niet uit zijn op een jaarlijkse dividenduitkering. Dat is ook de belangrijkste reden van het thans voorgestelde VBI-regime.
De heer Essers heeft ook bij het VBI-regime minpunten geplaatst. In het wetsvoorstel wordt slechts één eis gesteld aan het aandeelhouderschap. Die eis vloeit rechtstreeks voort uit het uitgangspunt dat collectief beleggen niet tot meer belastingheffing moet leiden dan individueel beleggen. Er moet sprake zijn van collectiviteit en van beleggen, dus niet van ondernemen in fiscale zin. Daarmee wordt voorkomen dat er op fiscaal gebied concurrentieverstoring optreedt tussen beleggen en ondernemingsactiviteiten die daar dicht tegenaan liggen. De toegestane investeringen omvatten alle gangbare financiële instrumenten. Het niet van toepassing zijn van de Nederlandse verdragsvoordelen op een VBI is een logisch gevolg van de vrijstelling voor de vennootschapsbelasting en de afwezigheid van de inhoudingsplicht voor de dividendbelasting. In de memorie van toelichting staan ook nog andere pluspunten. Alles overziende, denk ik dat Nederland ook wat betreft de VBI de vergelijking met het buitenland kan doorstaan. Mocht echter blijken dat er belangrijke knelpunten zijn, dan zal ik zo nodig actie ondernemen.
Brondocumenten
-
voortzetting gezamenlijke behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: SP) Handelingen EK 2006/2007, nr. 38, blz: 1242-1248
-
16 september 2011
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
15 maart 2011
nieuwe deadline: 1 juli 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang: -
15 juli 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In voorbereiding. De discussiepunten worden geanalyseerd. De afronding daarvan zal naar verwachting dit jaar (2010) plaatsvinden.
-
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In voorbereiding. De discussiepunten worden geanalyseerd. De afronding daarvan zal dit jaar (2010) plaatsvinden. -
18 januari 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Planning afronding najaar 2009. -
11 april 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009
Voortgang:documenten:-
-
verslag van het schriftelijk overleg van de vaste commissie voor Financiën met de secretaris-generaal van het ministerie van Financiën over voortgangsinformatie met betrekking tot toezeggingen
Voor kennisgeving aangenomen op 15 april 2008.
EK, E
-
-
10 juli 2007
toezegging gedaan
Toezegging Aanmerkelijk belanghouder (30.533/30.689) (T00403)
Onderzoek van de vraag of aan aanmerkelijk belanghouder aandeelhouder van een FBI kan zijn, zonder dat de FBI-status verloren gaat.
| Nummer | T00403 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2007_20 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 10 juli 2007 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | aanmerkelijk belang |
| Kamerstukken | Vastgoedontwikkeling ten behoeve van de eigen portefeuille van beleggingsinstellingen (30.689) Regeling voor vrijgestelde beleggingsinstellingen en aanpassing van eisen voor beleggingsinstellingen met uitdelingsverplichting (30.533) |
Handelingen Eerste Kamer 2007 – 2008, 38 – 1247
Staatssecretaris De Jager: Over de Aanmerkelijk Belanghouder in de FBI heb ik toegezegd dat ik hierover serieus zal nadenken. Op de vraag of dat leidt tot een ruimhartige toepassing kom ik later met de Kamer terug.
Brondocumenten
-
voortzetting gezamenlijke behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: SP) Handelingen EK 2006/2007, nr. 38, blz: 1242-1248
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond bij brief van de staatssecretaris
van Financiën van 29 april 2009. -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009 -
11 april 2008
Voortgang:documenten:-
-
verslag van het schriftelijk overleg van de vaste commissie voor Financiën met de secretaris-generaal van het ministerie van Financiën over voortgangsinformatie met betrekking tot toezeggingen
Voor kennisgeving aangenomen op 15 april 2008.
EK, E
-
-
10 juli 2007
toezegging gedaan
Toezegging Overgangsregeling waarderingsmaatregel artikel V (30.533/30.689) (T00404)
De staatssecretaris zal bezien of in het kader van de waarderingsmaatregel van artikel V van het wetsvoorstel een overgangsregeling mogelijk is. Daarbij zal vooral worden gelet op de administratieve lasten.
| Nummer | T00404 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2007_21 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 10 juli 2007 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | vastgoedsector vennootschapsbelasting |
| Kamerstukken | Vastgoedontwikkeling ten behoeve van de eigen portefeuille van beleggingsinstellingen (30.689) Regeling voor vrijgestelde beleggingsinstellingen en aanpassing van eisen voor beleggingsinstellingen met uitdelingsverplichting (30.533) |
Handelingen Eerste Kamer 2007 – 2008, 38 – 1242
De heer Biermans (VVD):
De ondernemers accepteren dat er sprake is van administratieve lasten of uitvoeringslasten. Wat is er dan op tegen om een dergelijke regeling in te voeren? Is de Belastingsdienst niet in staat de regeling uit te voeren? Levert het te veel uitvoeringslasten op?
[..]
Handelingen Eerste Kamer 2007 – 2008, 38 – 1243
De staatssecretaris is goed in het aanbeiden van handvatten voor de praktijk. Dat doet hij nu weer en daar ben ik hem dankbaar voor. Hij zegt namelijk dat, als de praktijk vraagt om een dergelijke regeling, hij aan het werk zal gaan.
Staatssecretaris De Jager:
U trekt het nu iets te veel naar u toe, maar ik kom u een beetje tegemoet. Ik zal het dan inderdaad opnieuw bezien en daarbij vooral letten op de administratieve lasten.
Brondocumenten
-
voortzetting gezamenlijke behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: SP) Handelingen EK 2006/2007, nr. 38, blz: 1242-1248
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. Er zijn tot nu toe geen verzoeken
gedaan. -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009 -
11 april 2008
Voortgang:documenten:-
-
verslag van het schriftelijk overleg van de vaste commissie voor Financiën met de secretaris-generaal van het ministerie van Financiën over voortgangsinformatie met betrekking tot toezeggingen
Voor kennisgeving aangenomen op 15 april 2008.
EK, E
-
-
10 juli 2007
toezegging gedaan
Toezegging Paarse krokodil II (30.577/30.804) (T00419)
De minister zal ter vermindering van de administratieve lasten voorbereidingen treffen voor de Paarse krokodil II.
| Nummer | T00419 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2007_7 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 12 december 2006 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | paarse krokodil |
| Kamerstukken | Belastingplan 2007 (30.804) Wijzigingsplan «Paarse krokodil» (30.577) |
Uit de toelichting op de Rijksbegroting 2008 blijkt dat een wetsvoorstel Paarse Krokodil II in voorbereiding is (KST 31200 IX B, nr. 2, blz. 106)
Handelingen Eerste Kamer 2005-2006, [13]
blz. 530
Zalm
Na dit enigszins geharnaste betoog zeg ik de Kamer toe dat wij de Paarse krokodil II gaan lanceren, waarop meerdere sprekers hebben aangedrongen. […] Alle suggesties die zijn gedaan voor vereenvoudigingen in de sfeer van de Paarse krokodil zullen wij serieus meenemen, ook de vraag of wij niet toch iets flexibeler zouden kunnen zijn met de bedrijfsfitness. Mijn ambtsopvolger zal daarmee terugkomen. Ik zal de voorbereidingen daarvan ter hand nemen. Als mijn ambtsopvolger te lang op zich laat wachten, zal ik er zelf nog mee komen. Men weet niet hoe lang dat kan duren.
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming aangenomen, aantekening: GroenLinks) Handelingen EK 2006/2007, nr. 13, blz: 516-541
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. Maakt deel uit van het
wetsvoorstel Fiscale Vereenvoudigingswet
2010 Dat op Prinsjesdag 2009 bij de TK is
ingediend. -
12 december 2006
toezegging gedaan
Toezegging Dekking kosten banksparen (30.432) (T00422)
De in het wetsvoorstel voorgestelde dekking van de kosten van banksparen ten behoeve van pensioenopbouw en aflossing van de eigenwoningschuld bestaat uit verhoging van de assurantiebelasting en verlaging van de premiegrondslag in de derde pijler. De staatssecretaris van Financiën zegt naar aanleiding van de motie-Vedder-Wubben c.s. toe om in 2008 te kijken naar andere mogelijkheden voor deze dekking.
| Nummer | T00422 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2008_1 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 11 december 2007 |
| Deadline | 1 januari 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | H.C.M. Vedder-Wubben AAG (CDA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | banksparen kosten |
| Kamerstukken | Initiatiefvoorstel-Depla en Blok Wijziging Wet inkomstenbelasting 2001 inzake fiscale facilitering banksparen ten behoeve van pensioenopbouw of aflossing eigenwoningschuld (30.432) |
Handelingen Eerste Kamer 2005 – 2006, 13 – 527
Staatssecretaris van Financiën De Jager:
Voorzitter. Ik zal reageren op de ingediende motie. De constatering over de raming wil ik expliciet voor rekening van de Kamer laten. Wat op dit punt met de motie wordt gezegd, wordt niet door het kabinet gedeeld. Wij willen niet gaan goochelen met ramingen. Die hebben wij reeds vastgesteld. Met de motie verzoeken de leden mij met name om volgend jaar naar andere mogelijkheden voor de dekking te zoeken. Uiteraard moeten die andere mogelijkheden er zijn en op brede steun van de regering, deze Kamer en de Tweede Kamer kunnen rekenen. Ik meen dat ik op dit punt het oordeel aan de Kamer kan laten. Als de motie wordt aangenomen, zal ik aan dit verzoek dus voldoen en de motie op dit punt uitvoeren.
Brondocumenten
-
behandeling Handelingen EK 2007/2008, nr. 12, blz: 418-428
-
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond bij brief van de staatssecretaris
van Financiën van 13 oktober 2008.
Kamerstukken I, 2008/09, 31 704, A -
10 december 2008
nieuwe deadline: 1 januari 2010
Voortgang:documenten:-
-
verslag van een schriftelijk overleg van de commissie voor Financiën met de staatssecretaris van Financiën over de uitvoering van de motie-Vedder-Wubben c.s.
Betrokken bij de behandeling van het Belastingplan 2009 op 15 december 2008
EK, H
-
-
11 december 2007
toezegging gedaan
Toezegging Restauratie stadsmonumenten (31.205/31.206) (T00424)
De staatssecretaris zegt toe dat de regering, indien het voor stadsherstellers als gevolg van de belastingplicht niet meer mogelijk is monumenten te restaureren, met een reactie komt.
| Nummer | T00424 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2008_11 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 18 december 2007 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) drs. R. de Boer (ChristenUnie) drs. H. ten Hoeve (OSF) prof. dr. F. Leijnse (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | monumenten restauratie's |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen I 2007-2008, nr. 15 – 607
De heer De Boer en de heer Biermans vragen naar de stadsherstellichamen en de heer Leijnse wil graag dat ik bevestig dat het er de regering om te doen is, het werk van de stadsherstellichamen blijvend mogelijk te maken en te stimuleren. Ook de heer Ten Hoeve heeft daarnaar gevraagd. Ik heb in de Tweede Kamer reeds toegezegd dat ik met stadsherstellichamen in overleg wil treden als er problemen dreigen te ontstaan. Ik wil niet nu al toezeggen dat ik maatregelen tref omdat ik er nog niet van overtuigd ben dat maatregelen nodig zijn. Het feit dat Brussel heeft ingestemd met de vrijstelling voor monumenten betekent niet dat die vrijstelling moet worden gegeven. Ik voeg toe aan mijn eerdere toezegging dat ik, wanneer ik ervan overtuigd ben dat voor stadsherstellers de restauratie van monumenten niet meer mogelijk is als gevolg van de belastingplicht, dit in het kabinet echt aan de orde moet komen. Ik zal dan met een reactie namens het kabinet komen.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling Handelingen EK 2007/2008, nr. 15, blz: 591-612
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. Met betrekking tot stadsherstellichamen bij brief van de staatssecretaris van Financiën van 14 november 2008. Kamerstukken II, 2008/09,
31 704, nr. 38. De overige onderdelen zijn afgerond bij indiening van het wetsvoorstel Wijziging van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek houdende regels voor de
vereniging of stichting tot instandhouding van een maatschappelijke onderneming. Kamerstukken II, 2008/09, 31 003, nr. 2 -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009 -
18 december 2007
toezegging gedaan
Toezegging Verlaging afvalstoffenheffing (31.205/31.206) (T00428)
De staatssecretaris zegt toe na anderhalf jaar na te gaan of gemeenten de afvalstoffenheffing daadwerkelijk verlagen.
| Nummer | T00428 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2008_15 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 18 december 2007 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | drs. R. de Boer (ChristenUnie) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | evaluatie |
| Onderwerpen | afvalstoffenheffingen |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Staatssecretaris De Jager: De heer De Boer heeft gevraagd in anderhalf jaar na te gaan of gemeenten de afvalstoffenheffing daadwerkelijk verlagen. Ik ben bereid om toe te zeggen dat wij dat zullen nagaan. Wij vinden het van belang om naar deze effecten te kijken.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling Handelingen EK 2007/2008, nr. 15, blz: 623-637
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond bij brief van de minister van VROM van 22 juni 2009. Kamerstukken II, 2008/09, 28 694, nr. 77 -
18 december 2007
toezegging gedaan
Toezegging Evaluatie doelmatigheidsbepaling (31.205/31.206) (T00429)
De staatssecretaris zegt toe dat de doelmatigheidsbepaling inzake artikel 64 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) na een redelijke termijn wordt geëvalueerd. De Kamer wordt hierover geïnformeerd. De commissie heeft op 18 mei 2010 de minister van Financiën verzocht in 2011 een specifiekere evaluatie van de AWR aan te bieden die tevens inzicht biedt in de financiële opbrengst van de maatregel.
| Nummer | T00429 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2008_16 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 18 december 2007 |
| Deadline | 1 juli 2013 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | evaluatie |
| Onderwerpen | evaluaties |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen I 2007-2008, nr. 15 – 637
Staatssecretaris De Jager: Ik ben blij dat ik de leden van de Eerste Kamer zover heb gekregen dat zij zich, net als de Tweede Kamer, achter het voorstel scharen om artikel 64 AWR weer in behandeling te nemen. De heer Biermans vroeg mij in dit verband om de toezegging dat de doelmatigheidsbepaling na een redelijke termijn wordt geëvalueerd. Ik kan hem dat toezeggen en ook dat ik de Eerste Kamer daarover te zijner tijd zal informeren. Ik heb er in ieder geval alle vertrouwen in dat het zowel voor de belastingplichtige als voor de Belastingdienst naar tevredenheid zal verlopen.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling Handelingen EK 2007/2008, nr. 15, blz: 623-637
-
7 mei 2013
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten: -
25 april 2013
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
3 april 2013
nieuwe deadline: 1 juli 2013
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang:documenten:-
-
Verslag van een schriftelijk overleg inzake halfjaarlijkse stand van zaken toezeggingen
voor kennisgeving aangenomen door de Eerste Kamercommissie voor Financiën op 9 april 2013
voor kennisgeving aangenomen door de commissie voor Koninkrijksrelaties op 16 april 2013
EK, F
-
-
21 maart 2013
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang:documenten:-
-
brief inzake fiscale toezeggingen en moties Eerste Kamer
voor kennisgeving aangenomen door de Eerste Kamercommissie voor Financiën op 9 april 2013
EK, N
-
-
9 oktober 2012
nieuwe deadline: 1 januari 2013
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang:documenten:-
-
Verslag van een schriftelijk overleg inzake halfjaarlijks rappel toezeggingen
voor kennisgeving aangenomen op 23 oktober 2012 door de commissie voor Koninkrijksrelaties
EK, B
-
-
24 april 2012
nieuwe deadline: 1 juli 2012
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang:documenten:-
-
Verslag van een schriftelijk overleg inzake halfjaarlijks rappel toezeggingen
voor kennisgeving aangenomen op 24 april 2012
EK, E
-
-
16 september 2011
nieuwe deadline: 1 juli 2012
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang: -
15 maart 2011
nieuwe deadline: 1 januari 2012
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang:
Opmerking: Gedeeltelijk afgerond. De eerste toezegging is afgerond bij brief van de minister van Financiën van 10 mei 2010. Kamerstukken I, 2009/10, 31 205 en 31 206, T. Vervolgens heeft de Kamer op 18 mei een aanvulling op de evaluatie gevraagd. Deze aanvulling heeft de staatssecretaris toegezegd per brief van 29 november 2010, Kamerstukken I, 31 205 en 31 206, X, waarin hij aangeeft dat het verzoek van de Kamer zal worden meegenomen in de volgende evaluatie. Deze zal in de loop van 2011 worden aangeboden.
-
1 december 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:documenten:-
-
verslag van een schriftelijk overleg van de commissie voor Financiën met de staatssecretaris van Financiën over vaststellingsovereenkomsten in het kader van de in 2011 te houden evaluatie de doelmatigheidsbepaling (art. 64) van de Algemene wet inzake rijksbelastingen
Voor kennisgeving aangenomen door de Eerste Kamercommissie voor Financiën op 7 december 2010.
EK 31.205 / 31.206, X
-
-
15 juli 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Een brief van de minister hierover ligt voor ter bespreking op 14 september 2010. -
10 mei 2010
Voortgang:documenten: -
17 februari 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In voorbereiding. Er loopt een onderzoek naar de doelmatigheidsbepaling. De planning is dit onderzoek aan het eind van het eerste halfjaar 2010 af te ronden. -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In voorbereiding. Planning afronding loopt
van 2009. -
3 maart 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: Planning afronding in de loop van 2009. -
18 december 2007
toezegging gedaan
Toezegging Opbrengst verpakkingsbelasting (31.205/31.206) (T00434)
De staatssecretaris zegt toe de ontwikkeling van de opbrengst van de verpakkingenbelasting te monitoren. Daarbij zal hij bijzondere aandacht besteden aan, met name, het gewichtsaspect van de belastingheffing op houten pallets. Indien zou blijken dat de werkelijke opbrengst sterk afwijkt van de gemaakte ramingen, dan zal de staatssecretaris dit in overleg met het bedrijfsleven nader bekijken. Eveneens zegt de staatssecretaris toe de ontwikkeling van de administratieve lasten terzake te monitoren, bijvoorbeeld met de belevingsmeter voor ondernemers.
| Nummer | T00434 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2008_5 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 18 december 2007 |
| Deadline | 1 januari 2011 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) prof. dr. F. Leijnse (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | verpakkingenbelastingen |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen I 2007-2008, nr. 15 – 596/7
Staatssecretaris De Jager: Ik kom bij de verpakkingenbelasting. De heer Essers wees op een mogelijke miscommunicatie met betrekking tot de definities van primaire verpakkingen en consumentenverpakkingen. Hij vraagt of de opbrengst van de verpakkingenbelasting daardoor hoger zou kunnen uitvallen dan geraamd. Het gaat in deze discussie over de cijfers die zijn gebruikt als basis voor de raming van de tarieven van de verpakkingenbelasting. Hierbij speelt natuurlijk het probleem van een gebrek aan goed onderbouwde en betrouwbare cijfers; er was geen empirisch materiaal. Er bestaan cijfers van de Commissie Verpakkingen, maar die zijn niet up to date. Bovendien was er behoefte aan cijfers die tot op heden niet werden bijgehouden, zoals over primaire verpakkingen. Een en ander maakt de raming van de juiste tarieven erg lastig. De uiteindelijk gebruikte cijfers zijn in overleg met het bedrijfsleven vastgesteld. VNO-NCW en MKB Nederland komen terug op een deel van de cijfers en hebben recentelijk hiervoor nieuwe cijfers aangeleverd. Er is dus geen sprake van miscommunicatie tussen ons en het bedrijfsleven; wel zijn er nieuwe cijfers, maar die zijn tot op heden niet goed onderbouwd. Gezien alle onzekerheden, zie ik geen reden om de gebruikte raming op dit moment aan te passen.
De heer Essers (CDA): Voorzitter. De staatssecretaris ziet op dit moment geen reden om de ramingen aan te passen, maar is hij wel bereid om met het bedrijfsleven in gesprek te gaan over een aanpassing van de cijfers?
Staatssecretaris De Jager: Ik kom u halverwege tegemoet. Ik zou graag met het bedrijfsleven nogmaals in gesprek gaan, maar ik zie geen reden om de cijfers aan te passen. Voor het komende jaar is dit overigens niet meer mogelijk. Wat wij wel kunnen doen, is de gang van zaken, de ontwikkeling van de opbrengst monitoren. Als wij er echt flink naast zitten, lijkt het mij goed om dit gezamenlijk nog eens te bekijken. De door een ondernemer betaalde verpakkingenbelasting en de kosten die hij maakt om te kunnen voldoen aan de vereisten van deze belasting, mogen van de winst worden afgetrokken. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om het toezicht te richten op bedrijven die zo omstreeks 15.000 kg aan verpakkingen op de markt brengen, de nadruk zal bij de controle aanvankelijk worden gelegd op bedrijven die echt grote volumes produceren. Daarbij zal de Belastingdienst terughoudend zijn bij het opleggen van sancties. Bedrijven hebben immers tijd nodig om te wennen aan een nieuwe belasting en daarbij behoort een opstelling van de overheid die gericht is op overleg en dienstverlening. Met dit uitgangspunt gaat de Belastingdienst de verpakkingenbelastingregeling uitvoeren. Alleen in gevallen van overduidelijke, bewuste non-compliance komen sancties in beeld.
De heer Leijnse (PvdA): Voorzitter, ik incasseer graag de toezegging van de staatssecretaris aan de heer Essers om de belastingheffing op houten pallets nog eens te bekijken. Zou hij daarbij vooral op het aspect van het gewicht willen letten? De heffing begint pas boven een totaalgewicht van 15.000 kg; sommige verpakkingsmaterialen komen eerder boven de drempel uit dan andere, en dan is met name een probleem bij houten pallets.
Staatssecretaris De Jager: Dat aspect zal ik erbij betrekken. Het is altijd goed om bij een nieuwe belasting even goed in de gaten te houden hoe het in de praktijk gaat, opdat je als wetgever redelijk en billijk handelt.
[..]
Staatssecretaris De Jager: En ten slotte hebben wij door de vrijstelling van 15.000 kg ervoor gezorgd dat 98% van de bedrijven wordt vrijgesteld van deze belasting. Ik denk dan ook dat wij de administratieve lasten zeer beperkt hebben weten te ouden. Maar ik ben graag bereid om ook de ontwikkeling hiervan in de gaten te houden, bijvoorbeeld met de belevingsmeter voor ondernemers. Overigens is er conform de Actalsystematiek voor het Belastingplan een berekening hiervan gemaakt en geaccordeerd.
De heer Biermans (VVD): Dank voor deze toezegging [..].
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling Handelingen EK 2007/2008, nr. 15, blz: 591-612
-
14 september 2010
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten:-
-
brief van de minister van Financiën over toezeggingen met betrekking tot de verpakkingenbelasting en de gepercipieerde pakkans van adviseurs
Voor kennisgeving aangenomen op 28 september 2010.
EK 31.205 / 31.206, W
-
-
15 juli 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Volgens het ministerie is deze toezegging afgerond, maar de brief waarmee dit gebeurd zou zijn is niet aan de Eerste Kamer aangeboden. Het ministerie heeft ambtelijk toegezegd dit z.s.m. alsnog te doen. -
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Zie Rijksbegroting 2010 IXB, bijlage moties en toezeggingen, nr. 18 -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Planning afronding in de loop van 2009 -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009 -
18 december 2007
toezegging gedaan
Toezegging Fiscale behandeling maatschappelijke onderneming (31.205/31.206) (T00437)
De staatssecretaris zegt toe de Kamer duidelijkheid te verschaffen over de fiscale behandeling van de maatschappelijke onderneming zodra het wetsvoorstel over de maatschappelijke onderneming naar buiten wordt gebracht.
| Nummer | T00437 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2008_8 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 18 december 2007 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) dr. A.G. Schouw (D66) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | maatschappelijke onderneming |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen I 2007-2008, nr. 15 – 603 / 4
Staatssecretaris De Jager: De rechtsvorm van de maatschappelijke ondernemingen zal zich vooral richten op governance-elementen zoals bestuur en toezicht, belangenvertegenwoordiging en geschillenbeslechting. Bij de introductie van de nieuwe rechtsvorm voor de maatschappelijke onderneming zal ook moeten worden bepaald hoe deze rechtsvorm zich verhoudt tot de regels voor de belastingplicht in de Wet op de vennootschapsbelasting. Ik zeg toe aan de heer Schouw en de heer Essers dat duidelijkheid zal worden geboden over de fiscale behandeling van de maatschappelijke onderneming zodra het wetsvoorstel over de maatschappelijke onderneming naar buiten wordt gebracht. Het is goed voorstelbaar dat de uitkomst niet voor elke maatschappelijke onderneming hetzelfde zal zijn, zeker wanneer het uitgangspunt blijft bestaan, zoals nu het geval is, dat hierbij een onderneming wordt gedreven of in concurrentie wordt getreden. Die uitgangspunten heb ik ook aangegeven in de notitie Belastingplicht voor overheidsbedrijven. In algemene zin sorteren wij hier dus niet voor op wel of een Vpb-plicht voor een maatschappelijke onderneming. Wel hebben wij inmiddels geconstateerd dat woningcorporaties een dusdanige ondernemingsvorm drijven dat niet langer sprake kan zijn van een vrijstelling van de vennootschapsbelasting.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling Handelingen EK 2007/2008, nr. 15, blz: 591-612
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
30 september 2008
nieuwe deadline: 1 juli 2009 -
18 december 2007
toezegging gedaan
Toezegging Vaststellingsovereenkomst (31.205/31.206) (T00438)
De staatssecretaris zegt toe om in de vaststellingsovereenkomst redelijk en constructief om te zullen gaan met de openingsbalans en gemengde projecten.
| Nummer | T00438 |
|---|---|
| Oorspronkelijke nummer | tz_FIN_2008_9 |
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 18 december 2007 |
| Deadline | 1 juli 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) prof. dr. F. Leijnse (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | vaststellingsovereenkomsten |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen I 2007-2008, nr. 15 – 605
De heer Essers (CDA): Ik heb dit ook aan de orde gesteld, maar ik heb het heel nadrukkelijk in verband gebracht met de waarde op de openingsbalans. Dat is een kwestie van onderhandelen. Daarbij worden bepaalde uitgangspunten in acht genomen, maar dat kan ook op een redelijke manier worden opgelost. Dat hebben wij ook gedaan bij de eerste vaststellingsovereenkomst inzake het commerciële onroerend goed. Ik meen dat wij de sector helemaal niet plezieren met een strikt theoretische discussie. Die kunnen wij elders voeren en die is ook nog lang niet uitgewoed. Mij gaat het om de uitgangspunten die de staatssecretaris zal innemen als straks de nieuwe vaststellingsovereenkomst moet worden gesloten voor de openingsbalans, gemengde projecten, de fiscale beleggingsinstellingen meer van dit soort zaken.
Staatssecretaris De Jager: Ik ben bereid om tegenover de heren Essers en Leijnse toe te zeggen dat ik redelijk en constructief met de vaststellingsovereenkomst zal omgaan. Als uitzondering zeg ik dit nu even met de pet op van de uitvoerder. Al het andere dat ik bij de behandeling van een wet zeg, zeg ik wel als medewetgever. In mijn rol als uitvoerder zal ik de Belastingdienst verzoeken om in de vaststellingsovereenkomst redelijk en constructief om te gaan met de openingsbalans en met de gemengde projecten.
De heer Leijnse (PvdA): Die toezegging incasseer ik graag.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling Handelingen EK 2007/2008, nr. 15, blz: 591-612
-
18 januari 2011
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten: -
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Zie Rijksbegroting 2010 IXB, bijlage moties en toezeggingen, nr. 19. -
17 november 2009
nieuwe status: deels voldaan
Opmerking: T00438 inzake de vaststellingsovereenkomst wordt als deels voldaan beschouwd (procedureel voldaan – inhoudelijk wordt mogelijk op teruggekomen. -
7 november 2008
nieuwe deadline: 1 januari 2010
Voortgang:documenten:-
-
verslag van een schriftelijk overleg van de commissie voor Financiën met de staatssecretaris van Financiën over de brief van PricewaterhouseCoopers (PWC) betreffende de uitvoering van de motie Essers c.s.
Voor kennisgeving aangenomen op 18 november 2008.
EK 31.205 / 31.206, P
-
-
18 december 2007
toezegging gedaan
Toezegging Opstelling Belastingdienst / Horizontaal toezicht (31.205 / 31.206) (T00839)
De staatssecretaris van Financien zegt toe dat de Belastingdienst zich constructief en redelijk zal opstellen bij de handhaving van deze wet. Ook zegt hij toe dat de Belastingdienst bereid is afspraken te maken met de branche over horizontaal toezicht.
| Nummer | T00839 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 24 juni 2008 |
| Deadline | 1 januari 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | drs. R. de Boer (ChristenUnie) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | Belastingdienst handhaving |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen 2007-2008, nr. 35, blz. 1458 - 1463
(...)
Blz. 1458
De heer De Boer (ChristenUnie) [..] toch willen wij enkele vragen stellen aan de staatssecretaris naar aanleiding van zijn brief (d.d. 6 juni 2008 (O.D.). Een intrigerende zin staat in deze brief onder het kopje "Economische effecten voor de branche". Wij doelen op de volgende zin: "Bij de uitvoering van de nieuwe regveling zal de Belastingdienst zich, voor zover mogelijk, binnen de wettelijke kaders coulant gaan opstellen".
Blz. 1463
De staatssecretaris van Financiën De Jager: De heer De Boer van de ChristenUnie vroeg ook naar de coulance. Uiteraard worden de wet- en regelgeving door de Belastingdienst gehandhaafd. Er is geen coulance in de zin van "dan passen wij de wet maar half toe, of maar eventjes niet". Biedt de regelgeving echter ruimte, dan zal de Belastingdienst zich constructief en redelijk opstellen. Wellicht herkennen de heren Essers en Leijnse dat nog van een motie van hun hand over een ander thema. De Belastingdienst is ten volle bereid om met de branche afspraken te maken in het kader van horizontaal toezicht. De heer Essers vroeg daarnaar.
Brondocumenten
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. De Belastingdienst is bereid afspraken te maken met de branche over horizontaal toezicht en heeft dit naar de branche uitgesproken. -
3 maart 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: Planning afronding in 2009 -
24 juni 2008
toezegging gedaan
Toezegging Constructieve opstelling Belastingdienst (31.205 / 31.206) (T00840)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe de Kamer per brief te informeren over de in het rapport [van Spigthoff advocaten en belastingadviseurs, getiteld Trojan Horse van 19 juni 2008, inzake strijdigheid van de nieuwe belastingheffing voor kansspelautomaten met Europees recht] getrokken conclusie dat, uitgaande van de definitie van de exploitant, een heffing op de exploitant problemen geeft, om-dat er waarschijnlijk geen grondslag en geen termijn van aangifte beschikbaar zijn. Eveneens zegt de staatssecretaris toe de Kamer te informeren als er, na be-studering van het rapport Trojan Horse, nieuwe pregnante punten naar voren komen die in het debat van december jongstleden of in zijn brief nog niet aan de orde zijn gekomen. De staatssecretaris constateert met de heer Ten Hoeve van OSF dat de invulling van het tijdvak in de uitvoeringsregeling een schoonheidsfoutje bevat. Hij zegt toe dat de uitvoeringsregeling zo snel mogelijk zal worden gewijzigd. Een publica-tie in de Staatscourant is daarvoor voldoende. Hij zal de Kamer hierover per brief informeren, tenzij de hier gedane toezegging voldoende is om dit te realiseren.
| Nummer | T00840 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 24 juni 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | Belastingdienst handhaving |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen 2007-2008 nr. 35,
Blz. 1465
(...)
De heer Ten Hoeve (OSF): Ik sluit mij aan bij het verzoek van de heer Biermans. Het gaat mij niet om artikel 2 van het EVRM, maar juist om andere dingen. Voor mij was het belangrijkste dat het rapport tot de conclusie komt dat het willen leggen van een heffing op de exploitant problemen geeft, omdat daardoor waarschijnlijk geen grondslag en geen termijn van aangifte beschikbaar zijn, uitgaande van de definitie van de exploitant. Op dezelfde manier en met dezelfde oorzaak zou ook het vervallen van de btw-heffing een probleem kunnen opleveren. Dit zijn heel concrete zaken waarop ik graag een concreet antwoord krijg van de staatssecretaris.
Staatssecretaris De Jager: Dit is een concrete vraag en ik ben graag bereid om de Kamer op dit punt een nadere toelichting te sturen als wij het uitgebreid hebben bestudeerd. Ik zal op de vraag die zojuist door de heer Ten Hoeve is gesteld, een antwoord formuleren en in een brief aan de Kamer neerleggen. Tot slot hebben de woordvoerders van de fracties van D66 en OSF gevraagd naar het risico dat er geen tijdvak van aangifte zou zijn. De heer Ten Hoeve sprak er zojuist over en misschien is dit wel het antwoord op zijn vraag. De invulling van het tijdvak in de uitvoeringsregeling bevat inderdaad op dit moment een schoonheidsfoutje. Er staat: ''degene die gelegenheid geeft'' en dit had moeten zijn: ''de exploitant''. De toelichting van de regeling laat hierover echter geen twijfel bestaan. De uitvoeringsregeling zal zo snel mogelijk worden gewijzigd. Een publicatie in de Staatscourant is hiervoor voldoende. Misschien heb ik mijn toezegging hiermee al goedgemaakt. Ik zal bezien of dit antwoord voldoende is. Dan zal ik de Kamer geen brief sturen, maar als ik nog een aanvulling heb, zal ik de Kamer alsnog een brief sturen.
Blz. 1469
De staatssecretaris van Financiën De Jager: De Onafhankelijke Senaatsfractie, op dit punt sprekend mede namens D66, zeg ik toe dat ik met mijn ambtenaren nog eens goed naar het genoemde rapport zal kijken. Als er nog nieuwe pregnante punten naar voren komen die in het debat van december jongstleden of in mijn brief nog niet aan de orde zijn gekomen, zal ik die alsnog in een brief aan de Eerste Kamer mededelen.
Brondocumenten
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond in het vergaderjaar 2007/2008. Zie
nr. 172 van de bijlage moties en toezeggingen bij begroting IXB. -
3 maart 2009
nieuwe status: deels voldaan
Opmerking: Afgerond in vergaderjaar 2007/2008. Zie Bijlage IXB van de Rijksbegroting 2009, onderdeel B.1, nr. 110 -
24 juni 2008
toezegging gedaan
Toezegging Herverdeling inkomsten horeca-exploitant / kansspelexploitant (31.205 / 31.206) (T00841)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe dat hij zal monitoren of er daadwerkelijk sprake is van een herverdeling tussen de horeca-exploitant en de kansspelexploitant. De mogelijkheid hiertoe bestaat door enerzijds een bepaling in de standaard exploitatieovereenkomst (artikel 11, lid 1b: Deze overeenkomst eindigt indien de exploitatie naar oordeel van de exploitant onrendabel is en hij afziet van de plaatsing van vervangende speelautomaten) anderzijds door een uitspraak van de rechter, zich daarbij beroepende op het Burgerlijk Wetboek (artikel 6:258 BW), waarin een algemene vangnetbepaling is opgenomen die de rechter de mogelijk-heid biedt om de feiten en omstandigheden af te wegen bij een oordeel over de vraag of er sprake is van een “onvoorziene omstandigheid” die i.c. zou moeten leiden tot een andere verdeling van de opbrengst. De regering acht deze moge-lijkheden voldoende om in het geweer te komen tegen een eventuele onredelijke uitkomst van de wetswijziging.
| Nummer | T00841 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 24 juni 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) prof. dr. F. Leijnse (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | exploitatie kansspelbelastingen |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen Eerste Kamer 2007-2008, nr. 35, blz. 1462
(...)
De heer Biermans (VVD): Voorzitter, wat de staatssecretaris nu herhaalt, was mij al duidelijk, maar mijn vraag was blijkbaar niet duidelijk. Ik vroeg wat er gebeurt als er op grond van het contract of het oordeel van de rechter om welke reden dan ook geen herverdeling plaatsvindt. Op die vraag heeft de staatssecretaris geen antwoord gegeven, hij herhaalt wat hij al gezegd heeft.
Staatssecretaris De Jager: Die vraag is ook door de heren Leijnse en Essers gesteld, ik was bezig met een antwoord daarop. Ik gaf aan dat deze twee concrete mogelijkheden in het algemeen voldoende zullen zijn, maar mede naar aanleiding van de vragen van de genoemde leden wilde ik de Kamer toezeggen dat wij zullen monitoren of in de praktijk ook werkelijk een van de twee mogelijkheden gebruikt zal worden. Als nu echt in extreme mate blijkt dat dit niet zo is, dan zal ik dat aan de Kamer rapporteren, maar vooralsnog zie ik geen aanleiding om te veronderstellen dat het niet mogelijk zal zijn om op deze manier opnieuw te gaan onderhandelen over een contract.
De heer Biermans (VVD): Ik denk dat wij nu zaken kunnen doen, want de staatssecretaris is bereid om de zaak te monitoren. Wat is dan zijn conclusie? Wat wil hij doen als blijkt dat de branche inderdaad in problemen komt omdat heronderhandelingen nergens toe leiden en ook de burgerlijke rechter oordeelt dat er geen enkele reden is om het contract te wijzigen?
Staatssecretaris De Jager: Dat heb ik zojuist aangegeven. Het is niet te voorspellen of wat u vraagt, nodig zal zijn. Ik vind het dan ook voorbarig om daarvan uit te gaan, maar mede naar aanleiding van vragen van de heren Essers en Leijnse heb ik aangegeven dat ik bereid ben om de ontwikkelingen te monitoren en de Kamer ervan op de hoogte te houden. Als de ontwikkelingen er aanleiding toe geven, zal de regering bepalen of zij het opportuun acht om er iets aan te doen. Civielrechtelijke wetgeving ligt overigens niet op mijn terrein, maar op dat van de minister van Justitie. Hoe dan ook, ik acht het niet opportuun om nu al aan te geven dat de regering in bepaalde omstandigheden een bepaald voorstel zal doen, omdat ik geen enkele aanleiding zie om ervan uit te gaan dat de clausules in het standaardcontract en de vangnetbepaling in het Burgerlijk Wetboek onvoldoende zullen zijn. Mocht dit toch zo blijken te zijn, dan zullen wij de Kamer erover berichten en dan kan de regering uiteindelijk ook een voorstel doen om maatregelen te nemen.
De heer Biermans (VVD): Voorzitter, ik dank de staatssecretaris voor deze toezegging. Ze komt er concreet op neer dat de staatssecretaris, als de branche in problemen komt doordat de mogelijkheden die hij schetst, helaas niet bruikbaar blijken te zijn, zal bevorderen dat de regering maatregelen neemt om het probleem op te lossen. Dit is in elk geval de eerste positieve uitlating die ik vanmiddag van de staatssecretaris gehoord heb.
Staatssecretaris De Jager: Voorzitter, ik hoop dat er een woordelijk verslag van deze vergadering gemaakt wordt en dat de heer Biermans mij zelf mijn woorden laat kiezen. Ik houd het dus bij de toezegging die ik zojuist heb geformuleerd, niet bij de interpretatie die hij ervan gaf.
De heer Leijnse (PvdA): Dat is maar goed ook, want de heer Biermans was dit belangrijke punt in eerste termijn geheel vergeten ... Even terug naar de tweede variant, de toetsing door de rechter of er zich geen omstandigheden hebben voorgedaan die ontbinding van het contract mogelijk maken. Het gaat er nu even om, wat in zo'n situatie onvoorziene omstandigheden zijn. Is de staatssecretaris bereid om uit te spreken dat voor alle contracten tussen exploitanten van speelautomaten en horeca-exploitanten die voor 1 januari 2008 zijn afgesloten en waarin een bepaalde verdeling is afgesproken, de maatregelen die deze Kamer heeft aangenomen en die op 1 juli kracht van wet zullen krijgen - invoering van de kansspelbelasting - moeten worden gekwalificeerd als een omstandigheid
die de partijen op het moment van het afsluiten van het contract niet hadden kunnen voorzien?
Brondocumenten
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. Uit de gehouden evaluatie blijkt dat beide mogelijkheden worden gebruikt en in de praktijk tot één civiele procedure heeft geleid die door de exploitant is gewonnen. Dit is overeenkomstig de wens van de EK, zodat het niet nodig is de Kamer hieover te informeren. -
3 maart 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: Planning afronding 2e kwartaal 2009 -
24 juni 2008
toezegging gedaan
Toezegging Capaciteit projectgroep Joker (31.205/31.206) (T00842)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe dat de Belastingdienst de capaciteit van de projectgroep Joker zal opschalen als dat nodig is voor het innen van belasting dan wel het bestrijden van illegaliteit, wanneer belasting wordt ontdoken.
| Nummer | T00842 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 24 juni 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | belastingen belastingplannen illegaliteit |
| Kamerstukken | Overige fiscale maatregelen 2008 (31.206) Belastingplan 2008 (31.205) |
Handelingen Eerste Kamer 2007-2008, nr. 35, blz. 1463
(...)
Staatssecretaris De Jager [..] Dan kom ik op het voorkomen van weglek naar de illegaliteit. Laat ik beginnen in deze Kamer nogmaals te benadrukken dat de regering de illegaliteit bij de kansspelen streng wil aanpakken. Tijdens het debat over de Belastingplannen in het najaar, zowel in de Tweede als de Eerste Kamer, hebben wij daarover gesproken. De regelgeving van het kansspelbeleid zal dus ook onverkort worden gehandhaafd. Dat kan ik overigens ook aan de fracties van de ChristenUnie en de SGP toezeggen, die ernaar hadden gevraagd. Daarnaast zal de Belastingdienst ook een aantal maatregelen nemen om de vinger bij de branche aan de pols te houden, juist gericht op de illegaliteit. Zo zal de beoordeling van de aangifte van de speelautomatenbranche, vanuit het oogpunt van gelijkheid, op één centraal punt gaan plaatsvinden. Hierdoor zal snel duidelijk worden of zich bepaalde risico's manifesteren en kan de Belastingdienst snel tot actie overgaan als dat nodig is. Ik ben ook bereid om toe te zeggen dat de Belastingdienst daarvoor extra capaciteit zal inzetten als dat nodig is. De projectgroep Joker, gespecialiseerd in dit thema, zal de coördinatie op zich nemen en de ontwikkelingen monitoren. Nogmaals, ik ben ook bereid om deze Kamer toe te zeggen dat de Belastingdienst de capaciteit van de projectgroep Joker zal opschalen als dat nodig is voor het innen van belasting dan wel het bestrijden van illegaliteit, wanneer belasting wordt ontdoken. De wet die nog ter behandeling in deze Kamer ligt, namelijk de wet om het belasten van internetkansspelen mogelijk te maken - dat zijn dus illegale internetkansspelen - helpt hierbij. Hierdoor krijgen de Belastingdienst en eventueel de FIOD-ECD op dit gebied voldoende handvatten.
Brondocumenten
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. Uit de evaluatie blijkt dat geen sprake is van verschuiving naar de illegaliteit en dat ook de inning niet leidt tot een noodzakelijke opschaling van de projectgroep. Mocht dit in de toekomst anders worden dan zal alsnog aan de toezegging uitvoering worden gegeven. -
3 maart 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: Planning afronding vóór juli 2009 -
24 juni 2008
toezegging gedaan
Toezegging Handhavingsarrangement internetkansspelen (30.583) (T00857)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe dat hij in het eerstkomende overleg over het handhavingsarrangement het beleid ten aanzien van internetkansspelen zal bespreken waarbij ook de vraag aan de orde zal komen of een speler die aangifte doet wellicht strafbaarstelling over zichzelf afroept.
| Nummer | T00857 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 9 september 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | prof. dr. F. Leijnse (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | internet kansspelen onlinegokken Wet op de kansspelbelasting |
| Kamerstukken | Wijziging Wet op de kansspelbelasting inzake de kansspelen via internet (30.583) |
Handelingen Eerste Kamer 2007 - 2008, 39 - 1684
(...)
De heer Leijnse (PvdA): Is het nu zo dat een speler aan een door Nederlanders in Nederland aangeboden internetkansspel, dat dus illegaal is, op zich ook strafbaar is omdat hij meedoet aan een illegaal spel? En zo dit het geval is, hoe moeten wij dan aankijken tegen het feit dat betrokkene verplicht is zijn speelwinst zelf op te geven voor de kansspelbelasting? Roept hij door aangifte niet strafbaarstelling over zichzelf af?
Handelingen Eerste Kamer 2007 - 2008, 39 - 1689
Staatssecretaris De Jager: Ik zeg de heer Leijnse dan ook toe dat ik er op zal toezien dat in het eerstkomende overleg over het handhavingsarrangement het beleid ten aanzien van internetkansspelen zal worden besproken, inclusief zijn vraag over vervolging van een internetgebruiker die aangifte doet maar tegelijkertijd wellicht een delict heeft gepleegd.
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming aangenomen, aantekening: SP) Handelingen EK 2007/2008, nr. 39, blz.: 1678-1691
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond. De problematiek is op 12 februari 2009 in het CTPO (Centraal Tripartiete Overleg) aan de orde gekomen waarbij is
geconstateerd dat in het Landelijk toezichtsplan 2009 aandacht wordt gegeven aan het onderwerp illegaal gokken en dat
vanuit de fiscale kant van de zaak bezien, strafrechtvervolgingswaardige zaken via de normale (ATV-richt)lijnen naar het strafrecht
toe zullen komen. -
3 maart 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: Planning afronding loop van 2009. Wordt op het eerstvolgende overleg over het handhavingsarrangement op de agenda gezet. -
9 september 2008
toezegging gedaan
Toezegging Aanpassing Wft ingeval van conflicten tussen minister van Financiën en toezichthouders AFM en DNB (31.724) (T00912)
De staatssecretaris van Financiën zegt de Kamer toe, naar aanleiding van een vraag van het lid Schouw, de wet Wft aan te passen indien dat nodig zou zijn om conflicten tussen de minister van Financiën en de toezichthouders AFM en DNB op te lossen of te vermijden.
| Nummer | T00912 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 7 oktober 2008 |
| Deadline | 1 januari 2011 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | dr. A.G. Schouw (D66) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | Autoriteit Financiële Markten conflicten De Nederlandsche Bank toezichthouders |
| Kamerstukken | Maatregelen tegen "naked short selling" (31.724) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 3 - 146
(...)
De heer Schouw (D66): Het is ondenkbaar dat de minister iets wil wat de AFM niet wil, andersom is het volgens mij ook ondenkbaar dat de AFM of DNB iets wil wat de minister niet wil. Dan wordt het eerst aangekondigd, en later moet de minister het intrekken, en dat is een wat gekke figuur. Deze regels zijn bedacht toen wij het negatieve scenario van de afgelopen weken niet konden overzien. Dan snap ik dat je zo'n schikkingsmodel bedenkt. Maar nu zijn maatregelen aan de orde van de dag. Ik kan mij voorstellen dat conflicten over interventies of keuzes daarvoor ook aan de orde van de dag zijn. Hoe anticipeert u daarop? Is het toch niet goed om nog eens even naar de afspraken die toen zijn gemaakt te kijken, en geen bevoegdheden meer bij de minister van Financiën neer te leggen?
Staatssecretaris De Jager: Zoals ik al heb aangegeven, functioneert het huidige model echt uitstekend. Er is geen licht tussen de toezichthouder en de minister van Financiën. De vraag is, wat het geval is als dat wel ontstaat. Het voorliggende wetsvoorstel is beredeneerd vanuit een bepaalde situatie: wetgevende bevoegdheden kunnen bij ministeriële regeling door de minister worden gesteld, maar in uitzonderlijke situaties kan worden ingegrepen door de toezichthouder. In dat geval - een uitzondering op het geldende regime - is een bevoegdheid gecreëerd voor de minister van Financiën om dat, indien hij dat noodzakelijk acht, onder bepaalde omstandigheden terug te draaien. Andersom acht ik veel meer ondenkbaar dat de minister van Financiën een maatregel wil nemen die de toezichthouder, die verantwoordelijk is voor het toezicht, niet wil nemen. Dat is ook bij de totstandkoming van de Wft aan elkaar kenbaar gemaakt. Er is voor gekozen om de toezichthouder op een behoorlijke afstand te plaatsen. Natuurlijk zijn er nu omstandigheden die wellicht toen niet waren voorzien, hoewel de Wft natuurlijk ook is gemaakt voor bijzondere omstandigheden. De vraag of dat gegeven op dit moment in enige mate de kwaliteit van het toezicht hindert, kan ik voor 100% met ''nee'' beantwoorden. En daar gaat het uiteindelijk om.
De heer Schouw (D66): Dat is geruststellend, maar kan de staatssecretaris ook de politieke garantie geven dat het in de toekomst zo blijft, dat wij niet te maken krijgen
met conflicten tussen die drie partijen?
Staatssecretaris De Jager: Ik kan de volgende politieke toezegging doen. Als dat wel gebeurt en het echt noodzakelijk is, dan zal de minister van Financiën uiteraard maatregelen nemen en voorstellen doen aan de Staten-Generaal om de wet daarop aan te passen. Dat voorzie ik echter op dit moment op geen enkele wijze. Dat wil ik wel gezegd hebben.
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming aangenomen) Handelingen EK 2008/2009, nr. 3, blz: 138-155
-
18 januari 2011
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten: -
15 juli 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: De relatie toezichthouders-ministerie van Financiën wordt meegenomen in «toezicht op toezicht».
-
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Er is thans geen aanleiding om de Wet op het financieel toezicht op dit punt aan te passen. Mochten de verschillende onderzoeken en evaluaties op het terrein van het toezicht op de financiële markten die momenteel plaatsvinden daartoe aanleiding geven, kan alsnog worden bezien of aanpassing van de wettelijke regeling ter zake nodig is. -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang: -
7 oktober 2008
toezegging gedaan
Toezegging Onderzoek van de Europese Commissie naar securities lending en het standpunt van de Nederlandse regering (31.724) (T00913)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe de Kamer vóór de Algemene Financiële Beschouwingen te informeren over (de stand van zaken van) het onderzoek van de Europese Commissie naar securities lending en over het kabinetstandpunt terzake.
| Nummer | T00913 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 7 oktober 2008 |
| Deadline | 1 januari 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | drs. S.J. van Driel (PvdA) drs. J.P. Laurier (GroenLinks) dr. A.G. Schouw (D66) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | Europese Commissie securities lending |
| Kamerstukken | Maatregelen tegen "naked short selling" (31.724) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 3 - 148
(...)
Staatssecretaris De Jager: De heren Van Driel en Laurier hebben gevraagd naar securities lending en een onderzoek daarnaar. De Europese Commissie doet op dit moment onderzoek naar deze grensoverschrijdende problematiek. Ik zeg graag toe dat de minister van Financiën deze Kamer inlicht over de uitkomst van het onderzoek zodra dat klaar is. [..]
Handelingen I 2008-2009, nr. 3 - 150
Staatssecretaris De Jager: Dan kom ik nu op de onderzoeksvraag van de Europese Commissie. Ik heb begrepen dat het een breed onderzoek betreft naar de nadelige effecten van securities lending. In eerste instantie lag het accent bij securities lending op het kopen van stemrecht, bijvoorbeeld door activistische aandeelhouders, maar de onderzoeksvraag is nu breder; het zou ook kunnen gaan om de relatie met short selling. De onderzoeksvraag is breder dan alleen het accent op het kopen van stemrechten. Het lijkt mij verstandig, de uitkomst daarvan af te wachten en daarna de Kamer te informeren.
De heer Van Driel (PvdA): Ik begrijp dat u dat vindt, maar wordt er ook een analyse gemaakt van de effecten, namelijk of een en ander de markt soepeler maakt en verbreedt? Want dat is altijd het argument dat wordt aangevoerd. Gaat dat argument inderdaad op? Wordt er ook gekeken naar wat het opbrengt? Het gaat om iets meer dan short selling, maar wat is de betekenis voor de markt? Is er überhaupt een betekenis voor de markt? Dergelijke vragen doen zich naar mijn gevoel nu voor.
Staatssecretaris De Jager: Het onderzoek is wat breder getrokken, maar het is niet mogelijk om al de punten langs te gaan die u nu noemt. Wij weten dit ook niet, want zo duidelijk is de onderzoeksvraag van de Commissie niet geformuleerd. Die punten hoeven dus niet per se aan bod te komen, maar ik ga er wel vanuit, zeker als je de relatie met short selling onderzoekt, dat dan ook eventuele positieve effecten worden bezien. Wij moeten echter het onderzoek van de Europese Commissie afwachten.
De heer Van Driel (PvdA): De Europese ministers van financiën kunnen toch verzoeken, een aantal vragen toe te voegen? Zo ingewikkeld is het toch niet? Ik zeg niet dat het alleen maar negatief is, het kan ook positief uitpakken. Laten wij echter het totaal in beeld brengen. De kwestie is al jaren in discussie. Soms schiet je in je eigen voet, maar nu is het echt ''hot'' geworden, om het zo maar even uit te drukken. Laten wij dan ook alle aspecten meenemen. Ik zou niet weten waarom de Europese Commissie dat niet zou willen.
Staatssecretaris De Jager: Ik stel toch voor, eerst het onderzoek van de Europese Commissie af te wachten. Als er echt omissies zijn, kunnen wij daarop terugkomen.
De heer Schouw (D66): Wat mij opvalt, is dat de staatssecretaris met grote afstandelijkheid praat over een onderzoek vanuit Europa. Ik vraag de staatssecretaris iets indringender wat de Nederlandse positie in deze kwestie is. Wij hebben het er met heel veel partijen over gehad. Nederland heeft een belangrijke financiële sector en het lijkt mij zeer onverstandig dat Nederland afwacht wat voor rapport er vanuit Europa komt. De staatssecretaris moet meer regie voeren en zelf zijn standpunt bepalen. Ik vraag hem, het Nederlandse standpunt hierover aan de Kamer te doen toekomen, per brief of notitie.
Staatssecretaris De Jager: Wat ik kan doen is, vóór de algemene financiële beschouwingen in deze Kamer in een brief uiteenzetten wat ons standpunt is, zodat de Kamer nog de gelegenheid krijgt, daarover te debatteren. Als het onderzoek van de Commissie er dan nog niet is, zal dit standpunt heel algemeen zijn verwoord, maar het lijkt mij goed om het Nederlandse standpunt over deze materie en over het onderzoek, voor zover wij dat op dat moment al hebben, in een brief aan de Kamer te doen toekomen voor de algemene financiële beschouwingen.
Handelingen I 2008-2009, nr. 3 - 154 / 155
Staatssecretaris De Jager: Tot slot zeg ik een brief toe over de stand van zaken over het Europese onderzoek, die voor de algemene financiële beschouwingen in deze Kamer beschikbaar zal zijn. Een standpunt van de Nederlandse regering kan pas worden ingenomen als de onderzoeksresultaten bekend zijn. Wij weten niet zeker of dat voor de algemene financiële beschouwingen zal zijn. Die informatie die voor de Nederlandse regering al bekend is bij het schrijven van de brief over de stand van zaken, sturen wij voor de algemene financiële beschouwingen naar uw Kamer.
De heer Schouw (D66): Sommige zaken zijn voorspelbaar. Wij zitten niet te wachten op een brief waarin staat wat de Europese Commissie gaat onderzoeken. Wij hebben echt behoefte aan een brief waarin wij de Nederlandse situatie overzien rond dit onderwerp. Volgens mij hebt u dat net toegezegd, in het interruptiedebatje in eerste termijn. Dan komt er al dan niet een standpunt van de regering, maar wel gefocust op de Nederlandse situatie. Dat is volgens mij de afspraak die wij net hebben gemaakt. Ik interrumpeer nu omdat ik het vermoeden heb dat u wat afstand wilt nemen van die afspraak.
Staatssecretaris De Jager: Nee, maar er is een verschil, dat u nu ook maakt, dus wij zijn het hierover eens. Een standpunt van de Nederlandse regering acht ik pas adequaat nadat de Europese Commissie haar bevindingen kenbaar heeft gemaakt. In de stand-van-zakenbrief, die wij voor de algemene financiële beschouwingen zullen sturen, kan natuurlijk datgene worden meegenomen wat op dit moment al over de Nederlandse situatie gezegd kan worden. Dat zeg ik toe.
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming aangenomen) Handelingen EK 2008/2009, nr. 3, blz: 138-155
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Beantwoord per brief (FM/2008/2968 M) -
7 oktober 2008
toezegging gedaan
Toezegging Evaluatie van de wet (31.724) (T00914)
De staatssecretaris van Financiën zegt de Kamer toe, naar aanleiding van vragen van de leden Van Driel en Schouw dat er voor 1 januari 2010 een evaluatie zal plaatsvinden van de wet. In deze evaluatie zal onder meer worden ingegaan op de vraag hoe vaak de toezichthouder gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid en op de vraag in hoeverre de handhaving adequaat is. Indien zou blijken dat de AFM niet voldoende is geëquipeerd voor het uitoefenen.
| Nummer | T00914 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 7 oktober 2008 |
| Deadline | 1 januari 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | drs. S.J. van Driel (PvdA) dr. A.G. Schouw (D66) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | evaluatie |
| Onderwerpen | Autoriteit Financiële Markten evaluaties handhaving |
| Kamerstukken | Maatregelen tegen "naked short selling" (31.724) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 3 - 154
(...)
Staatssecretaris De Jager: De heer Schouw heeft nog gevraagd naar het beleidskader. Ik zeg toe dat voor 1 januari 2010 een evaluatie zal plaatsvinden. Daarin wordt ook gekeken naar bijvoorbeeld hoe vaak de toezichthouder gebruik heeft gemaakt van deze bevoegdheid. Wij kunnen dan ook een aantal andere zaken meenemen en het plaatsen in een wat breder beleidskader. Ook de vraag in hoeverre de handhaving adequaat is, waarnaar door deze Kamer is gevraagd kunnen wij dan meenemen. [..]
Handelingen I 2008-2009, nr. 3 - 155
De heer Van Driel: Ik had nog gevraagd naar de handhaafbaarheid.
Staatssecretaris De Jager: Ik meen dat ik daar al iets over heb gezegd, namelijk dat wij dit in de evaluatie voor 2010 zullen meenemen. Ik had al iets gezegd over de handhaafbaarheid. Met de meldingsplicht wordt de handhaafbaarheid gemakkelijker. Die meldingsplicht gaat naar verwachting per 10 oktober in bij publicatie in het Staatsblad. De AFM krijgt op allerlei manieren informatie, nu ook al, over de huidige situatie van het verbod op covered short sellen.
De heer Van Driel (PvdA): Het ging mij ook om de zaken die over de counter gaan. Hoe houdt u daar nu zicht op?
Staatssecretaris De Jager: Er zijn allerlei manieren om dat toezichtproces vorm te geven. Ook over de Belastingdienst wordt mij deze vraag altijd gesteld. Dan ben ik altijd heel voorzichtig om precies inzicht te geven in de manier waarop ook in dit soort situaties het toezichtproces gestalte krijgt. Er zijn dus manieren, ook over de counter, om een bepaalde mate van toezicht te kunnen plegen en te kunnen handhaven. Het lijkt mij goed dat ook dit in de evaluatie meeloopt, waarbij het erom gaat of wat wij doen handhaafbaar is gebleken. Wij achten op dit moment de AFM daartoe voldoende geëquipeerd. Wanneer dat niet zo mocht zijn, komen wij natuurlijk met voorstellen.
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming aangenomen) Handelingen EK 2008/2009, nr. 3, blz: 138-155
-
17 december 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten:-
-
AFM-maatregelen inzake short selling
voor kennisgeving aangenomen op 19 januari 2010
-
-
brief van de minister van Financiën over de toezegging voor 1 januari 2010 de wet te evalueren
voor kennisgeving aangenomen op 19 januari 2010
EK, D
-
-
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Dit jaar gaat er nog een brief naar de Kamer. -
7 oktober 2008
toezegging gedaan
Toezegging Informatievoorziening uitkomsten Ecofinraad en gevolgen voor Nederland (31.724) (T00915)
De staatssecretaris van Financiën zegt de Kamer toe haar te informeren over de uitkomsten van de Ecofin en de gevolgen voor Nederland.
| Nummer | T00915 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 7 oktober 2008 |
| Deadline | 1 januari 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | ir. P.H. Hofstra (VVD) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | Ecofin |
| Kamerstukken | Maatregelen tegen "naked short selling" (31.724) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 3 - 154
(...)
De heer Hofstra (VVD): Op mijn lijstje is namelijk nog een punt overgebleven, het gevoelige punt van de systeembanken, waar het verzoek was om in elk geval procedureel iets te melden aan de Kamer en daarmee ook aan de buitenwereld.
Staatssecretaris De Jager: Ik begrijp de vraag heel goed. Deze vraag ligt alleen buiten de context. Vandaag is in de Ecofin gesproken over systeembanken. De Ecofin heeft een verklaring naar buiten gebracht. Daarin wordt aandacht gegeven aan de support van financiële instellingen die van systeemwaarde zijn. Ook is er in algemene zin gesproken, dus buiten de systeembanken, over de ophoging van de depositogarantie. Ik kan mij niet anders voorstellen dan dat daarover een brief naar de Tweede Kamer komt waarin wij in ieder geval uiteenzetten wat de gevolgen zijn van de afspraken in de Ecofin. Die brief kunnen wij gelijk naar de Eerste Kamer sturen.
Brondocumenten
-
behandeling en stemming (zonder stemming aangenomen) Handelingen EK 2008/2009, nr. 3, blz: 138-155
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Gepubliceerd in oktober 2008,
(Kamerstukken: 21 501-07, nr. 624) -
7 oktober 2008
toezegging gedaan
Toezegging Monitoring effect doorwerkbonus, in het bijzonder op arbeidsparticipatie van ouderen en informeren van de Kamer (31.704/31.705/31.717 nr. 2) (T00917)
Naar aanleiding van een vraag van de leden De Boer, Leijnse en Ten Hoeve, zegt de staatssecretaris van Financiën de Kamer toe de situatie met betrekking tot het effect van de doorwerkbonus op de arbeidsparticipatie, in het bijzonder de arbeidsparticipatie van ouderen, te monitoren en de Kamer hierover te informeren.
| Nummer | T00917 |
|---|---|
| Status | afgevoerd |
| Datum toezegging | 16 december 2008 |
| Deadline | 1 januari 2013 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | drs. R. de Boer (ChristenUnie) drs. H. ten Hoeve (OSF) prof. dr. F. Leijnse (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | arbeidsparticipatie monitoring ouderen |
| Kamerstukken | Fiscale onderhoudswet 2009 (31.717) Overige fiscale maatregelen 2009 (31.705) Belastingplan 2009 (31.704) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 15 - 763
(...)
Staatssecretaris De Jager: De heer De Boer en de heer Leijnse vragen naar de verwachte effecten van de doorwerkbonus. Het CPB heeft het effect van de doorwerkbonus op de arbeidsparticipatie berekend. In de stukken zijn wij daarop ingegaan. Het effect is 0,6% in de leeftijdsgroep 60-64 jaar. Het effect op de groep 62-64 jaar, waarop de bonus echt aangrijpt, is een stuk groter. Het CPB heeft dat echter niet in cijfers uitgedrukt, omdat het niet goed kon worden berekend. Ik heb de Tweede Kamer eerder toegezegd dat het kabinet de situatie zal monitoren. Juist de arbeidsparticipatie van ouderen zullen wij nauwlettend in de gaten houden. Daarover zullen wij rapporteren.
Blz. 764
Staatssecretaris van Financiën De Jager: De heer Ten Hoeve vroeg naar het stimulrende effect van de bonus. Vanzelfsprekend zullen wij de ontwikkelingen van het langer doorwerken nauwlettend blijven volgen. Dat hebben wij ook al in de Tweede Kamer toegezegd. Ook het CPB en het CBS publiceren regelmatig cijfers ter zake.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: VVD en SP) Handelingen EK 2008/2009, nr. 15, blz: 759-781
-
9 oktober 2012
nieuwe status: afgevoerd
Voortgang:
Opmerking: In het antwoord op het rappel stelt de minister dat de toezegging niet opportuun meer is in verband met het afschaffen van de doorwerkbonus per 1 januari 2013 en verwijst naar een brief van de staatssecretaris van 18 september, waarin dit wordt toegelicht. Op 25 sept. jl. is deze brief door de commissie voor kennisgeving aangenomen.documenten:-
-
Verslag van een schriftelijk overleg inzake halfjaarlijks rappel toezeggingen
voor kennisgeving aangenomen op 23 oktober 2012 door de commissie voor Koninkrijksrelaties
EK, B
-
-
24 april 2012
nieuwe deadline: 1 januari 2013
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang:documenten:-
-
Verslag van een schriftelijk overleg inzake halfjaarlijks rappel toezeggingen
voor kennisgeving aangenomen op 24 april 2012
EK, E
-
-
16 september 2011
nieuwe deadline: 1 januari 2012
nieuwe status: deels voldaan
Voortgang: -
15 maart 2011
nieuwe deadline: 1 januari 2012
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Volgens het ministerie is deze toezegging afgerond bij brief van de minister van Financiën van 30 augustus 2010. Kamerstukken I, 2009/10, 32123 IXB, F. De in de brief verstrekte informatie geeft echter geen inzicht in het effect van de doorwerkbonus op de arbeidsparticipatie. -
15 juli 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In voorbereiding. Planning afronding najaar 2010.
-
9 maart 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang:documenten: -
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Opmerking: In voorbereiding. Planning afronding najaar 2010. -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In voorbereiding. -
16 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging Vergemakkelijken van het wetgevingsproces van de Eerste Kamer betreffende het Belastingplan (31.704/31.705/31.717 nr.2) (T00919)
De staatssecretaris van Financiën de Kamer toe naar aanleiding van een vraag van het lid Reuten informeel, overleg te hebben met Kamer teneinde het wetgevingsproces voor de Eerste Kamer met betrekking tot het Belastingplan te vergemakkelijken, gelet op de zeer korte tijdsperiode die de Kamer heeft voor de behandeling. Bij dit overleg zullen ambtenaren van het ministerie van Financiën aanwezig zijn. De staatssecretaris zegt eveneens toe het verzoek door te geleiden aan de ministers van Justitie en BZK.
| Nummer | T00919 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 16 december 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | dr. G.A.T.M. Reuten (SP) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | ambtenaren overleg wetgevingsproces |
| Kamerstukken | Fiscale onderhoudswet 2009 (31.717) Overige fiscale maatregelen 2009 (31.705) Belastingplan 2009 (31.704) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 15 - 771
(...)
Staatssecretaris De Jager: [..] Ik schreef ook al in antwoord op de schriftelijke vragen van de heer Reuten dat ik mij bewust ben van het feit dat ook deze Kamer geen gemakkelijke taak heeft. Dat geldt ieder jaar in het bijzonder weer voor de behandeling van het Belastingplan. Ik doe er alles aan om het proces zo goed mogelijk richting uw Kamer vorm te geven. U kunt in het proces schriftelijke en mondelinge vragen stellen over de wetsvoorstellen. Die weg wordt vaak door fracties gevolgd. Echter, op het verzoek van de heer Reuten kan ik om de genoemde redenen helaas niet ingaan.
De heer Reuten (SP): Als ik nu eens zeg dat wij graag een informeel document willen voor de Kamer? Ik kan mij echt niet voorstellen dat er geen wijzigingen worden bijgehouden op het ministerie om van het bestaande wetsvoorstel naar een gewijzigd voorstel van wet te komen. Wordt dat met de pen uiteindelijk weer helemaal opnieuw uitgeschreven? Wij leven toch in een tijd waarin mensen programma's als Word gebruiken en daarin wijzigingen bijhouden?
Staatssecretaris De Jager: Als er manieren zijn om het wetgevingsproces aan beide kanten efficiënter in te richten ben ik gaarne bereid om daarover te spreken, maar ik denk dat wij een modus hebben gevonden die werkbaar is. Als er verbeteringen mogelijk zijn, sta ik daar graag voor open, maar dan moeten zij wel goed realiseerbaar zijn, zonder de druk te verslechteren binnen het wetgevingsproces.
[..]
Handelingen I 2008-2009, nr. 15 - 780
Staatssecretaris De Jager: Ik kom bij het wetgevingsproces. Mijn ambtenaren hebben mij net gewezen op een staatsrechtelijk fenomeen. Vaak wijst juist de Eerste Kamer mij daarop. Het gewijzigd voorstel van wet wordt door de Tweede Kamer verzorgd. Zo schrijft artikel 85 van de Grondwet voor. Wij kunnen grote inspanningen doen, maar de Tweede Kamer moet het gewijzigde voorstel van wet verzorgen. Desalniettemin ervaar ik dat er in deze Kamer iets leeft. Ik stel echter voor dat de Kamer daarover overlegt met de ministers van Justitie en BZK, omdat de verantwoordelijkheid voor het wetgevingsproces en de toepassing van de Grondwet - waarbij de Tweede Kamer niet mag worden vergeten - daar ligt.
De heer Reuten (SP): Wij weten natuurlijk dat de Tweede Kamer ons formeel het gewijzigd voorstel zendt. Informeel ligt het wat anders, want u houdt het allemaal bij. Ik wil vragen of u of een aantal van uw ambtenaren toch een keer met de commissie voor Financiën om de tafel gaan zitten, om te bekijken of wij dit op een voor ons allemaal aangenamere manier kunnen regelen. Wilt u die toezegging doen?
Staatssecretaris De Jager: Als u dat op prijs stelt, wil ik dat best doen. Ik voel er misschien nog wel meer voor om het door te geleiden naar de ministers van Justitie en BZK of hen erbij te betrekken. Zij zijn in eerste instantie ministerieel verantwoordelijk.
De heer Reuten (SP): Het lijkt mij prima om hen erbij te betrekken. Ik vraag echter om iets informeels.
Staatssecretaris De Jager: Het is altijd gevaarlijk om iets informeels in een wetgevingsproces op te nemen. Ik zeg toe dat ook van mijn zijde ambtenaren bij dat overleg zullen aanschuiven. Ik zal het verzoek tevens richten aan de ministers van Justitie en BZK, zodat ook zij ernaar kijken.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: VVD en SP) Handelingen EK 2008/2009, nr. 15, blz: 759-781
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
16 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging Onderzoek automobielsector naar effecten van de CO2-belasting (31.704/31.705/31.717 nr.2) (T00920)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe te kijken naar een eventueel onderzoek van de automobielsector naar de maatschappelijk baten en kosten van de CO2-belasting, naar aanleiding van een vraag van de heer Biermans.
| Nummer | T00920 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 16 december 2008 |
| Deadline | 1 januari 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | auto's belastingen belastingrechtspraak CO2 onderzoeken |
| Kamerstukken | Fiscale onderhoudswet 2009 (31.717) Overige fiscale maatregelen 2009 (31.705) Belastingplan 2009 (31.704) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 15 - 777
(...)
De heer Biermans (VVD): Ik dank de staatssecretaris voor het uitgebreide antwoord dat wat mij betreft op dit moment ook niet nodig was geweest. De sector staat helemaal niet negatief tegenover de gerelateerde CO2-belasting. De sector geeft wel aan op eigen kosten een onderzoek te willen uitvoeren naar de maatschappelijke baten en kosten van die wetgeving. Ik neem aan dat ook de staatssecretaris benieuwd is naar de resultaten ervan, net zo goed als wij dat zijn. Vervolgens hebben wij tijd genoeg om te kijken of de maatregelen die nu in het Belastingplan staan, gewenst zijn, gelet op het onderzoek. Niet meer en niet minder heb ik bedoeld te zeggen.
Blz. 778
Staatssecretaris De Jager: Het klinkt op zichzelf natuurlijk heel mooi. Ik heb eerlijk gezegd enige ervaring met door bepaalde sectoren gefinancierd onderzoek. Wij hebben al onderzoek laten doen naar deze maatregel in het kader van de meibrief. Daaruit blijkt een positief milieueffect. Wij hebben dat ook afgezet tegen de effecten die er volgens de sector zelf zijn, namelijk dat 12,5% bpm-afbouw per jaar volledig opgevangen zou kunnen worden over het gehele wagenpark. Over het algemeen zien wij veel kleinere uitslagen vanwege deze bpm-ombouw. Op basis van de milieueffecten en de ombouwresultaten heeft dit kabinet zich op het standpunt gesteld dat dit een verantwoorde maatregel is. Als het onderzoek komt waarop de heer Biermans doelt, zal ik er uiteraard naar kijken. Hij zal het mij evenwel niet euvel duiden dat ik dan ook kijk naar de afzender van het onderzoek en naar wie het onderzoek heeft gefinancierd. Dat zal ik meewegen.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: VVD en SP) Handelingen EK 2008/2009, nr. 15, blz: 759-781
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Afgerond bij brief van de staatssecretaris
van Financiën van 9 juni 2009.
Kamerstukken II, 2008/09, 31 492, nr.15 -
16 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging Juridische basis voorlopige aanslagen (31.704/31.705/31.717 nr.2) (T00921)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe de Kamer per brief te informeren over de status van voorlopige aanslagen door de belastingdienst, daarbij zal specifiek worden ingegaan op de casussen voorgelegd door het lid Reuten betreffende een “voorlopige positieve belastingaanslag”. In deze brief zal ook worden ingegaan op “predateren”.
| Nummer | T00921 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 16 december 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | dr. G.A.T.M. Reuten (SP) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | aanslagen Belastingdienst voorlopige aanslag |
| Kamerstukken | Fiscale onderhoudswet 2009 (31.717) Overige fiscale maatregelen 2009 (31.705) Belastingplan 2009 (31.704) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 15 - 778
(...)
Staatssecretaris De Jager: Verder heeft [de heer Reuten] gevraagd naar de juridische basis voor de voorlopige aanslagen als het Belastingplan nog niet is vastgesteld. De voorlopige aanslagen worden altijd naar een geschat bedrag opgelegd, het bedrag dat vermoedelijk is verschuldigd, positief of negatief. Artikel 13, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalt dat negatieve aanslagen al voorafgaand aan het kalenderjaar kunnen worden opgelegd. Dit is ten gunste van belastingplichtigen. Bij positieve aanslagen is dat volgens deze bepaling niet toegestaan. Het is in ieders belang dat de voorlopige aanslagen tijdelijk worden opgelegd. Dat is zeker van belang bij negatieve aanslagen. Anders zouden de mensen maanden extra op hun geld moeten wachten. Zo nodig volgen eventueel op verzoek aanpassingen of nadere voorlopige aanslagen. Mijns inziens is het bijzonder doelmatig en komt hiermee de rechtvaardigheid niet in het gedrang. Bovendien is het volledig in overeenstemming met de wet. In artikel 13, lid 1, het laatste deel van de eerste volzin staat: vermoedelijk zal worden vastgesteld. Dus dat is voldoende juridische basis.
De heer Reuten (SP): Er staat in die laatste volzin: een voorlopige aanslag tot een positief bedrag wordt niet vastgesteld voor de aanvang van het tijdvak waarover de belasting wordt geheven. Dat is toch precies wat er is gebeurd? Ik heb u aanslagen laten zien waarin een positief belastingbedrag is vastgesteld. Deze dingen samen zijn strijdig met artikel 104 van de Grondwet.
Staatssecretaris De Jager: Bij een positief belastingbedrag ... Wij moeten even de begrippen helder hebben.
De heer Reuten (SP): ″Positief″ betekent dat de belastingplichtige moet betalen.
Staatssecretaris De Jager: Wij kennen geen "negativ tax″. Wij hebben geen negatieve aanslag waarbij je geld terugkrijgt op basis van meer voorlopige betalingen dan
dat je geacht werd te betalen. Dan krijg je geld terug. Per saldo krijg je nooit meer terug dan wat er is ingehouden. Wij kennen geen negatieve belasting. Ik ben er niet zeker
van dat het juist is wat u zegt en of die mensen geld terugkrijgen. Ik heb de papieren hier niet bij de hand, maar u hebt ze gisteren gegeven.
De heer Reuten (SP): Ja, ik heb ze gisteren gegeven. Daar waren mensen bij die moesten betalen. Hier staat dus dat dit niet mag. Dan is het in strijd met de Grondwet.
Staatssecretaris De Jager: ″In strijd met de Grondwet″ gaat wel heel ver. Ik zal nog even specifiek naar die jaarverslagen kijken en u daar schriftelijk over informeren. Ik begrijp uw vraag nu ook beter en ik moet die precieze casussen echt even uitzoeken. Ik kan deze Kamer daar alleen in algemene zin over berichten. U had overigens de sofinummers ...
De heer Reuten (SP): Die heb ik doorgekrast.
Staatssecretaris De Jager: Voor de Belastingdienst geldt een geheimhoudingsplicht. Als wij die nummers alsnog kunnen krijgen, kan ik de casussen laten uitzoeken.
De heer Reuten (SP): Ik wil benadrukken dat ik wel begrijp wat u doet en dat u mensen op tijd informeert, maar het is toch raar. Het minste wat je zou kunnen doen, is op de eerste bladzijde van de aanslag zetten dat het nog niet goedgekeurd is door het parlement en dus een ″voorlopige voorlopige aanslag″ is, of zoiets. Dat zou al helpen.
Staatssecretaris De Jager: Voorlopig is altijd voorlopig natuurlijk. Twee keer voorlopig blijft even voorlopig.
De heer Reuten (SP): ″Voorlopig″ heeft een wettelijke status.
Staatssecretaris De Jager: Ja, ik begrijp uw punt. Ik zal het laten uitzoeken. Ik vermoed dat het inderdaad in het belang van een betere dienstverlening is om meer tijd van tevoren te geven. Ik kom ook schriftelijk op die specifieke casussen terug. Het predateren heb ik hiermee ook gelijk behandeld.
Handelingen I 2008-2009, nr. 15 - 781
(...)
De heer Reuten: Nog één dingetje. Heb ik het goed begrepen dat u in de brief over de voorlopige aanslagen ook ingaat op de predatering?
Staatssecretaris De Jager: Ja.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: VVD en SP) Handelingen EK 2008/2009, nr. 15, blz: 759-781
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
22 januari 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten:-
-
brief van de staatssecretaris van Financiën over het verzenden van voorlopige aanslagen inkomstenbelasting 2009 door de Belastingdienst en over de samenloopbepaling.
Voor kennisgeving aangenomen op 3 februari 2009.
EK, G
-
-
16 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging Analyse van de problemen en oorzaken van de kredietcrisis (31.700) (T00931)
De minister-president zegt de Kamer, naar aanleiding van een opmerking van het lid Schouw, toe samen met de minister van Financiën een gefundeerde analyse te zullen opstellen van de oorzaken en aanpak van de kredietcrisis. Daarbij zal ook gekeken worden naar governance.
| Nummer | T00931 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 4 november 2008 |
| Deadline | 1 juli 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën (Hoofdverantwoordelijke) Minister van Algemene Zaken |
| Kamerleden | dr. A.G. Schouw (D66) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | kredietcrisis |
| Kamerstukken | Miljoenennota 2009 (31.700) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 6 - blz. 307
(...)
De heer Schouw (D66): Juist omdat de discussie zo complex en ingewikkeld is, heb ik een eenvoudige tweedeling: eerst analyseren en vervolgens actie. Ik hoor de minister-president een aantal oorzaken noemen, analyses geven en acties noemen. Ik heb in mijn bijdrage gevraagd of wij van het kabinet een document kunnen ontvangen waarin de problemen en de oorzaken van de kredietcrisis goed gefundeerd geanalyseerd zijn. Als wij dit dan besproken hebben, kunnen wij deze analyse inbrengen in de internationale gremia. Komt deze analyse er?
Minister Balkenende: Daar ben ik zeker van. Wij verkeren nu een aantal weken in deze financiële crisis en als je kijkt naar het aantal debatten dat met name in de Tweede Kamer plaatsvindt, in het bijzonder met de minister van Financiën... Er wordt gesproken over crisismanagement en over stappen die nu noodzakelijk zijn. Op enig moment zullen wij meer de diepte ingaan en het hebben over de achtergronden en de oorzaken. Het is waar dat heel snel naar remedies wordt gekeken. Ook in mijn bijdrage is dat het geval. (...) De heer Schouw heeft gelijk; wij zullen een extra slag moeten maken. Ik zal met de minister van Financiën spreken over de vraag wat de beste vorm is. Wij moeten ook bezien wat er aan materiaal beschikbaar is. Ik zal dit punt opnemen met de minister van Financiën en kom er misschien in tweede termijn op terug. Zullen wij het zo doen?
(...)
Blz. 309
De heer Schouw (D66): De minister-president heeft net een analyse toegezegd. Zou hij daaraan aspecten van governance en interventies, om het in de toekomst beter te regelen, kunnen koppelen? Kan dit vervolgens in het vroege voorjaar van 2009 zindelijk in dit Huis worden besproken? Anders gooit namelijk iedereen hier zijn eigen oplossinkjes en analyses in de groep. Als de minister-president deze handschoen opneemt, hebben wij het op een heel ordelijke manier geregeld.
Minister Balkenende: Dat is een kwestie van organisatie van het werk van de Kamer. Het is een bekende regel: als de Kamer behoefte heeft aan een debat, staan wij daar graag voor open. Ik moet wel even kijken hoe de verhouding zal zijn tussen het debat in de Tweede Kamer en in de Eerste. Daar zal ik in het kabinet nader over spreken.
De heer Schouw (D66): Maar de minister-president moet het materiaal voorbereiden, bereid zijn om een diepgravende en goede analyse te maken en oplossingsrichtingen aan te dragen die raken aan governance vraagstukken en toezichtvraagstukken.
Minister Balkenende: Nog even los van wat wij nu concreet afspreken, denk ik dat deze debatten zeker gaan komen in de komende maanden. Er zal op meerdere plaatsen over dit onderwerp worden gesproken, nationaal en internationaal. Dat betekent ook dat het kabinet, de heer Schouw heeft daar helemaal gelijk in, de mind moet opmaken en met documenten moet komen. Uiteraard zijn wij graag bereid om met uw Kamer het gesprek hierover te voeren.
Brondocumenten
-
voortzetting Algemene politieke beschouwingen Handelingen EK 2008/2009, nr. 6, blz: 298-339
-
18 januari 2011
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten: -
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In de kabinetsvisie toekomst financiële sector worden de lessen uit de kredietcrisis en de aanpak van dit kabinet beschreven (kamerstuk 32 013). -
17 november 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: T00931 wordt als openstaand beschouwd. De commissie wenst in dit kader t.z.t. kennis te nemen van het rapport van de Tweede Kamercommissie onderzoek financieel stelsel en de behandeling daarvan.
-
18 september 2009
Voortgang:
Opmerking: In de kabinetsvisie toekomst financiële sector worden de lessen uit de kredietcrisis en de aanpak van dit kabinet beschreven
(kamerstuk 32013). -
4 november 2008
toezegging gedaan
Toezegging Vormgeving FES (31.700) (T00932)
De minister-president zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Rosenthal, toe dat het kabinet in het voorjaar van 2009 met plannen tot herziening van het FES komt.
| Nummer | T00932 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 4 november 2008 |
| Deadline | 1 januari 2011 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën (Hoofdverantwoordelijke) Minister van Algemene Zaken |
| Kamerleden | prof.dr. U. Rosenthal (VVD) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | Fonds economische structuurversterking herziening |
| Kamerstukken | Miljoenennota 2009 (31.700) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 6 - blz. 259
(...)
De heer Rosenthal (VVD): Wij hebben ook al eerder vragen gesteld -- het gaat alweer over investeringen -- over het Fonds Economische Structuurversterking, in goed Haags jargon het FES. Wat is er nu sinds 2005 -- toen zijn wij daar al over begonnen -- verbeterd? Wanneer wordt het FES eindelijk eens opgeschoond?
(...)
Blz. 314
Minister Balkenende: [....] Het kabinet zal het komend voorjaar een voorstel doen over de toekomstige vormgeving van het FES. Ook de opmerkingen van de heer Rosenthal zullen daarbij worden betrokken.
Brondocumenten
-
voortzetting Algemene politieke beschouwingen Handelingen EK 2008/2009, nr. 6, blz: 298-339
-
Algemene politieke beschouwingen Handelingen EK 2008/2009, nr. 6, blz: 258-296
-
15 maart 2011
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
15 juli 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2011
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Het wetsvoorstel tot wijziging van de FES-wet ligt in de Tweede Kamer. Het voorstel is in het voorjaar controversieel verklaard.
-
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Het wetsvoorstel FES gelden ligt in de Tweede Kamer en zal deze maand behandeld worden. De verwachting is dat het voorstel in het voorjaar naar de Eerste Kamer zal
worden verzonden. -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang: -
4 november 2008
toezegging gedaan
Toezegging Nadere informatie over Fortis/ABN-AMRO (31.700) (T00933)
De minister-president zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Werner, toe dat de minister van Financiën de Kamer een nadere brief zal zenden over de situatie rond Fortis en ABN-AMRO.
| Nummer | T00933 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 4 november 2008 |
| Deadline | 1 april 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën (Hoofdverantwoordelijke) Minister van Algemene Zaken |
| Kamerleden | drs. F.J.M. Werner (CDA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koningin (BZK/AZ) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | banken kredietcrisis |
| Kamerstukken | Miljoenennota 2009 (31.700) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 6 - blz. 315
(...)
Minister Balkenende: Hiermee heb ik de hoofdoriëntatie gegeven. Het is een tijdelijke voorziening. Wanneer wij de zaak kunnen overdragen, is afhankelijk van de marktontwikkelingen. De minister van Financiën zal hier binnenkort op terugkomen in een brief aan de Tweede Kamer. Dat is wat er op dit moment te melden is. Ik geloof dat het gevoel van de heer Rosenthal dat dit niet een staatstaak is, overeenkomt met dat van het kabinet, maar in deze omstandigheden was het heel erg noodzakelijk. Dat is de achtergrond ervan. Verder ben ik blij dat wij hebben kunnen werken aan internationale afstemming wat betreft kapitaalinjecties en het interbancaire verkeer. Dat is allemaal nodig.
(...)
U zult op enig moment met de minister en de staatssecretaris van Financiën spreken over de financiële aspecten en dan kan hierover ook worden gesproken. De brief die aan de Tweede Kamer wordt gezonden, zal uiteraard ook deze Kamer bereiken. Wij hebben al eerder besproken dat er bepaalde keuzes aan de orde zijn waarover wij de Kamer zullen informeren. Ik heb goede nota genomen van uw opmerking over het tijdstip waarop dat debat kan worden gehouden en dat zal ik met de minister van Financiën bespreken. Het lijkt mij goed dat u hierover op korte termijn nader spreekt met de minister van Financiën, wanneer hij in deze Kamer is.
De heer Werner (CDA): Ik heb er alle begrip voor dat de minister van Financiën met een aanvullende brief komt om een en ander uit te leggen.
Brondocumenten
-
voortzetting Algemene politieke beschouwingen Handelingen EK 2008/2009, nr. 6, blz: 298-339
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Beantwoord door middel van een brief aan
de Tweede Kamer op 26 juni 2009
(FIN/2009/1021U) -
4 november 2008
toezegging gedaan
Toezegging Evaluatie ook aandacht besteden aan de vraag naar de verhouding tussen toezichthouders en de mogelijke c.q. wenselijke waarschuwingsplicht van nationale toezichthouders (31.700) (T00943)
De minister van Financiën zegt de Kamer toe, de vraag van het lid Van Driel of de Nederlandse toezichthouder – De Nederlandsche Bank - in de IceSave-zaak niet nadrukkelijker had moeten waarschuwen dat IceSave een andersoortige bank was, met een andersoortige vergunning en dat het IJslandse toezichtstelsel een andersoortig stelsel is, te betrekken bij de onafhankelijke evaluatie van de wijze waarop nationale toezichthouders met elkaar omgaan in het algemeen, en in de IceSave-zaak in het bijzonder.
| Nummer | T00943 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 25 november 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën |
| Kamerleden | drs. S.J. van Driel (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | evaluaties toezicht toezichthouders |
| Kamerstukken | Miljoenennota 2009 (31.700) |
Handelingen 2008-2009, 10 - 499
(...)
Minister Bos: Als de toezichthouder van een land uit de Europese economische zone, zoals IJsland, zegt dat een bank deugt en als die bank zich daarna bij de Nederlandse toezichthouder aanmeldt, mag de Nederlandse toezichthouder niet meer eigenstandig inhoudelijk toetsen. Als de IJslandse toezichthouder zegt dat het klopt, mag de bank in kwestie ook in Nederland zijn gang gaan. Dat is met een verdrag voor dit type zaken zo geregeld. Op dit moment lopen er juridische discussies met de IJslandse autoriteiten, dus ik moet het heel voorzichtig zeggen: als er dan toch nog vragen bestaan over de deugdelijkheid van de kwaliteit van het toezicht in het andere land, zijn er allerlei redenen om dit soort arrangementen tussen EU-lidstaten en niet-EU-lidstaten nog eens nadrukkelijk onder de loep te nemen. Dat zullen wij dan ook doen. Er loopt dus een traject dat specifiek gaat over de manier waarop de toezichthouders uit de verschillende landen met elkaar omgaan en een traject van een onafhankelijke evaluatie die na de Icesave-affaire gedaan zal worden.
De heer Van Driel (PvdA): De vraag is of dat het hele verhaal is. Wat de minister zegt klopt, maar had De Nederlandsche Bank of de AFM niet moeten waarschuwen dat Icesave onder een andere toezichthouder viel en dat de garanties dus maar beperkt waren? Als je je huis voor twee ton hebt verkocht, moet je op de IJslandse bank dan maar een ton onderbrengen omdat je een garantie krijgt van niet meer dan een ton? Had de gemiddelde consument dat kunnen weten? Ik denk dat maar heel weinig mensen dat weten. Het is de vraag of de toezichthouder niet nadrukkelijker via de krant of andere media had moeten waarschuwen dat dit een andersoortige bank betrof met een andersoortige vergunning en een andersoortig toezichtstelsel, waarvan de toezichthouder de handen aftrok.
Minister Bos: Deze vraag zal betrokken worden in de evaluatie. Ook het kabinet vindt dit een relevante vraag.
Brondocumenten
-
voortzetting Algemene financiële beschouwingen Handelingen EK 2008/2009, nr. 10, blz: 494-507
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Evaluatierapport van de professoren du Perron en De Moor- van Vugt. Op 16 juni jl. gepubliceerd (Kamerstukken 31 371). -
25 november 2008
toezegging gedaan
Toezegging Brief over betere handhaving betalingstermijnen van de overheid (31.700) (T00946)
| Nummer | T00946 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 25 november 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | drs. S.J. van Driel (PvdA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | betalingsverplichtingen handhaving overheid |
| Kamerstukken | Miljoenennota 2009 (31.700) |
Handelingen 2008-2009, 10 - 530
(...)
De heer Van Driel (PvdA): De staatssecretaris heeft nog uitgezocht hoe het zit met de betalingstermijnen. Hij zegt dat het iets voor Binnenlandse Zaken is. Toch zou ik het leuk vinden als de staatssecretaris nog eens in een brief uiteenzet hoe het echt zit met die 45 dagen en de drie maanden die door de overheid worden betaald. Eigenlijk zou 30 dagen een normale termijn zijn. Welke doelen stelt de overheid zich, om ook op dat punt een beetje betrouwbaar te zijn voor het bedrijfsleven? Zeker het midden- en kleinbedrijf heeft daarvan veel last. Die klagen daar wat mij betreft zeer terecht over.
Handelingen 2008-2009, 10 - 536
Staatssecretaris De Jager: De heer Van Driel heeft nogmaals gevraagd naar de betalingstermijnen voor overheden. Met zijn analyse ben ik het helemaal eens. Het is inderdaad ontzetten belangrijk om dat te doen. Dit is juist de reden dat de minister-president het expliciet in zijn brief heeft opgenomen. Ik ben gaarne bereid om toe te zeggen dat het kabinet, ofwel de MP ofwel de verantwoordelijke bewindspersoon, richting deze Kamer met een nadere uiteenzetting komt over hoe het kabinet denkt te bereiken dat die betalingstermijnen beter worden gehandhaafd.
Brondocumenten
-
voortzetting Algemene financiële beschouwingen Handelingen EK 2008/2009, nr. 10, blz: 525-537
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: Na het ICBR van 8 september wordt een brief aan de Tweede Kamer gestuurd. Dezelfde brief wordt kort hierna, met een
korte oplegbrief van de Staatssecretaris naar de Eerste Kamer toegezonden. -
25 november 2008
toezegging gedaan
Toezegging Nadere regelgeving bij ongewenste effecten (31.459) (T00960)
De staatssecretaris van Financiën zegt de Kamer toe dat mocht blijken dat door dit wetsvoorstel situaties ontstaan waarbij de werkingssfeer van de wet zich uitbreidt over situaties waarvoor dat niet de bedoeling was – collateral damage met ongewenste effecten - dat beleid ontwikkeld wordt om dat te voorkomen.
| Nummer | T00960 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 9 december 2008 |
| Deadline | 1 januari 2014 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen |
| Kamerstukken | Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen (31.459) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - 616
Staatssecretaris De Jager: Onze belangrijkste opgave is - daarvoor sta ik hier als medewetgever, maar tevens als baas van de uitvoering, van de Belastingdienst - om te voorkomen dat er collateral damage optreedt. (...) De wetgever - de regering, de Tweede Kamer en nu ook de Eerste Kamer - heeft daarvoor voldoende waarborgen ingebouwd. Er zijn ook voldoende stukken heen en weer gegaan in het wetgevingsproces om duidelijk te maken waar de grenzen liggen en om de schade te voorkomen. Ik doe natuurlijk ook de toezegging dat als onverhoopt toch blijkt dat door dit wetsvoorstel collateral damage optreedt met ongewenste effecten, ik met de pet van uitvoerder op ook beleid zal ontwikkelen om eventuele negatieve effecten ongedaan te maken. Ik verwacht echter niet dat dit nodig zal zijn. Ik denk dat in het wetgevingsproces - in de Tweede Kamer, de schriftelijke behandeling en vandaag de mondelinge behandeling in de Eerste Kamer - de eventuele negatieve effecten voldoende zijn ingeperkt. Mochten er echter situaties ontstaan waarbij de werkingssfeer van de wet zich uitbreidt over situaties waarvoor dat niet de bedoeling was, dan zal ik beleid ontwikkelen om dat te voorkomen.
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - 625
Staatssecretaris De Jager: Wel heb ik mijn algemene bereidheid al duidelijk verwoord. Ik heb gezegd dat ik zal optreden als er echt sprake is van neveneffecten die niet door ons bedoeld waren. Ik zal die woorden dan ook in daden omzetten door beleid te ontwikkelen dat houvast biedt aan zowel de praktijk als aan de Belastingdienst, om binnen de bedoelingen van de wetgever te blijven opereren.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: VVD en OSF) Handelingen EK 2008/2009, nr. 13, blz: 610-626
-
9 april 2015
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
21 maart 2013
nieuwe status: openstaand
Voortgang:documenten:-
-
brief inzake fiscale toezeggingen en moties Eerste Kamer
voor kennisgeving aangenomen door de Eerste Kamercommissie voor Financiën op 9 april 2013
EK, N
-
-
9 oktober 2012
nieuwe deadline: 1 januari 2014
nieuwe status: openstaand
Voortgang:documenten:-
-
Verslag van een schriftelijk overleg inzake halfjaarlijks rappel toezeggingen
voor kennisgeving aangenomen op 23 oktober 2012 door de commissie voor Koninkrijksrelaties
EK, B
-
-
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2013
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Wordt meegenomen in de evaluatie van de wet die in 2013 wordt gehouden. Deze evaluatie is toegezegd in de brief van de staatssecretaris van Financiën van 8 december 2008. Kamerstukken II, 2008/09, 31 459, nr. 23. -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Nog niet aan de orde. Komt tzt terug in de evaluatie. -
9 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging Verschuiving genietingstijdstip (31.459) (T00961)
De staatssecretaris van Financiën zegt de Kamer, naar aanleiding van een opmerking van het lid Essers (CDA), toe, voor zover het thans bestaande situaties betreft, venture capital fondsen in zijn algemeenheid de mogelijkheid te bieden, dat het genietingstijdstip op verzoek kan worden verschoven naar de daadwerkelijke realisatie.
| Nummer | T00961 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 9 december 2008 |
| Deadline | 1 januari 2014 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | genietingstijdstip |
| Kamerstukken | Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen (31.459) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - blz. 597
De heer Essers (CDA): Soortgelijke ficties als toegepast in de eerste twee onderdelen van dit wetsvoorstel ontbreken in het derde onderdeel, de belastingheffing over carried interest of carried interestachtige beloningen. Dit onderdeel ziet op slechts enkele honderden vooral private equity managers die naast hun reguliere salaris vaak de mogelijkheid krijgen om deel te nemen in de verworven investeringen van het fonds waarvoor zij actief zijn.
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - blz. 599
De heer Essers (CDA): Nuancering is echter wel op zijn plaats, omdat de voorgestelde regelgeving inzake carried interest niet slechter is dan het grote geheel waarvan zij deel uit gaat maken, namelijk de Wet IB 2001. De kritiek die dit onderdeel van het wetsvoorstel oproept, is in wezen kritiek op de feilen van de Wet IB 2001. De paradox doet zich voor dat deze wetgeving in het leven is geroepen vanwege die feilen, maar uiteindelijk zelf ook niet ontkomt aan die gebreken. Het gaat hier om voordelen die bij een goed werkend stelsel van inkomstenbelastingheffing zouden moeten worden belast als inkomsten uit arbeid. Door het gebrekkig werkende boxenstelsel van de Wet IB 2001, waarbij sprake is van boxen met volstrekt uiteenlopende tarieven en systematieken, blijkt het in de praktijk lastig te zijn om dit soort beloningen op de gewenste wijze te belasten. Ook de heer Biermans sprak van een rechtvaardigheidsvraagstuk. De kern van het probleem zit hem daarbij in het feit dat de waarde van een verkregen belang op het moment van verwerving kan worden belast als inkomsten uit arbeid, maar dat het na die verwerving optredende waardeverloop moeilijk in de box 1-heffing kan worden betrokken. Om te vermijden dat die waardestijging terecht komt in box 3, werden daarom in de praktijk tussen belastingplichtige en de Belastingdienst afspraken gemaakt omtrent inbreng van die belangen in een bv, zodat het waardeverloop ervan in ieder geval in box 2 aan de heffing kon worden onderworpen. In het huidige wetsvoorstel wordt een dappere poging ondernomen om de bestaande praktijk zo veel mogelijk te codificeren en te specificeren, maar aangezien ook de voorgestelde regeling onderdeel uitmaakt van de Wet IB 2001, blijft zij behept met alle oude gebreken. Zo is het verwijt dat zij te veel open normen hanteert en derhalve op gespannen voet staat met de rechtsbescherming in feite te herleiden tot het verwijt dat het in de Wet IB 2001 voorkomende loonbegrip en het begrip ″resultaat uit overige werkzaamheden″ onvoldoende duidelijk zijn en de afbakening tussen box 1 en box 3 vaak moeilijk is te realiseren. Een meer op een vermogensaanwasheffing gebaseerde inkomstenbelastingheffing zou dit soort problemen vermijden.
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - blz. 617
Staatssecretaris De Jager: Overigens heb ik ten aanzien van technostarters en seed capital in de nota naar aanleiding van het nader verslag voor de Tweede Kamer al toegezegd dat voor bestaande situaties het genietingstijdstip op verzoek kan worden verschoven naar de daadwerkelijke realisatie. Ik zeg hierbij toe dat ik bereid ben - met name de heer Essers heeft daarnaar gevraagd - om alle andere venture capitalfondsen in zijn algemeenheid diezelfde mogelijkheid te bieden, voor zover het thans bestaande situaties betreft. Die toezegging kan deze Kamer incasseren. Voor de toekomst ga ik ervan uit dat de praktijk deze situatie kan vermijden.
(...)
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - blz. 622
De heer Essers: Mevrouw de voorzitter. Ook ik dank de minister en de staatssecretaris voor de antwoorden. Ik dank hen ook voor de toezeggingen, waaronder die over het voorkomen van belastingheffing over phantominkomen. Ook dank ik hen voor de toezeggingen die gedaan zijn in de schriftelijke voorbereiding.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: VVD en OSF) Handelingen EK 2008/2009, nr. 13, blz: 610-626
-
behandeling Handelingen EK 2008/2009, nr. 13, blz: 595-609
-
27 mei 2014
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
14 mei 2014
nieuwe status: openstaand
Voortgang: -
21 maart 2014
nieuwe status: openstaand
Voortgang:documenten:-
-
brief inzake fiscale toezeggingen en moties Eerste Kamer
voor kennisgeving aangenomen door de Eerste Kamercommissie voor Financiën op 9 april 2013
EK, N
-
-
9 oktober 2012
nieuwe deadline: 1 januari 2014
nieuwe status: openstaand
Voortgang:documenten:-
-
Verslag van een schriftelijk overleg inzake halfjaarlijks rappel toezeggingen
voor kennisgeving aangenomen op 23 oktober 2012 door de commissie voor Koninkrijksrelaties
EK, B
-
-
15 juli 2010
nieuwe deadline: 1 januari 2013
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Wordt meegenomen in de evaluatie van de wet die in 2013 wordt gehouden. Deze evaluatie is toegezegd in de brief van de staatssecretaris van Financiën van 8 december 2008. Kamerstukken II, 2008/09, 31 459, nr. 23.
-
17 februari 2010
nieuwe deadline: 1 juli 2010
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Wordt meegenomen in de evaluatie van de wet die in 2013 wordt gehouden. Deze evaluatie is toegezegd in de brief van de staatssecretaris van Financiën van 8 december 2008. Kamerstukken II, 2008/09, 31 459, nr. 23. -
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Nog niet aan de orde. Komt tzt terug in de
evaluatie. -
9 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging Dubbele belastingheffing (31.459) (T00962)
De staatssecretaris van Financiën zegt toe dubbele belastingheffing te voorkomen nu –het bij immigratie vóór 1 januari 2009 geen bezwaar ontmoet bij de teboekstelling per 1 januari 2009 de verkrijgingsprijs te verhogen met de waardeaangroei waarover in het buitenland in verband met het gaan wonen in Nederland belasting is betaald.
| Nummer | T00962 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 9 december 2008 |
| Deadline | 1 januari 2011 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | mr. G.J.J. Biermans (VVD) Prof.dr. P.H.J. Essers (CDA) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Brief |
| Categorie | overig |
| Onderwerpen | dubbele belasting |
| Kamerstukken | Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen (31.459) |
Kamerstuk 31459, nr. C, memorie van antwoord, pag 18.
De leden van de fractie van de VVD vragen naar de waardering per 1 januari 2009 van een lucratief belang bij een niet in Nederland woonachtige persoon die vóór 1 januari 2009 in Nederland komt wonen. Bij immigratie vóór 1 januari 2009 bestond er op het moment van immigratie nog geen lucratief belang, omdat dat begrip nog niet in de wet was vastgelegd. De waardering van een lucratief belang dat op 1 januari 2009 ontstaat, geschiedt volgens de regels van het voorgestelde artikel VI, eerste lid, van het wetsvoorstel. Dat betekent in dit geval dat het, conform het voorgestelde artikel 3.95b, eerste lid, eerste volzin, van de Wet IB 2001, wordt te boek gesteld op het bedrag dat is opgeofferd ter verkrijging van
het bestanddeel, vermeerderd met het bedrag waarover ter zake van de verkrijging van het bestanddeel inkomstenbelasting is geheven. Aangezien het belang in dit geval reeds vóór inwerkingtreding van het wetsvoorstel was verworven, ontmoet het geen bezwaar om bij de waardering per 1 januari 2009 de verkrijgingsprijs te verhogen met de waardeaangroei waarover in het buitenland in verband met het gaan wonen in Nederland belasting is betaald. Aldus wordt dubbele belasting voorkomen.
[...]
Kamerstuk 31459, nr. E - verslag van een schriftelijk overleg 31 459 Wijziging van enige belastingwetten (Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen) - vastgesteld op 8 december 2008
Kamerstuk 31459, nr. E, pag 9.
Staatssecretaris De Jager: Het wetsvoorstel kent een beoogde datum van inwerkingtreding van 1 januari 2009. Dat betekent dat bij een immigratie vóór 1 januari 2009 op het moment van de immigratie er nog geen lucratief belang bestond. Het wetsvoorstel beoogt alle belastingplichtigen die op 1 januari 2009 in Nederland wonen gelijk te behandelen, dus ongeacht of ze voor inwerkingtreding van het wetsvoorstel buiten Nederland gewoond hebben. Ik merk hierbij bovendien op dat van dubbele belastingheffing geen sprake zal zijn, nu - zoals is toegezegd in de memorie van antwoord - het bij immigratie vóór 1 januari 2009 geen bezwaar ontmoet bij de teboekstelling per 1 januari 2009 de verkrijgingsprijs te verhogen met de waardeaangroei waarover in het buitenland in verband met het gaan wonen in Nederland belasting is betaald.
Brondocumenten
-
-
memorie van antwoord EK, C
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: De Belastingdienst voert deze toezegging uit. -
11 september 2009
nieuwe status: openstaand
Opmerking: In afwachting van het rapport van de commissie de Wit van de TK en de behandeling daarvan in de TK.
-
9 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging Schets tijdpad financiële markten (31.459) (T00963)
De staatssecretaris van Financiën zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid De Boer (CU), toe dat de minister van Financiën de Kamer zal informeren over het tijdpad ten aanzien van financiële markten.
| Nummer | T00963 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 9 december 2008 |
| Deadline | 1 juli 2009 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën (Hoofdverantwoordelijke) Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | drs. R. de Boer (ChristenUnie) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen financiële markten |
| Kamerstukken | Belastingheffing excessieve beloningsbestanddelen (31.459) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - 624
De heer De Boer (CU): De minister van Financiën is uitvoerig ingegaan op de topbeloningen die aan de orde zijn geweest in de Tweede Kamer. De commissie-Dijkstal heeft het een en ander gezegd over de staatsdeelname. Er is nog geen tijdpad bij vermeld, maar ik ben erg benieuwd of dit wel genoemd kan worden. Ook ben ik heel benieuwd naar wat de Kamer daarover zal vernemen.
Handelingen I 2008-2009, nr. 13 - 627
Staatssecretaris De Jager: De heer De Boer heeft gevraagd naar het tijdpad ten aanzien van financiële markten. De minister van Financiën zal de Kamer hierover informeren.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling en stemming (aangenomen, aantekening: VVD en OSF) Handelingen EK 2008/2009, nr. 13, blz: 610-626
-
18 september 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:
Opmerking: De minister van Financiën heeft de Tweede Kamer bij brief van 24 oktober 2008 (Kamerstukken 2008/09, 28479, nr. 39) en brief van 19 december 2008 (Kamerstukken 2008/2009, 28479, nr. 42) geïnformeerd over het beloningsbeleid bij de staats-deelnemingen. -
9 december 2008
toezegging gedaan
Toezegging brief over nieuw inningssysteem Belastingdienst (29.702/31.124/31.700 VI) (T01022)
De minister van Justitie, de heer Hirsch Ballin, zegt de Kamer, naar aanleiding van een opmerking van het lid Duthler, toe om, als er behoefte aan bestaat bij de Kamer, een vraag over het nieuwe inningssysteem van de Belastingdienst door te geven aan de staats-secretaris van Financiën. Deze zal de Kamer daarover een brief sturen.
| Nummer | T01022 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 23 juni 2009 |
| Deadline | 1 januari 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Financiën (Hoofdverantwoordelijke) Minister van Justitie |
| Kamerleden | mr. dr. A.W. Duthler (Fractie-Duthler) |
| Commissie | commissie voor Justitie (Just.) commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | Belastingdienst |
| Kamerstukken | Begrotingsstaten Justitie 2009 (31.700 VI) Aanpassingswet vierde tranche Awb (31.124) Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht (29.702) |
Handelingen I 2008-2009, nr. 36 – blz. 1607
Mevrouw Duthler (VVD): Ik heb nog een vraag over de stuiting van verjaring. De hoofdregel in artikel 4.4.3.4 is dat alleen de schuldeiser van een bestuursorgaan kan stuiten door middel van een schriftelijke mededeling. Een bestuursorgaan heeft specifieke bevoegdheden, zoals het doen uitgaan van een aanmaning en het uitvaardigen van een dwangbevel, waardoor hij in een enigszins andere positie verkeert. Daarom is ter wille van de rechtszekerheid bepaald dat stuiting slechts mogelijk is door het gebruik van die bevoegdheden of door het instellen van een vordering bij de rechter of de erkenning van de schuld door de schuldenaar. In de Aanpassingswet wordt echter een uitzondering gemaakt voor de fiscus. Voorgesteld wordt dat ook de ontvanger kan stuiten door middel van een vormvrije schriftelijke verklaring. De minister motiveert dat onder andere met automatiseringsproblemen vanwege de complexiteit van de stuiting- en schorsingregeling. Die automatiseringsproblemen zullen toch van tijdelijke aard zijn? Die kunnen dan toch geen rechtvaardiging vormen voor een definitieve afwijking van de fiscale regeling ten opzichte van de algemene regeling in de Awb? Ik krijg hierop graag een reactie van de minister.
(…)
Handelingen I 2008-2009, nr. 36 – blz. 1627
Minister Hirsch Ballin: Mevrouw Duthler vroeg: zijn de automatiseringsproblemen die de aanleiding zijn voor een afwijkende vorm van stuiten van de verjaring door de ontvanger, van tijdelijke aard? Volgens mij is er sprake van een misverstand. Het zijn niet zozeer automatiseringsproblemen die noodzaken tot een vormvrije manier van stuiten, maar de inrichting van een nieuw inningssysteem dat is gericht op een efficiënt en massaal inningsproces. De vormvrije stuiting van de verjaring is nodig voor een sluitend bewakingssysteem.
(…)
Handelingen I 2008-2009, nr. 36 – blz. 1635
Mevrouw Duthler (VVD): Dan heb ik een vraag over een stuiting van een verjaring. De hoofdregel is dat een schuldeiser van een bestuursorgaan kan stuiten door middel van een vormvrije schriftelijke mededeling. Een bestuursorgaan heeft specifieke bevoegdheden tot het doen uitgaan van een aanmaning of het uitvaardigen van een dwangbevel. In de Aanpassingswet wordt voor de fiscus een uitzondering gemaakt. Ik had begrepen dat een van de redenen hiervoor was gelegen in de automatiseringsproblemen. Zojuist begreep ik uit de antwoorden van de minister dat het ligt aan een nieuw inningssysteem. Wat is er zo bijzonder aan dat inningssysteem dat het een definitieve afwijking van een fiscale regeling ten opzichte van de algemene regeling in de Awb rechtvaardigt? Graag een toelichting op dat punt.
(…)
Handelingen I 2008-2009, nr. 36 – blz. 1643
Minister Hirsch Ballin: Er is gevraagd naar het automatiseringssysteem van de Belastingdienst. Er is een nieuw inningssysteem in aanbouw. Dit systeem vraagt om een eenvoudige manier om de verjaring van belastingschulden te voorkomen. Dit is wat de mensen van de Belastingdienst ons hebben laten weten, dus klopt het ongetwijfeld.
Mevrouw Duthler (VVD): Mij is nog steeds niet duidelijk waarom er bij stuiting van verjaring toch een verschil is voor de fiscus en voor de gewone algemene regeling in de Awb. De minister legt uit dat er een nieuw inningssysteem is. Rechtvaardigt dit nieuwe systeem een verschil tussen de fiscale alleingang en de algemene regeling in de Awb? Ik zie het verband daartussen nog niet.
Minister Hirsch Ballin: Dit heeft ongetwijfeld te maken met de grote aantallen vorderingen waarmee de Belastingdienst zich moet bezighouden. Die hebben geleid tot de voorbereiding van een nieuw inningssysteem. Als er behoefte is aan meer duidelijkheid daarover, zal ik die vraag graag doorgeven aan de staatssecretaris van Financiën. Naar ik aanneem, zal hij de Kamer daarover graag een brief sturen waarin hij uitlegt hoe het precies zit met het inningssysteem. In een ooghoek zie ik dat die vraag op het balkon namens de staatssecretaris van Financiën wordt opgepikt.
Brondocumenten
-
voortzetting behandeling (zonder stemming aangenomen ) Handelingen EK 2008/2009, nr. 36, blz: 1619-1647
-
behandeling - de Nota keuze sanctiestelsel (31700 VI, letters D en J); - het wetsvoorstel Aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht (Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht) (29702); - het wetsvoorstel Aanpassing van bijzondere wetten aan de vierde tranche van de Algemene wet bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche Awb) (31124). Handelingen EK 2008/2009, nr. 36, blz: 1597-1619
-
17 februari 2010
nieuwe status: voldaan
Voortgang: -
9 november 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten:-
-
brief van de staatssecretaris van Financiën over nieuw inningssysteem Belastingdienst
voor kennisgeving aangenomen op 17 november 2009
EK, E
-
-
29 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: Het voortouw berust bij de minister van Financiën. -
23 juni 2009
toezegging gedaan
Toezegging Notitie terugwerkende kracht (31.990) (T01043)
De staatssecretaris van financiën zegt de Kamer, naar aanleiding van vragen van de leden Reuten en Leijnse, toe in het najaar van 2009 een notitie aan te bieden over terugwerkendekracht-bepalingen en het vraagstuk of het afdwingen van terugwerkende kracht van de toepassing van de omkeerregel wel een rechtsgrond heeft in het kader waarbinnen de aftrek van premies is toegestaan.
| Nummer | T01043 |
|---|---|
| Status | voldaan |
| Datum toezegging | 7 juli 2009 |
| Deadline | 1 januari 2010 |
| Verantwoordelijke(n) | Staatssecretaris van Financiën |
| Kamerleden | prof. dr. F. Leijnse (PvdA) dr. G.A.T.M. Reuten (SP) |
| Commissie | commissie voor Financiën (FIN) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | brief/nota |
| Onderwerpen | premies terugwerkende kracht |
| Kamerstukken | Wijziging van enkele belastingwetten (reparatie in verband met arresten van de Hoge Raad inzake pensioen- en lijfrenteaanspraken) (31.990) Terugwerkende kracht in fiscale regelgeving (25.212) |
(...)
Reuten (SP): Mijn laatste onderwerp betreft de terugwerkendekrachtbepalingen. In zijn
begeleidende brief bij het wetsvoorstel wijst de staatssecretaris ten aanzien van de terugwerkende kracht op kamerstuk 25212, nr.1. Dat is de notitie Terugwerkende kracht in fiscale wetgeving van 8 oktober 1996. Daarin staat onder andere dat een aankondiging door een persbericht grond kan zijn voor het moment van terugwerkende kracht. De Raad van State heeft deze grond afgewezen en geadviseerd de terugwerkende kracht te bepalen op de indieningsdatum van het voorstel bij het parlement. Over terugwerkendekrachtbepalingen zie ik graag na het reces een fundamentele discussie met de staatssecretaris. Diverse leden van de commissie voor Financiën sluiten zich daarbij aan. Deze discussie kan gevoerd worden op basis van de genoemde notitie of een aanpassing daarvan, mede in het licht van de artikelen 88 en 104 van de Grondwet en van Aanwijzing 167 uit de Aanwijzingen voor de regelgeving. Vooruitlopend daarop wil ik graag van de staatssecretaris weten
welke status het kabinet toekent aan de genoemde notitie. Voor zover mij bekend, is deze door de Eerste Kamer niet besproken, laat staan gevoteerd. Vervolgens wil ik ook graag weten wat, vis-à-vis de Eerste Kamer, de status is van de Aanwijzingen voor de regelgeving. Het gaat dan om de status in het algemeen, en meer in het bijzonder in verband met de verwijzing in Aanwijzing 167 naar de genoemde notitie. De staatssecretaris kan de informatie die ik op dit laatste punt vraag, naar keuze straks verstrekken of later per brief. In dat laatste geval zouden wij die bij voorkeur voor het einde van het zomerreces ontvangen.
Leijnse (PvdA): Heeft het met terugwerkende kracht afdwingen van toepassing van de omkeerregel wel een rechtsgrond in het kader waarbinnen de aftrek van premies is toegestaan? Deze vraag raakt aan de kern van het pensioensysteem en zou daarom door de regering diepgaand en zorgvuldig beantwoord moeten worden. Voor de voorliggende wetswijziging betekent het mogelijk dat toch nog een forse belastingderving gaat optreden over de jaren 2001-2009, waarvan de dan ontstane pensioenaanspraken immers niet in de conserverende aanslag kunnen worden betrokken.
Staatssecretaris De Jager: De heer Reuten heeft gevraagd naar een visie op de notitie van 8 oktober 1996 ten aanzien van de terugwerkende kracht. Ik kan toezeggen om daar bij brief op terug te komen. Ik zeg ook toe dat ik bij brief op de laatste vraag in het betoog van de heer Leijnse terugkom. Die ging met name over het pensioensysteem en de omkeerregeling en dat in een iets breder verband. Dat laatste heb ik al toegezegd in de Tweede Kamer, maar ik doe op beide onderdelen een toezegging aan de heren Reuten en Leijnse.
Leijnse (PvdA): Ik zie de brief over de voorwaardelijkheid van de aftrek van pensioenpremies als grondslag voor de conserverende aanslag en de andere vragen die in dat opzicht zijn gesteld, graag in het vroege najaar tegemoet. Ik hoop dat wij dan een debat kunnen hebben over dit toch vrij heikele punt in het geheel. Dat ook in het licht van wat de heer Essers heeft gezegd over de noodzaak om dit debat voort te zetten om te bezien of de regeling die wij nu hebben, wel toekomstbestendig is.
Staatssecretaris De Jager: Tot slot bevestig ik de brief in het najaar, met de punten die ik net al heb genoemd in de richting van de PvdA en de SP.
-
7 december 2009
nieuwe status: voldaan
Voortgang:documenten:-
-
brief van de staatssecretaris van Financiën inzake de problematiek van terugwerkende kracht verbonden aan fiscale wetsvoorstellen
voor kennisgeving aangenomen op 19 januari 2010
EK 25.212, A
-
-
brief van de staatssecretaris van Financiën aan de Tweede Kamer over terugwerkende kracht in fiscale regelgeving (26 september 1997)
voor kennisgeving aangenomen op 19 januari 2010
bijlage bij EK 25.212, A
-
-
18 september 2009
nieuwe status: openstaand
Voortgang:
Opmerking: In voorbereiding. -
7 juli 2009
toezegging gedaan